---
title: "Parlementaire vraag 251 · Levering met installatie of montage. Plaats en tijdstip van de levering. Onderscheiden"
description: "Levering met installatie of montage. Plaats en tijdstip van de levering. Parlementaire vraag nr. 251 van 23 januari 1996 (Belgisch federaal parlement)."
url: "https://juriel.be/nl/parlementaire-vragen/251-levering-installatie-montage-plaats-tijdstip-0add"
lang: "nl"
fr: "https://juriel.be/fr/questions-parlementaires/251-livraison-montage-representant-fournaux-installation-c2a2"
---

# Levering met installatie of montage. Plaats en tijdstip van de levering. Onderscheiden · Levering met installatie of montage. Plaats en tijdstip van de levering. Onderscheiden overeenkomsten. Aansprakelijke vertegenwoordiger.

**Nummer**

251

**Datum**

23 januari 1996

## Over het document

**Verzameling**

Parlementaire vragen

**Taal van de tekst**

Nederlands

## Tekst

17 paragrafen

**Vr. en Antw., Kamer, nr. 28, 1995-1996, blz. 3353-3354**

**BTW-Revue nr. 122, blz. 512**

*Levering met installatie of montage - Plaats en tijdstip van de levering - Onderscheiden overeenkomsten - Aansprakelijke vertegenwoordiger.*

## **VRAAG**

1\. Aan de hand van welk criterium kan, bij aankopen van machines in het buitenland, een onderscheid worden gemaakt tussen een gewone verwerving en een levering met montage door een in het buitenland gevestigde leverancier ?

2\. Op grond van welke wetsbepaling of bestuurlijke instructie hoeft een in een andere EU-lidstaat gevestigde BTW-plichtige in geval van levering met montage niet in België voor BTW-doeleinden te worden geïdentificeerd ?

## **ANTWOORD**

1\. De levering met installatie of montage van een roerend goed wordt, in de regel, voor het geheel aangemerkt als de levering van een goed wanneer het betreffende goed wordt geïnstalleerd of gemonteerd door of voor rekening van de leverancier. Het onderscheid tussen een "gewone" levering en een levering met installatie of montage berust eerder op een feitenkwestie dan wel op een omschrijving. Hoe dan ook een levering met plaatsing veronderstelt een bijkomend materieel werk in die zin dat die levering slechts als "volmaakt" kan beschouwd worden wanneer dat werk met het oog op de plaatsing noodzakelijk is om het goed gebruiksklaar te maken. De eenvoudige afstelling of de aansluiting op een krachtbron van het goed kan evenwel niet beschouwd worden als een levering met installatie of montage.

In afwijking van de gebruikelijke regels inzake het bepalen van de plaats en het tijdstip van de levering van een goed zonder installatie of montage, wordt als plaats van een levering met installatie of montage aangemerkt de plaats waar de installatie of de montage wordt verricht (BTW-Wetboek, art. 15, § 2, tweede lid, 2°). Dergelijke levering vindt overigens plaats op het tijdstip waarop de installatie of de montage wordt beëindigd (BTW-Wetboek, art. 16, § 1, tweede lid, in fine).

Deze afwijkende bepalingen maken overigens geen onderscheid naargelang de installatie of de montage al dan niet verricht wordt ter uitvoering van een van de verkoop onderscheiden overeenkomst.

Wanneer derhalve de levering van het goed enerzijds en de installatie of de montage door of voor rekening van de leverancier anderzijds geschieden ter uitvoering van twee onderscheiden overeenkomsten gelden de volgende regels:

•wanneer de overeenkomst met betrekking tot de installatie of de montage wordt gesloten vóór de levering heeft plaatsgevonden volgens de gebruikelijke regels die van toepassing zijn inzake het tijdstip van de levering, namelijk vóór de terbeschikkingstelling (BTW-Wetboek, art. 16, § 1, eerste lid) of vóór de aankomst van het vervoer door de verkoper (BTW-Wetboek, art. 16, § 1, tweede lid, in limine) dan worden de levering en de installatie of de montage voor het geheel als een levering aangemerkt en vindt die levering plaats op het tijdstip waarop de installatie of de montage wordt beëindigd;

•indien daarentegen de overeenkomst met betrekking tot de installatie of de montage wordt gesloten nadat de levering heeft plaatsgevonden, volgens de bovenvermelde gebruikelijke regels, dan wordt die overeenkomst - het gaat dan overigens om een dienst - als onderscheiden van die met betrekking tot de levering aangemerkt.

Er dient overigens nog te worden gepreciseerd dat opdat de handeling voor het geheel als een levering van een goed zou worden aangemerkt het geleverde roerend goed, eenmaal de installatie of de montage beëindigd is, zijn eigen individualiteit moet behouden.

Tenslotte is de in [artikel 15, § 2, tweede lid, 2°, van het BTW- Wetboek](https://juriel.be/nl/wetboeken/btw/artikel-15) bevoegde bepaling van toepassing ongeacht de vestigingsplaats van de leverancier.

2\. Wanneer de leverancier van een levering met installatie of montage, die overeenkomstig hetgeen voorafgaat plaatsvindt in België, niet hier te lande is gevestigd, is hij, in principe, ertoe gehouden een aansprakelijke vertegenwoordiger bij de Belgische administratie te laten erkennen (BTW-Wetboek, art. 55 en koninklijk besluit nr. 31 van 29 december 1992). In dat geval wordt hem een Belgisch BTW- identificatienummer toegekend.

De administratieve aanschrijving nr. 4 van 14 februari 1979 voert evenwel een afwijkende regeling in op grond waarvan de niet hier te lande gevestigde leverancier ontheffing kan bekomen van de verplichting een aansprakelijke vertegenwoordiger te laten erkennen wanneer zijn medecontractant een belastingplichtige of een niet-belastingplichtige rechtspersoon is die gehouden is tot het indienen van periodieke of bijzondere BTW-aangiften. In dat geval, wordt de over de in België verrichte levering met installatie of montage verschuldigde belasting voldaan door de medecontractant, die het bedrag ervan opneemt in de periodieke of bijzondere BTW-aangifte die hij moet indienen.

## Aangehaalde teksten

1

[WBTW art. 15](https://juriel.be/nl/wetboeken/btw/artikel-15) 1 voorkomen
