---
title: "Parlementaire vraag 162 · Fiscaliteit en bescherming van het kunstpatrimonium. Tweedehandse goederen, kunstvoorwerpen, antiquiteiten en verzamelobjecten"
description: "Fiscaliteit en bescherming van het kunstpatrimonium. Parlementaire vraag nr. 162 van 6 april 1990 (Belgisch federaal parlement)."
url: "https://juriel.be/nl/parlementaire-vragen/162-fiscaliteit-bescherming-kunstpatrimonium-tweedehandse-goederen-993e"
lang: "nl"
fr: "https://juriel.be/fr/questions-parlementaires/162-fiscalite-protection-patrimoine-artistique-biens-1ad8"
---

# Fiscaliteit en bescherming van het kunstpatrimonium. Tweedehandse goederen, kunstvoorwerpen, antiquiteiten en verzamelobjecten. · Fiscaliteit en bescherming van het kunstpatrimonium. Tweedehandse goederen, kunstvoorwerpen, antiquiteiten en verzamelobjecten. Toepasselijke regelingen en tarieven. Harmonisatie op Europees niveau

**Nummer**

162

**Datum**

6 april 1990

## Over het document

**Verzameling**

Parlementaire vragen

**Taal van de tekst**

Nederlands

## Tekst

19 paragrafen

**Vr. en Antw., Senaat**

*Fiscaliteit en bescherming van het kunstpatrimonium - Tweedehandse goederen, kunstvoorwerpen, antiquiteiten en verzamelobjecten - Toepasselijke regelingen en tarieven - Harmonisatie op Europees niveau*

## **VRAAG**

Het is algemeen geweten dat kunstwerken in Belgisch bezit meestal geveild worden in buitenlandse veilinghuizen.

Dit zou te wijten zijn aan allerlei maatregelen die deze handel in het buitenland aantrekkelijker maken dan in ons land.

Voordat de harmonisatie van de wetgeving in 1993 daarin verandering brengt kan er nog gedurende drieëndertig maanden een lawine van kunstwerken ons land verlaten.

1\. Kan u mij een overzicht geven van de lasten die op dit gebied zwaarder zijn in ons land dan in de omliggende landen?

2\. Welke maatregelen denkt u te kunnen treffen om hierin op korte termijn verandering te brengen?

3\. Kan u bij de diensten die u ter beschikking staan, vernemen welk kunstbezit in ons land zou blijven na verkoop, indien de veiling in een Belgisch veilinghuis zou geschieden?

4\. Kan u gegevens verstrekken over kunstwerken van Belgische eigenaars die thans in het buitenland geveild worden en die na verkoop naar België terugkeren?

## **ANTWOORD**

Ten aanzien van openbare verkopen van lichamelijk roerende goederen zoals onder meer kunstwerken, wordt het bedrag van het percentage (bedongen kosten), berekend over de toewijzingsprijzen, dat gewoonlijk ten laste van de koper wordt bedongen, niet door fiscaalrechtelijke bepalingen vastgelegd evenmin overigens als het principe zelf van dat beding.

Anderzijds wordt ten aanzien van de verkoop hier te lande van originele kunstwerken het bedrag van dat percentage nauwelijks beïnvloed door de toepasselijke belastingregeling die geldt naargelang de verkoop geschiedt door een BTW-belastingplichtige dan wel door een niet-BTW-plichtige.

Overeenkomstig artikel 77 van het Wetboek der registratie-, hypotheek- en griffierechten zijn de openbare verkopen van lichamelijk roerende goederen in de regel onderworpen aan het recht van 5 pct. Indien dergelijke verkoop geschiedt op verzoek van iemand die handelt als BTW-belastingplichtige, is er als registratierecht enkel het algemeen vast recht verschuldigd (Wetboek Reg., artikel 80, 1°). In deze hypothese valt de verkoop dan onder de toepassing van de BTW waarvan het tarief voor originele kunstwerken waarover het ter zake gaat, 6 pct. bedraagt. Hetzelfde geldt overigens wanneer de exploitant van de verkoopzaal optreedt als verkoopcommissionair.

