---
title: "Parlementaire vraag 276 · Pro forma-factuur"
description: "Pro forma-factuur, Aftrekbaarheid inzake directe belastingen en inzake btw. Parlementaire vraag nr. 276 van 2 februari 2009 (Belgisch federaal parlement)."
url: "https://juriel.be/nl/parlementaire-vragen/276-pro-forma-factuur-aftrekbaarheid-directe-7ce6"
lang: "nl"
fr: "https://juriel.be/fr/questions-parlementaires/276-facture-pro-forma-deductibilite-matiere-d68b"
---

# Pro forma-factuur, Aftrekbaarheid inzake directe belastingen en inzake btw

**Nummer**

276

**Datum**

2 februari 2009

## Over het document

**Verzameling**

Parlementaire vragen

**Taal van de tekst**

Nederlands

## Tekst

28 paragrafen

Parlementaire vraag nr. 276 van mevrouw Ingrid Claes d.d. 02.02.2009

**Kamer, Vragen en Antwoorden, 2008-2009, QRVA 52/59 d.d. 27.04.2009, blz. 86**

Vraag nr. 276 van mevrouw de volksvertegenwoordiger Ingrid Claes van 2 februari 2009 (N.) aan de Vice-eersteminister en minister van Financiën en Institutionele Hervormingen:

*Pro forma-factuur - Aftrekbaarheid inzake directe belastingen en inzake btw.*

## **VRAAG**

Om zowel organisatorische, financiële, commerciële als om boekhoudkundige redenen wordt door sommige bedrijven initieel al dan niet langs elektronische snelweg een "pro forma-factuur" uitgereikt.

Pas na ontvangst van de volledige betaling wordt de definitieve factuur opgemaakt in de zin van het Wetboek van Koophandel en naderhand per gewone post en/of eveneens via het internet toegezonden aan de klant.

In de wetenschap dat de opstelling van een pro forma-factuur en de betaling veelal in twee verschillende maanden (bijvoorbeeld december en januari) of boek- en kalenderjaren kan gebeuren, rijzen op fiscaal vlak de twee volgende praktijkvragen.

1\. In welke btw-kwartaalaangifte of in welke btw-maandaangifte is de btw vermeld op een betaalde pro forma-factuur (in jaar x) of van de officiële factuur (in jaar x + 1) geheel of gedeeltelijk aftrekbaar?

2\. In welk kalender- of boekjaar is, wanneer het om een onkostenfactuur gaat, de kwestieuze beroepskost geheel of gedeeltelijk aftrekbaar overeenkomstig de beschikkingen van artikel 49 van het Wetboek van de inkomstenbelastingen 1992:

a) bij een handelaar of zelfstandige;

b) bij de beoefenaar van een vrij beroep;

c) bij een rechtspersoon onderworpen aan de vennootschapsbelasting?

Met andere woorden kan bij elk van die categorieën van belastingplichtigen die uitgave slechts als een beroepskost worden aangemerkt in het (boek)jaar (jaar x +1 ) van ontvangst van de voorafbetaalde en aanvaarde officiële factuur of kan die wel degelijk reeds als een aftrekbare beroepspost worden beschouwd in het (vorig) kalender- of boekjaar (jaar x) van werkelijke betaling van de pro-forma-factuur?

## **ANTWOORD**

**van de Vice-eerste minister en minister van Financiën en Institutionele Hervormingen van 23.04.2009**

## Vraag 1

Om zijn recht op aftrek van de BTW geheven van de aan hem geleverde goederen en verleende diensten te kunnen uitoefenen, moet de belastingplichtige overeenkomstig [artikel 3, § 1, 1°, van het koninklijk besluit nr. 3](https://juriel.be/nl/wetboeken/btw/koninklijke-besluiten/ar-3-artikel-historiek-236d) van 10 december 1969 met betrekking tot de aftrekregeling voor de toepassing van de belasting over de toegevoegde waarde, in het bezit zijn van een factuur uitgereikt overeenkomstig de artikelen [53, § 2 en 53octies](https://juriel.be/nl/wetboeken/btw/artikel-53), van het BTW-Wetboek, waarop de vermeldingen voorkomen bedoeld in [artikel 5, § 1, van het koninklijk besluit nr. 1](https://juriel.be/nl/wetboeken/btw/koninklijke-besluiten/ar-1-artikel-6caa) met betrekking tot de regeling voor de voldoening van de belasting over de toegevoegde waarde.

De factuur moet uiterlijk de vijfde werkdag van de maand na die waarin de belasting overeenkomstig de artikelen [17, § 1](https://juriel.be/nl/wetboeken/btw/artikel-17), en [22, § 2](https://juriel.be/nl/wetboeken/btw/artikel-22), van het BTW-Wetboek opeisbaar wordt over het geheel of een deel van de prijs worden uitgereikt (z. artikel 4, § 1, van voornoemd koninklijk besluit nr. 1).

De belastingplichtige oefent zijn recht op aftrek globaal uit door op het totaalbedrag van de belasting verschuldigd voor een aangiftetijdvak het totaalbedrag toe te rekenen van de belasting waarvoor het recht op aftrek tijdens hetzelfde tijdvak is ontstaan en uitgeoefend kan worden (z. artikel 4, eerste lid, van voornoemd koninklijk besluit nr. 3). Dit veronderstelt dat de factuur tijdig werd uitgereikt.

