---
title: "Parlementaire vraag 119 · Sociaal beleid gemeenten en OCMW&#x27;s"
description: "Sociaal beleid gemeenten en OCMW's, Btw-tarief, onroerende verhuur. Parlementaire vraag nr. 119 van 9 december 2024 (Belgisch federaal parlement)."
url: "https://juriel.be/nl/parlementaire-vragen/119-sociaal-beleid-gemeenten-ocmw-kjell-7844"
lang: "nl"
fr: "https://juriel.be/fr/questions-parlementaires/119-politique-sociale-communes-cpas-kjell-a363"
---

# Sociaal beleid gemeenten en OCMW's

**Nummer**

119

**Datum**

9 december 2024

## Over het document

**Verzameling**

Parlementaire vragen

**Taal van de tekst**

Nederlands

## Tekst

19 paragrafen

**Kamer, Vragen en Antwoorden, 2024-2025, QRVA 56/007 d.d. 02.02.2025, blz. 102**

Vraag nr. 119 van De heer volksvertegenwoordiger Kjell Vander Elst van 09 december 2024 (N.) aan de vice-eersteminister en minister van Financiën, belast met de Coördinatie van de fraudebestrijding en de Nationale Loterij:

*Sociaal beleid gemeenten en OCMW's.*

## **VRAAG**

Rubriek X Huisvesting in het kader van het sociaal beleid, tabel B, koninklijk besluit nr. 20 voorziet in een verlaagd btw-tarief van 12 % voor gemeenten en OCMW's die woningen aankopen of laten bouwen "wanneer die goederen bestemd zijn voor de huisvesting in het kader van het sociaal beleid" met bestemming verkoop of verhuur voor OCMW's en bestemming verhuur voor gemeenten. Rubriek X bevat verder geen voorwaarden of criteria waaraan kan worden getoetst of de woningen bestemd zijn voor de huisvesting in het kader van het sociaal beleid.

Het fiscale legaliteitsbeginsel verzet er zich tegen dat de fiscus zelf voorwaarden zou toevoegen of discretionair zou gaan beoordelen of een woonproject of de betreffende verhuur- of verkoopvoorwaarden "voldoende sociaal" zijn om te kunnen worden aangemerkt als "bestemd voor huisvesting in het kader van het sociaal beleid".

Het komt exclusief toe aan de gemeenten en OCMW's zelf om te bepalen of een bepaalde investering in woningen "bestemd is voor huisvesting in het kader van het sociaal beleid". Huisvesting is in de eerste plaats een gewestelijke bevoegdheid (artikel 6 BWHI). Daarnaast bepaalt artikel 4 decreet lokaal sociaal beleid dat het lokaal bestuur een integraal en inclusief lokaal sociaal beleid ontwikkelt dat deel uitmaakt van het meerjarenplan.

Onder lokaal sociaal beleid wordt begrepen: het geheel van de beleidsbepaling en de acties van een of meer lokale besturen en van de acties van lokale actoren, om de maximale toegang van elke burger tot de rechten, vermeld in artikel 23 en artikel 24, § 3 van de Grondwet, te verzekeren. Artikel 23, derde lid, 3° van de Grondwet verwijst uitdrukkelijk naar huisvesting.

De gemeenten en OCMW's zijn aan het bestuurlijk toezicht onderworpen van de provinciegouverneurs en de Vlaamse regering. Dit moet verhinderen dat gemeenten en OCMW's oneigenlijk gebruik zouden maken van een kwalificatie "bestemd voor huisvesting in het kader van het sociaal beleid".

1\. Kunt u bevestigen dat het uitsluitend aan de gemeente of het OCMW zelf toekomt om te bepalen of de woningen die zij aankopen of laten bouwen "bestemd zijn voor de huisvesting in het kader van het sociaal beleid"?

2\. Kunt u bevestigen dat de gemeente of het OCMW deze kwalificatie als "bestemd voor huisvesting in het kader van het sociaal beleid" voldoende duidelijk kan tot uiting brengen in onder meer het meerjarenplan van de gemeente of het OCMW, de pro fisco-verklaring van de aankoopakte, een vermelding in een raadsbeslissing van de gemeenteraad of raad voor maatschappelijk welzijn, enz.?

## **ANTWOORD**

van de vice-eersteminister en minister van Financiën, belast met de Coördinatie van de fraudebestrijding en de Nationale Loterij van 28 januari 2025, op de vraag nr. 119 van De heer volksvertegenwoordiger Kjell Vander Elst van 09 december 2024 (N.):

1 en 2. Het Hof van Justitie van de Europese Unie (het Hof) heeft al bij herhaling aangegeven dat de mogelijkheid voor lidstaten om op bepaalde leveringen van goederen en diensten een verlaagd btw-tarief toe te passen op grond van de [bijlage III](https://juriel.be/nl/unierecht/btw-richtlijn-2006-112/bijlage-iii) van de richtlijn 2006/112/EG, (btw-richtlijn) stoelt op de onderliggende doelstelling om essentiële goederen en diensten die beantwoorden aan, onder meer, doelstellingen van sociaal belang toegankelijker te maken voor eindgebruikers.

Die band met de onderliggende doelstellingen van sociaal belang van de verlaagde btw-tarieven komt in het bijzonder tot uiting in de huidige categorie 10 van deze bijlage III waarbij wordt verwezen naar de levering en bouw van in het kader van sociaal beleid verstrekte huisvesting, als omschreven door de lidstaten; renovatie en verbouwing, met inbegrip van afbraak en heropbouw, en herstelling van huisvesting en particuliere woningen; verhuur van onroerend goed voor residentieel gebruik.

De btw-richtlijn definieert niet wat moet worden verstaan onder handelingen die beantwoorden aan "doelstellingen van sociaal belang" noch wat moet worden verstaan onder "in het kader van het sociale beleid verstrekte huisvesting". In de rechtspraak van het Europees Hof zijn er evenwel een aantal concrete elementen waarmee rekening moet worden gehouden.

Zo heeft het Hof al impliciet bevestigd dat de redenering met betrekking tot het begrip "redenen van sociaal belang" op overeenkomstige wijze toepassing vindt op het begrip "in het kader van het sociaal beleid" \[verstrekte huisvesting\] bedoeld in punt 10 van de [bijlage III](https://juriel.be/nl/unierecht/btw-richtlijn-2006-112/bijlage-iii) van de richtlijn 2006/112/EG.

Het Hof zegt dat de invulling van het begrip "in het kader van het sociale beleid verstrekte huisvesting" weliswaar in principe toekomt aan de lidstaten zelf, doch onder de beperking dat door een volledige uitholling of oneigenlijk gebruik van het begrip maatregelen zouden worden genomen die door hun werkelijke effecten en doelstellingen buiten het kader van in het kader van het sociaal beleid versterkte huisvesting zouden vallen.

In die zin beschikt mijn administratie dus wat de toepassing van de btw-tarieven over een toetsingsrecht.

Bijgevolg kan ik uw standpunten niet zonder meer onderschrijven.

## Aangehaalde teksten

1

[btw-richtlijn 2006/112 bijlage III](https://juriel.be/nl/unierecht/btw-richtlijn-2006-112/bijlage-iii) 2 voorkomens
