---
title: "Parlementaire vraag 37 · Aftrek van voorbelasting. Facturering. Opgeven van een verkeerd BTW"
description: "Aftrek van voorbelasting. Facturering. Opgeven van een verkeerd BTW. Parlementaire vraag nr. 37 van 20 juli 1995 (Belgisch federaal parlement)."
url: "https://juriel.be/nl/parlementaire-vragen/37-aftrek-voorbelasting-facturering-opgeven-verkeerd-6697"
lang: "nl"
fr: "https://juriel.be/fr/questions-parlementaires/37-deduction-facture-identification-representant-van-73f2"
---

# Aftrek van voorbelasting. Facturering. Opgeven van een verkeerd BTW · Aftrek van voorbelasting. Facturering. Opgeven van een verkeerd BTW- identificatienummer. Aansprakelijkheid.

**Nummer**

37

**Datum**

20 juli 1995

## Over het document

**Verzameling**

Parlementaire vragen

**Taal van de tekst**

Nederlands

## Tekst

15 paragrafen

**Vr. en Antw., Kamer, 1995-1996, nr. 8, blz. 711-712.**

**BTW-Revue nr. 119, blz. 86**

*Aftrek van voorbelasting. - Facturering. - Opgeven van een verkeerd BTW- identificatienummer. - Aansprakelijkheid.*

## **VRAAG**

[Artikel 45, § 1, van het BTW-wetboek](https://juriel.be/nl/wetboeken/btw/artikel-45) stipuleert dat de belastingplichtige op de belasting die hij verschuldigd is, de belasting geheven van de aan hem geleverde goederen en verleende diensten in aftrek mag brengen voor zover hij die goederen en diensten gebruikt voor het verrichten van handelingen die aan de belasting onderworpen zijn.

Overeenkomstig [artikel 3 van het koninklijk besluit nr. 3](https://juriel.be/nl/wetboeken/btw/koninklijke-besluiten/ar-3-artikel-historiek-236d) van 10 december 1969 moet de belastingplichtige, om zijn recht op aftrek te kunnen uitoefenen, in het bezit zijn van een factuur opgemaakt overeenkomstig [artikel 5 van het koninklijk besluit nr. 1](https://juriel.be/nl/wetboeken/btw/koninklijke-besluiten/ar-1-artikel-6caa) van 29 december 1992.

Dat artikel preciseert dat de factuur een aantal gegevens moet bevatten, zoals het BTW-identificatienummer.

Indien een belastingplichtige een factuur ontvangt van een Belgische leverancier, die alle wettelijke verplichtingen krachtens [artikel 5 van het koninklijk besluit nr. 1](https://juriel.be/nl/wetboeken/btw/koninklijke-besluiten/ar-1-artikel-6caa) van 29 december 1992 bevat, en achteraf blijkt dat het BTW-identificatienummer opgegeven door de leverancier niet bestaat, geschrapt werd op datum van het uitreiken van de factuur, of hem niet toebehoort, kan de administratie het recht op aftrek dan weigeren aan de belastingplichtige overeenkomstig [artikel 45, § 1, BTW-wetboek](https://juriel.be/nl/wetboeken/btw/artikel-45)?

## **ANTWOORD**

Overeenkomstig het bepaalde in [artikel 53, eerste lid, 2°, van het BTW-Wetboek](https://juriel.be/nl/wetboeken/btw/artikel-53) en in [artikel 1, § 1, van het koninklijk besluit nr. 1](https://juriel.be/nl/wetboeken/btw/koninklijke-besluiten/ar-1-artikel-a7a5) van 29 december 1992 met betrekking tot de regeling voor de voldoening van de belasting over de toegevoegde waarde, is iedere belastingplichtige, behalve hij die geen recht op aftrek heeft, gehouden een factuur uit te reiken voor leveringen van goederen of diensten die hij verricht.

Zoals het geacht lid opmerkt, moet op deze factuur, overeenkomstig de bepalingen van [artikel 5, § 1, 2°](https://juriel.be/nl/wetboeken/btw/koninklijke-besluiten/ar-1-artikel-6caa), van voormeld koninklijk besluit nr. 1, het BTW-identificatienummer van de belastingplichtige leverancier/dienstverrichter voorkomen. Het opnemen van deze vermelding is bijgevolg een verplichting die berust bij de persoon die de factuur opmaakt, dit wel zeggen bij de leverancier van de goederen of bij de dienstverrichter.

Evenwel, in de veronderstelling dat de leverancier van de goederen of de dienstverrichter op grond van [artikel 51, § 1, 1°, van het BTW- Wetboek](https://juriel.be/nl/wetboeken/btw/artikel-51) schuldenaar is van de belasting, kan het uitreiken van een onregelmatige factuur, inzonderheid ten aanzien van het BTW- identificatienummer van de betrokken partijen of van één van hen, effectief gevolgen hebben voor de medecontractant. Inderdaad is laatstgenoemde enerzijds, bij toepassing van [artikel 51bis, § 1, 1°, van het BTW-Wetboek](https://juriel.be/nl/wetboeken/btw/artikel-51bis), tegenover de Staat hoofdelijk gehouden tot voldoening van de over de handeling verschuldigde belasting en kan hij anderzijds een boete oplopen op grond van artikel 70, § 1 of § 2 van het wetboek.

Bij de toepassing van voormelde bepalingen wordt evenwel enige soepelheid aan de dag gelegd aangezien de administratie geval per geval beslist, daarbij rekening houdend met alle juridische en feitelijke omstandigheden van de zaak.

Het spreekt vanzelf dat het recht op aftrek wordt geweigerd ten aanzien van fictieve facturen, m.a.w. facturen waaraan geen effectieve belastbare handelingen ten grondslag liggen.

Het is immers zo dat volgens een constante rechtspraak het recht op aftrek van voorbelasting slechts kan worden uitgeoefend wanneer die belasting wettelijk verschuldigd is, hetgeen insluit dat daadwerkelijke leveringen of dienstverrichtingen hebben plaatsgevonden die de belasting opeisbaar maken.

## Aangehaalde teksten

7

[KB nr. 1 art. 5](https://juriel.be/nl/wetboeken/btw/koninklijke-besluiten/ar-1-artikel-6caa) 3 voorkomens

[WBTW art. 45](https://juriel.be/nl/wetboeken/btw/artikel-45) 2 voorkomens

[KB nr. 1 art. 1](https://juriel.be/nl/wetboeken/btw/koninklijke-besluiten/ar-1-artikel-a7a5) 1 voorkomen

[KB nr. 3 art. 3](https://juriel.be/nl/wetboeken/btw/koninklijke-besluiten/ar-3-artikel-historiek-236d) 1 voorkomen

[WBTW art. 51](https://juriel.be/nl/wetboeken/btw/artikel-51) 1 voorkomen

[WBTW art. 51bis](https://juriel.be/nl/wetboeken/btw/artikel-51bis) 1 voorkomen

[WBTW art. 53](https://juriel.be/nl/wetboeken/btw/artikel-53) 1 voorkomen
