---
title: "Parlementaire vraag 55000438P · De gratis drankbonnen bij sportclubs De btw-controles bij sportclubs"
description: "De gratis drankbonnen bij sportclubs De btw-controles bij sportclubs. Parlementaire vraag nr. 55000438P van 6 februari 2020 (Belgisch federaal parlement)."
url: "https://juriel.be/nl/parlementaire-vragen/55000438p-gratis-drankbonnen-sportclubs-btw-controles-38eb"
lang: "nl"
fr: "https://juriel.be/fr/questions-parlementaires/55000438p-tickets-boissons-gratuits-distribues-clubs-655c"
---

# De gratis drankbonnen bij sportclubs De btw-controles bij sportclubs

**Nummer**

55000438P

**Datum**

6 februari 2020

## Over het document

**Verzameling**

Parlementaire vragen

**Taal van de tekst**

Nederlands

## Tekst

28 paragrafen

Samengevoegde mondelinge parlementaire vragen nr.55000438P van de heer Wim Van der Donckt en nr. 55000441P van de heer Steven Matheï d.d. 06.02.2020

**Kamer, Integraal verslag - Plenumvergadering, 2019-2020, CRIV 55 PLEN 023 d.d. 06.02.2020, blz. 30**

*De gratis drankbonnen bij sportclubs*

*De btw-controles bij sportclubs*

**Wim Van der Donckt:** Mevrouw de minister, vorig jaar werden in totaal 133 sportclubs fiscaal gecontroleerd. Op zich is daar natuurlijk niets mis mee. Daarvan kregen evenwel 85 sportclubs een boete wegens – houd u vast – niet-betaalde btw op de drankbonnetjes die zij gratis uitdeelden aan jeugdspelers na een wedstrijd. Ik hoef u niet te melden dat dit toch wel tot enige ongerustheid heeft geleid bij de sportclubs die voornamelijk op amateurs draaien. Wij mogen toch ook niet vergeten dat sportclubs bijdragen tot een versterking van de sociale cohesie en dus van een groot maatschappelijk belang zijn.

Ik wil natuurlijk niet zeggen dat sportclubs de regels niet moeten volgen, maar tegelijkertijd moeten de controleurs die regels ook juist en voor iedereen gelijk toepassen. Het gaat vaak om ingewikkelde, zeer technische regelgeving die ook praktische problemen met zich meebrengt. Het ontbreekt sportclubs vaak aan fiscale kennis en het kan zijn dat zij door onoplettendheid of onwetendheid in financiële problemen geraken.

Dat is ook niet verwonderlijk, want de fiscus maakt in de tarieven die hij hanteert, een onderscheid tussen frisdranken en alcoholische dranken, tussen drankjes die in de kleedkamers worden gedronken en in de kantine, tussen drankjes die al staand en al zittend worden gedronken enzovoort. Ook voor soep met en zonder balletjes zijn er weer verschillende tarieven. Met andere woorden, het is een chaos.

Ik heb vier vragen voor u, mevrouw de minister.

Hoeveel sportclubs kregen respectievelijk in het Vlaams, Waals en Brussels Hoofdstedelijk Gewest vorig jaar een controle?

Bent u van mening dat er btw moet worden teruggestort op de consumpties?

Hoeveel btw heeft de administratie nagevorderd en hoeveel boetes werden er uitgeschreven?

Hoe denkt u de sportclubs meer zekerheid te kunnen geven, zodat de uitkomst van de btw-controles voorspelbaar wordt?

**Steven Matheï:** Mijnheer de voorzitter, mevrouw de minister, het verenigingsleven en meer bepaald de sportclubs stonden de voorbije dagen even in rep en roer, naar aanleiding van de krantenartikels dat de fiscus drankbonnen viseert. Blijkbaar is het niet simpel om de btw correct toe te passen.

Deze artikels verschenen naar aanleiding van de controle bij heel wat sportclubs, van grotere tot zeer kleine, met betrekking tot de btw op drank. Van drank aangekocht door de sportclub, mag de btw afgetrokken of gerecupereerd worden, tenminste wanneer die drank verkocht wordt in de kantine. Wanneer de drank gratis wordt weggegeven, moet de btw terug verrekend worden. Dat was vaak niet gebeurd, met grote boetes tot gevolg. Het is natuurlijk logisch dat clubs de regels moeten toepassen, maar ik heb toch twee grote opmerkingen daarbij.

Ten eerste, wij moeten vermijden dat er een hele heksenjacht ontstaat en moeten ervoor zorgen dat de regels met een zekere redelijkheid worden toegepast. Minister De Croo alludeerde er reeds op dat hij in alle redelijkheid die regels wil gaan toepassen. Hoe gaat dat gebeuren? Met een administratieve tolerantie of anders?

