Kamer, Vragen en Antwoorden, 2017-2018, QRVA 54/140 dd. 18.12.2017, blz. 339
Grootschalige Chinese btw-fraude
VRAAG
De krant Le Soir berichtte op 30 september 2017 dat u een nota van de belastingdienst hebt ontvangen waarin die dienst uitlegt hoe bepaalde buiten Europa gevestigde ecommercebedrijven - en meer bepaald Chinese bedrijven - erin slagen geen btw te betalen. In het artikel wordt er uit de doeken gedaan hoe buitenlandse verkopers een moordende en oneerlijke concurrentie tot stand hebben gebracht. De manier waarop ze aan mededinging doen, is immers gebaseerd op het omzeilen van regels.
Het principe van de fraude is best eenvoudig. D e online aangekochte producten komen via Antwerpen of Zaventem in België aan en zijn uiteindelijk voor een bedrijf in een andere EU-lidstaat bestemd. De btw op die producten moet in dat land, en niet in België, worden betaald omdat het over doorvoer gaat. Alleen bestaat het bedrijf dat als ontvanger wordt vermeld niet, en de goederen verdwijnen van de radar nog vóór ze het Belgisch grondgebied verlaten hebben. Uiteindelijk wordt er in geen enkele EU-lidstaat btw betaald.
Frankrijk en het Verenigd Koninkrijk hebben unilateraal wettelijke en reglementaire maatregelen genomen tegen deze btw-fraude. Die maatregelen betreffen de onderzoeksbevoegdheden (Frankrijk) en de hoofdelijke aansprakelijkheid van de platformen alsook de verplichte registratie van de entrepots voor de voorafgaande opslag van goederen (Verenigd Koninkrijk). Het is belangrijk dat ook België op dit vlak een standpunt inneemt.
1. Kunt u het bestaan en de inhoud van die nota bevestigen?
2. Wanneer werd die u toegestuurd? Welke dienst heeft de tekst opgesteld?
3. Welke fraudetechnieken worden er gebruikt? Gaat het over import na de verkoop van goederen die worden ondergewaardeerd in het kader van de btw-vrijstelling voor goederen van geringe waarde? Gaat het over import vóór de verkoop van goederen die worden opgeslagen in entrepots?
4. Hoeveel bedragen de gederfde btw-inkomsten voor België en voor de andere EU-lidstaten, afhankelijk van de fraudetechniek?
5. Welke wettelijke of reglementaire maatregelen worden er in die nota voor elk fraudemechanisme voorgesteld? Hoe hebt u op die nota gereageerd?
6. Wat zult u op het Belgische niveau ondernemen en wanneer zult u optreden om dergelijke fraude uit de wereld te helpen?
7. Zal het personeelsbestand van de met de controle belaste eerste- en tweedelijnsdiensten van de Algemene Administratie van de Douane en Accijnzen door extra indienstnemingen worden versterkt?
8. Zal er systematisch een bewijs van betaling van de btw worden geëist voor inkomende goederen die uit bepaalde landen afkomstig zijn?
9. Wat is het personeelsbestand van de Administratie Onderzoek en Opsporing van de Algemene Administratie van de Douane en Accijnzen die zich met de bestrijding van dergelijke fraude bezighoudt? Krijgt die dienst extra personeel? Zou men in de beschreven scenario's niet van de importeurs moeten eisen dat ze bewijzen dat de btw in een ander land werd betaald?
10. Welke initiatieven worden er op het Europese niveau in dit kader ontwikkeld? België is immers duidelijk niet het enige land is dat door dit soort fraude wordt geplaagd.
ANTWOORD
van de minister van Financiën, belast met Bestrijding van de fiscale fraude van 12.12.2017:
1. en 2. Op mijn vraag heeft de Stafdienst Beleidsexpertise en -ondersteuning de problemen inzake concurrentievervalsing geanalyseerd die voortvloeien uit de onlineverkoop van producten die afkomstig zijn uit derde landen, meestal via tussenkomst van e-commerceplatformen en van fulfillment houses (exploitanten van gespecialiseerde entrepots die diverse soorten logistieke diensten verstrekken). Het doel bestond er voornamelijk in om een coherent beeld te hebben van de problematiek, zowel op het niveau van de opvolging en van de controle als op reglementair niveau, om op die manier de meest geschikte strategie op het meest opportune niveau te kunnen ontwikkelen teneinde de actuele problemen in deze sector te verhelpen.
3. De problematiek inzake e-commerce is complex en omvat meerdere aspecten, van conceptuele aard of betreffende de fraude zelf.
Op conceptueel niveau is het in de actuele reglementaire context mogelijk dat particulieren die in de Europese Unie gevestigd zijn, volledig legaal goederen uit derde landen online kopen zonder btw wegens de btw-vrijstelling die van toepassing is op verzendingen van geringe waarde (lager dan 22 euro).
