Handelingen verricht in het kader van diensten voor bejaardenhulp, huishoudelijke hulp · Parlementaire vragen

Naar de tekst
Juriel

508 19 april 1990

Zoeken

Handelingen verricht in het kader van diensten voor bejaardenhulp, huishoudelijke hulpHandelingen verricht in het kader van diensten voor bejaardenhulp, huishoudelijke hulp of van verzorging aan huis, van rust- en verzorgingstehuizen. Vrijstelling. Belastbare handelingen. BTW-tarieven

https://juriel.be/nl/parlementaire-vragen/508-handelingen-verricht-in-kader-diensten-cd5b

Nummer
508
Datum
19 april 1990

Over het document

Verzameling
Parlementaire vragen
Taal van de tekst
Nederlands

Tekst

28 paragrafen

Vr. en Antw., Kamer, 1990, nr. 112 , blz. 9117

Handelingen verricht in het kader van diensten voor bejaardenhulp, huishoudelijke hulp of van verzorging aan huis, van rust- en verzorgingstehuizen - Vrijstelling - Belastbare handelingen - BTW-tarieven

VRAAG

Sommige verenigingen die zich bezighouden met thuisverpleging of -verzorging vragen hun patiënten BTW te betalen op de geleverde diensten.

Welke tarieven zijn in dat verband van toepassing op:

- een dienst voor bejaardenhulp;

- een dienst voor gezinshulp;

- een dienst voor thuisverzorging;

- een rust- en verzorgingstehuis;

- een rusthuis?

Wordt een gehele of gedeeltelijke vrijstelling van de BTW verleend voor de prestaties van diensten of instellingen die zijn erkend door de Executieve van de Franse Gemeenschap?

ANTWOORD

De vraag of een bepaalde handeling aan de BTW onderworpen is, hangt tegelijk af van de aard van die handeling, die in het BTW-Wetboek moet zijn bedoeld en van de hoedanigheid van de persoon die haar verricht en die een belastingplichtige moet zijn.

Zo worden de prestaties met betrekking tot een dienst voor bejaardenhulp, huishoudelijke hulp of voor thuisverzorging, alsook de diensten verstrekt door de rust- en/of verzorgingstehuizen als dusdanig bedoeld in artikel 18, § 1, van het BTW-Wetboek, wanneer ze op een zelfstandige wijze worden verricht krachtens een contract onder bezwarende titel. Overigens, krachtens artikel 4 van voornoemd wetboek is belastingplichtige ieder wiens werkzaamheid erin bestaat geregeld en zelfstandig, met of zonder winstoogmerk, hoofdzakelijk of aanvullend, leveringen van goederen of diensten te verrichten die in genoemd wetboek zijn omschreven.

Aangezien evenwel de hierboven beschreven handelingen niet opgenomen zijn in het koninklijk besluit nr. 26 van 2 december 1970 met betrekking tot het onderwerpen van de openbare instellingen aan de belasting over de toegevoegde waarde, zijn overeenkomstig artikel 6 van voornoemd wetboek, de Staat, de Gemeenschappen, de Gewesten, de provincies, de agglomeraties, de gemeenten en de openbare instellingen geen belastingplichtige voor het uitvoeren van dergelijke handelingen.

Daarenboven bepaalt artikel 5 van hetzelfde wetboek dat hij die leveringen van goederen of diensten verricht die ingevolge artikel 44 van de belasting vrijgesteld zijn, geen belastingplichtige is voor de handelingen die hij in de uitoefening van die werkzaamheid verricht. Welnu in dit opzicht zijn van de belasting vrijgesteld:

- de diensten in de uitoefening van hun geregelde werkzaamheid verstrekt door personen van wie de prestaties zijn opgenomen in de nomenclatuur van de geneeskundige verstrekkingen van de verplichte ziekte- en invaliditeitsverzekering; dit geldt in het bijzonder voor artsen, kinesitherapeuten, verplegers en verpleegsters, ook in geval van verzorging aan huis (z. BTW-Wetboek, art. 44, § 1, 2°);

