---
title: "Parlementaire vraag 361 · Genderdiscriminatie btw tarief kappers"
description: "Genderdiscriminatie btw tarief kappers, forfaitaire regeling voor kappers. Parlementaire vraag nr. 361 van 9 april 2021 (Belgisch federaal parlement)."
url: "https://juriel.be/nl/parlementaire-vragen/361-genderdiscriminatie-btw-tarief-kappers-nathalie-d10b"
lang: "nl"
fr: "https://juriel.be/fr/questions-parlementaires/361-discrimination-genre-chez-coiffeurs-rapport-d033"
---

# Genderdiscriminatie btw tarief kappers

**Nummer**

361

**Datum**

9 april 2021

## Over het document

**Verzameling**

Parlementaire vragen

**Taal van de tekst**

Nederlands

## Tekst

20 paragrafen

Parlementaire vraag nr. 361 van mevrouw Nathalie Muylle d.d. 09.04.2021

**Kamer, Vragen en Antwoorden, 2020-2021, QRVA 55/052 d.d. 18.05.2021, blz. 208**

Vraag nr. 361 van mevrouw de volksvertegenwoordiger Nathalie Muylle van 09 april 2021 (N.) aan de vice-eersteminister en minister van Financiën, belast met de Coördinatie van de fraudebestrijding:

*Genderdiscriminatie btw tarief kappers.*

## **VRAAG**

Eind 2019 werd mij als toenmalige minister in de commissie Gezondheid en Gelijke Kansen de vraag gesteld of ik van plan was discriminatie bij kappers op basis van geslacht aan te pakken.

In mijn antwoord vertelde ik dat er in België duidelijke anti-discriminatiewetgeving geldt en dat aldus de genderwet dan ook duidelijk discriminatie op basis van geslacht/ genderidentiteit verbiedt. Zo zei ik ook dat ik een sterk voorstander ben van tarifering per aangeboden dienst en niet louter op basis van geslacht. Iedereen moet immers een kapsel naar keuze kunnen krijgen tegen een prijs die verband houdt met de effectieve werktijd en complexiteit en niet met het geslacht.

Aangezien de sector in 2004 een collectieve arbeidsovereenkomst sloot waarbij ze zich hadden voorgenomen elk ongewenst onderscheid op basis van geslacht te voorkomen en te bestrijden, zei ik dan ook dat ik ervan overtuigd was dat de sector op dit vlak z'n verantwoordelijkheid zou nemen.

Het probleem blijkt echter te liggen op het niveau van fiscaliteit. In de forfaitaire fiscaliteit maakt men een verschil tussen mannen en vrouwen en dat zou de reden zijn waarom het prijsverschil tussen mannen en vrouwen vandaag nog steeds bestaat bij kappers. Nog 10 % van de kappers - meestal exclusieve heren- en dameskappers - kiest namelijk voor een forfaitaire berekening in plaats van een berekening op basis van hun werkelijke inkomsten. De fiscus bepaalt dan zelf de forfaitaire prijs voor een dames- en herencoupe, waarbij de damescoupe veel duurder is. Het prijsverschil tussen mannen en vrouwen zou dus te wijten zijn aan verschillende belastingtarieven.

**1.** Wat is de stand van zaken in dit dossier?

**2.** Hoe staat u tegenover dergelijke gender discriminerende forfaitaire belastingtarieven en bent u van plan hier actie voor te ondernemen?

## **ANTWOORD**

**van de vice-eersteminister en minister van Financiën, belast met de Coördinatie van de fraudebestrijding van 17.05.2021:**

Forfaitaire grondslagen die bij toepassing van [artikel 56, van het Btw-Wetboek](https://juriel.be/nl/wetboeken/btw/artikel-56) voor kleine ondernemingen actief in bepaalde bedrijfssectoren worden voorzien na overleg met de betrokken bedrijfsgroeperingen, maken het mogelijk de belastbare omzet van de belastingplichtige eenvoudig te bepalen in de gevallen waarin die omzet niet blijkt uit facturen of andere bewijskrachtige gegevens. Dergelijke forfaitaire grondslagen van aanslag zijn voorzien voor de kappers en worden jaarlijks op voorhand en in samenspraak met de kapperssector door de administratie bepaald.

Om de prijs van de "typedienst" te bepalen die in aanmerking moet genomen worden voor de berekening van de forfaitaire ontvangsten inzake btw van een kapper worden de werkelijke van toepassing zijnde prijzen vermenigvuldigd met coëfficiënten die in het berekeningsblad zijn voorzien. Bij de berekening van die forfaitaire ontvangsten spelen nog andere factoren overigens een rol, zoals bijvoorbeeld de leeftijd van de patroon en of er met personeel wordt gewerkt of niet.

In eerste instantie liggen de werkelijke prijzen van de diverse types van kappersbeurten aan de basis van de forfaitaire berekening. Deze werkelijke prijzen verschillen weliswaar naar gelang het geslacht, maar zijn vooral afhankelijk van de winstmarge die de exploitant wenst te nemen, de complexiteit en de duur van de prestatie en van de algemene onkosten (personeel, verzorgingsproducten, energie, water, afschrijving materieel, huur gebouw, enz.) die worden doorgerekend in de prijzen.

Daarnaast spelen ook nog andere factoren een rol bij het bepalen van deze prijzen, ervaring en geschooldheid van de patroon en personeel, de ligging van de kapperszaak (stad, dorp, platteland, enz. ), de concurrentie met andere kapperszaken in de buurt, de kwaliteit van de geleverde prestaties, enz.

Het is een feit dat de te hanteren coëfficiënten verschillen naar gelang het type van kappersbeurt verstrekt aan een vrouw of een man.

Dit volgt echter uit de elementen meegedeeld door de kapperssector zelf. Immers, in vergelijking met een man duurt een "typedienst" bij een vrouw over het algemeen veel langer (meer manuren) en worden veelal meer water, producten en energie verbruikt. Forfaitaire grondslagen zijn dan ook gebaseerd op hetgeen het meest voorkomt.

Samengevat komt het verschil tussen de forfait kapper voor heren en dames hoofdzakelijk voort uit het feit dat de werkelijke prijzen en de "typedienst" voor een vrouw of een man verschilt.

Het aantal belastingplichtigen die nog gebruik maken van deze forfaits is zeer beperkt en verloopt steeds verder in dalende lijn. Daarom zijn de werkelijke prijzen die momenteel gehanteerd worden, slechts in beperkte mate beïnvloed door de forfaitaire berekening.

## Aangehaalde teksten

1

[WBTW art. 56](https://juriel.be/nl/wetboeken/btw/artikel-56) 1 voorkomen
