---
title: "Parlementaire vraag 1207 · Medecontractant. Teruggeven. Termijn. Verwijlinteresten"
description: "Medecontractant. Teruggeven. Termijn. Verwijlinteresten, moratoire interesten. Parlementaire vraag nr. 1207 van 9 september 1994 (Belgisch federaal parlement)."
url: "https://juriel.be/nl/parlementaire-vragen/1207-medecontractant-teruggeven-termijn-verwijlinteresten-platteau-2574"
lang: "nl"
fr: "https://juriel.be/fr/questions-parlementaires/1207-cocontractant-remboursement-tardif-representant-platteau-c7de"
---

# Medecontractant. Teruggeven. Termijn. Verwijlinteresten · Medecontractant. Teruggeven. Termijn. Verwijlinteresten.

**Nummer**

1207

**Datum**

9 september 1994

## Over het document

**Verzameling**

Parlementaire vragen

**Taal van de tekst**

Nederlands

## Tekst

14 paragrafen

**Vr. en Antw., Kamer, 1994-1995, nr. 131, blz. 13648-13649**

*Medecontractant - Teruggeven - Termijn - Verwijlinteresten.*

## **VRAAG**

Er zijn heel wat gevallen van laattijdige terugbetaling van de BTW aan vennootschappen die werken onder het BTW-stelsel van de medecontractant en bijgevolg op het einde van ieder kwartaal BTW kunnen terugvorderen. Zo zijn er vennootschappen die op het einde van het vierde kwartaal 1993 een vluchtige controle kregen en waaraan de terugbetaling geschiedde met één maand vertraging zonder interestvergoeding.

Ook voor het eerste kwartaal van 1994 zijn er heel wat vennootschappen die verwittigd werden dat zij een controle zouden krijgen maar uiteindelijk niet gecontroleerd werden en daarom terugbetaald werden met één maand vertraging zonder rentevergoeding. Het gaat vaak om aanzienlijke bedragen en heel wat vennootschappen hebben te kampen met een gebrek aan werkingsmiddelen.

1\. Wat is de oorzaak van de laattijdige terugbetalingen van de BTW aan vennootschappen die werken onder het BTW-stelsel van de medecontractant ?

2\. Welke maatregelen neemt u om in de toekomst een vlotte en tijdige terugbetaling van de BTW mogelijk te maken ?

## **ANTWOORD**

Wanneer het bedrag van de belasting die ingevolge de artikelen 45 tot 48 voor aftrek in aanmerking komt, aan het einde van het kalenderjaar meer bedraagt dan de belasting die verschuldigd is door de belastingplichtige die in België is gevestigd, in België een vaste inrichting heeft of die, overeenkomstig artikel 55, in België een aansprakelijke vertegenwoordiger heeft doen erkennen, dan wordt, onder de voorwaarden bepaald door de Koning, het verschil teruggegeven binnen drie maanden op uitdrukkelijk verzoek van de belastingplichtige ([artikel 76, § 1, eerste lid, van het BTW-wetboek](https://juriel.be/nl/wetboeken/btw/artikel-76)).

Daarenboven, wanneer volgens de gegevens van de in [artikel 53, eerste lid, 3°, van het BTW-wetboek](https://juriel.be/nl/wetboeken/btw/artikel-53) bedoelde aangifte het eindresultaat een door de Staat verschuldigd bedrag is en aan de voorwaarden van teruggave is voldaan, kan het overschot vóór het einde van het kalenderjaar worden teruggegeven ([artikel 76, § 1, tweede lid, van het BTW-wetboek](https://juriel.be/nl/wetboeken/btw/artikel-76)). Overeenkomstig [artikel 8/1, § 3, derde lid, van het koninklijk besluit nr. 4](https://juriel.be/nl/wetboeken/btw/koninklijke-besluiten/ar-4-artikel-b80a) van 29 december 1969, met betrekking tot de teruggaven inzake de belasting over de toegevoegde waarde, dienen deze teruggaven uiterlijk te geschieden de derde maand volgend op het tijdvak waarop de kwartaalaangifte of de aangifte van de laatste maand van dit kwartaal betrekking heeft. Ze geschieden evenwel uiterlijk de tweede maand volgend op het tijdvak waarop de maandaangifte betrekking heeft in het geval bedoeld in [artikel 8/1, § 2, 3°](https://juriel.be/nl/wetboeken/btw/koninklijke-besluiten/ar-4-artikel-b80a), van voormeld besluit.

Volledigheidshalve wordt vermeld dat met betrekking tot de in het eerste en tweede lid bedoelde voorwaarden van het [artikel 76 van het BTW- wetboek](https://juriel.be/nl/wetboeken/btw/artikel-76), het voormelde koninklijk besluit nr. 4 voorziet in de mogelijkheid om een inhouding te verrichten die geldt als bewarend beslag onder derden in de zin van artikel 1445 van het Gerechtelijk Wetboek.

Krachtens artikel 91, § 3, eerste lid, van het voornoemde Wetboek is een interest van 0,8 % per maand van rechtswege verschuldigd over de sommen die bij het einde van het kalenderjaar moeten worden teruggegeven, te rekenen van het verstrijken van de termijn van drie maanden beoogd in de eerste alinea hiervoor.

De Centrale administratie van de BTW, Registratie en Domeinen, ziet nauwlettend toe op de uitvoering van de teruggaafprocedure en ze neemt desnoods alle vereiste maatregelen om de rechten van de belastingplichtige te vrijwaren, inzonderheid wat betreft de termijn van terugbetaling.

Nochtans, indien het geacht lid concrete gevallen beoogt, zal ik niet nalaten die te doen onderzoeken voor zover mij daartoe de nodige gegevens worden meegedeeld.

## Aangehaalde teksten

3

[WBTW art. 76](https://juriel.be/nl/wetboeken/btw/artikel-76) 3 voorkomens

[KB nr. 4 art. 8/1](https://juriel.be/nl/wetboeken/btw/koninklijke-besluiten/ar-4-artikel-b80a) 2 voorkomens

[WBTW art. 53](https://juriel.be/nl/wetboeken/btw/artikel-53) 1 voorkomen
