---
title: "Parlementaire vraag 1263 · Nieuwe gebouwen. Onttrekking door een beroepsoprichter. Maatstaf van heffing"
description: "Nieuwe gebouwen. Onttrekking door een beroepsoprichter. Maatstaf van heffing. Parlementaire vraag nr. 1263 van 25 oktober 1994 (Belgisch federaal parlement)."
url: "https://juriel.be/nl/parlementaire-vragen/1263-nieuwe-gebouwen-onttrekking-beroepsoprichter-maatstaf-48ca"
lang: "nl"
fr: "https://juriel.be/fr/questions-parlementaires/1263-base-imposition-prelevement-biens-immeubles-8828"
---

# Nieuwe gebouwen. Onttrekking door een beroepsoprichter. Maatstaf van heffing · Nieuwe gebouwen. Onttrekking door een beroepsoprichter. Maatstaf van heffing.

**Nummer**

1263

**Datum**

25 oktober 1994

## Over het document

**Verzameling**

Parlementaire vragen

**Taal van de tekst**

Nederlands

## Tekst

11 paragrafen

**Vr. en Antw., Kamer, 1994-1995, nr. 135, blz. 14158-14160**

*Nieuwe gebouwen - Onttrekking door een beroepsoprichter - Maatstaf van heffing.*

## **VRAAG**

In haar beslissing nr. ET 41.665 (BTW-revue, nr. 100, blz. 90, nr. 956) geeft de administratie aan dat de onttrekking zoals bedoeld in [artikel 12, § 2, van het BTW-wetboek](https://juriel.be/nl/wetboeken/btw/artikel-12) ingevolge de zesde richtlijn aanleiding geeft tot een BTW-betaling aan de Staat, die berekend wordt op grond van de kostprijs waarvan sprake in [artikel 33, 1°, van het BTW- wetboek](https://juriel.be/nl/wetboeken/btw/artikel-33). Toen die beslissing genomen werd, voorzag artikel 12, § 1, niet in de mogelijkheid van het onttrekken van onroerende goederen.

Bij de wet van 28 december 1992 tot wijziging van het BTW-wetboek werd de situatie waarin een belastingplichtige een onroerend goed aan zijn bedrijf onttrekt, wel in artikel 12, § 1, eerste lid, 3°, ingebouwd, wanneer de belastingplichtige met name een goed dat hij heeft opgericht of laten oprichten, in gebruik neemt als bedrijfsmiddel. In de beslissing nr. ET 77.712 (BTW-revue, nr. 109, blz. 62 en volgende, nr. 993) wordt gesteld dat er, wanneer een beroepsoprichter van nieuwbouw een goed dat hij voor de verkoop bestemt, verhuurt, sprake is van onttrekking zoals bedoeld in [artikel 12, § 1, eerste lid, 3°, van het BTW-wetboek](https://juriel.be/nl/wetboeken/btw/artikel-12). Die beslissing preciseert echter niet op grond van welke maatstaf de verschuldigde BTW moet worden berekend. Ik meen dat beslissing nr. ET 41.665 van toepassing is en uitgebreid moet worden tot de situatie die voortvloeit uit [artikel 12, § 1, eerste lid, 3°, van het BTW-wetboek](https://juriel.be/nl/wetboeken/btw/artikel-12).

Bevestigt u mijn zienswijze ?

## **ANTWOORD**

Zoals het geacht lid stelt, moet een beroepsoprichter van nieuwe gebouwen, wanneer hij een gebouw, dat hij heeft opgericht, heeft laten oprichten of met toepassing van de BTW heeft verkregen en dat bestemd is om te worden verkocht, verhuurt of voor enig ander gebruik als investeringsmiddel aanwendt, overgaan tot de onttrekking bedoeld in artikel 12, § 1, 1e lid, 3°, van het BTW-wetboek, indien deze nieuwe bestemming plaatsheeft gedurende de termijn tijdens dewelke het gebouw voor de toepassing van de BTW als nieuw wordt aangemerkt.

Dit gebruik wordt gelijkgesteld met een levering onder bezwarende titel, belastbaar over een maatstaf van heffing die krachtens artikel 33, 1°, van voornoemd Wetboek gelijk is aan de aankoopprijs van de goederen of soortgelijke goederen of, indien er geen aankoopprijs is, de kostprijs bepaald op het tijdstip waarop de handeling wordt verricht.

De kostprijs in kwestie stemt overeen met de kost van de werken tot oprichting van genoemd gebouw, indien de werken werden uitgevoerd op het ogenblik dat bovenbedoelde handeling zich voordoet.

Dezelfde bepalingen zijn vanaf 1 januari 1993 van toepassing op de onttrekking bedoeld in [artikel 12, § 2, van het BTW-wetboek](https://juriel.be/nl/wetboeken/btw/artikel-12) dat zowel de gebouwen beoogt die de beroepsoprichter heeft opgericht of heeft laten oprichten als die welke hij met toepassing van de BTW heeft verkregen. Deze onttrekking moet derhalve eveneens worden verricht op basis van de aankoopprijs of indien er geen aankoopprijs is, de kostprijs van een gelijkaardig gebouw, te bepalen op het tijdstip van genoemde onttrekking.

## Aangehaalde teksten

2

[WBTW art. 12](https://juriel.be/nl/wetboeken/btw/artikel-12) 4 voorkomens

[WBTW art. 33](https://juriel.be/nl/wetboeken/btw/artikel-33) 1 voorkomen
