---
title: "Parlementaire vraag 16 · De aannemer en de BTW. Toepassingsgeval"
description: "De aannemer en de BTW. Toepassingsgeval. Parlementaire vraag nr. 16 van 26 oktober 1972 (Belgisch federaal parlement)."
url: "https://juriel.be/nl/parlementaire-vragen/16-aannemer-btw-toepassingsgeval-verbist-1f7e"
lang: "nl"
fr: "https://juriel.be/fr/questions-parlementaires/16-entrepreneur-cas-application-verbist-6ce9"
---

# De aannemer en de BTW. Toepassingsgeval

**Nummer**

16

**Datum**

26 oktober 1972

## Over het document

**Verzameling**

Parlementaire vragen

**Taal van de tekst**

Nederlands

## Tekst

13 paragrafen

**Vr. en Antw., Senaat**

*De aannemer en de BTW - Toepassingsgeval*

## **VRAAG**

Inzake de toepassing van de BTW vernam ik graag van de geachte Minister welke regeling toepasselijk is op een aannemer wiens gewone bezigheid bestaat in het uitvoeren van bouwwerken voor derden en die daarbij op bijkomende wijze op een hem toebehorende grond een flatgebouw opricht met het oog op verkoop per flat samen met de onderdeeld medeëigendom van de grond.

Valt betrokkene aldus in de voorzieningen van [artikel 8, § 1, BTW-wetboek](https://juriel.be/nl/wetboeken/btw/artikel-8) en mag hij de in verband met dit gebouw betaalde BTW onmiddellijk aftrekken, terwijl de BTW verschuldigd op de niet verkochte flats slechts eisbaar wordt bij het verstrijken van de termijn bepaald in artikel 9, § 3?

Wordt hij beschouwd als een gemengde belastingplichtige wegens de verkoop van de grond of blijft hij een volledige belastingplichtige met dien verstande dat de BTW die uitsluitend betrekking heeft op de grond (b.v. belasting betaald op de ereloonnota van de landmeter die deze grond heeft opgemeten bij de aankoop ervan) niet aftrekbaar is? Welke is de oplossing voor de eventuele kosten van wegenaanleg?

Hoe is de aftrekregeling voor een beroepsbouwer van flatgebouwen die nieuwe flats verkoopt begrijpende benevens het bouwwerk ook de onderdeelde medeëigendom van de grond?

Wordt hij uit hoofd van deze laatste verrichting steeds beschouwd als een gemengde belastingplichtige en zal de aftrekking volgens het werkelijk gebruik worden opgelegd?

## **ANTWOORD**

De belastingplichtige bedoeld in [artikel 8, § 1, van het BTW-wetboek](https://juriel.be/nl/wetboeken/btw/artikel-8), is hij wiens geregelde werkzaamheden erin bestaat gebouwen op te richten of te laten oprichten om ze vóór, tijdens of na de oprichting, onder bezwarende titel geheel of ten dele te vervreemden. De vraag of een bepaalde persoon al dan niet deze hoedanigheid heeft, is een feitenkwestie die maar kan worden beoordeeld aan de hand van al de gegevens van het geval.

De in [artikel 8, § 1](https://juriel.be/nl/wetboeken/btw/artikel-8), van het Wetboek bedoelde belastingplichtige kan de BTW die hem met betrekking tot het oprichten van de gebouwen werd aangerekend onmiddellijk in aftrek brengen, maar bij het verstrijken van de termijn bepaald in [artikel 9, § 3](https://juriel.be/nl/wetboeken/btw/artikel-9), van het Wetboek moet hij de BTW betalen over de normale waarde van de niet verkochte flats.

De bedoelde belastingplichtige is een gemengde belastingplichtige, aangezien de BTW niet verschuldigd is over de verkoop van de grond. De aftrek van de voorbelasting wordt verricht volgens de regel van het werkelijke gebruik, wanneer hij erom verzoekt of wanneer de administratie het hem verplicht.

Overeenkomstig deze regel is niet aftrekbaar de BTW die aan een in [artikel 8, § 1](https://juriel.be/nl/wetboeken/btw/artikel-8), van het Wetboek bedoelde belastingplichtige wordt aangerekend door de landmeter die de grond heeft opgemeten waarop de gebouwen worden opgericht. Volledig aftrekbaar is daarentegen de BTW ter zake van de kosten van wegenaanleg met betrekking tot die grond.

## Aangehaalde teksten

2

[WBTW art. 8](https://juriel.be/nl/wetboeken/btw/artikel-8) 4 voorkomens

[WBTW art. 9](https://juriel.be/nl/wetboeken/btw/artikel-9) 1 voorkomen
