---
title: "Parlementaire vraag 1231 · Toepassing van de éénloketregelingen en btw-vrijstellingsformaliteiten bij de levering van goederen"
description: "Toepassing van de éénloketregelingen en btw-vrijstellingsformaliteiten. Parlementaire vraag nr. 1231 van 29 mei 2026 (Belgisch federaal parlement)."
url: "https://juriel.be/nl/parlementaire-vragen/1231-toepassing-eenloketregelingen-btw-vrijstellingsformaliteiten-levering-a72c"
lang: "nl"
fr: "https://juriel.be/fr/questions-parlementaires/1231-application-regimes-guichet-unique-formalites-8f89"
---

# Toepassing van de éénloketregelingen en btw-vrijstellingsformaliteiten bij de levering van goederen

**Nummer**

1231

**Datum**

29 mei 2026

## Over het document

**Verzameling**

Parlementaire vragen

**Taal van de tekst**

Nederlands

## Tekst

25 paragrafen

Parlementaire vraag nr. 1231 van de heer Stéphane Lasseaux d.d. 29.05.2026

**Kamer, Vragen en Antwoorden, 2025-2026, QRVA 56/55 d.d. 14.07.2026, blz. 421**

*Toepassing van de éénloketregelingen en btw-vrijstellingsformaliteiten bij de levering van goederen en diensten door niet in België gevestigde btw-plichtigen aan internationale instellingen die onder* [*artikel 42, § 3 van het Btw-Wetboek*](https://juriel.be/nl/wetboeken/btw/artikel-42) *vallen*

## **VRAAG**

Er rijzen voor juristen die gespecialiseerd zijn in fiscale zaken en voor buitenlandse leveranciers belangrijke vragen over de onderlinge verhoudingen tussen de Europese vereenvoudigde btw-regelingen, zoals de bijzondere éénloketregelingen (One Stop Shops, OSS - artikelen [58bis](https://juriel.be/nl/wetboeken/btw/artikel-58bis) tot [58sexies](https://juriel.be/nl/wetboeken/btw/artikel-58sexies) van het Btw-Wetboek), en de inachtneming van de diplomatieke privileges en vrijstellingen voor internationale instellingen ([artikel 42, § 3 van het Btw-Wetboek](https://juriel.be/nl/wetboeken/btw/artikel-42)).

Voor de toepassing van de criteria met betrekking tot de plaats waar een dienst geleverd wordt (artikelen [21](https://juriel.be/nl/wetboeken/btw/artikel-21) en [21bis](https://juriel.be/nl/wetboeken/btw/artikel-21bis) van het Btw-Wetboek), zijn de in artikel 42, § 3 vermelde instellingen van nature niet-btw-plichtige rechtspersonen voor hun officiële activiteiten. Krachtens artikel 21, § 1, eerste lid, 2° kunnen zij echter met btw-plichtigen worden gelijkgesteld indien zij beschikken over een in België toegekend btw-nummer.

Wanneer buiten België gevestigde belastingplichtigen in België goederen of diensten leveren aan die instellingen die als niet-btw-plichtige optreden (B2C-kader), maken die leveranciers steeds vaker gebruik van de gecentraliseerde éénloketregelingen om de belasting aan te geven. In het OSS-systeem werd er echter niet in een vlotte procedure voorzien om specifieke vrijstellingen die verband houden met het statuut van de koper te registreren, wat leidt tot administratieve inconsistenties en risico's op dubbele belasting of buitensporige terugbetalingsformaliteiten.

Wat de beschikbare documenten voor zulke kwesties betreft, voorziet de interministeriële [omzendbrief nr. 1/1978](https://juriel.be/nl/omzendbrieven/1-1978-aanschrijving-vrijstelling-art-42-exoneration-1649) van 3 januari 1978 in een standaardformulier voor de bestelbon (Bijlage IV) om de btw-vrijstelling bij de bron te acteren. Daarnaast moet er overeenkomstig de Uitvoeringsverordening (EU) nr. 282/2011 van de Raad, gewijzigd bij Verordening (EU) 2022/432 van 15 maart 2022, een specifiek certificaat van vrijstelling (Bijlage II) gebruikt worden voor grensoverschrijdende verrichtingen binnen de Europese Unie.

1\. Bevestigt de administratie dat voor de strikte toepassing van de artikelen [21](https://juriel.be/nl/wetboeken/btw/artikel-21) en [21bis](https://juriel.be/nl/wetboeken/btw/artikel-21bis) van het Btw-Wetboek een in artikel 42, § 3 vermelde instelling als een niet-btw-plichtige (B2C) moet worden behandeld, behalve in het specifieke geval waarin zij een geldig Belgisch btw-identificatienummer aan de leverancier heeft meegedeeld (B2B, via artikel 21, § 1)?

