---
title: "Parlementaire vraag 275 · Werk in onroerende staat. Onroerend goed. Gebouw. Bouwmateriaal. Bouwsector. Maatstaf van heffing"
description: "Werk in onroerende staat. Onroerend goed. Parlementaire vraag nr. 275 van 17 september 1982 (Belgisch federaal parlement)."
url: "https://juriel.be/nl/parlementaire-vragen/275-werk-in-onroerende-staat-onroerend-d637"
lang: "nl"
fr: "https://juriel.be/fr/questions-parlementaires/275-base-imposition-minimale-valeur-normale-ce78"
---

# Werk in onroerende staat. Onroerend goed. Gebouw. Bouwmateriaal. Bouwsector. Maatstaf van heffing. · Werk in onroerende staat. Onroerend goed. Gebouw. Bouwmateriaal. Bouwsector. Maatstaf van heffing. Normale waarde. Minimummaatstaf van heffing. Bouwwaarde. Bewijs. Bouwdossier. Controlemaatregel. Bewaring van de facturen bij werk in onroerende staat. Factuur. Verplichtingen. Bouwaangifte. Controleschatting. Deskundige schatting. Op te richten gebouw. Woning

**Nummer**

275

**Datum**

17 september 1982

## Over het document

**Verzameling**

Parlementaire vragen

**Taal van de tekst**

Nederlands

## Tekst

15 paragrafen

**Vr. en Antw., Kamer G.Z. 1981-1982 blz. 2758**

*Werk in onroerende staat - Onroerend goed - Gebouw - Bouwmateriaal - Bouwsector - Maatstaf van heffing - Normale waarde - Minimummaatstaf van heffing - Bouwwaarde - Bewijs - Bouwdossier - Controlemaatregel - Bewaring van de facturen bij werk in onroerende staat - Factuur - Verplichtingen - Bouwaangifte - Controleschatting - Deskundige schatting - Op te richten gebouw - Woning*

## **VRAAG**

Heel wat bouwers van woningen ontvangen vanwege de BTW-kantoren een "correctievoorstel" waarbij de oprichtingswaarde van gebouwen gevoelig wordt verhoogd en bijgevolg een hogere BTW-aanslag wordt aangerekend.

## **ANTWOORD**

Mag ik de heer Minister vragen mij volgende informatie te geven:

1\. Bestaan er instructies voor de hoofdcontroleurs van de BTW-kantoren bij de opstelling van correctievoorstellen ?

2\. Wordt er rekening gehouden met de mogelijk lagere prijzen van aannemers, de aard van de inrichting van de woning en de waarde van de gebruikte materialen ?

3\. Kunnen de betrokkenen informatie bekomen over de wijze van berekening van het correctievoorstel om hun verweermiddel op te stellen ?

Antwoord: [Artikel 36, § 1, b), van het BTW-Wetboek](https://juriel.be/nl/wetboeken/btw/artikel-36) bepaalt dat de maatstaf van heffing voor werk in onroerende staat dat door een belastingplichtige werd geleverd en betrekking heeft op de oprichting van een gebouw niet lager mag zijn dan de normale waarde van die dienst.

Die normale waarde wordt door artikel 32, tweede lid, van het bovengenoemde Wetboek omschreven als de prijs die hier te lande voor dat werk kan worden verkregen onder vrije mededinging tussen twee van elkaar onafhankelijke partijen. Het is evenwel niet onmogelijk dat uitzonderlijk de bouwheer bij sommige aannemers gunstiger prijzen heeft kunnen bedingen dan de prijzen die normaal in de streek toepasselijk zijn. In dergelijk geval is de eigenaar, bij toepassing van [artikel 36, § 1, b), van het BTW-Wetboek](https://juriel.be/nl/wetboeken/btw/artikel-36), BTW verschuldigd over die hogere normale waarde (z. antwoord op de vraag nr. 1 bis van 14 oktober 1975 (1) van de heer Volksvertegenwoordiger Olivier, bulletin van Vragen en Antwoorden, nr. 2 van 12 november 1975, Kamer, zitting 1975- 1976) .

De Administratie van de BTW, registratie en domeinen heeft aan haar hoofdcontroleurs interne richtlijnen gegeven teneinde hen behulpzaam te zijn bij het bepalen van de normale waarde van werk in onroerende staat dat betrekking heeft op op te richten gebouwen.

Die richtlijnen werden opgesteld met inachtneming van de prijzen die in de bouwsector toepasselijk zijn, de geplaatste of verwerkte materialen en de aard van de constructie.

Het is niet gebruikelijk dat de fiscale administraties hun controlerichtlijnen bekend maken, want zulke publikatie zou uiteindelijk de fiscale fraude bevorderen (zie antwoord op de [vraag nr. 166 van 21 mei 1975](https://juriel.be/nl/parlementaire-vragen/166-werk-in-onroerende-staat-onroerend-578f) (2) van de heer Volksvertegenwoordiger Burgeon, bulletin van Vragen en Antwoorden, nr. 32 van 10 juni 1975, Kamer, zitting 1974-1975.

(1) Z. Revue nr. 24, blz. 92, nr. 6, [art. 64, § 4 BTW-Wetboek](https://juriel.be/nl/wetboeken/btw/artikel-64). (2) Z. Revue nr. 22, blz. 332, nr. 3, [art. 32, BTW-Wetboek](https://juriel.be/nl/wetboeken/btw/artikel-32)

## Aangehaalde teksten

3

[WBTW art. 36](https://juriel.be/nl/wetboeken/btw/artikel-36) 2 voorkomens

[WBTW art. 32](https://juriel.be/nl/wetboeken/btw/artikel-32) 1 voorkomen

[WBTW art. 64](https://juriel.be/nl/wetboeken/btw/artikel-64) 1 voorkomen

## Administratieve doctrine

3

[Parlementaire vragen 3](https://juriel.be/nl/parlementaire-vragen/275-werk-in-onroerende-staat-onroerend-d637/documenten?type=parlementaire-vragen)

« … partners en buren. Er wordt evenwel aan herinnerd dat het niet gebruikelijk is dat de fiscale administraties hun controle- en samenwerkingsrichtlijnen onthullen. Inderdaad, zulke publikaties zouden de fiscale fraude vergemakkelijken (zie het antwoord op de vraag nr. 275 van volksvertegenwoordiger mevrouw Demeester-De Meyer d.d. 17 september 1982 , bulletin van Vragen en Antwoorden, Kamer, zitting 1981-1982, nr. 40). Het is bovendien van belang te onderstrepen dat België in deze materie één van de drijvende krachten van de Europese samenwerking is en dat de vertragingen of moeilijkheden inherent aan … »

[Administratieve samenwerking tussen de Lid-Staten. Directe Belastingen en BTW. Centrale Eenheid. Uitwisseling](https://juriel.be/nl/parlementaire-vragen/703-administratieve-samenwerking-tussen-lid-staten-d7bd) Parlementaire vraag 15.03.1994

[Bekijk de 3 documenten](https://juriel.be/nl/parlementaire-vragen/275-werk-in-onroerende-staat-onroerend-d637/documenten)
