Vr. en Antw., Kamer
Bejaardentehuizen - Vrijstelling van BTW in afwachting van hun erkenning
VRAAG
Als een belastingplichtige die door een nieuwe wetsbepaling niet langer belastingplichtig is, maar doordat hij deze maatregel niet kent, zijn BTW-aangiften blijft invullen, kan hij dan door het bestuur worden beschouwd als een vrijwillige belastingplichtige? Heeft hij daarentegen niet het recht het teveel betaalde, voor zover het niet door verjaring is gedekt, terug te vorderen?
Vele bejaardentehuizen die hun erkenning aanvroegen maar nog niet verkregen hebben, omdat zij niet afwisten van de vrijstelling volgens artikel 43, § 2, 2°, van het BTW-Wetboek, BTW-aangiften blijven insturen volgens een verkeerd tarief. Mogen zij om de terugbetaling vragen, want als het niet zo is, lijden deze instellingen een groot verlies door de verhoging van 6 naar 17%.
Kan de achtbare Minister nagaan of de stelling van vrijwillige belastingplicht van toepassing is?
ANTWOORD
Overeenkomstig artikel 44, § 2, 2°, van het BTW-Wetboek, zijn de diensten die in de uitoefening van hun geregelde werkzaamheid worden verstrekt door bejaardentehuizen die erkend zijn ingevolge de wet van 12 juli 1966, en bovendien als zijnde van sociale aard, van de BTW vrijgesteld.
De bejaardentehuizen die ingevolge de voornoemde wet van 12 juli 1966 zijn erkend worden van ambtswege aangemerkt als zijnde van sociale aard.
Gelet op de duur van erkenningsprocedure wordt door de administratie aangenomen dat de bejaardentehuizen die een aanvraag tot erkenning indienen, vanaf de indiening van die aanvraag, voorlopig aanspraak kunnen maken op de vrijstelling van bovenbedoeld artikel 421, § 2, 2°, van het BTW-Wetboek, zonder dat op dat tijdstip moet worden nagegaan of er al dan niet werkelijk is voldaan aan de voorschriften vereist voor het verkrijgen van de erkenning.
Het voordeel van deze vrijstelling vloeit voort uit een inschikkelijkheid vanwege de administratie. Bijgevolg moet de toestand van de bejaardentehuizen die zich daarop beroepen, worden herzien op het ogenblik waarop de beslissing die volgt op de aanvraag tot erkenning wordt genomen.
Anderdeels heeft het bejaardentehuis dat zich niet op deze toegevendheid van de administratie beroept, zolang het niet werkelijk is erkend, van rechtswege de hoedanigheid van BTW-belastingplichtige. Het bejaardentehuis verliest hierdoor echter niet het recht om later het voordeel van deze toegeving toe te passen, maar de vrijstelling kan slechts, zonder terugwerkende kracht, worden bekomen voor de toekomst.
Rekening houdend met dat wat in het vorige lid is gezegd, moeten de bejaardentehuizen waarvan de toestand door het geacht Lid wordt uiteengezet, tot op het tijdstip waarop zij zich op het voordeel van de vrijstelling van de BTW beroepen, als BTW-belastingplichtigen worden aangemerkt. Als belastingplichtige hebben zij recht op aftrek van de voorbelasting, inzonderheid van die geheven van hun investeringen, maar zijn ze daartegenover gehouden alle verplichtingen op het stuk van de BTW na te komen, inzonderheid het toepassen van de belasting, tegen het ter zake geldend tarief, over de door hen verstrekte diensten.
Het geacht Lid beoogt precies die bijzondere gevallen waarin de bejaardentehuizen die BTW-belastingplichtigen zijn, geen rekening hebben gehouden met de tariefverhoging die in 1977 ten aanzien van het verschaffen van gemeubeld logies werd doorgevoerd.
Wanneer het geacht Lid mij deze gevallen ter kennis brengt, zullen zij aan een aandachtig en welwillend onderzoek worden onderworpen, waarbij rekening zal worden gehouden met de bijzondere omstandigheden waarin zij zich bevinden.
Aangehaalde referentie
Sneltoetsen
Niet actief tijdens het typen in een veld.
- Zoeken in de tekst
- /Ctrl/⌘ F
- Volgende / vorige treffer
- EnterShift Enter
- Volgende / vorige sectie
- JK
- Leesmodus
- L
- Een paneel sluiten
- Esc
De leesmodus verbergt de inhoudsopgave en de kerncijfers, vergroot de tekst en centreert de kolom.