Er bleek eveneens dat de actuele regels frauduleus worden toegepast door de operatoren die gevestigd zijn buiten de Europese Unie hetzij door ten onrechte aanspraak te maken op de vrijstellingsvoorwaarden inzake invoer van goederen van geringe waarde (onderwaardering van de waarde van het goed), hetzij door zich te onttrekken aan de identificatieverplichtingen bij de btw en de fiscale opvolging van hun verkopen binnen de Europese Unie (inzonderheid bij invoer in bulk vóór de levering).
De fraude situeert zich op het vlak van de douaneaangiften die zijn gevalideerd onder het "stelsel 42" waarbij de btw-vrijstelling is gebaseerd op artikel 40,§ 1, 1°, d van het btw-wetboek.
Bij de validering van de aangifte van invoer wordt de btw-vrijstelling toegekend indien de goederen die zijn ingevoerd in de EU worden aangegeven op naam van een buitenlandse btw-plichtige en deze na inklaring aan een btw-plichtige in een andere lidstaat worden geleverd. In dit geval moet de btw worden ingevorderd in de lidstaat van bestemming.
De taak van de douane bestaat in het verifiëren of de buitenlandse bestemmeling over een geldig btw-nummer beschikt (via raadpleging van het programma VIES) en in het verifiëren of de goederen na inklaring het Belgisch grondgebied hebben verlaten.
Hoewel deze maatregelen meestal correct worden toegepast, dat wil zeggen dat de buitenlandse bestemmeling over een geldig btw-nummer beschikt en de goederen het grondgebied verlaten na de inklaring, kunnen er aanwijzingen van misbruik van de regeling 42 zijn, bijvoorbeeld:
- de buitenlandse bestemmeling is een fictieve vennootschap die enkel werd opgericht met als doel de btw te ontduiken (de maatschappelijke zetel is een gekend postadres, de leveringen worden niet verricht aan het adres van de op de aangifte aangegeven buitenlandse bestemmeling maar aan een distributiecentrum van een elektronische handelsvennootschap (e-commerce);
- de prijs van de goederen op de ingediende facturen blijkt ondergewaardeerd. Op grond van dit feit is de douanewaarde minder hoog dan de reële waarde van de goederen en worden de douanerechten berekend op een lagere waarde en worden hierdoor douanerechten ontdoken.
Voor het merendeel gaat het niet om zogenaamde ondergewaardeerde zendingen maar om misbruik van de regeling 42 in combinatie met onderwaardering van de goederen.
4. Er zijn geen exacte cijfers beschikbaar per lidstaat over de weerslag van de fraude in deze sector. De Europese Commissie is evenwel van oordeel dat de btw-verliezen voor de lidstaten door de complexiteit van het systeem en de vrijstelling bij invoer voor verzendingen van geringe waarde, vijf miljard euro bedragen.
5. en 6. Binnen het raam van het grondige onderzoek van de problematiek werden meerdere mogelijkheden onderzocht op operationeel en op reglementair niveau en dit zowel op nationaal als op Europees niveau.
In de eerste plaats wordt er voorzien om de operationele maatregelen die al zijn ingevoerd, zoals de risicoanalyse en de opvolging van de goederenstroom zowel op het Belgisch als op het Europees niveau, via het Eurofisc-netwerk te versterken en te perfectioneren. Evenwel blijft het misbruik van de regeling 42 moeilijk op te sporen door de eerste en tweede lijn van de douane, omwille van het feit dat de controle van deze douanediensten zich meestal beperkt tot verificatie van het btw-nummer van de buitenlandse bestemmeling en de verificatie van het verlaten van het Belgisch grondgebied van de goederen na de inklaring.
Voor wat de reglementaire maatregelen betreft, bestaan er denkpistes zoals de invoering van een hoofdelijke aansprakelijkheid tot betaling van de btw in hoofde van de sleutelfiguren in de handelsketen, zoals de e-commerceplatformen of de fulfillment houses.
Zoals de ervaring in andere lidstaten heeft uitgewezen, is de doeltreffendheid van deze unilaterale maatregelen op nationaal niveau beperkt en loopt men het risico dat de goederenstromen worden geheroriënteerd binnen de Europese Unie.
In dat verband is het dus zeker wenselijk om voorrang te geven aan structurele en geharmoniseerde oplossingen op het niveau van de Europese Unie. België steunt dus op zeer actieve wijze de inspanningen van het huidige Voorzitterschap van de Raad om tot een consensus te komen tussen de lidstaten over het voorstel van de Europese Commissie op dit vlak. België staat eveneens positief tegenover de voorstellen die de Europese Commissie op dit vlak heeft aangekondigd voor de herfst 2017.
