Mandaat. Vereenvoudigde procedures · Parlementaire vragen

Naar de tekst
Juriel

383 20 januari 1993

Zoeken

Mandaat. Vereenvoudigde proceduresBTW. Mandaat. Vereenvoudigde procedures.

https://juriel.be/nl/parlementaire-vragen/383-mandaat-vereenvoudigde-procedures-clippele-lastgeving-0245

Nummer
383
Datum
20 januari 1993

Over het document

Verzameling
Parlementaire vragen
Taal van de tekst
Nederlands

Tekst

14 paragrafen

BTW. - Mandaat. - Vereenvoudigde procedures.

VRAAG

Met de rondzendbrief nr. 27 van 19 november 1975 werd een stelsel ingevoerd waarbij het de lastgever gemachtigd is, ter ontlasting van de makelaar of lasthebber, zelf het document op te maken waarin de verrichting en soms de betaling van de belasting wordt vastgesteld.

Is die rondzendbrief sinds de goedkeuring van het wetboek nog altijd van kracht?

ANTWOORD

In de aanschrijving waarnaar het geacht lid verwijst worden twee stelsels uiteengezet die afwijken van de normale regels inzake de facturerings- en betalingsverplichting op het stuk van de BTW.

1. De inzake facturering in beide stelsels toegestane afwijking behelst dat de factuur die door de belastingplichtige moet worden uitgereikt onder bepaalde voorwaarden mag worden vervangen door een stuk dat wordt opgemaakt door de koper of de afnemer, wanneer die laatste beter in staat is die verplichting na te komen, inzonderheid omdat hij eerder over de nodige elementen beschikt voor het opmaken van het stuk.

Ingevolge de inwerkingtreding van het koninklijk besluit nr. 1, van 29 december 1992, met betrekking tot de regeling voor de voldoening van de belasting over de toegevoegde waarde wordt de in vorige alinea beoogde afwijking vervangen door de regeling vervat in de artikelen 6, § 1 en 12, § 1, van dat besluit wat betreft het uitreiken van het stuk dat de factuur vervangt, en door de regeling vervat in de artikelen 14 en 15 van hetzelfde besluit, wat betreft de opname van de verrichtingen in de boekhouding van de bij handeling betrokken partijen.

De in vorige alinea aangeduide wijze van afrekening kan meer bepaald worden gebruikt in de verschillende toepassingsgevallen opgesomd in de nrs. 11 en 15 van de aanschrijving nr. 27, van 19 november 1975, met uitzondering van de in nummer 15, f), beoogde verkopen door niet-belastingplichtigen. Voor die verkopen moet de koper normaal zelf een stuk opmaken indien hij een belastingplichtige is die de ontvangen goederen voor zijn economische activiteit bestemt (artikel 10 van voormeld koninklijk besluit nr. 1).

De Administratie van de BTW, registratie en domeinen aanvaardt dat de partijen die die wijze van afrekening willen toepassen de in artikel 6, § 1, 2°, van het koninklijk besluit nr. 1 voorgeschreven formaliteit niet moeten vervullen indien zij ingeval van controle kunnen aantonen dat zij al op 31 december 1992 rechtmatig een van de stelsels van voormelde aanschrijving toepassen.

Voormelde bepalingen aangaande de boekhouding hebben inzonderheid tot gevolg dat het stuk dat de factuur vervangt niet moet worden ingeschreven in een factuurboek indien voortaan de betrokkene een belastingplichtige is die de regeling geniet voorzien in artikel 56, § 2, van het BTW-Wetboek en die de bepaling van artikel 14, § 4, van het koninklijk besluit nr. 1 naleeft. Voor de toepassing van artikel 6, § 1, 5°, van dat koninklijk besluit volstaat het dat die belastingplichtige de in die bepaling geciteerde verwijzing naar de inschrijving in het boek voor uitgaande facturen vervangt door de aanduiding van het volgnummer dat hij aan het stuk toekent overeenkomstig artikel 14, § 4, van dat besluit.

Ten slotte dienen de leveranciers en dienstverrichters die ertoe gehouden zijn periodieke aangiften in te dienen overeenkomstig artikel 53, eerste lid, 3°, van het BTW-Wetboek voortaan in die aangiften altijd de maatstaf van heffing van de handelingen op te nemen die worden vastgesteld in het stuk dat de factuur vervangt, terwijl zij voorheen die maatstaf er niet in vermelden wanneer de medecontractant in hun plaats de verschuldigde belasting betaalde.

2. Op het stuk van de betaling voorziet de aanschrijving waarnaar het geacht lid verwijst dat de koper of afnemer de verschuldigde belasting aan de Staat mag betalen in de plaats van de leverancier of dienstverrichter in omstandigheden waarin de betaling door laatstgenoemden op ernstige moeilijkheden stuit, in het bijzonder te wijten aan de occasionele aard van de bedoelde handelingen of aan het bestaan van een bijzondere regeling voor de leverancier of de dienstverrichter.

De in vorige alinea beoogde tolerantie wordt door de Administratie van de BTW, registratie en domeinen herzien in functie van de gewijzigde BTW-wetgeving. Tot het tijdstip van de publikatie van de nieuwe commentaar hieromtrent zal die Administratie geen kritiek uitoefenen wanneer, in de situaties geschetst in nr. 15 van de beoogde aanschrijving nr. 27, de koper of afnemer de verschuldigde belasting betaalt in de plaats van de leverancier of dienstverrichter.

Aangehaalde teksten

7
KB nr. 1 art. 143 voorkomens
KB nr. 1 art. 63 voorkomens
KB nr. 1 art. 101 voorkomen
KB nr. 1 art. 121 voorkomen
KB nr. 1 art. 151 voorkomen
WBTW art. 531 voorkomen
WBTW art. 561 voorkomen