Ten tweede, maar zeker niet minder belangrijk, het is absoluut belangrijk dat de clubs goed geïnformeerd worden. Het gaat vaak over clubs waar vrijwilligers actief zijn, dag in, dag uit. Zij moeten de club runnen en draaiende houden maar moeten zich ook bezighouden met het administratieve. Wij lazen in de krant dat er zeven jaar geleden een hele informatiecampagne is geweest. Met alle respect, zeven jaar geleden is reeds een hele tijd geleden en het gaat om clubs met soms heel wat verloop. Men kan dan stellen dat informatie ook online te vinden is. Dat is zo, op de pagina van de FOD Financiën staat een goede samenvatting, maar deze dateert reeds uit 2015. Ik heb deze even overlopen, er staat daar heel wat gedateerde informatie in, informatie die niet meer juist is.

Hoe gaat men in alle redelijkheid de regels toepassen?

Hoe heeft men de clubs goed geïnformeerd in het verleden? Hoe gaat men dat in de toekomst doen?

**Minister Maggie De Block:** Mijnheer de voorzitter, dank u. Tevens dank voor de vragen over het voetbal. Men weet hoezeer ik die sport genegen ben.

Namens minister De Croo het antwoord. Eerst en vooral is hij ervan overtuigd dat de grote meerderheid van de sportclubs absoluut te goeder trouw handelt. Mogelijk ontbreekt het hen soms aan correcte en volledige informatie. De minister heeft daarom de FOD Financiën gesuggereerd om samen te zitten met de sportfederaties en de clubs actief te informeren inzake hun fiscale verplichtingen, wat in het verleden ook al gebeurde.

Hij geeft drie elementen mee over de polemiek van de voorbije dagen. Zoals de heer Van der Donckt heeft gezegd, is er vorig jaar bij 133 sportclubs een btw-controle geweest. 85 van hen kregen een btw-boete, waarvan 34 voetbalclubs. Het fenomeen doet zich immers niet enkel bij het voetbal voor. De btw-boetes hebben op veel meer betrekking dan enkel op de drankbonnetjes. In bijna alle gevallen vormen de bonnetjes slechts een zeer beperkt element in het geheel van de rechtzetting. Hoeveel het er zijn in Vlaanderen, Wallonië en Brussel zal de minister u moeten nasturen, want dat werd mij niet meegedeeld.

Het is niet zo dat er vanuit de centrale diensten specifieke controleacties werden georganiseerd inzake de drankbonnetjes bij de sportclubs. Btw-controles gebeuren op basis van een normale risicoselectie door mensen van de lokale diensten op basis van de btw-regels, die grotendeels Europees zijn vastgesteld en die voor alle btw-plichtigen gelden. De minister wijst er ook op dat voor alle btwplichtigen, dus ook sportclubs, er een btw-vrijstelling mogelijk is indien de jaaromzet niet groter is dan 25.000 euro. Vier jaar geleden werd die drempel nog eens met 10.000 euro opgetrokken, net om die kleine verenigingen en sportclubs niet te veel last te bezorgen.

Ten slotte wil ik onderstrepen dat de regering en de minister van Financiën zich niet kunnen uitspreken over individuele fiscale dossiers van specifieke clubs. Wel kan ik zeggen dat de fiscale problematiek van sportclubs, net als de rechtzettingen die in dat verband gebeuren, in de overgrote meerderheid van de gevallen veel groter is en veel verder gaat dan enkel wat de drankbonnetjes betreft.

**Wim Van der Donckt:** Mevrouw de minister, het verheugt mij vast te stellen dat de drankbonnetjes maar een klein probleem vormen en niet meteen de grootste prioriteit behoeven. Toch wil ik benadrukken dat er gewerkt moet worden aan een oplossing voor het probleem. De kinderen die met een bonnetje hun cola of zakje chips betalen, mogen we namelijk niet uit het oog verliezen.

Ik kan een oplossing suggereren die u kunt doorgeven aan uw collega. Waarom worden die drankbonnen niet beschouwd als een geschenk van geringe waarde, dus tot maximaal 50 euro? In dat geval dienen de clubs gewoon 6 % btw op de aankoopprijs terug te storten.

Het spreekt voor zich dat de clubs zich aan de regelgeving moeten houden. Het schept echter onduidelijkheid wanneer de ene belastingdienst 6 % en de andere belastingdienst 21 % op de aankoopprijs terugvraagt. Onduidelijkheid gaat niet samen met fiscus. Zoals voorzichtigheid de moeder is van de porseleinwinkel, zo moeten transparantie en eenduidigheid de moeder van de fiscus zijn.

**Steven Matheï:** Mevrouw de minister, inderdaad, een redelijke toepassing van de regels en informatiecampagnes – ik hoor dat die er zullen komen – zijn heel belangrijk.

We kunnen nog verder kijken en ook structureel iets ondernemen. Een van de denkpistes kan zijn om de vrijstellingsregels voor kleine ondernemingen en vzw's op te trekken. Wanneer het huidig vrijstellingsbedrag van 25.000 euro opgetrokken wordt, kunnen ook de kleinste clubs eronder vallen, waardoor zij geen btw-aangifte moeten indienen en ook geen btw hoeven af te dragen. Daarmee is het probleem ook opgelost. Die piste is zeker een onderzoek waard. Die oplossing vermindert ook de planlast van de verenigingen. De vele vrijwilligers die elke dag in de verenigingen actief zijn, moeten wij voluit ondersteunen in plaats van te ambeteren.
