---
title: "Parlementaire vraag 330 · Diensten geleverd aan een buitenlandse belasting plichtige waarbij er maakloonwerk verricht wordt"
description: "Werk aan een roerend goed dat materieel in België plaatsvindt, moet verplicht in de Belgische btw-aangifte worden opgenomen."
url: "https://juriel.be/nl/parlementaire-vragen/330-diensten-geleverd-buitenlandse-belasting-plichtige-bce5"
lang: "nl"
fr: "https://juriel.be/fr/questions-parlementaires/330-services-fournis-assujetti-etranger-procedant-f0f3"
---

# Diensten geleverd aan een buitenlandse belasting plichtige waarbij er maakloonwerk verricht wordt · Btw. - Diensten geleverd aan een buitenlandse belasting plichtige waarbij er maakloonwerk verricht wordt in België.

**Nummer**

330

**Datum**

30 maart 2021

## Over het document

**Verzameling**

Parlementaire vragen

**Taal van de tekst**

Nederlands

## Tekst

21 paragrafen

Parlementaire vraag nr. 330 van de heer Josy Arens d.d. 30.03.2021

**Kamer, Vragen en Antwoorden, 2020-2021, QRVA 55/052 d.d. 18.05.2021, blz. 179**

Vraag nr. 330 van de heer volksvertegenwoordiger Josy Arens van 30 maart 2021 (Fr.) aan de vice-eersteminister en minister van Financiën, belast met de Coördinatie van de fraudebestrijding:

*Btw. - Diensten geleverd aan een buitenlandse belastingplichtige waarbij er maakloonwerk verricht wordt in België.*

## **VRAAG**

Het antwoord op mijn [vraag nr. 158 van 28 december 2020](https://juriel.be/nl/parlementaire-vragen/158-aanrekening-belgische-btw-plaatsbepaling-dienstverlening-d059) (Schriftelijke vragen en antwoorden, Kamer, 2020- 2021, nr. 36) heeft in de betrokken beroepskringen verschillende reacties teweeggebracht.

In de eerste plaats antwoordt u zeer terecht dat, wanneer een in België gevestigde als zodanig handelende belastingplichtige een dienst van maakloonwerk verricht voor een uitsluitend in een andere lidstaat gevestigde als zodanig handelende belastingplichtige, die dienst overeenkomstig [artikel 21, § 2 van het Btw-Wetboek](https://juriel.be/nl/wetboeken/btw/artikel-21) geacht wordt plaats te vinden in laatstgenoemde lidstaat. Aangezien de dienst in dat geval niet in België plaatsvindt, is deze in principe niet aan de btw onderworpen in België. Hetzelfde principe geldt wanneer een in België gevestigde als zodanig handelende belastingplichtige een dienst van goederenvervoer of een dienst van expertise met betrekking tot lichamelijke roerende goederen verricht voor een uitsluitend in een andere lidstaat gevestigde als zodanig handelende belastingplichtige. Het enkele feit dat die afnemer in België over een rechtstreekse btw-identificatie zou beschikken zonder er gevestigd te zijn, heeft op zich geen invloed op de toepassing van [artikel 21, § 2 van het Btw-Wetboek](https://juriel.be/nl/wetboeken/btw/artikel-21).

Daarentegen is het wenselijk een en ander nader toe te lichten wanneer u verklaart dat de in een andere lidstaat gevestigde buitenlandse belastingplichtige die in België over een rechtstreekse btw-identificatie beschikt, de inkomende handelingen die plaatsvinden in het buitenland slechts dient op te nemen in de boekhouding bijgehouden voor de toepassing van de Belgische wetgeving wanneer ze een rechtstreekse link hebben met de daarin opgenomen uitgaande handelingen.

**1.** Wanneer u zegt dat handelingen die een rechtstreekse link hebben met de in de boekhouding opgenomen uitgaande handelingen ook opgenomen moeten worden in de Belgische vereenvoudigde btw-boekhouding voor niet in België gevestigde belastingplichtigen en zonder dat er btw verschuldigd is (zelfs potentieel, zoals het geval is voor goederenbewegingen), kunt u dan preciseren naar welke Belgische wetgeving en welk artikel daarin u verwijst?

**2.** Als ik u goed begrijp, moeten facturen die door een Belgische boekhouder (of een verlener van een andere dienst, zoals transport, analyse, verwerking enz.) verzonden worden aan een in het buitenland gevestigde belastingplichtige (die geen vestiging in België heeft) en die in België maakloonwerk laat verrichten, een eerste keer in de boekhouding opgenomen worden in het buitenland (land van de zetel), waar er zal overgegaan worden tot een verlegging, en vervolgens een tweede keer in de Belgische vereenvoudigde btw-boekhouding, waar er geen verlegging zal toegepast worden. Klopt dat?

