Vr. en Antw., Kamer, 1995-1996, nr. 29, blz. 3508-3509
BTW-Revue nr. 122, blz. 540
Diensten verleend door slachthuizen - Instituut voor veterinaire keuring - Maatstaf van heffing - Facturering.
VRAAG
Op basis van de wet van 14 juli 1994 betreffende de financiering van het Instituut voor veterinaire keuring (IVK) (vroeger geregeld door het koninklijk besluit van 4 juli 1986 betreffende de rechten bestemd om de kosten te dekken van de keuring, de gezondheidsonderzoeken en controles van slachtvlees, vlees van gevogelte en vis en latere besluiten) innen onder meer de slachthuizen die onder het toepassingsgebied vallen van de wet van 5 september 1952 betreffende de vleeskeuring en de vleeshandel, keur- en controlerechten voor rekening van het IVK (artikel 8, § 4). Op basis van bedoelde wet (artikel 9) werd voor de slachthuizen bij ministerieel besluit van 19 april 1988 tot vaststelling van het percentage waarmee de rechten kunnen verminderd worden die door de slachthuizen aan het IVK gestort worden (artikel 1), in een vergoeding van 3 % op het totaal van de geïnde rechten voorzien voor:
1. het verrichten van de inning van de bedoelde rechten;
2. het materiaal en de uitrusting die zij de keurder ter beschikking stellen voor de uitvoering van zijn keuringsopdracht evenals het onderhoud ervan zoals het reinigen van de beschermkledij.
Bij de maandelijkse afrekeningen aan het IVK wordt bedoelde vergoeding in mindering gebracht van het totaalbedrag van de keur- en controlerechten (op de hiervoor specifiek bedoelde formulieren "maandstaat van de rechten").
Sommige bedrijven werden reeds door het ministerie van Financiën op basis van een BTW-controle beboet, omdat bedoelde vergoeding niet werd gefactureerd aan het IVK en er geen BTW werd geheven (19,5 %) op het aan het IVK aangerekende bedrag.
Dezelfde bedrijven, die gevolg gaven aan deze eis vanwege het ministerie van Financiën, stelden vast dat het IVK deze werkwijze dan weer niet aanvaardt, met de melding dat in het vermeld percentage van 3 % de BTW-heffing reeds begrepen is. Dit is evenwel tegenstrijdig met bedoelde wet en het ministerieel besluit ter zake.
Welke werkwijze moeten de slachthuizen concreet volgen om op een correcte wijze de afrekeningen te kunnen verrichten ?
ANTWOORD
Op grond van artikel 1 van het ministerieel besluit van 19 april 1988 tot vaststelling van het percentage waarmee de rechten kunnen verminderd worden die door de slachthuizen aan het Instituut voor veterinaire keuring gestort worden, wordt aan de slachthuizen die onder het toepassingsgebied vallen van de wet van 5 september 1952 betreffende de vleeskeuring en de vleeshandel een vergoeding van 3 % toegekend om de kosten te dekken van de keuringen, gezondheidsonderzoeken en -controles van slachtvlees, vlees van gevogelte en vis.
Deze vergoeding wordt geacht de tegenprestatie te zijn van de diensten die door bovenbedoelde slachthuizen worden verleend aan het Instituut voor veterinaire keuring. Deze diensten zijn bedoeld in artikel 18, § 1, tweede lid, 1° en 4° en § 2, van het BTW-wetboek die aan de BTW zijn onderworpen tegen het normale BTW-tarief dat thans 21 % bedraagt (zie beslissing van 8 januari 1987, nr. E.T. 57.458, laatste lid, BTW- Revue nr. 76, blz. 160, nr. 869).
Anderzijds bevat het BTW-wetboek geen enkele bepaling om uit te maken of de ten aanzien van een belastbare dienst verschuldigde BTW al dan niet begrepen is in de prijs van de dienst. Ter zake zijn ofwel de tussen de partijen gesloten overeenkomst bepalend ofwel de wettelijke regels die in voorkomend geval de vergoeding vaststellen.
Aangezien genoemd ministerieel besluit van 19 april 1988 ter zake wel de vergoeding vaststelt maar geenszins bepaalt of die vergoeding inclusief dan wel exclusief BTW is, wordt er van uitgegaan dat die vergoeding die is vastgesteld op 3 % van de rechten geacht normaal de verschuldigde BTW niet te bevatten, tenzij uiteraard de betrokken partijen daaromtrent anders zijn overeengekomen.
Tenslotte zijn de slachthuizen op grond van artikel 1, § 1, van het koninklijk besluit nr. 1 van 29 december 1992 met betrekking tot de regeling voor de voldoening van de belasting over de toegevoegde waarde gehouden aan hun medecontractant, met name het Instituut voor veterinaire keuring, een factuur uit te reiken.
Aangehaalde referentie
Sneltoetsen
Niet actief tijdens het typen in een veld.
- Zoeken in de tekst
- /Ctrl/⌘ F
- Volgende / vorige treffer
- EnterShift Enter
- Volgende / vorige sectie
- JK
- Leesmodus
- L
- Een paneel sluiten
- Esc
De leesmodus verbergt de inhoudsopgave en de kerncijfers, vergroot de tekst en centreert de kolom.