---
title: "Parlementaire vraag 505 · Toepassing van de belastingheffing over de winstmarge op de wederverkoop van dieren"
description: "Toepassing van de belastingheffing over de winstmarge op de wederverkoop. Parlementaire vraag nr. 505 van 5 augustus 2015 (Belgisch federaal parlement)."
url: "https://juriel.be/nl/parlementaire-vragen/505-toepassing-belastingheffing-winstmarge-wederverkoop-dieren-1462"
lang: "nl"
fr: "https://juriel.be/fr/questions-parlementaires/505-application-tva-marge-beneficiaire-animaux-0cf4"
---

# Toepassing van de belastingheffing over de winstmarge op de wederverkoop van dieren

**Nummer**

505

**Datum**

5 augustus 2015

## Over het document

**Verzameling**

Parlementaire vragen

**Taal van de tekst**

Nederlands

## Tekst

18 paragrafen

**Kamer, Vragen en Antwoorden, 2016-2017, QRVA 54/103 d.d. 27.01.2017, blz. 208**

*Toepassing van de belastingheffing over de winstmarge op de wederverkoop van dieren.*

## **VRAAG**

Mijn vraag heeft betrekking op de toepassing van de btw regeling van belastingheffing over de winstmarge voor gebruikte goederen in het specifieke geval van de verkoop van dieren die als gezelschapsdier worden beschouwd.

Krachtens [artikel 58, § 4 van het Wetboek van de btw](https://juriel.be/nl/wetboeken/btw/artikel-58) en het koninklijk besluit nr. 53 van 23 december 1994 tot uitvoering van dat artikel wordt onder deze regeling bij de verkoop van gebruikte goederen die door een belastingplichtige van een niet-belastingplichtige werden gekocht, alleen de gerealiseerde winstmarge aan de btw-heffing onderworpen.

Deze btw-regeling geldt voor "de lichamelijke roerende goederen die opnieuw kunnen worden gebruikt", met uitzondering van bepaalde persoonlijke goederen. Tot de bedoelde goederen behoren ook de paarden, behalve als het gaat over slachtpaarden, veulens die onmiddellijk na de geboorte worden verkocht of paarden die worden verkocht nog vóór ze voor hun oorspronkelijke bestemming werden gebruikt.

Indien een aantal voorwaarden zijn vervuld, valt de verkoop door een belastingplichtige van een van een niet belastingplichtige gekocht paard dus onder de regeling van de belastingheffing over de winstmarge. Deze regeling wordt momenteel echter voor geen enkel ander gezelschapsdier toegepast.

Nochtans heeft het Hof van Justitie van de Europese Unie in 2004 al geoordeeld (arrest [C-320/02](https://juriel.be/nl/rechtspraak-unie/c-320-02-arrest)) dat [artikel 26bis van de zesde btw-richtlijn](https://juriel.be/nl/unierecht/zesde-richtlijn-77-388/artikel-26bis) (Richtlijn 77/388/EEG van de Raad) aldus moet worden uitgelegd dat levende dieren als gebruikte goederen in de zin van die bepaling kunnen worden beschouwd. Het Hof preciseerde dat een van een particulier (niet zijnde de fokker) gekocht dier, dat na een training voor een specifiek gebruik wordt doorverkocht, kan worden aangemerkt als een gebruikt goed in de zin van die bepaling.

Het spreekt evenwel voor zich dat ook honden, katten, vogels, enz., afhankelijk van het ras of van hun eigenschappen, bestemd kunnen zijn voor welbepaalde taken of bezigheden, en dus kunnen voldoen aan de voorwaarden die werden vastgesteld voor de toepassing van de btw regeling waarvan sprake op de verkoop van paarden.

**1.** Wat verklaart die verschillende behandeling van paarden enerzijds en alle andere gezelschapsdieren anderzijds?

**2.** Zou het principe van de belastingheffing over de winstmarge, gelet op de bovengenoemde uitspraak van het Hof van Justitie van de Europese Unie, niet kunnen worden toegepast op de verkoop van eender welk dier, als de voorwaarden vervuld zijn?

## **ANTWOORD**

**van de minister van Financiën, belast met Bestrijding van de fiscale fraude van 24.01.2017,**

De bijzondere winstmargeregeling beoogd in [artikel 58, § 4, van het Btw-Wetboek](https://juriel.be/nl/wetboeken/btw/artikel-58) kan in principe worden toegepast op alle lichamelijke goederen, voor zover deze beantwoorden aan alle door de voormelde reglementering gestelde voorwaarden.

**1.** In de [beslissing nr. E.T.84.991 van 28 september 1998](https://juriel.be/nl/administratieve-beslissingen/e-t-84-991-paarden-btw-cheval-425d), heeft de administratie inderdaad bevestigd dat paarden, indien ze welbepaalde kenmerken vertonen, kunnen beschouwd worden als tweedehandse goederen en doorverkocht worden onder de voormelde margeregeling. Destijds waren alleen paarden beoogd en werd deze problematiek voor wat betreft de andere huisdieren zoals honden en katten niet onderzocht.

**2.** Rekening houdend met de beschikkingen van het arrest "Stenholmen" (zaak [C-320/02](https://juriel.be/nl/rechtspraak-unie/c-320-02-arrest)) dat het geachte lid terecht aanhaalt, kan een gelijkaardig standpunt worden ingenomen ten opzichte van andere dieren, zoals honden of katten.

Wanneer alle toepassingsvoorwaarden van de in het [artikel 58, § 4, van het Btw-Wetboek](https://juriel.be/nl/wetboeken/btw/artikel-58) bedoelde winstmargeregeling vervuld zijn, kan de doorverkoop van dergelijke huisdieren gebeuren met toepassing van de winstmargeregeling.

De belastingplichtige wederverkoper moet wel het "gebruik" van het dier aantonen in hoofde van zijn leverancier. Zo bijvoorbeeld een particulier een hond of kat verkoopt zonder dat er gebruik van werd gemaakt, kan niet van een gebruikt goed gesproken worden en kan de margeregeling niet worden toegepast bij de wederverkoop ervan door de belastingplichtige wederverkoper.

Ik vestig de aandacht van het geachte lid op het feit dat indien de voorwaarden en toepassingsmodaliteiten van de margeregeling niet gerespecteerd worden, de leveringen van de beoogde dieren geacht worden te zijn verricht onder de normale belastingregeling, totdat het tegendeel is bewezen.

## Aangehaalde teksten

3

[WBTW art. 58](https://juriel.be/nl/wetboeken/btw/artikel-58) 3 voorkomens

[Zesde richtlijn 77/388 art. 26bis](https://juriel.be/nl/unierecht/zesde-richtlijn-77-388/artikel-26bis) 1 voorkomen

[C-320/02, arrest van 1 april 2004](https://juriel.be/nl/rechtspraak-unie/c-320-02-arrest) 2 voorkomens