**3.** Aangezien uit uw antwoord op mijn vraag nr. 158 blijkt dat de factuur die door de Belgische dienstverlener aan de buitenlandse belastingplichtige uitgereikt wordt onder zijn buitenlandse btw-nummer, ook opgenomen moet worden in de Belgische vereenvoudigde btw-boekhouding van laatstgenoemde belastingplichtige, ook als er (zelfs potentieel) geen Belgische btw verschuldigd of aftrekbaar is, mag er dan logischerwijze geconcludeerd worden dat die factuur niet opgenomen moet worden in een periodieke aangifte van die buitenlandse belastingplichtige in België?

## **ANTWOORD**

**van de vice-eersteminister en minister van Financiën, belast met de Coördinatie van de fraudebestrijding van 17.05.2021:**

Voor de correcte toepassing van de Belgische reglementering zijn de volgende regels van toepassing voor wat betreft de handelingen, op te nemen in de boekhouding en in de periodieke btw-aangifte van een niet in België gevestigde, maar in een andere lidstaat van de Europese Unie gevestigde belastingplichtige die in België een rechtstreekse btw-identificatie geniet.

Voor wat betreft de inkomende handelingen, moet die belastingplichtige, in zijn boekhouding en in zijn periodieke btw-aangifte, de handelingen die plaatsvinden in België waarvoor hij de schuldenaar is van de btw, met inbegrip van de handelingen vrijgesteld door de artikelen [39](https://juriel.be/nl/wetboeken/btw/artikel-39) tot [42](https://juriel.be/nl/wetboeken/btw/artikel-42) van het Btw-Wetboek, evenals de handelingen die plaatsvinden in België waarvoor de leverancier/dienstverrichter hem een Belgische btw in rekening heeft gebracht en waarvoor hij zijn recht op aftrek uitoefent, verplicht opnemen.

Voor wat betreft de uitgaande handelingen, moet die belastingplichtige, in zijn boekhouding en in zijn periodieke btw-aangifte, de handelingen die plaatsvinden in België waarvoor hij de schuldenaar is van de Belgische btw, met inbegrip van de handelingen die vrijgesteld zijn door de artikelen [39](https://juriel.be/nl/wetboeken/btw/artikel-39) tot [42](https://juriel.be/nl/wetboeken/btw/artikel-42) van het Btw-Wetboek, verplicht opnemen.

Bijgevolg moeten de inkomende handelingen die niet plaatsvinden in België en de uitgaande handelingen die hetzij plaatsvinden in België, maar waarvoor hij niet de schuldenaar van de btw is, hetzij plaatsvinden in het buitenland, in principe niet worden opgenomen in de boekhouding en de periodieke btw-aangifte van die niet in België gevestigde belastingplichtige.

Echter, vanuit een oogpunt van coherentie, moet die belastingplichtige in zijn boekhouding en periodieke btw-aangifte eveneens enerzijds elke andere inkomende handeling die plaatsvindt in het buitenland die een directe link heeft met de uitgaande handelingen die hij verplicht moet inschrijven in zijn Belgische boekhouding en periodieke btw-aangifte en anderzijds elke andere uitgaande handeling die plaatsvindt in België of in het buitenland die een directe link heeft met de inkomende handelingen die hij verplicht moet inschrijven in zijn Belgische boekhouding en periodieke btw-aangifte. Het doel van deze bijkomende inschrijving, waarvan de principes opgenomen zijn in de [circulaire nr. 4 van 04.03.2003](https://juriel.be/nl/omzendbrieven/4-2003-representant-responsable-assujetti-etranger-etablissement-4733) (E.T. 103.925), bestaat erin toe te laten aan de administratie om die handelingen op te volgen en aan de buitenlandse belastingplichtige om zijn recht op aftrek langs inkomende kant te kunnen rechtvaardigen.

De voorbeelden hieronder illustreren het begrip "directe link" tussen de inkomende handelingen en de uitgaande handelingen, verricht door een in een andere lidstaat gevestigde buitenlandse belastingplichtige die beschikt over een rechtstreekse btw-identificatie in België. In dit verband kunnen de diensten van een Belgische boekhouder voor een buitenlandse belastingplichtige niet direct worden gelinkt aan een inkomende of een uitgaande handeling en worden ze dus nooit beoogd.