2\. Gebruikmaking van de OSS-regelingen (artikelen 58bis tot 58sexies): kunnen of moeten in een andere lidstaat of buiten de EU gevestigde btw-plichtigen die in België diensten verlenen voor een in artikel 42, § 3 vermelde instelling die als niet-btw-plichtige optreedt wettelijk gezien gebruikmaken van de bijzondere OSS-regelingen voor zulke handelingen? Hoe moet volgens de Belgische fiscus het éénloketsysteem technisch gebruikt worden, opdat de vrijstelling van rechtswege waarin artikel 42, § 3 voorziet toegepast kan worden?

3\. Is de bestelbon in bijlage IV van de [circulaire 1/1978](https://juriel.be/nl/omzendbrieven/1-1978-aanschrijving-vrijstelling-art-42-exoneration-1649) van 3 januari 1978 inroepbaar en juridisch afdoende voor een niet in België gevestigde leverancier om het niet-innen van de btw te rechtvaardigen tegenover zijn eigen belastingadministratie of in het kader van het éénloketsysteem?

4\. In welke precieze gevallen zijn de in artikel 42, § 3 vermelde in België gevestigde instellingen wettelijk verplicht om aan hun buitenlandse leverancier het certificaat van btw-vrijstelling zoals vermeld in [bijlage II](https://juriel.be/nl/unierecht/uitvoeringsverordening-282-2011/bijlage-ii) van Uitvoeringsverordening (EU) nr. 282/2011 (zoals gewijzigd bij Verordening (EU) 2022/432) te verstrekken? Is dat Europese certificaat het enige geldige document waarmee de buitenlandse leverancier geen btw bij de bron hoeft te betalen bij een grensoverschrijdende verkoop?

## **ANTWOORD**

d.d. 03.07.2026 (van de vice-eersteminister en minister van Financiën en Pensioenen, belast met de Nationale Loterij en de Federale Culturele Instellingen)

1\. Inzake de plaatsbepaling van diensten dient het begrip "belastingplichtige" steeds te worden gedefinieerd zoals in de bepalingen van [art. 21, § 1, van het Btw-Wetboek](https://juriel.be/nl/wetboeken/btw/artikel-21). In geen enkel geval is dit begrip van toepassing in andere bepalingen van het Wetboek waar alleen de definitie van art. 4, § 1 eerste lid, van voornoemd Wetboek geldt als men het heeft over "belastingplichtige". Voor een algemeen commentaar ter zake wordt verwezen naar de [circulaire AFZ nr. 19/2009](https://juriel.be/nl/omzendbrieven/19-2009-afz-gewijzigd-directive-service-redevable-6420) van 22 december 2009 en [circulaire AFZ nr. 5/2011](https://juriel.be/nl/omzendbrieven/5-2011-afz-ecb7) van 27 juni 2011.

Onder het begrip "belastingplichtige" in de zin van [art. 21, § 1, van het Btw-Wetboek](https://juriel.be/nl/wetboeken/btw/artikel-21) wordt bedoeld:

\- de belastingplichtige zoals bedoeld in [art. 4 van het Btw-Wetboek](https://juriel.be/nl/wetboeken/btw/artikel-4);

\- de persoon die zowel handelingen verricht waarvoor deze de hoedanigheid van belastingplichtige heeft zoals bedoeld in het Btw-Wetboek als handelingen die buiten de werkingssfeer van de btw vallen, en;

\- de niet-belastingplichtige rechtspersoon die voor btw-doeleinden geïdentificeerd is of zou moeten zijn (zie ook [art. 17, lid 2, van de uitvoeringsverordening (EU) nr. 282/2011](https://juriel.be/nl/unierecht/uitvoeringsverordening-282-2011/artikel-17));

Voor deze personen dient de plaatsbepaling desgevallend te geschieden overeenkomstig de bepalingen van art. 21, § § 2 en 3, van het Btw-Wetboek.

Voor zover een niet-belastingplichtige rechtspersoon niet voor btw-doeleinden is geïdentificeerd is of zou moeten zijn moeten zijn, dient de plaatsbepaling te geschieden overeenkomstig de bepalingen van art. 21bis, § § 1 en 2, van het Btw-Wetboek.

2\. Wat het gebruik betreft van de bijzondere OSS regelingen bedoeld in de [art. 58ter](https://juriel.be/nl/wetboeken/btw/artikel-58ter) tot en met [58quinquies](https://juriel.be/nl/wetboeken/btw/artikel-58quinquies) van het Btw Wetboek inzake de invoer, de leveringen van goederen en de diensten, bestemd voor diplomatieke zendingen, consulaire posten, de Europese instellingen, de internationale organisaties, de strijdkrachten en de militaire begraafplaatsen (begunstigde instelling) of een lid van hun personeel (begunstigde persoon) van de belasting over de toegevoegde waarde worden vrijgesteld ingevolge [art. 42, § 3, eerste lid, van het Btw-Wetboek](https://juriel.be/nl/wetboeken/btw/artikel-42), moet het volgende onderscheid worden gemaakt:

\- wanneer de voornoemde handelingen van btw zijn vrijgesteld via een teruggaaf door de belastingplichtige, dat wil zeggen wanneer deze de btw aanrekent aan de begunstigde persoon of instelling en deze vervolgens terugbetaalt na ontvangst van het document dat de vrijstelling rechtvaardigt, kan deze belastingplichtige gebruikmaken van de bijzondere OSS regelingen om in eerste instantie de handelingen aan te geven en vervolgens de nodige correcties aan te brengen overeenkomstig paragraaf 6 van [art. 58ter](https://juriel.be/nl/wetboeken/btw/artikel-58ter) tot en met [58quinquies](https://juriel.be/nl/wetboeken/btw/artikel-58quinquies) van het Btw-Wetboek.

