---
title: "Parlementaire vraag 455 · Belastingplichtige. VZW. horeca. vrijstelling"
description: "Belastingplichtige. VZW. horeca. vrijstelling, belastingschuldige. Parlementaire vraag nr. 455 van 8 juli 2011 (Belgisch federaal parlement)."
url: "https://juriel.be/nl/parlementaire-vragen/455-belastingplichtige-vzw-horeca-vrijstelling-karel-889c"
lang: "nl"
fr: "https://juriel.be/fr/questions-parlementaires/455-assujetti-sprl-horeca-exoneration-karel-92fb"
---

# Belastingplichtige. VZW. horeca. vrijstelling

**Nummer**

455

**Datum**

8 juli 2011

## Over het document

**Verzameling**

Parlementaire vragen

**Taal van de tekst**

Nederlands

## Tekst

9 paragrafen

**Vragen en Antwoorden, Kamer 2010-2011, nr. 37 d.d. 02.08.2011, blz. 60**

*Belastingplichtige*

*VZW*

*Horeca*

*Vrijstelling*

## **VRAAG**

Artikel 44, §2 W.BTW (Wetboek van de belasting over de toegevoegde waarde) stelt in zijn verschillende onderverdelingen vzw's met diverse doeleinden vrij van btw. De meeste van deze vzw's baten ook een cafetaria of kantine uit. In vroegere tijden kon gesteld worden dat indien deze kantines enkel en alleen toegankelijk waren voor de leden van de club of voor een toevallige bezoeker, deze kantines ook vrijgesteld werden van btw. Er werden nog twee bijkomende voorwaarden gesteld : a) de exploitant mag geen andere belastbare werkzaamheden uitoefenen en geen maaltijden verschaffen, andere dan lichte maaltijden; b) de ontvangsten van de cafetaria mogen geen concurrentieverstoring veroorzaken en moeten betrekkelijk gering blijven. ln zijn antwoord op een parlementaire vraag van de heer Leterme (Vraag nr. 1094 van 26 augustus 2002, Vragen en Antwoorden, Kamer, 2002-2003, nr. 157, blz. 20242) stelt de minister van Financiën onder meer dat "de ontvangsten van de cafetaria geen concurrentieverstoring veroorzaken en dus betrekkelijk gering blijven in vergelijking met de gezamenlijke vrijgestelde ontvangsten. Dienaangaande kan men stellen dat in de praktijk aan deze voorwaarde is voldaan wanneer de ontvangsten van het cafetaria het bedrag van 5.580 euro, voorzien door [artikel 1 van het koninklijk besluit nr. 19](https://juriel.be/nl/wetboeken/btw/koninklijke-besluiten/ar-19-december-vrijstellingsregeling-in-voordeel-kleine-9a64#ar19-art1) van 29 december 1992 inzake vrijstellingsregeling bepaald door [artikel 56, §2 van het BTW-Wetboek](https://juriel.be/nl/wetboeken/btw/artikel-56), niet overschrijden, of, als dit bedrag toch overschreden is, wanneer deze ontvangsten hoogstens 10% van de globale (vrijgestelde) ontvangsten van de exploitant bereiken". Het in het citaat vermelde bedrag van 5.580 euro kan uitgelegd worden gezien dit het bedrag is dat wettelijk bepaald is als grens om vast te stellen dat de btw-belastingplichtige in principe valt onder de regeling "kleine ondernemingen" en bijgevolg kan opteren om als "vrijgestelde" organisatie beschouwd te worden. Daarentegen was de melding in het citaat "wanneer deze ontvangsten hoogstens 10% van de globale (vrijgestelde) ontvangsten van de exploitant bereiken" nergens terug te vinden noch in het BTW-Wetboek, noch in de administratieve richtlijnen en noch in de "BTW-handleiding". In het antwoord op de parlementaire vraag is dit de eerste keer dat een dergelijke regel wordt uitgesproken. Ondertussen is het wel zo dat de administratie zich op dit antwoord van de minister baseert en zelf een interpretatie geeft aan de begrippen "concurrentieverstoring" en "gering". In zijn administratieve commentaren werd deze interpretatie opgenomen en daardoor moet deze "10%-regel" als heilig beschouwd worden door de verenigingen. Dit heeft tot gevolg dat de meeste, zelfs heel kleine, vzw's btw dienen aan te rekenen voor wat betreft het uitbaten van een kantine of cafetaria die enkel en alleen toegankelijk is voor hun eigen leden. 1. ln hoeverre berust uw antwoord en de daarmee gepaard gaande inlassing ervan in de BTW-handleiding op een wettelijk gefundeerde basis? 2. Kan u de documenten meedelen en toezenden die aan uw interpretatie een wettelijk karakter verlenen?

