---
title: "Parlementaire vraag 17063 · De btw-aftrek bij het al dan niet gemengd gebruik van een lichte"
description: "De btw-aftrek bij het al dan niet gemengd gebruik van een lichte vrachtauto. Parlementaire vraag nr. 17063 van 17 april 2013 (Belgisch federaal parlement)."
url: "https://juriel.be/nl/parlementaire-vragen/17063-btw-aftrek-al-dan-gemengd-ee7c"
lang: "nl"
---

# De btw-aftrek bij het al dan niet gemengd gebruik van een lichte

**Nummer**

17063

**Datum**

17 april 2013

## Over het document

**Verzameling**

Parlementaire vragen

**Taal van de tekst**

Nederlands

## Tekst

9 paragrafen

**Kamer, Integraal verslag - Commissie voor de Financiën, 2012- 2013, CRIV 53 COM 719 d.d. 17.04.2013, blz. 49**

*De btw-aftrek bij het al dan niet gemengd gebruik van een lichte vrachtauto*

## **VRAAG**

Mijnheer de staatssecretaris, mijn vraag, die eigenlijk gericht was aan de minister van Financiën, gaat over de interpretatie van de btw-regels, en specifiek over het wel of niet gemengd gebruik van een lichte vrachtwagen. De regelgeving inzake de btw zoals die op dit moment geraadpleegd kan worden, stelt onder meer dat er voor de aftrek van btw een opsplitsing gebeurt naar gelang van het wel of niet gemengd gebruik van lichte vrachtwagens. Hoofdstuk 7 van het Btw-wetboek handelt over de aftrek van belastingen. Artikel 42, § 2, stelt het volgende: "Ten aanzien van de levering, de invoer en de intracommunautaire verwerving van autovoertuigen bestemd voor het vervoer van personen en/of goederen over de weg, en ten aanzien van goederen en diensten met betrekking tot die voertuigen, mag de aftrek in geen geval hoger zijn dan 50 % van de belasting. Deze bepaling is evenwel niet van toepassing op volgende voertuigen:…." Vervolgens wordt een negental uitzonderingen opgesomd, maar ik wil vooral stilstaan bijpunt F, waar verwezen wordt naar [artikel 4, § 2](https://juriel.be/nl/wetboeken/btw/artikel-4), van het Wetboek van de met inkomstenbelasting gelijkgestelde belastingen, omdat er op het terrein nogal wat problemen rijzen over het gemengd privégebruik en bedrijfsmatig gebruik van lichte vrachtwagens.

Mijnheer de staatssecretaris, wanneer een lichte vrachtwagen volgens artikel 4, § 2, enkel voor woon-werkverkeer en voor de rest volledig bedrijfsmatig wordt gebruikt, rijst de vraag of naast het woonwerkverkeer ook de 6 000 kilometer privévervoer in rekening moet worden gebracht, zoals bepaald wordt in beslissing E3, hoewel met die vrachtwagen geen privékilometers gereden worden. Bij wie rust in die casus de bewijslast? Op welke praktisch haalbare manier kan het bewijs worden verstrekt? Ik geef een tweede casus. Dezelfde lichte vrachtauto zoals bepaald in artikel 4 § 2, doet noch woon/werkverkeer noch privéverkeer en doet dus alleen bedrijfsmatig vervoer. Ook hier is er geen sprake van gemengd gebruik. Ook hier rijst de vraag wie hier de bewijslast heeft en op welke praktisch haalbare manier die kan worden verstrekt.

## **ANTWOORD**

( de heer Staatssecretaris Hendrik Bogaert)

Het bewijsprobleem van het vaststellen van het gemengd gebruik van fiscale lichte vrachtwagens, bedoeld in [artikel 45 § 2, tweede lid, F, van het Btw-wetboek](https://juriel.be/nl/wetboeken/btw/artikel-45), werd recent besproken met vertegenwoordigers van de ondernemingen. Er werd beslist de fiscale lichte vrachtwagens te ontheffen van de verplichting het beroepsmatig gebruik vast te stellen overeenkomstig een van de methodes, uitgewerkt in de administratieve beslissing nr. ET119.650/3, waarnaar u verwijst. Voor die vervoersmiddelen zou het beroepsgebruik bijgevolg in principe moeten worden vastgesteld op basis van de feitelijke omstandigheden. Om te vermijden dat het beroepsgebruik van fiscale lichte vrachtwagens door de administratie geval per geval moet worden vastgesteld, zullen in overleg met de betrokken sectoren indien mogelijk nieuwe criteria worden uitgewerkt.

## **CONCLUSIE**

Mijnheer de staatssecretaris, ik ben blij te vernemen dat er overleg heeft plaatsgevonden. Niemand had baat bij onduidelijkheid. Vanuit de sector werd ik daarover trouwens ondervraagd. De discussies met de btw-administratie zorgden voor de nodige problemen en hinder. Ik ben dus blij met de ontheffing. Ik kijk al uit naar de uitvoering, maar u hebt nog geen specifieke planning wanneer de maatregel in werking treedt. Ik reken erop dat dat zo snel mogelijk gebeurt, zodat men in de toekomst weet hoe een en ander juist verloopt.

## Aangehaalde teksten

2

[WBTW art. 4](https://juriel.be/nl/wetboeken/btw/artikel-4) 1 voorkomen

[WBTW art. 45](https://juriel.be/nl/wetboeken/btw/artikel-45) 1 voorkomen