\- Een buitenlandse belastingplichtige met rechtstreekse identificatie in België verricht bij zijn klant, een in België gevestigde belastingplichtige, een werk aan een roerend goed. De buitenlandse belastingplichtige koopt in België de voor zijn dienst noodzakelijke materialen. De levering van de materialen is een interne levering in België en maakt de Belgische btw opeisbaar. Gelet op het feit dat het een handeling betreft waarvoor hem een Belgische btw in rekening werd gebracht, moet de buitenlandse belastingplichtige die aankoop opnemen in zijn Belgische boekhouding en periodieke btw-aangifte. De uitgaande handeling is een handeling die plaatsvindt in België waarvoor de buitenlandse belastingplichtige niet de schuldenaar is van de btw. Hij moet die handeling evenwel opnemen in zijn periodieke btw-aangifte, als een handeling waarvoor zijn klant de schuldenaar van de btw is, omdat er een directe link bestaat tussen de aankoop van de materialen en het werk aan een roerend goed.

\- Een Belgische, btw-plichtige klant verzendt materialen naar Frankrijk aan een Franse belastingplichtige, die in België beschikt over een rechtstreekse identificatie, met het oog op een maakloonwerk. De Franse belastingplichtige doet beroep op een Belgische vervoerder voor het vervoer van de goederen in eerste instantie van België naar Frankrijk en in tweede instantie van Frankrijk naar België en koopt in Frankrijk materialen aan om het maakloonwerk te verrichten. Dat maakloonwerk vindt plaats in België volgens de algemene regel bedoeld in [artikel 21, § 2, van het Btw-Wetboek](https://juriel.be/nl/wetboeken/btw/artikel-21) en de Belgische klant is, overeenkomstig [artikel 51, § 2, 1°, van het Btw-Wetboek](https://juriel.be/nl/wetboeken/btw/artikel-51), de wettelijke schuldenaar van de btw. De Franse belastingplichtige moet noch de inkomende handelingen vermits ze plaatsvinden in het buitenland (vervoer van de goederen en aankoop van materialen), noch de uitgaande handeling die plaatsvindt in België (maakloonwerk) omdat hij niet de schuldenaar is van de btw over die handeling, opnemen in zijn Belgische boekhouding en periodieke btw-aangifte.

\- Een buitenlandse belastingplichtige, gevestigd in Frankrijk, met rechtstreekse btw-identificatie in België, verricht bij zijn klant, een in België gevestigde niet-belastingplichtige particulier, een werk aan een roerend goed. De buitenlandse belastingplichtige koopt in België de voor zijn dienst noodzakelijke materialen. Hij doet beroep op een Belgische vervoerder voor het vervoer van de materialen van de vestiging van zijn Belgische leverancier tot bij zijn klant. De levering van de materialen (interne levering in België die Belgische btw opeisbaar maakt) en het werk aan een roerend goed (dienst die plaatsvindt in België op de plaats waar de dienst materieel wordt verricht ([artikel 21bis, § 2, 6°, van het Btw-Wetboek](https://juriel.be/nl/wetboeken/btw/artikel-21bis)) en waarvoor de dienstverrichter de schuldenaar van de btw is ([artikel 51, § 1, 1°, van het Btw-Wetboek](https://juriel.be/nl/wetboeken/btw/artikel-51))) moeten verplicht worden ingeschreven in de Belgische boekhouding en de periodieke btw-aangifte. De vervoerdienst vindt plaats in Frankrijk volgens de algemene regel bedoeld in [artikel 21, § 2, van het Btw-Wetboek](https://juriel.be/nl/wetboeken/btw/artikel-21). Omdat ze evenwel een directe link heeft met de inkomende handeling (aankoop van materialen) en de uitgaande handeling (werk aan roerende goederen), moet die dienst worden ingeschreven in de Belgische boekhouding en periodieke btw-aangifte.

## Aangehaalde teksten

5

[WBTW art. 21](https://juriel.be/nl/wetboeken/btw/artikel-21) 4 voorkomens

[WBTW art. 39](https://juriel.be/nl/wetboeken/btw/artikel-39) 2 voorkomens

[WBTW art. 42](https://juriel.be/nl/wetboeken/btw/artikel-42) 2 voorkomens

[WBTW art. 51](https://juriel.be/nl/wetboeken/btw/artikel-51) 2 voorkomens

[WBTW art. 21bis](https://juriel.be/nl/wetboeken/btw/artikel-21bis) 1 voorkomen
