---
title: "Parlementaire vraag 375 · Bijzondere regeling belastingheffing over de winstmarge. Goederen in voorraad bij aanvang"
description: "Bijzondere regeling belastingheffing over de winstmarge. Parlementaire vraag nr. 375 van 1 april 1996 (Belgisch federaal parlement)."
url: "https://juriel.be/nl/parlementaire-vragen/375-bijzondere-regeling-belastingheffing-winstmarge-goederen-4ded"
lang: "nl"
fr: "https://juriel.be/fr/questions-parlementaires/375-regime-particulier-marge-bien-occasion-1320"
---

# Bijzondere regeling belastingheffing over de winstmarge. Goederen in voorraad bij aanvang · Bijzondere regeling belastingheffing over de winstmarge. Goederen in voorraad bij aanvang van de regeling

**Nummer**

375

**Datum**

1 april 1996

## Over het document

**Verzameling**

Parlementaire vragen

**Taal van de tekst**

Nederlands

## Tekst

14 paragrafen

**Vr. en Antw., Kamer, nr. 35, 1995-1996, blz. 4473-4474.**

**BTW-Revue nr. 122, blz. 570**

*Bijzondere regeling belastingheffing over de winstmarge - Goederen in voorraad bij aanvang van de regeling*

## **VRAAG**

Naar aanleiding van de recente toepassing van de bijzondere regeling van belastingheffing over de winstmarge voor gebruikte goederen, kunstvoorwerpen, verzamelingen en antiek, regeling voorzien in het BTW-wetboek (artikel 58, § 4) en de aanschrijving nr. 1 van 1995 rijzen verschillende problemen. Bij de berekening van het vierde kwartaal 1995 dient voor het bepalen van de maatstaf van heffing met de verkopen en de aankopen van het ganse jaar rekening gehouden te worden.

Mag de belastingplichtige ook de begininventaris, op 1 januari 1995, tijdig overgemaakt aan de controle zoals voorzien in voornoemde aanschrijving, verrekenen - om de verkochte aankopen te bepalen - in dat kwartaal, als hij de vereenvoudigingsmaatregel toepast zoals omschreven in de aanschrijving onder nrs. 150 en 152 ?

## **ANTWOORD**

Bij de inwerkingtreding op 1 januari 1995 van de bijzondere regeling van belastingheffing over de winstmarge, bedoeld in [artikel 58, § 4, van het BTW-wetboek](https://juriel.be/nl/wetboeken/btw/artikel-58), diende te worden nagegaan of de bestaande voorraad goederen (kunstvoorwerpen, voorwerpen voor verzamelingen en antiquiteiten, tweedehandse goederen, van belastingplichtigen niet-houders van de vergunning, beoogd in artikel 58, § 4 (oud) van het wetboek) door de belastingplichtige wederverkopers kon worden opgenomen in de bijzondere regeling, en zo ja, onder welke voorwaarden.

De toepassing van de bijzondere regeling van belastingheffing over de winstmarge vereist de vervulling van verschillende voorwaarden en modaliteiten, die onder meer betrekking hebben op de aard en de herkomst van de geleverde goederen.

Het lag dus voor de hand dat de belastingplichtige wederverkopers werd gevraagd een inventaris in te dienen van de goederen die door hen in de bijzondere regeling zouden kunnen worden opgenomen. In deze inventaris konden enkel deze goederen worden opgenomen waarvan de belastingplichtige wederverkoper kon aantonen dat hij ze had verworven onder de voorwaarden die de toepassing van de winstmargeregeling toelaten.

Aangezien het achterhalen van de herkomst van de goederen in voorraad voor sommige beroepssectoren moeilijk, zoniet onmogelijk was, hetgeen begrijpelijk is indien we te maken hebben met een stockopbouw die zich over vele jaren kan situeren en waarvan de meeste goederen afkomstig zijn van niet-belastingplichtige natuurlijke personen, situatie waarvoor in de normale regeling van de belasting, vσσr 1 januari 1993, geen verplichting bestond tot uitreiking van een stuk aan de leverancier niet-belastingplichtige, werd er derhalve, ten behoeve van de belastingplichtige wederverkopers, beslist om, naast de mogelijkheid van de indiening van een inventaris verbonden aan strikte voorwaarden, een vereenvoudigingsmaatregel voorop te stellen.

Indien de belastingplichtige wederverkopers gebruik wensten te maken van deze vereenvoudigingsmaatregel, welke is weergegeven onder de nrs. 150 en 152 van de [aanschrijving nr. 1/1995](https://juriel.be/nl/omzendbrieven/1-1995-aanschrijving-bien-occasion-objet-art-9822), dienden ze een lijst in te dienen van de goederen in voorraad op 31 december 1994, goederen welke volgens hun aard bedoeld dienen te zijn in de bijzondere margeregeling maar zonder de herkomst van de goederen te moeten aanduiden.

Voornoemde vereenvoudigingsmaatregel verschilt dan ook fundamenteel van de methode waarbij een inventaris diende te worden ingediend, daar al de goederen die op de lijst voorkomen in feite aan een specifieke regeling zijn onderworpen, die zich onderscheidt van de bijzondere regeling van belastingheffing over de winstmarge.

De goederen die op de lijst voorzien in de vereenvoudigingsmaatregel voorkomen mogen niet in het aankoopregister worden ingeschreven. De jaarlijkse regularisatie is er niet op toepasselijk, zodat ze derhalve niet in aanmerking mogen worden genomen voor het bepalen van de verkochte aankopen.

## Aangehaalde teksten

1

[WBTW art. 58](https://juriel.be/nl/wetboeken/btw/artikel-58) 1 voorkomen
