---
title: "Parlementaire vraag 50 · Gehandicapte. Artikelen bestemd voor gehandicapten. Orthopedisch toestel. Apparaat voor de behandeling"
description: "Gehandicapte. Artikelen bestemd voor gehandicapten. Parlementaire vraag nr. 50 van 4 mei 1981 (Belgisch federaal parlement)."
url: "https://juriel.be/nl/parlementaire-vragen/50-gehandicapte-artikelen-bestemd-gehandicapten-orthopedisch-659f"
lang: "nl"
fr: "https://juriel.be/fr/questions-parlementaires/50-taux-reduit-tableau-rubrique-xxii-364c"
---

# Gehandicapte. Artikelen bestemd voor gehandicapten. Orthopedisch toestel. Apparaat voor de behandeling · Gehandicapte. Artikelen bestemd voor gehandicapten. Orthopedisch toestel. Apparaat voor de behandeling van breuken. Prothese. Hoorapparaat. Invalidenwagen. Rolstoel. Tarief. Vervoermiddel. Voertuig. Psychiatrische inrichting. Erkende instelling voor toezicht over jongelui

**Nummer**

50

**Datum**

4 mei 1981

## Over het document

**Verzameling**

Parlementaire vragen

**Taal van de tekst**

Nederlands

## Tekst

69 paragrafen

**Vr. en Antw., Senaat, G.Z. 1980-1981 blz. 1431**

*Gehandicapte - Artikelen bestemd voor gehandicapten - Orthopedisch toestel - Apparaat voor de behandeling van breuken - Prothese - Hoorapparaat - Invalidenwagen - Rolstoel - Tarief - Vervoermiddel - Voertuig - Psychiatrische inrichting - Erkende instelling voor toezicht over jongelui*

## **VRAAG**

De Interparlementaire Unie heeft te Manilla-Filippijnen, van 20 tot 25 april 1981, tijdens de lente-conferentie, bijzondere aandacht gewijd aan de gehandicapte kinderen, en dit mede in het raam van het " Jaar van de gehandicapte mens ", overeenkomstig de resolutie 31/123 van 16 december 1976 van de Verenigde Naties.

## **ANTWOORD**

Mag ik in dit verband vernemen:

1\. Het aantal gehandicapte kinderen, u bekend op basis van de toepassing van de fiscale wetgeving;

2\. Een overzicht van de bestaande maatregelen ten gunste van deze categorie van personen;

3\. Welke nieuwe maatregelen voor dit jaar in uitzicht worden gesteld als geldig antwoord op de voormelde NV-resolutie ?

Antwoord: Het geachte Lid gelieve hierna het antwoord te vinden op de door hem gestelde vragen.

Vraag 1.

Bij gebrek aan een gedetailleerde statistiek, is het niet mogelijk ter zake een antwoord te verstrekken.

Maatregelen werden genomen om deze gegevens met ingang van het aanslagjaar 1981 (toestand 1 januari 1981) op het stuk van de personenbelasting afzonderlijk te registreren.

Vraag 2.

A. Personenbelasting.

1° Aftrek voor woonhuis (art. 10 van het Wetboek van de inkomstenbelastingen) .

Voor de berekening van de aftrek voor woonhuis wordt, vanaf het aanslagjaar 1981 (inkomsten 1980), een verhoging van 10 000 frank verleend voor elk kind ten laste indien het voor ten minste 66 pct. gehandicapt is.

De aftrek voor woonhuis heeft tot gevolg dat het kadastraal inkomen van het eigen woonhuis geheel of gedeeltelijk wordt weggelaten bij het vaststellen van de in de personenbelasting belastbare inkomsten.

2° Vermindering wegens gezinslasten (art. 81, § 2, van het Wetboek van de inkomstenbelastingen).

Kinderen die voor ten minste 66 pct. gehandicapt zijn en ten laste zijn van de belastingplichtige, worden bij de berekening van de vermindering wegens gezinslasten voor twee geteld (art. 81, § 2).