- de diensten in de uitoefening van hun geregelde werkzaamheid verstrekt door ziekenhuizen, psychiatrische inrichtingen, klinieken en dispensaria (z. BTW-Wetboek, art. 44, § 2, 1°);

- de diensten voor gezinshulp, dit wil zeggen zowel de eigenlijke gezinshulp als de hulp aan bejaarden en alle diensten verstrekt door diensten voor gezinshulp (worden inzonderheid bedoeld de diensten verstrekt door herstellingsoorden gespecialiseerd in de opvang van personen na hun verblijf in een ziekenhuis of herstellend van een ziekte, die als dusdanig erkend zijn door de ziekenfondsen) (z. BTW-Wetboek, art. 44, § 2, 1°);

- de diensten in de uitoefening van hun geregelde werkzaamheid verstrekt door bejaardentehuizen, die erkend zijn door de bevoegde overheid en als zijnde van sociale aard (z. BTW-Wetboek, art. 44, § 2, 2°).

Wanneer ze onderworpen zijn aan de BTW, zijn de verscheidene handelingen (leveringen van goederen of dienstverrichtingen) verricht in het kader van een dienst voor bejaardenhulp, huishoudelijke hulp of van een dienst voor verzorging aan huis, belastbaar tegen hun eigen tarief. Dit tarief, vastgesteld overeenkomstig het koninklijk besluit nr. 20 van 20 juli 1970 tot vaststelling van de tarieven van de belasting over de toegevoegde waarde en tot indeling van de goederen en de diensten bij die tarieven bedraagt meer in het bijzonder:

- 6% voor de zuivere en eenvoudige levering van bereide spijzen, met uitzondering van de dranken en van de goederen bedoeld onder de punten 3 en 4 van rubriek X van tabel C van de bijlage bij het koninklijk besluit nr. 20;

- 19% voor de zuivere en eenvoudige levering van dranken, andere dan melk (6%), alcoholhoudende dranken (25%) en wijn (25%);

- 17% voor het verschaffen van spijzen en dranken om ter plaatse te worden verbruikt (rubriek I van tabel B van de bijlage bij het koninklijk besluit nr. 20);

- 17% voor het reinigen van woonruimten (rubriek 11, punt 2, van tabel B van de bijlage bij het koninklijk besluit nr. 20);

- 17% voor het reinigen, het verven, het strijken, het onderhouden en het herstellen van linnen, van kleding met uitzondering van bontwerk bedoeld in rubriek IV van tabel C van genoemd koninklijk besluit nr. 20 en van kleding van leder bedoeld in rubriek XI van tabel C, van hoeden, van gordijnen en dergelijke artikelen (rubriek VI, punt 1, van tabel B van de bijlage bij het koninklijk besluit nr. 20); bovengenoemde diensten met betrekking tot bontwerk bedoeld in rubriek IV van tabel C en met betrekking tot kleding van leder zijn onderworpen aan het normale BTW-tarief dat thans 19% bedraagt;

- 25% voor de diensten van persoonsverzorging die gewoonlijk worden verstrekt door kappers en kapsters, schoonheidsspecialisten, manicuren en pedicures (rubriek XII van tabel C van de bijlage bij het koninklijk besluit nr. 20).

De aandacht van het geacht Lid wordt er bovendien op gevestigd dat wanneer handelingen die tegen verschillende tarieven belastbaar zijn tegen een enige prijs worden verricht, de verkoper of de dienstverrichter die prijs moeten uitsplitsen voor de heffing van de BTW. Gebeurt die splitsing niet, dan is de heffing slechts regelmatig indien het geheel wordt belast tegen het tarief dat geldt voor het goed of de dienst onderworpen aan het hoogste tarief en deel uitmakend van het geheel.

Aangehaalde teksten

2
WBTW art. 181 voorkomen
WBTW art. 51 voorkomen