\- wanneer de voornoemde handelingen rechtstreeks van btw zijn vrijgesteld, dat wil zeggen wanneer de belastingplichtige geen btw aanrekent aan de begunstigde persoon of instelling, met name omdat hij reeds op het tijdstip van het belastbare feit beschikt over het document dat de vrijstelling rechtvaardigt, kan deze belastingplichtige geen gebruikmaken van de voormelde bijzondere regelingen, aangezien deze geen aangifte van vrijgestelde handelingen mogelijk maken. In dit verband dient te worden opgemerkt dat Richtlijn (EU) 2025/516 van de Raad van 11 maart 2025 (zie overweging 37), die Richtlijn 2006/112/EG wijzigt met ingang van 1 juli 2028, het toepassingsgebied van de bijzondere OSS regelingen uitbreidt tot handelingen die onderworpen zijn aan een nultarief alsook tot van btw vrijgestelde handelingen met recht op aftrek. Technisch gezien zal de module "OSS - EU e-Commerce" in de applicatie INTERVAT worden aangepast zodat belastingplichtigen deze handelingen kunnen aangeven.

3\. De in bijlage IV van [circulaire 1/1978](https://juriel.be/nl/omzendbrieven/1-1978-aanschrijving-vrijstelling-art-42-exoneration-1649) van 3 januari 1978 vermelde bestelbon vormt sinds 1 juni 1993 geen verantwoordingsstuk meer voor de vrijstelling. Zij kan derhalve niet worden voorgelegd aan buitenlandse belastingautoriteiten, met name in het kader van de toepassing van de bijzondere OSS-regelingen. De Belgische belastingadministratie is van oordeel dat de btw vrijstellingen, bedoeld in [art. 42, § 3, eerste lid, van het Btw-Wetboek](https://juriel.be/nl/wetboeken/btw/artikel-42), uitsluitend moeten worden gerechtvaardigd door middel van het vrijstellingscertificaat voor de btw en/of accijnzen zoals bedoeld in [bijlage II](https://juriel.be/nl/unierecht/uitvoeringsverordening-282-2011/bijlage-ii) bij uitvoeringsverordening (EU) nr. 282/2011 van de Raad van 15 maart 2011, wanneer zij van toepassing zijn op handelingen verricht door een niet in België gevestigde en niet voor btw geïdentificeerde belastingplichtige.

4\. Zoals aangegeven in het antwoord op punt 3 is de Belgische belastingadministratie van oordeel dat de begunstigde instelling of persoon verplicht een vrijstellingscertificaat voor de btw en/of accijnzen dient af te leveren, overeenkomstig het model opgenomen in [bijlage II](https://juriel.be/nl/unierecht/uitvoeringsverordening-282-2011/bijlage-ii) bij uitvoeringsverordening (EU) nr. 282/2011 van de Raad van 15 maart 2011, teneinde de toepassing van de btw vrijstelling te rechtvaardigen op een handeling verricht door een niet in België gevestigde en niet voor btw geïdentificeerde belastingplichtige. Dit certificaat, naar behoren gevalideerd, vormt het enige verantwoordingsstuk voor de vrijstelling dat moet worden voorgelegd aan de buitenlandse belastingautoriteiten, met name in het kader van de toepassing van de bijzondere OSS-regelingen.

## Aangehaalde teksten

10

[WBTW art. 21](https://juriel.be/nl/wetboeken/btw/artikel-21) 4 voorkomens

[WBTW art. 42](https://juriel.be/nl/wetboeken/btw/artikel-42) 4 voorkomens

[uitvoeringsverordening 282/2011 bijlage II](https://juriel.be/nl/unierecht/uitvoeringsverordening-282-2011/bijlage-ii) 3 voorkomens

[WBTW art. 21bis](https://juriel.be/nl/wetboeken/btw/artikel-21bis) 2 voorkomens

[WBTW art. 58quinquies](https://juriel.be/nl/wetboeken/btw/artikel-58quinquies) 2 voorkomens

[WBTW art. 58ter](https://juriel.be/nl/wetboeken/btw/artikel-58ter) 2 voorkomens

[WBTW art. 4](https://juriel.be/nl/wetboeken/btw/artikel-4) 1 voorkomen

[WBTW art. 58bis](https://juriel.be/nl/wetboeken/btw/artikel-58bis) 1 voorkomen

[WBTW art. 58sexies](https://juriel.be/nl/wetboeken/btw/artikel-58sexies) 1 voorkomen

[uitvoeringsverordening 282/2011 art. 17](https://juriel.be/nl/unierecht/uitvoeringsverordening-282-2011/artikel-17) 1 voorkomen
