---
title: "Parlementaire vraag 116 · Opmaken van een inventaris inzake inkomstenbelastingen en BTW"
description: "Opmaken van een inventaris inzake inkomstenbelastingen en BTW. Parlementaire vraag nr. 116 van 6 september 1973 (Belgisch federaal parlement)."
url: "https://juriel.be/nl/parlementaire-vragen/116-opmaken-inventaris-inkomstenbelastingen-btw-verbist-c186"
lang: "nl"
fr: "https://juriel.be/fr/questions-parlementaires/116-inventaire-impots-directs-verbist-impot-60e8"
---

# Opmaken van een inventaris inzake inkomstenbelastingen en BTW

**Nummer**

116

**Datum**

6 september 1973

## Over het document

**Verzameling**

Parlementaire vragen

**Taal van de tekst**

Nederlands

## Tekst

28 paragrafen

**Vr. en Antw., Senaat**

*Opmaken van een inventaris inzake inkomstenbelastingen en BTW*

## **VRAAG**

Graag bekwam ik van de geachte Minister een antwoord op de volgende vragen:

Een handelaar A werd inzake directe belastingen steeds belast, bij gebrek aan regelmatige boekhouding, op het totaal bedrag van zijn aankopen.

Bij het invoeren van de BTW koos hij het forfaitair stelsel en vroeg detaksatie aan voor zijn voorraad bestaande op 31 december 1970.

A doet bij onderstelling overdracht van geheel zijn handelsfonds aan B. De voorraad is in de overdrachtprijs begrepen voor b.v. 500.000 frank en de overnemer B kiest inzake BTW eveneens het forfaitair stelsel.

Op de overdracht zelf is geen BTW verschuldigd ([art. 11, BTW-Wetboek](https://juriel.be/nl/wetboeken/btw/artikel-11)).

1\. Zal de door B overgenomen voorraad van 500.000 frank gevoegd worden bij zijn aankopen voor het jaar van de overdracht, zowel inzake directe belastingen als inzake BTW?

2\. Bestaat er ter zake verplichting voor de overnemer B om jaarlijks een inventaris op te maken?

3\. Welke zijn de gevolgen zowel inzake directe belastingen als inzake BTW van schommelingen in de voorraad?

Mag ik verder vernemen of zelfs voor belastingplichtigen gehouden tot een gedetailleerde boekhouding (art. 11 van het koninklijk besluit nr. 1) het opstellen van jaarlijkse inventarissen niet vereist is voor ondernemingen waarvan de jaarlijkse omzet niet hoger is dan 10 miljoen frank? Ministerieel antwoord op de vraag van de heer volksvertegenwoordiger De Croo - BTW - Revue nr. 3, blz. 4).

## **ANTWOORD**

Inzake inkomstenbelastingen Wat punt 1 betreft

Daar er voor de inkomstenbelastingen geen verschil bestaat tussen overgenomen of ingekochte koopwaren, moeten voor de winstberekening de door B overgenomen koopwaren bij de inkopen (zonder BTW) van het jaar van de overname worden gevoegd.

Wat punten 2 en 3 betreft

Overeenkomstig artikel 17 van Boek I, titel III, van het Wetboek van koophandel, is iedere koopman verplicht ieder jaar een onderhandse inventaris op te maken van zijn roerende en onroerende goederen en van zijn schuldvorderingen en schulden, en, jaar na jaar, die inventaris over te schrijven in een speciaal daartoe bestemd register.

Indien overnemer B jaarlijks een bewijskrachtige inventaris van zijn voorraad opmaakt, zal met de schommelingen in de opeenvolgende inventarissen van zijn voorraad rekening worden gehouden.

Indien belanghebbende echter geen uit bewijskrachtige bescheiden blijkende inventaris voorlegt, wordt beschouwd dat al de inkopen van een jaar in de loop van dat jaar zijn verkocht en wordt de winst dienovereenkomstig berekend.

Voor de ondernemingen die hun bedrijfsactiviteit beginnen, mag nochtans de winst worden bepaald rekening houdend met het bestaan van een voorraad op het einde van het eerste exploitatiejaar - ofschoon die voorraad niet blijkt uit een geldige inventaris - op voorwaarde dat de belastingplichtige de taxatieambtenaar de redelijke overtuiging kan bijbrengen van de waarde van die voorraad en aanvaardt dat deze tijdens de twee volgende jaren wordt verminderd en teruggebracht tot nul.

Er wordt aan toegevoegd dat een op grond van het verschil tussen de ontvangsten en uitgaven bepaalde winst enkel mag worden aangenomen wanneer er voor de inkomstenbelastingen geldige inventarissen bestaan waarmee bij het bepalen van de brutowinst kan worden rekening gehouden.

Inzake BTW

Punt 1.

Op grond van [artikel 9, eerste lid, van het koninklijk besluit nr. 2](https://juriel.be/nl/wetboeken/btw/koninklijke-besluiten/ar-2-november-betrekking-vaststelling-forfaitaire-grondslagen-abd1), van 7 november 1969, wordt de belastingplichtige die onderworpen is aan de forfaitaire regeling, behoudens tegenbewijs, geacht al de ingekochte en ingevoerde goederen te hebben geleverd, al of niet na be- of verwerking, of ze te hebben gebruikt bij de uitvoering van diensten, onder voorwaarden waaronder de belasting opeisbaar wordt. Dit vermoeden is van toepassing zelfs wanneer de verkrijging plaatsheeft in de voorwaarden van [artikel 11 van het BTW-Wetboek](https://juriel.be/nl/wetboeken/btw/artikel-11).

Punten 2, 3 en het laatste lid van de vraag.

Zoals medegedeeld in het antwoord verstrekt op de [vraag nr. 123 d.d. 21 april 1971](https://juriel.be/nl/parlementaire-vragen/123-kleine-middelgrote-ondernemingen-boekhouding-croo-4416) van de heer Volksvertegenwoordiger De Croo (zie bulletin van Vragen en Antwoorden, Kamer, 1970-1971, nr. 29, blz. 1372 tot 1374) en waarvan het geachte Lid gewag maakt, eist de administratie van de BTW niet dat jaarlijks inventarissen worden opgesteld door ondernemingen waarvan de jaarlijkse omzet niet meer bedraagt dan 10 miljoen frank.

Wanneer een forfaitaire belastingplichtige niet jaarlijks een inventaris van zijn voorraad opmaakt, wordt die voorraad geacht constant te zijn gebleven.

Wanneer een forfaitaire belastingplichtige jaarlijks een inventaris van zijn voorraad opmaakt, wordt voor het vaststellen van de omzet van het tijdvak waarin de inventaris wordt opgemaakt het bedrag van de inkopen en de invoeren, naargelang van het geval, vermeerderd of verminderd met het verschil in waarde, uitgedrukt in inkoopprijzen van de goederen die in de opeenvolgende inventarissen van zijn voorraad werden opgenomen (zie koninklijk besluit nr. 2, artikel 9, 2de en 3de lid).

## Aangehaalde teksten

2

[WBTW art. 11](https://juriel.be/nl/wetboeken/btw/artikel-11) 2 voorkomens

[KB nr. 2 art. 9](https://juriel.be/nl/wetboeken/btw/koninklijke-besluiten/ar-2-november-betrekking-vaststelling-forfaitaire-grondslagen-abd1) 1 voorkomen