3° Aftrekbare giften (art. 71, § 1, 4°, e en h, van het Wetboek van de inkomstenbelastingen).

Van de belastbare inkomsten mogen, onder bepaalde voorwaarden, worden afgetrokken de giften die worden gedaan:

a) aan instellingen die hulp verlenen aan minder-validen en beschermde minderjarigen of behoeftigen en die, na respectievelijk advies van de Hoge Raad voor Minder-validen of de Nationale Raad voor Jeugdbescherming, als zodanig erkend zijn door de Minister van Financiën en door de minister tot wiens bevoegdheid de Raad behoort die het advies heeft uitgebracht;

b) aan de beschermde werkplaatsen die, in uitvoering van de wetgeving betreffende de sociale reclassering van de minder-validen, opgericht zijn door het Rijksfonds voor sociale reclassering van de minder-validen of erkend zijn door dat fonds of door de minister tot wiens bevoegdheid de Tewerkstelling behoort.

B. Vennootschapsbelasting.

Hetgeen vermeld is onder A, 3°, is eveneens van toepassing.

C. Onroerende voorheffing (art. 162, § 1, 3°, van het Wetboek van de inkomstenbelastingen).

Op aanvraag van de belanghebbende wordt een vermindering van onroerende voorheffing verleend in verband met het onroerend goed dat wordt betrokken door het hoofd van een gezin met een kind dat voor ten minste 66 pct. getroffen is door ontoereikendheid of vermindering van lichamelijke of geestelijke geschiktheid wegens een of meer aandoeningen; die vermindering bedraagt 20 pct. voor ieder gehandicapt kind ten laste.

De bedoelde vermindering is, niettegenstaande elk hiermee strijdig beding, van de huur aftrekbaar, doch mag slechts slaan op één enkel eventueel door de betrokkene aan te wijzen onroerend goed; zij is niet van toepassing op het gedeelte van de woning of van het onroerend goed dat wordt bewoond door personen die niet tot het gezin van het betrokken gezinshoofd behoren, noch op het gedeelte van het woonhuis dat voor de uitoefening van een beroepswerkzaamheid gebruikt wordt, wanneer het gedeelte van het inkomen dat erop betrekking heeft meer bedraagt dan een vierde van het kadastraal inkomen van het volledige woonhuis.

D. Verkeersbelasting op de autovoertuigen.

Ik kan het geachte Lid verwijzen naar mijn antwoord op zijn vraag nr. 51, van dezelfde dag.

E. Belasting over de toegevoegde waarde.

1\. Voordelen inzake BTW.

a) Het verminderde BTW-tarief van 6 pct. is van toepassing op bepaalde artikelen die duidelijk bestemd zijn voor gehandicapten (orthopedische toestellen, artikelen en apparaten voor de behandeling van breuken in het beendergestel, prothesen, hoorapparaten voor hardhorigen en andere voor het verhelpen of verlichten van gebreken of van kwalen dienende apparatuur, die door de patiënt in de hand worden gehouden of op andere wijze worden gedragen dan wel worden geïnplanteerd, individuele toestellen en hun toebehoren, voor de personen die lijden aan incontinentie, het individueel toebehoren dat deel uitmaakt van een kunstnier inclusief de gebruikte trousses, gaankaders, individueel materieel voor de toediening van mucomyst, invalidenwagens met mechanische voortbeweging, invalidenwagens en ziekenwagens zonder mechanische voortbeweging, onderdelen en toebehoren voor deze wagens).

Het tarief van 6 pct. is eveneens van toepassing op de onderhouds- en herstellingswerken aan de bovengenoemde goederen, evenals op de leveringen, de onderdelen en de toebehoren, gebruikt bij de uitvoering van die werken.

