---
title: "Parlementaire vraag 203 · Verplichting tot voldoening van de belasting. Voorschot handelingen maand"
description: "Verplichting tot voldoening van de belasting. Parlementaire vraag nr. 203 van 22 december 1995 (Belgisch federaal parlement)."
url: "https://juriel.be/nl/parlementaire-vragen/203-verplichting-voldoening-belasting-voorschot-handelingen-b144"
lang: "nl"
fr: "https://juriel.be/fr/questions-parlementaires/203-declarations-mensuelles-paiement-acomptes-date-8249"
---

# Verplichting tot voldoening van de belasting. Voorschot handelingen maand · Verplichting tot voldoening van de belasting. Voorschot handelingen maand december

**Nummer**

203

**Datum**

22 december 1995

## Over het document

**Verzameling**

Parlementaire vragen

**Taal van de tekst**

Nederlands

## Tekst

13 paragrafen

**Vr. en Antw., Kamer, 1995-1996, nr. 24, blz. 2689-2690**

**BTW-Revue nr. 120, blz. 359**

*Verplichting tot voldoening van de belasting - Voorschot handelingen maand december*

## **VRAAG**

BTW-belastingplichtigen die maandaangiften indienen, moeten ieder jaar een voorschot betalen op de BTW die zij voor de maand december verschuldigd zijn.

Dat voorschot is in principe gelijk aan de daadwerkelijk verschuldigde BTW over de handelingen verricht tijdens de periode van 1 tot en met 20 december van het lopende kalenderjaar. Voor de belastingplichtigen die de daartoe vereiste gegevens niet of niet tijdig verstrekken, stemt het voorschot overeen met de BTW die verschuldigd is over de handelingen van de maand november van het lopende kalenderjaar.

Het koninklijk besluit van 9 november 1995 tot wijziging van het koninklijk besluit nr. 1 van 29 december 1992 met betrekking tot de regeling voor de voldoening van de BTW (Belgisch Staatsblad van 29 november 1995) bepaalt dat dit voorschot voortaan op 24 december in plaats van op 27 december van het lopende kalenderjaar betaald moet zijn. Aangezien dit koninklijk besluit in werking is getreden op 1 december 1995, dient het voorschot dit jaar reeds uiterlijk op 24 december betaald te zijn.

1\. Wat is de reden van de wijziging van de datum van 27 december naar 24 december?

2\. Bent u er zich bewust van dat het voor heel wat ondernemingen praktisch niet haalbaar is om binnen deze beperkte tijdspanne, welke zich situeert tussen 20 en 24 december, de noodzakelijke gegevens te verzamelen en het voorschot te betalen ? Vele bedrijven worden door deze nieuwe regeling dan ook genoodzaakt een voorschot te betalen dat gelijk is aan de verschuldigde BTW voor de maand november en welke in normale omstandigheden hoger ligt dan de BTW over de handelingen verricht tijdens de periode van 1 tot en met 20 december.

## **ANTWOORD**

De vraag van het geacht lid betreft de verplichting opgelegd aan de BTW-belastingplichtigen onderworpen aan de regeling van de maandaangiften, om een voorschot te betalen op de over de handelingen van de maand december verschuldigde belasting. Zoals het geacht lid opmerkt, wordt de datum van uiterlijke betaling van het bovenbedoelde voorschot voortaan vastgesteld op 24 december (zie koninklijk besluit van 9 november 1995, Belgisch Staatsblad van 29 november 1995).

1\. Voortgaand op de ervaring van december 1994 - periode waarvoor de datum van betaling van het bovenbedoelde voorschot was vastgesteld op 27 december - werd de wijziging, die het voorwerp uitmaakt van het voormelde koninklijk besluit van 9 november 1995, aangenomen in een streven naar een budgettair evenwicht, teneinde het geheel van de door de BTW-belastingplichtigen voldane voorschotten te kunnen toerekenen, op de begroting van het lopende kalenderjaar. Vastgesteld werd inderdaad dat, voor bepaalde jaren, afhankelijk van de kalender, de datum van 27 december op dit punt niet voldoende waarborgen bood.

2\. Nu de datum van uiterlijke betaling van het voorschot werd vastgesteld op 24 december, beschikt de belastingplichtige, die het bedrag van dat voorschot bepaalt op de in [artikel 19, § 3, tweede lid, van het koninklijk besluit nr. 1](https://juriel.be/nl/wetboeken/btw/koninklijke-besluiten/ar-1-artikel-19-cff0) van 29 december 1992 met betrekking tot de regeling voor de voldoening van de belasting over de toegevoegde waarde uiteengezette wijze, voor de berekening van dat bedrag over een termijn van 2 tot 4 werkdagen, naargelang het jaar. Deze termijn is uiteraard relatief kort. Het staat die belastingplichtige evenwel vrij om, tijdens de periode van 1 tot 20 december, de verschuldigde belasting van dag tot dag te bepalen, zodanig dat hij tegen 24 december de berekening van het bedrag van het voorschot slechts hoeft te voleindigen en de betaling ervan uit te voeren.

## Aangehaalde teksten

1

[KB nr. 1 art. 19](https://juriel.be/nl/wetboeken/btw/koninklijke-besluiten/ar-1-artikel-19-cff0) 1 voorkomen
