---
title: "Parlementaire vraag 29 · Openbare instellingen. Belastingplicht. RVA T-dienst. Concurrentieverstoring ten aanzien van privé-uitzendbureaus gemilderd"
description: "Openbare instellingen. Belastingplicht. RVA T-dienst. Parlementaire vraag nr. 29 van 29 april 1988 (Belgisch federaal parlement)."
url: "https://juriel.be/nl/parlementaire-vragen/29-openbare-instellingen-belastingplicht-rva-dienst-e71b"
lang: "nl"
fr: "https://juriel.be/fr/questions-parlementaires/29-assujettissement-organismes-publics-distorsion-concurrence-4ded"
---

# Openbare instellingen. Belastingplicht. RVA T-dienst. Concurrentieverstoring ten aanzien van privé-uitzendbureaus gemilderd · Openbare instellingen. Belastingplicht. RVA T-dienst. Concurrentieverstoring ten aanzien van privé-uitzendbureaus gemilderd door het aftrekmechanisme van de BTW

**Nummer**

29

**Datum**

29 april 1988

## Over het document

**Verzameling**

Parlementaire vragen

**Taal van de tekst**

Nederlands

## Tekst

11 paragrafen

**Vr. en Antw., Kamer, 1988, nr. 013 , blz. 820**

*Openbare instellingen - Belastingplicht - RVA T-dienst - Concurrentieverstoring ten aanzien van privé-uitzendbureaus gemilderd door het aftrekmechanisme van de BTW*

## **VRAAG**

De Rijksdienst voor arbeidsbemiddeling beschikt over een T-dienst en kan dan tijdelijk werk bezorgen aan werkzoekenden. De RVA is niet aan BTW onderworpen en kan dus facturen opstellen zonder daarbij de belasting over de toegevoegde waarde te moeten rekenen.

Daarentegen zijn er een groot aantal ondernemingen voor interimwerk die wel aan BTW zijn onderworpen, en dus BTW aan hun klanten aanrekenen, daar waar zij dezelfde dienst verlenen en een gelijkwaardige opdracht vervullen.

Worden de privé-ondernemingen zodoende niet benadeeld? Is de minister bereid een einde te maken aan wat ongetwijfeld neerkomt op oneerlijke concurrentie?

## **ANTWOORD**

De Rijksdienst voor arbeidsvoorziening is ten aanzien van haar T-dienst niet vermeld in het koninklijk besluit nr. 26 van 2 december 1970, met betrekking tot het onderwerpen van de openbare instellingen aan de belasting over de toegevoegde waarde en past derhalve de BTW niet toe met betrekking tot de door haar verstrekte diensten inzake het ter beschikking stellen van personeel.

Hoewel de niet BTW-plicht van de RVA op het eerste gezicht aanleiding geeft tot concurrentieverstoring ten aanzien van privé-uitzendbureaus, mag niet uit het oog worden verloren dat de medecontractanten van laatstgenoemden die het hun ter beschikking gestelde personeel gebruiken voor het verrichten van aan de BTW onderworpen handelingen, hetgeen veelal het geval zal zijn, de over de ontvangen dienst betaalde BTW in principe volledig in aftrek kunnen brengen. Bovendien is het ook zo dat de RVA, in tegenstelling met de privé-ondernemingen die personeel uitzenden, geen recht op aftrek van voorbelasting heeft.

Het komt mij derhalve voor dat de bedoelde concurrentieverstoring dan ook niet zo groot is als op het eerste gezicht kan worden vermoed.

Niettemin zal ik de bevoegde administratie opdracht geven deze zaak te onderzoeken teneinde de nodige maatregelen te treffen.