De aankoop of de invoer van de bovengenoemde goederen tegen het verminderde tarief van 6 pct. is niet onderworpen aan specifieke voorwaarden, evenmin als de toepassing van het tarief van 6 pct. op het onderhouds- en herstellingswerk dat eraan wordt verricht.

b) Mits naleving van zekere voorwaarden kunnen bepaalde gehandicapten de volgende voordelen bekomen:

1° aankoop of invoer tegen het tarief van 6 pct. in plaats van 25 pct. van een automobiel voor personenvervoer langs de weg, bestemd om als persoonlijk vervoermiddel te worden gebruikt door personen die volledig blind zijn, volledig verlamd zijn aan de bovenste ledematen of wier bovenste ledematen zijn geamputeerd, en personen met een blijvende invaliditeit van ten minste 50 pct. uitsluitend te wijten aan gebrekkigheid van de onderste ledematen.

In verband met de minderjarige kinderen die de voorwaarden vervullen tot het bekomen van de hogergenoemde voordelen, dient aangestipt dat deze voordelen eveneens worden bekomen voor de voertuigen ingeschreven op naam van de wettelijke vertegenwoordiger (vader, moeder of voogd), op voorwaarde echter dat deze aan de verkoper, benevens het invaliditeitsgetuigschrift, een schriftelijke verklaring voorlegt waarin hij zich verbindt het voertuig uitsluitend te zullen gebruiken voor de behoeften van het gehandicapte kind;

2° aankoop of invoer van onderdelen en toebehoren door de onder 1° bedoelde personen ten behoeve van de aldaar bedoelde automobiel tegen het tarief van 6 pct. in plaats van 16 pct.;

3° onderhouds- en herstellingswerk van de in 1° bedoelde automobiel tegen het tarief van 6 pct. in plaats van 16 pct.;

4° terugbetaling van de BTW van 6 pct. waarvan sprake onder 1°.

Op te merken valt dat slechts de BTW, betaald voor de verkrijging of de invoer van een automobiel, wordt teruggegeven en niet de BTW die werd betaald voor onderdelen en toebehoren, voor onderhouds- en herstellingswerk, noch voor andere leveringen of invoeren of diensten.

c) Tevens zijn, krachtens de artikelen [5](https://juriel.be/nl/wetboeken/btw/artikel-5) en [44, § 2, 1°](https://juriel.be/nl/wetboeken/btw/artikel-44), van het BTW-Wetboek, de psychiatrische inrichtingen, die als dusdanig zijn erkend, geen BTW-belastingplichtige voor de uitoefening van hun geregelde werkzaamheid.

Overeenkomstig de artikelen [5](https://juriel.be/nl/wetboeken/btw/artikel-5) en [44, § 2, 2°](https://juriel.be/nl/wetboeken/btw/artikel-44), van het BTW-Wetboek zijn de instellingen erkend door de bevoegde overheid die, ingevolge hun statuten, in hoofdzaak tot doel hebben het toezicht over jongelui en de zorg voor hun onderhoud, opvoeding en vrijetijdsbesteding evenmin BTW-belastingplichtige.

Dit houdt in dat de sommen die bovengenoemde inrichtingen, instellingen en tehuizen, onder meer, van de mentaal of motorisch gehandicapten die erin verblijven, vorderen als tegenprestatie voor de door hen in de uitoefening van hun geregelde werkzaamheid verstrekte diensten, niet aan de BTW zijn onderworpen.

II. Voordelen inzake inschrijvingstaks.

De inschrijving van personenauto's in het Repertorium van de Dienst van het Wegverkeer op naam van één van de onder punt 1, b, 1°, genoemde personen is van de inschrijvingstaks vrijgesteld .

F. Registratie-, griffie- en zegelrechten.

1\. Registratierechten.

a) Het bij artikel 44 vastgestelde recht wordt tot 6 pct. verlaagd voor de verkopingen van woningen waarvan het kadastraal inkomen in principe niet meer bedraagt dan 30 000 frank.

