Vr. en Antw., Kamer, 1995-1996, nr. 39, blz. 5126-5127
BTW-Revue nr. 123, blz. 754
Bijzondere regeling belastingheffing over de winstmarge - Tweedehandse vervoermiddelen - Werking
VRAAG
Een BTW-plichtige met recht op aftrek van de BTW op aankopen, schaft zich een personenwagen voor zijn bedrijf aan met toepassing van de BTW over de winstmarge (artikel 58, § 4, van het BTW-Wetboek). Uiteraard heeft hij hier geen recht op aftrek. Tijdens het gebruik zijn er allerlei onkosten in verband met dat voertuig, zoals onderhoud en benzine waarop de beperking van artikel 45, § 2, van toepassing is. De belastingplichtige brengt de beperkte BTW in aftrek. Na twee jaar besluit hij echter dit bedrijfsmiddel te verkopen.
Dient hier bij de verkoop, ingevolge artikel 10, de BTW aangerekend te worden ondanks het feit dat er bij de aankoop geen recht op aftrek was?
ANTWOORD
De bijzondere regeling van belastingheffing over de winstmarge ingesteld krachtens artikel 58, § 4, van het BTW-Wetboek, kan worden toegepast op de leveringen van tweedehandse vervoermiddelen verricht door een belastingplichtige wederverkoper, wanneer die vervoermiddelen hem binnen de gemeenschap werden geleverd door een niet-belastingplichtige (bijvoorbeeld een particulier), of door een andere belastingplichtige, voor zover de levering van het vervoermiddel door die andere belastingplichtige overeenkomstig artikel 44, § 2, 13°, van het BTW- Wetboek is vrijgesteld van de BTW, of door een andere belastingplichtige, voor zover de levering van het vervoermiddel door deze andere belastingplichtige is vrijgesteld van de BTW krachtens artikel 56, § 2, van het BTW-Wetboek en het een bedrijfsmiddel betreft, of door een andere belastingplichtige wederverkoper voor zover deze dit vervoermiddel heeft geleverd onder de margeregeling, en onder de voorwaarde dat de bovengenoemde leveranciers geen enkel recht op vrijstelling of teruggaaf van de belasting hebben kunnen uitoefenen bij de aankoop, de intracommunautaire verwerving of de invoer van hun vervoermiddel.
Belastingplichtigen mogen de belasting over de toegevoegde waarde die verschuldigd of voldaan is voor aan hen geleverde of te leveren tweedehandse vervoermiddelen door een belastingplichtige wederverkoper niet aftrekken van de belasting die zij verschuldigd zijn, voor zover de levering van deze vervoermiddelen door de belastingplichtige wederverkoper onderworpen is aan de bijzondere regeling van belastingheffing over de winstmarge.
De belastingplichtige wederverkoper kan echter, voor elke levering van tweedehandse vervoermiddelen die aan de bijzondere regeling van belastingheffing over de winstmarge kan worden onderworpen, de normale regeling van de BTW toepassen.
Dit zal normalerwijze gebeuren in samenspraak met de koper die zijn wil te kennen geeft om het tweedehands vervoermiddel aan te kopen met toepassing van de normale regeling, hetzij, indien het gaat om een belastingplichtige, omdat hij zijn recht op aftrek van de belasting wenst uit te oefenen, hetzij, indien het gaat om een invalide of gehandicapte die kan genieten van de teruggaaf van de belasting, omdat hij zijn recht op teruggaaf wenst uit te oefenen.
Hoe dan ook, indien een belastingplichtige koper die gehouden is tot het indienen van de in artikel 53, 3°, van het BTW-Wetboek bedoelde aangifte dit voertuig dat hij heeft gebruikt voor zijn aan de BTW onderworpen activiteit op zijn beurt verkoopt, is de BTW volgens de normale regels verschuldigd, ongeacht of hij het oorspronkelijk heeft aangekocht met toepassing van de bijzondere regeling van belastingheffing over de winstmarge dan wel volgens de normale regeling.
Aangehaalde referentie
Sneltoetsen
Niet actief tijdens het typen in een veld.
- Zoeken in de tekst
- /Ctrl/⌘ F
- Volgende / vorige treffer
- EnterShift Enter
- Volgende / vorige sectie
- JK
- Leesmodus
- L
- Een paneel sluiten
- Esc
De leesmodus verbergt de inhoudsopgave en de kerncijfers, vergroot de tekst en centreert de kolom.