---
title: "Parlementaire vraag 458 · Intracommunautair vervoer van goederen"
description: "Intracommunautair vervoer van goederen, intracommunautair goederenvervoer. Parlementaire vraag nr. 458 van 2 maart 1993 (Belgisch federaal parlement)."
url: "https://juriel.be/nl/parlementaire-vragen/458-intracommunautair-vervoer-goederen-clippele-goederenvervoer-7a09"
lang: "nl"
fr: "https://juriel.be/fr/questions-parlementaires/458-transport-intracommunautaire-biens-representant-clippele-f97d"
---

# Intracommunautair vervoer van goederen · BTW. Intracommunautair vervoer van goederen

**Nummer**

458

**Datum**

2 maart 1993

## Over het document

**Verzameling**

Parlementaire vragen

**Taal van de tekst**

Nederlands

## Tekst

21 paragrafen

**Vr. en Antw., Kamer, 1992-1993, nr. 57, blz. 5188-5189-5190**

*BTW - Intracommunautair vervoer van goederen*

## **VRAAG**

Krachtens de vóór 1 januari 1993 toepasselijke bepalingen van het BTW-wetboek waren internationale goederentransporten vrijgesteld van de belasting, ongeacht het aantal vervoerscontracten dat met een of meer transporteurs werd gesloten. Het vervoer van of naar het buitenland mocht bovendien worden onderbroken.

1\. Kan de verzending van goederen vanuit een EG-lidstaat naar België krachtens de per 1 januari 1993 in werking getreden bepalingen als een enkele intracommunautaire transportverrichting worden beschouwd, wanneer dat transport gebeurt aan de hand van verschillende vervoermiddelen en met verschillende transportbedrijven, waarbij een van die bedrijven enkel een transport uitvoert met vertrek en aankomst in België ?

2\. Wanneer een bedrijf binnen een ruimer contract voor intracommunautair vervoer optreedt maar enkel voor een gedeelte van het transport tussen twee punten binnen de Belgische landgrenzen instaat, wordt die dienstverlening dan beschouwd als een intracommunautair dan wel een binnenlands transport ?

## **ANTWOORD**

Intracommunautair goederenvervoer is het vervoer van goederen waarvan de plaats van vertrek en de plaats van aankomst op het grondgebied van twee verschillende lidstaten gelegen zijn. De plaats van vertrek is de plaats waar het goederenvervoer daadwerkelijk begint en de plaats van aankomst is de plaats waar het goederenvervoer daadwerkelijk eindigt ([artikel 1, § 6, 1° tot 3°, WBTW](https://juriel.be/nl/wetboeken/btw/artikel-1)).

De plaats van de vervoerdiensten wordt bepaald overeenkomstig [artikel 21, § 3, 3° en 3°bis, WBTW](https://juriel.be/nl/wetboeken/btw/artikel-21).

Die bepalingen zijn de getrouwe omzetting van artikel 28ter, C, van de richtlijn van 16 december 1991 (91/680/EEG) tot aanvulling van het gemeenschappelijk stelsel van de belasting over de toegevoegde waarde en tot wijziging, met het oog op de afschaffing van de fiscale grenzen, van richtlijn 77/388/EEG.

Bij de BTW-heffing op het intracommunautair vervoer kunnen zich verschillende situaties voordoen.

In een eerste situatie veronderstellen we dat het goederentransport gebeurt voor een persoon die geen BTW-identificatienummer opgeeft waaronder de dienst kan worden verricht. De plaats van de dienst is gesitueerd op de plaats van vertrek van het vervoer ([artikel 21, § 3, 3°bis, a), WBTW](https://juriel.be/nl/wetboeken/btw/artikel-21)). De vervoerder is gehouden de BTW te voldoen ([artikel 51, § 1, 1°, WBTW](https://juriel.be/nl/wetboeken/btw/artikel-51)).

In een tweede situatie geeft de opdrachtgever een BTW-nummer op in de lidstaat van vertrek. Opnieuw is de plaats van de dienst gesitueerd op de plaats van de aanvang van het vervoer ([artikel 21, § 3, 3°bis, a), WBTW](https://juriel.be/nl/wetboeken/btw/artikel-21)). De vervoerder is gehouden de BTW te voldoen tenzij hij niet voor BTW-doeleinden geïdentificeerd is in de lidstaat van vertrek (dan is de ontvanger van de dienst schuldenaar van de BTW overeenkomstig [artikel 51, § 2, 1°, b), WBTW](https://juriel.be/nl/wetboeken/btw/artikel-51).