## **ANTWOORD**

(van meneer Reynders, Vice-eersteminister en Minister van Financiën en Institutionele Hervormingen)

De vrijstellingen bedoeld in [artikel 44, § 2, van het BTW-Wetboek](https://juriel.be/nl/wetboeken/btw/artikel-44) zijn de omzetting in Belgisch recht van [artikel 132, lid 1, van de Richtlijn 2006/112/EG](https://juriel.be/nl/unierecht/btw-richtlijn-2006-112/artikel-132) van de Raad van 28 november 2006 betreffende het gemeenschappelijke stelsel van belasting over de toegevoegde waarde. De bewoordingen waarin de bedoelde vrijstellingen zijn omschreven, moeten strikt worden uitgelegd, daar de vrijstellingen afwijkingen zijn van het algemene beginsel dat btw wordt geheven over elke levering van goederen of elke dienst die door een belastingplichtige onder bezwarende titel wordt verricht. Het verschaffen van spijzen en dranken voor verbruik ter plaatse wordt niet beoogd door de bedoelde vrijstellingen. Evenwel om te vermijden dat vrijgestelde belastingplichtigen die geen andere belastbare werkzaamheden uitoefenen zich als belastingplichtigen zouden moeten identificeren voor de geringe ontvangsten met betrekking tot de exploitatie van een cafetaria, heeft de administratie de vrijstelling uitgebreid tot de inkomsten van de cafetaria, op voorwaarde onder meer dat de eruit voortvloeiende ontvangsten geen concurrentieverstoring veroorzaken en betrekkelijk gering blijven. Om een willekeurige toepassing van deze bijkomende vrijstelling te vermijden heb ik, naar aanleiding van de parlementaire vraag van de heer Leterme ([vraag nr. 1094 van 26 augustus 2002](https://juriel.be/nl/parlementaire-vragen/1094-drank-voeding-in-cafetaria-musea-4dbe)), een concrete interpretatie gegeven aan de termen "concurrentieverstoring" en "gering" in deze context. Aangezien het hier duidelijk om een tolerantie gaat, kan de 10 percent regel niet worden afgeleid uit de regelgeving maar kan dit criterium, rekening houdend met de belangen van alle economische operatoren, mijn inziens als billijk worden aangemerkt. Uiteraard wordt deze interpretatie door de administratie gevolgd en opgenomen in administratieve commentaren teneinde de betrokken vrijgestelde belastingplichtigen van dit standpunt op de hoogte te stellen.

## Aangehaalde teksten

4

[KB nr. 19 art. 1](https://juriel.be/nl/wetboeken/btw/koninklijke-besluiten/ar-19-december-vrijstellingsregeling-in-voordeel-kleine-9a64) 1 voorkomen

[WBTW art. 44](https://juriel.be/nl/wetboeken/btw/artikel-44) 1 voorkomen

[WBTW art. 56](https://juriel.be/nl/wetboeken/btw/artikel-56) 1 voorkomen

[btw-richtlijn 2006/112 art. 132](https://juriel.be/nl/unierecht/btw-richtlijn-2006-112/artikel-132) 1 voorkomen