Indien de bedoelde factuur evenwel niet tijdig werd uitgereikt of wanneer, meer algemeen, de formaliteiten waaraan het uitoefenen van het recht op aftrek onderworpen is, niet tijdig worden vervuld, moet dat recht worden uitgeoefend in de aangifte met betrekking tot het tijdvak waarin de formaliteiten worden vervuld of in een aangifte betreffende een volgend tijdvak, ingediend vóór het verstrijken van het derde kalenderjaar volgend op dat waarin de af te trekken belasting opeisbaar is geworden (z. [artikel 4, tweede lid, van het koninklijk besluit nr. 3](https://juriel.be/nl/wetboeken/btw/koninklijke-besluiten/ar-3-december-betrekking-aftrekregeling-toepassing-belasting-8aeb#ar3-art4)).

Gezien de uitoefening van het recht op aftrek, overeenkomstig de BTW-regelgeving als voormeld, het bezit van een regelmatige factuur in de zin van [artikel 5, § 1, van het koninklijk besluit nr. 1](https://juriel.be/nl/wetboeken/btw/koninklijke-besluiten/ar-1-artikel-6caa) veronderstelt, is het uitgesloten dat een belastingplichtige zijn recht op aftrek van de voorbelasting zou kunnen uitoefenen op grond van enig ander stuk met betrekking tot de belastbare handeling, welke ook de aan dat stuk toegekende functie of benaming.

Ofschoon een dergelijk stuk door de bedoelde belastingplichtige niet moet worden ingeschreven in zijn boek voor inkomende facturen, dient het wel te worden beschouwd als een stuk met betrekking tot de uitgeoefende werkzaamheid in de zin van [artikel 60, § 1, tweede lid, van het BTW-Wetboek](https://juriel.be/nl/wetboeken/btw/artikel-60), dat moet worden bewaard gedurende zeven jaar te rekenen vanaf de eerste januari van het jaar volgend op zijn datum.

## Vraag 2

De vraag van het geachte Lid strekt er in feite toe te vernemen op welk ogenblik een in een bepaald belastbaar tijdperk gedane beroepsmatige uitgave, waarvoor pas in een later belastbaar tijdperk een factuur wordt ontvangen, als beroepskost in aanmerking kan worden genomen.

In dit verband kan ik haar wijzen op de bepalingen van artikel 49, tweede lid, van het Wetboek van de inkomstenbelastingen 1992. Volgens die bepalingen kunnen de op gepaste wijze verantwoorde kosten die in het belastbare tijdperk zijn gedaan of gedragen om belastbare inkomsten te verkrijgen of te behouden, als beroepskosten worden aangemerkt van zodra aan één van de volgende twee criteria is voldaan:

\- de kosten zijn tijdens het belastbare tijdperk werkelijk betaald of gedragen;

\- de kosten hebben tijdens het belastbare tijdperk het karakter van zekere en vaststaande schulden of verliezen verkregen en zijn als zodanig geboekt.

Op basis van die uitdrukkelijke bepalingen kunnen dus zowel vennootschappen als zelfstandigen die winst of baten verkrijgen, de in een bepaald jaar of boekjaar werkelijk betaalde beroepsmatige uitgaven als beroepskosten van datzelfde jaar of boekjaar in mindering brengen, zelfs al hebben zij geheel of gedeeltelijk betrekking op een later belastbaar tijdperk.

## Aangehaalde teksten

7

[KB nr. 1 art. 5](https://juriel.be/nl/wetboeken/btw/koninklijke-besluiten/ar-1-artikel-6caa) 2 voorkomens

[KB nr. 3 art. 3](https://juriel.be/nl/wetboeken/btw/koninklijke-besluiten/ar-3-artikel-historiek-236d) 1 voorkomen

[KB nr. 3 art. 4](https://juriel.be/nl/wetboeken/btw/koninklijke-besluiten/ar-3-december-betrekking-aftrekregeling-toepassing-belasting-8aeb) 1 voorkomen

[WBTW art. 17](https://juriel.be/nl/wetboeken/btw/artikel-17) 1 voorkomen

[WBTW art. 22](https://juriel.be/nl/wetboeken/btw/artikel-22) 1 voorkomen

[WBTW art. 53](https://juriel.be/nl/wetboeken/btw/artikel-53) 1 voorkomen

[WBTW art. 60](https://juriel.be/nl/wetboeken/btw/artikel-60) 1 voorkomen

## Administratieve doctrine

1

[Fiches van de administratieve commentaar 1](https://juriel.be/nl/parlementaire-vragen/276-pro-forma-factuur-aftrekbaarheid-directe-7ce6/documenten?type=commentaar)

« … stuk met betrekking tot de uitgeoefende werkzaamheid in de zin van artikel 60, § 1 (nu § 4), tweede lid, van het Btw-Wetboek, dat moet worden bewaard gedurende zeven jaar te rekenen vanaf de eerste januari volgend op zijn datum (schriftelijke parlementaire vraag nr. 276 van mevrouw de Volksvertegenwoordiger Ingrid Claes van 02.02.2009 ). D. Openbare verkoop van roerende goederen van een gefailleerde belastingplichtige Bij de openbare verkoop van roerende goederen van een gefailleerde belastingplichtige mag de factuur worden vervangen door een door de instrumenterende notaris of … »

[Regeling voor de voldoening van de belasting (30.06.2021)](https://juriel.be/nl/btw-commentaar/regeling-voldoening-belasting-2ece) Administratieve commentaar 05.05.2022

[Bekijk het document](https://juriel.be/nl/parlementaire-vragen/276-pro-forma-factuur-aftrekbaarheid-directe-7ce6/documenten)