De vergoeding die de verkoopzaal van de verzoekers vordert voor haar tussenkomst als mandataris bij de verkoop van bedoelde kunstwerken, is onderworpen aan het normale BTW-tarief dat thans 19 pct. bedraagt en dit zonder onderscheid naargelang de verkoop gebeurt met toepassing van de BTW of van het registratierecht.

Het verschil in lasten op het stuk van de BTW dat in voorkomend geval bestaat tussen de verscheidene EEG-Lid-Staten vloeit voort uit artikel 32 van de Zesde EEG-Richtlijn van 17 mei 1977 (Richtlijn nr. 77/388/EEG betreffende de harmonisatie van de wetgevingen der Lid-Staten inzake omzetbelasting - gemeenschappelijk stelsel van belasting over de toegevoegde waarde: uniforme grondslag). In dat artikel wordt immers bepaald dat, tot bij de inwerkingtreding van een communautaire belastingregeling op het gebied van gebruikte goederen, kunstvoorwerpen, antiquiteiten en voorwerpen voor verzamelingen, de Lid-Staten die een bijzondere regeling op die goederen toepassen deze mogen handhaven. Daarentegen is het onmogelijk de bestaande beschikkingen te wijzigen of er nieuwe in te voeren.

De regeling die op Belgisch BTW-vlak toepasselijk is voor o.a. kunstvoorwerpen, antiquiteiten en voorwerpen voor verzamelingen, kan bijgevolg, gelet op de huidige stand van zaken in het communautair recht, in geen enkele zin gewijzigd worden.

De Belgische regering is zich bewust van de concurrentieverstoring die voortvloeit uit de verscheidenheid van bestaande regelingen. Daarom poogt zij, op Europees niveau, het nieuwe voorstel voor een richtlijn (nr. COM (88) 846 def., tot aanvulling van het gemeenschappelijk stelsel van belasting over de toegevoegde waarde, en tot wijziging van de artikelen 32 en [28](https://juriel.be/nl/unierecht/zesde-richtlijn-77-388/artikel-28) van Richtlijn 77/388/EEG - bijzondere regeling voor gebruikte goederen, kunstvoorwerpen, antiquiteiten en voorwerpen voor verzamelingen) dat door de Commissie van de Europese Gemeenschappen werd ingediend op 11 januari 1989 en dat tot doel heeft de BTW-regeling inzake gebruikte goederen, kunstvoorwerpen, antiquiteiten en voorwerpen voor verzamelingen te harmoniseren, uit het slop te halen.

Mijn departement beschikt voorts niet over de nodige gegevens om het geachte Lid een concreet antwoord te verstrekken inzonderheid op zijn vragen nrs. 3 en 4.

## Aangehaalde teksten

2

[Zesde richtlijn 77/388 art. 28](https://juriel.be/nl/unierecht/zesde-richtlijn-77-388/artikel-28) 1 voorkomen

Zesde richtlijn 77/388 art. 32 1 voorkomen

## Administratieve doctrine

1

[Parlementaire vragen 1](https://juriel.be/nl/parlementaire-vragen/162-fiscaliteit-bescherming-kunstpatrimonium-tweedehandse-goederen-993e/documenten?type=parlementaire-vragen)

« … aan de BTW tegen het normale tarief dat thans 19 pct. bedraagt en dit zonder onderscheid naargelang de verkoop gebeurt met toepassing van de BTW of van het registratierecht. Voor het overige kan ik het geachte Lid slechts verwijzen naar het antwoord op de vraag nr. 162 van de heer Senator Valkeniers, van 6 april 1990 (1) (bulletin van Vragen en Antwoorden, Senaat, 1989-1990, nr. 31, blz. 1469-1471). (1) Z. Revue nr. 90 blz. 279. »

[Tweedehands goed. Kunstvoorwerp. Antiquiteit. Verzamelobject. Verkoopzaal. Commissieloon. Kunstwerk. Verkoopcommissionair. Tarief. Maatstaf](https://juriel.be/nl/parlementaire-vragen/212-tweedehands-goed-kunstvoorwerp-antiquiteit-verzamelobject-b76d) Parlementaire vraag 19.06.1990

[Bekijk het document](https://juriel.be/nl/parlementaire-vragen/162-fiscaliteit-bescherming-kunstpatrimonium-tweedehandse-goederen-993e/documenten)