In een derde situatie geeft de opdrachtgever een BTW-nummer op van een andere lidstaat dan de lidstaat van vertrek. De plaats van de dienst wordt in dat geval geacht zich te situeren op het grondgebied van de lidstaat die aan de ontvanger van de dienst het BTW-identificatienummer heeft toegekend waaronder de dienst aan hem is verleend ([artikel 21, § 3, 3°bis, b), WBTW](https://juriel.be/nl/wetboeken/btw/artikel-21)). In dat geval is de ontvanger van de dienst gehouden de BTW te voldoen, tenzij de vervoerder voor BTW doeleinden is geïdentificeerd in dezelfde lidstaat als de ontvanger van de dienst (cfr. [artikel 51, § 2, 1°, WBTW](https://juriel.be/nl/wetboeken/btw/artikel-51)).

In de door het geacht lid aangehaalde voorbeelden dient onderscheid te worden gemaakt naargelang van de verschillende contractuele relaties.

Voor een vervoer vanuit een andere EG-lidstaat naar België bestaat er een eerste handelsrelatie tussen de opdrachtgever en de vervoerder voor het globale intracommunautaire traject. Er wordt een factuur uitgereikt voor het gehele intracommunautaire traject met toepassing van de hierboven aangehaalde regels.

Indien de eerst vervoerder daarentegen aan een andere vervoerder vraagt om een deel van het vervoer in onderaanneming te verrichten dan is dat een afzonderlijke dienstprestatie die de onderaannemer verricht voor de eerste vervoerder.

Voor zover dat vervoer door de onderaannemer gebeurt tussen twee plaatsen in België, betreft het hier geen intracommunautair goederenvervoer zoals geregeld in [artikel 21, § 3, 3°bis, WBTW](https://juriel.be/nl/wetboeken/btw/artikel-21), maar wel een nationaal vervoer, geregeld door het [artikel 21, § 3, 3°, WBTW](https://juriel.be/nl/wetboeken/btw/artikel-21). De BTW over dat nationaal vervoer is derhalve verschuldigd in België.

Wanneer de hoofdvervoerder zelf in België is gevestigd of voor BTW-doeleinden is geïdentificeerd en hij dient hier periodieke aangiftes in, dan kan hij die BTW aftrekken volgens de normale regels.

Wanneer dat daarentegen niet het geval is, dan kan hij er teruggaaf van krijgen bij het centraal BTW-kantoor voor buitenlandse belastingplichtigen en dat op grond van de achtste richtlijn van de Raad van 6 december 1979 betreffende de harmonisatie van de wetgevingen van de lidstaten inzake omzetbelasting - Regeling voor de teruggaaf van de belasting over de toegevoegde waarde aan niet in het binnenland gevestigde belastingplichtigen (79/1072/EEG) of op grond van de dertiende richtlijn van de Raad van 17 november 1986 betreffende de harmonisatie van de wetgevingen van de lidstaten inzake omzetbelasting - regeling voor teruggaaf van de belasting over de toegevoegde waarde aan niet op het grondgebied van de Gemeenschap gevestigde belastingplichtigen (86/560/EEG).

Ik ben er mij evenwel terdege van bewust dat die taxatieregels aanleiding geven tot moeilijkheden in hoofde van buitenlandse ondernemingen die de aldus geheven BTW moeten terugvragen. Het probleem wordt momenteel opnieuw bestudeerd op Europees niveau en maatregelen om dergelijke moeilijkheden in de toekomst te vermijden worden onderzocht.

## Aangehaalde teksten

3

[WBTW art. 21](https://juriel.be/nl/wetboeken/btw/artikel-21) 6 voorkomens

[WBTW art. 51](https://juriel.be/nl/wetboeken/btw/artikel-51) 3 voorkomens

[WBTW art. 1](https://juriel.be/nl/wetboeken/btw/artikel-1) 1 voorkomen

## Administratieve doctrine

2

[Parlementaire vragen 2](https://juriel.be/nl/parlementaire-vragen/458-intracommunautair-vervoer-goederen-clippele-goederenvervoer-7a09/documenten?type=parlementaire-vragen)

« … te vrijwaren? ANTWOORD Ik heb de eer het geachte lid mede te delen dat deze problematiek mij niet onbekend is. De problemen aangaande het intracommunautair en nationaal vervoer van goederen werden reeds uitvoerig behandeld in mijn antwoord op de vraag nr. 458 van 2 maart 1993 van de heer volksvertegenwoordiger de Clippele . De teruggave gebeurt via het centraal BTW-kantoor voor buitenlandse belastingplichtigen en dit op grond van de achtste richtlijn van de Raad van 6 december 1979 betreffende de harmonisatie van de wetgevingen … »

[Transportsector. Terugbetaling van onverschuldigde BTW aan buitenlandse firma's](https://juriel.be/nl/parlementaire-vragen/339-transportsector-terugbetaling-onverschuldigde-btw-buitenlandse-79ef) Parlementaire vraag 30.03.1993

[Bekijk de 2 documenten](https://juriel.be/nl/parlementaire-vragen/458-intracommunautair-vervoer-goederen-clippele-goederenvervoer-7a09/documenten)
