---
title: "Parlementaire vraag 46 · Bezoldigd vervoer van personen"
description: "Bezoldigd vervoer van personen, bezoldigd personenvervoer. Parlementaire vraag nr. 46 van 18 december 1980 (Belgisch federaal parlement)."
url: "https://juriel.be/nl/parlementaire-vragen/46-bezoldigd-vervoer-personen-decoster-personenvervoer-394f"
lang: "nl"
fr: "https://juriel.be/fr/questions-parlementaires/46-transport-remunere-personnes-decoster-e8b8"
---

# Bezoldigd vervoer van personen

**Nummer**

46

**Datum**

18 december 1980

## Over het document

**Verzameling**

Parlementaire vragen

**Taal van de tekst**

Nederlands

## Tekst

14 paragrafen

**Vr. en Antw., Senaat**

*Bezoldigd vervoer van personen*

## **VRAAG**

Werden er reeds maatregelen getroffen om met Oostenrijk een bilateraal akkoord te treffen om wederkerig geen BTW op vervoerprestaties op het grondgebied te innen (Oostenrijkse Steuer)?

Aangezien ons land samen met Duitsland het enige land is dat geen bilateraal akkoord heeft afgesloten, ware het wenselijk in het belang van onze autocaruitbaters een akkoord te treffen.

Tevens wens ik te vernemen of deze taks geïnd wordt aan de autocaruitbaters uit Oostenrijk of zijn onze diensten daarvan niet op de hoogte.

## **ANTWOORD**

Het bezoldigd vervoer van personen is aan de Belgische BTW onderworpen in de mate waarin dat vervoer hier te lande wordt verricht.

Wanneer de vervoerder in het buitenland is gevestigd wordt de inning van de verschuldigde BTW in principe verzekerd, hetzij door een vaste inrichting die hij in België heeft, hetzij, bij ontstentenis van zulke inrichting, door een aansprakelijke vertegenwoordiger die daartoe is aanvaard.

Indien de buitenlandse vervoerder noch over een vaste inrichting beschikt, noch een aansprakelijke vertegenwoordiger heeft doen erkennen, wordt hij niettemin in het land toegelaten voor het verrichten van internationaal vervoer van personen op voorwaarde dat aan de douane een forfaitair BTW-bedrag wordt betaald.

Lastens Oostenrijkse autocaruitbaters wordt de BTW dus geïnd volgens één van de hierboven aangegeven regelingen.

De Belgische BTW-reglementering is overigens in overeenstemming met de bepalingen van de zesde BTW-richtlijn van de Raad van de Europese Gemeenschappen van 17 mei 1977.

Wegens diezelfde richtlijn is het trouwens niet mogelijk een gehele of gedeeltelijke vrijstelling voor personenvervoer toe te kennen of in dat verband bilaterale akkoorden af te sluiten ook al hebben andere EG-Lid-Staten eventueel in het verleden dergelijke akkoorden afgesloten.

De zesde BTW-richtlijn biedt evenwel aan die Lid-Staten de mogelijkheid het personenvervoer gedurende een overgangsperiode van in principe vijf jaar te blijven vrijstellen voor zover die vrijstelling reeds bestond op 1 januari 1978. Dit is volgens de informatie waarover mijn administratie beschikt o.m. het geval voor Denemarken en Ierland. Bovendien belasten sommige landen, zoals het Verenigd Koninkrijk, het personenvervoer met een nultarief.
