---
title: "Parlementaire vraag 39 · Maatstaf van heffing bij overname van een televisie- of radiotoestel"
description: "Maatstaf van heffing bij overname van een televisie- of radiotoestel. Parlementaire vraag nr. 39 van 15 december 1972 (Belgisch federaal parlement)."
url: "https://juriel.be/nl/parlementaire-vragen/39-maatstaf-heffing-overname-televisie-radiotoestel-179d"
lang: "nl"
fr: "https://juriel.be/fr/questions-parlementaires/39-base-imposition-reprise-appareil-radio-6b2f"
---

# Maatstaf van heffing bij overname van een televisie- of radiotoestel

**Nummer**

39

**Datum**

15 december 1972

## Over het document

**Verzameling**

Parlementaire vragen

**Taal van de tekst**

Nederlands

## Tekst

46 paragrafen

**Vr. en Antw., Kamer**

*Maatstaf van heffing bij overname van een televisie- of radiotoestel*

## **VRAAG**

De regel is dat, bij verkoop aan een particulier van b.v. een kleuren-TV, in geval geen overname van een oud toestel vereist wordt, de verkoopprijs met + 10% gedrukt wordt. In het andere geval echter wordt een netto-prijs bedongen mits overlating door de koper van zijn oude TV. Wat nu dit laatste betreft kunnen er zich twee gevallen voordoen:

1° de overgenomen TV heeft een reële verkoopwaarde;

2° de overgenomen TV heeft geen of een heel beperkte verkoopwaarde.

Nu is de vraag: welk bedrag speelt voor het bepalen van de 25% (inclusief) BTW?

Voor zover ons bekend schijnt de tendens bij uw administratie meer te neigen naar het toepassen van de BTW op het bruto-bedrag, om, bij eventuele verkoop van het overgenomen toestel, nog eens toe te slaan... Zo dit met de werkelijkheid strookt komt dit niet alleen neer op een dubbele taxatie, maar daarenboven op aantasting zelf van het principe zelf van de BTW. Inderdaad zou hier de last niet enkel slaan op de «toegevoegde waarde», doch tevens op de «kostende prijs»!

Laten we het met enkele voorbeelden illustreren, ervan uitgaande dat het om een kleuren-TV gaat met een getekende verkoopprijs van 45.000 F.

| A. Zonder overname | B. Met overname Waarvan overnametoestel |  |  |
| --- | --- | --- | --- |
|  |  | 1° met reële verkoopwaarde | 2° zonder reële verkoopwaarde |
|  | 45.000 | 45.000 | 45.000 |
| Korting + 10% | F 5000 Overname (inbegrepen verkapte korting) | 10.000 | 5000 |
| Verkoopprijs inclusief 25% BTW | 40.000 Door klant op te leggen | 35.000 | 40.000 |

In de gevallen B zal er natuurlijk niet de minste discussie zijn als de BTW zal slaan op de netto-bedragen, zijnde respectievelijk 35.000 F en 40.000 F. Caesar zal echter meer hebben dan hem normaal toekomt, zo de BTW zou dienen berekend op het bruto-bedrag dus op 45.000 F.

Inderdaad zou dan de BTW-druk de volgende zijn:

Geval B 1

a) 25% inclusief op 45.000 F......F

9000

b) verkoopprijs overnametoestel: 5000 (25% incl.)

1000

BTW-druk... F

10.000

Geval B 2

a) 25% inclusief op 45.000 F.....F

9000

b) verkoopprijs overnametoestel: nihil0 (gaat later weg voor «schroot»)........

BTW-druk.........F

9000

In alle hiervoor aangehaalde gevallen die, negatie gemaakt van de BTW, identiek zijn wat het resultaat betreft, zou enkel de interpretatie van de administratie aanleiding geven tot een onderscheiden rendement. Het is U, geachte heer Minister, duidelijk dat daarvan enkel de Staat profijt zou uithalen en dit ten nadele van de belastingplichtige.

Wil de heer Minister ons laten weten of hij zijn Administratie in deze zou volgen en zo ja, of het in zijn bedoeling ligt een economisch onverantwoord standpunt in te nemen?

## **ANTWOORD**

De drie gevallen die door het geacht Lid worden voorgelegd zouden op volkomen identieke wijze worden belast indien de partijen klaar en duidelijk lieten blijken dat telkens een zelfde prijsvermindering van 5000 F wordt toegestaan.

Wanneer echter aan het overgenomen toestel een conventionele waarde van 10.000 F wordt toegekend dan is de BTW noodzakelijkerwijs verschuldigd over het bedrag van 45.000 F BTW inbegrepen. De BTW moet inderdaad geheven worden over het totale bedrag van de prijs en van de lasten en andere prestaties welke de leverancier van het goed aan zijn medecontractant oplegt.

Wat ten slotte de wederverkoop van het overgenomen toestel betreft, daarop is de BTW normaal opnieuw verschuldigd aangezien het gaat om een andere verkoop door een belasting plichtige aan een verbruiker.