Dit bedrag wordt evenwel verhoogd met 4.000, 8.000 of 12.000 frank naargelang de verkrijger of zijn echtgenoot respectievelijk drie of vier, vijf of zes, zeven of meer kinderen ten laste hebben.

Desbetreffend worden kinderen die voor ten minste 66 pct. getroffen zijn door ontoereikendheid of vermindering van lichamelijke of geestelijke geschiktheid wegens één of meer aandoeningen, voor twee kinderen ten laste geteld (Wetboek der registratie-, hypotheek- en griffierechten, art. 53, en koninklijk besluit van 11 januari 1940, zoals dit werd gewijzigd bij die van 21 december 1979 en van 22 augustus 1980).

b) Van de formaliteit der registratie zijn in principe vrijgesteld de akten, vonnissen en arresten betreffende:

\- betwistingen in verband met de rechten en verplichtingen voortvloeiende uit de wet op de sociale reclassering van de minder-validen (hetzelfde Wetboek, art. 162, 36°bis);

\- de uitvoering van de wet van 27 juni 1969 betreffende het toekennen van tegemoetkomingen aan de minder-validen (hetzelfde Wetboek, art. 162, 40°).

Daarbij wordt opgemerkt dat die vrijstellingen uiteraard niet toepasselijk zijn op akten, vonnissen en arresten in zover zij tot bewijs strekken van een overeenkomst tot overdracht of aanwijzing van eigendom of vruchtgebruik van in België gelegen onroerende goederen, noch op akten - andere dan gerechtelijke akten - in zover zij tot bewijs strekken van verhuringen, onderverhuringen of overdrachten van huur van in België gelegen onroerende goederen, of nog van inbrengen in Belgische vennootschappen met rechtspersoonlijkheid (hetzelfde Wetboek, art. 163).

II. Griffierechten.

Zijn vrijgesteld van:

\- het rolrecht, de inschrijvingen van zaken waarvan de vonnissen en arresten krachtens de onder 1, b, bedoelde bepalingen van de formaliteit der registratie zijn vrijgesteld (Wetboek der registratie-, hypotheek- en griffierechten, art. 2791, 1°);

\- het opstelrecht, de akten verleden in de gevallen bedoeld onder 1, b (hetzelfde Wetboek, art. 2792, 1°);

\- het expeditierecht, de uitgiften, afschriften of uittreksels van of uit de hierboven onder 1, b, eerste lid, tweede streepje, bedoelde akten, vonnissen en arresten (hetzelfde Wetboek, art. 280, 1°);

\- het legalisatierecht, legalisatiën van akten - of van uitgiften, afschriften of uittreksels daarvan - waarvan de minuut, het brevet of het origineel krachtens de onder 1, b, meergenoemde bepalingen van de formaliteit der registratie zijn vrijgesteld (hetzelfde Wetboek, art. 281).

III. Zegelrechten.

Worden van het zegelrecht vrijgesteld de akten:

\- betreffende de betwistingen in verband met de rechten en verplichtingen voortvloeiende uit de wet op de sociale reclassering van de minder-validen (Wetboek der zegelrechten, art. 591, 50°bis);

\- opgemaakt of afgeleverd voor de uitvoering van de wet van 27 juni 1969 betreffende het toekennen van tegemoetkomingen aan de minder-validen (hetzelfde Wetboek, art. 591, 54bis).

Vraag 3.

Buiten de hiervoor opgesomde gunstmaatregelen die uiterlijk met ingang van het aanslagjaar 1981 toepasselijk zijn, worden momenteel geen andere maatregelen overwogen.

## Aangehaalde teksten

2

[WBTW art. 44](https://juriel.be/nl/wetboeken/btw/artikel-44) 2 voorkomens

[WBTW art. 5](https://juriel.be/nl/wetboeken/btw/artikel-5) 2 voorkomens