7. en 8. Op het ogenblik van de validering van de douaneaangifte wordt aan alle voorschriften voldaan.
De betaling van de buitenlandse btw zal slechts bij de volgende btw-aangifte van de buitenlandse bestemmeling zichtbaar zijn. Voor een btw-plichtige met kwartaalaangiften kan de btw-aangifte worden uitgesteld tot drie maanden na de invoer.
De opsporingen van de teams Onderzoek en Opsporing van de douane zijn gericht op prioritaire fraudefenomenen waaronder misbruik van de regeling 42.
Maar het gaat voornamelijk om een probleem in de wetgeving. De regeling 42 verschaft te weinig waarborgen voor de betaling van de btw in het land van bestemming.
Een bewijs van betaling van de btw in een andere lidstaat is geen oplossing. De betaling van de buitenlandse btw zal slechts bij de volgende btw-aangifte van de buitenlandse bestemmeling zichtbaar zijn. Voor een btw-plichtige met kwartaalaangiften kan de btw-aangifte worden uitgesteld tot drie maanden na de invoer.
Voordat de fraude wordt ontdekt, is de vennootschap dikwijls reeds ontbonden en wordt de fraude hervat door een andere vennootschap
De bepalingen van de btw-richtlijn en de rechtspraak van het Hof van Justitie van de Europese Unie maken het in ieder geval niet mogelijk om in de lidstaat van vertrek van de goederen het bewijs te eisen van de betaling van de btw die verschuldigd is op de intracommunautaire verwerving in de lidstaat van bestemming van de goederen. Er moet overigens worden opgemerkt dat de btw-richtlijn al in 2009 werd gewijzigd teneinde de toepassingsvoorwaarden van de vrijstelling bij invoer die gevolgd wordt door een intracommunautaire levering strikter te maken om de opvolging van dit soort verrichtingen door de nationale administraties te verbeteren. Een nieuw voorstel van de Europese Commissie dat is aangekondigd voor de maand november 2017 wil trouwens de moeilijkheden aanpakken in verband met de toepassing van de "regeling 42".
9. De Europese Commissie heeft al in december 2016 een voorstel gepubliceerd tot wijziging van de btw-richtlijn met het oog op het moderniseren van de btw-regeling die momenteel van toepassing is op de verkopen op afstand van goederen, met inbegrip van diegene die afkomstig zijn uit derde landen. De onderhandelingen in de Raad worden momenteel gevoerd met het oog op het bereiken van een consensus over dit voorstel. Zoals ik reeds aangaf, steunt België op actieve wijze de inspanningen van het huidige Voorzitterschap van de Raad om op dit vlak tot een consensus te komen tussen de lidstaten.
Daarenboven heeft de Europese Commissie een nieuw voorstel aangekondigd voor de maand oktober 2017 dat gericht is op het aanbrengen van structurele wijzigingen aan het btw-stelsel, in het bijzonder voor wat de intracommunautaire verkopen van goederen tussen belastingplichtigen betreft. Het primaire doel van het voorstel bestaat er met name in om het btw-stelsel meer resistent te maken tegen fraude. Zelfs indien men de inhoud van het voorstel nog niet kan evalueren omdat het nog niet is gepubliceerd, kan ik de inspanningen van de Europese Commissie die gericht zijn op structurele, geharmoniseerde oplossingen die het btw-stelsel minder kwetsbaar maken voor fraude, alleen maar toejuichen.
De Europese Rekenkamer heeft al in 2011 in een bijzonder rapport met nummer 13 met referentie ISSM1831-0915 het volgende gepubliceerd: Maakt de controle betreffende de douaneregeling 42 het mogelijk om ontduiking inzake btw te voorkomen en op te sporen?". Dit rapport bevat conclusies en aanbevelingen aan de Commissie
De Europese Commissie is ten slotte van plan om specifieke tools in te voeren om de fraude te bestrijden die verband houdt met de toepassing van de douaneprocedure 42 in het kader van een voorstel dat zou moeten verschijnen in de loop van de maand november 2017. Dit voorstel beoogt in het bijzonder de wijziging van de Europese Verordening betreffende de administratieve samenwerking en de strijd tegen de fraude op het vlak van de btw.
Aangehaalde referentie
Sneltoetsen
Niet actief tijdens het typen in een veld.
- Zoeken in de tekst
- /Ctrl/⌘ F
- Volgende / vorige treffer
- EnterShift Enter
- Volgende / vorige sectie
- JK
- Leesmodus
- L
- Een paneel sluiten
- Esc
De leesmodus verbergt de inhoudsopgave en de kerncijfers, vergroot de tekst en centreert de kolom.