Parlementaire vraag nr. 1087 van mevrouw Leentje Grillaert d.d. 25.03.2026
Kamer, Vragen en Antwoorden, 2025‑2026, QRVA 56/50 d.d. 04.05.2026, blz. 288
De fiscale controles en toepassing van serveerregels in kleine horecazaken
VRAAG
In een recent artikel van Het Laatste Nieuws over de stad Tielt stopte een 67‑jarige caféuitbater, wiens familiezaak reeds 86 jaar bestond, met zijn café nadat een belastingcontroleur tijdens een controle een zeer hoge forfaitaire berekening toepaste op basis van het aantal glazen per fles wijn. Volgens de uitbater rekent de administratie zes glazen per fles, terwijl hij in de praktijk slechts 4,5 glazen schenkt. Deze controverse heeft geleid tot frustratie bij de uitbater en vormde mede de aanleiding voor zijn beslissing om te stoppen met zijn zaak.
Gelet op het belang van de horecasector voor de lokale economie en de vaak zeer beperkte winstmarges van kleine cafés, is het essentieel dat fiscale controles objectief, proportioneel en duidelijk zijn, en dat uitbaters weten waar zij aan toe zijn.
1. Kunt u verduidelijken welke wettelijke of reglementaire basis de Inspectiedienst Consumentenproducten of andere fiscale controlediensten hanteren om te bepalen hoeveel glazen wijn er uit een fles worden geserveerd bij een horecazaak?
2. Bestaat er een duidelijk en voor horeca‑uitbaters verplichtend kader rond de te hanteren standaardporties (bijv. aantal centiliter per glas wijn) bij controles, en zo ja, waarop is dat gebaseerd (bijv. gezondheidswetgeving, belastingforfaits, of andere bepalingen)?
3. Hoe wordt in de huidige fiscale praktijk gecontroleerd of een uitbating werkelijk het aantal glazen schenkt dat zij in hun boekhouding of kassa-gegevens aangeven, en welke tolerantiemarges worden gehanteerd bij verschillen tussen forfaitaire berekeningen en de realiteit?
4. Bent u bereid om samen met de sector en de betrokken administraties te bekijken of de huidige controlesystematiek, met name de wijze van forfaitaire omzetberekening en de gehanteerde serveernormen, herzien kan worden om die praktijken transparanter, eenvoudiger en eerlijker te maken voor kleine horecaondernemers?
ANTWOORD
d.d. 27.04.2026 (van de vice‑eersteminister en minister van Financiën en Pensioenen, belast met de Nationale Loterij en de Federale Culturele Instellingen)
1 en 2. Ik kan niet ingaan op het concreet geval waar u naar verwijst.
U vraagt me te verduidelijken welke wettelijke of reglementaire basis de fiscale controlediensten hanteren om te bepalen hoeveel glazen wijn er uit een fles worden geserveerd bij een horecazaak.
Voor caféhouders die kozen voor de forfaitaire regeling is het gemakkelijk te antwoorden op uw vraag. De forfaitaire grondslagen van aanslag maken het mogelijk de belastbare omzet van de belastingplichtige eenvoudig te bepalen in de gevallen waarin die omzet niet blijkt uit facturen of andere precieze gegevens, zonder dat de betrokkene zijn ontvangsten van dag tot dag moet optekenen.
Voor caféhouders onder de forfaitaire regeling dient inzake btw verwezen te worden naar artikel 18, 2de lid, 1° van het koninklijk besluit nr. 2bis tot vaststelling van de forfaitaire grondslagen van aanslag inzake de belasting over de toegevoegde waarde voor caféhouders en kleine caféhouders dat het aantal consumpties per fles wijn bepaalt op zes consumpties per fles van zeventig centiliter en acht consumpties per fles van één liter.
Opgemerkt wordt evenwel dat voor de kleine caféhouders onderworpen aan de forfaitaire regeling een winstmarge per gekochte fles wijn wordt bepaald (een coëfficiënt van 3,28 om het omzetcijfer te bepalen). Inzake directe belastingen dient verwezen te worden naar nr. B, 1, g van de forfaitaire regeling (bruto winstmarge 228 %). Aangezien de forfaitaire grondslagen één geheel vormen, moet de belastingplichtige, als hij aangeeft op deze wijze belast te willen worden, alle bedragen en coëfficiënten toepassen die in de forfaitaire regeling zijn vastgelegd. Voor café- en restauranthouders die onder de gewone btw‑regeling vallen betreft het een feitenkwestie hoeveel glazen wijn uit één fles geschonken kunnen worden. Deze berekening is afhankelijk van de wijze waarop zij hun economische activiteit uitoefenen (onder andere de inhoud van de fles, de grootte van de glazen, enz.).
3. De wijze waarop in de praktijk gecontroleerd wordt of een uitbating werkelijk het aantal glazen schenkt dat zij in hun boekhouding of kassa‑gegevens aangeven, en welke tolerantiemarges hierbij gehanteerd worden, hangt af van de feitelijke elementen van elk individueel dossier.
4. Tot slot vraagt u of ik bereid ben om samen met de sector en de betrokken administraties te bekijken of de huidige controlesystematiek, met name de wijze van forfaitaire omzetberekening en de gehanteerde serveernormen, verbeterd kan worden voor kleine horecaondernemers.
De beroepsorganisaties (die hebben aangegeven betrokken te willen worden) worden jaarlijks gecontacteerd door mijn administratie in het kader van de forfaitaire regeling voor cafés en kleine cafés. In 2022 werd door de lokale opsporingsdienst van de FOD Financiën veel tijd en energie gestoken in steekproefsgewijs onderzoek bij cafés en kleine cafés in het kader van de evaluatie van de forfaitaire grondslagen.
Een forfaitaire omzetberekening is daarenboven per definitie gebaseerd op gemiddelden, waardoor er bij controles dus geen ruimte bestaat om rekening te houden met de specifieke kenmerken van een welbepaalde horecazaak. Wanneer uitbaters menen dat ze te veel belastingen betalen bij gebruik van de forfaitaire regeling, zijn zij altijd vrij geweest om hiervan af te stappen. Iets wat elke uitbater vanaf 1 januari 2028 sowieso zal moeten doen, aangezien reeds geruime tijd werd beslist dat de forfaitaire regeling vanaf dan ophoudt te bestaan.
Aangehaalde referentie
Sneltoetsen
Niet actief tijdens het typen in een veld.
- Zoeken in de tekst
- /Ctrl/⌘ F
- Volgende / vorige treffer
- EnterShift Enter
- Volgende / vorige sectie
- JK
- Leesmodus
- L
- Een paneel sluiten
- Esc
De leesmodus verbergt de inhoudsopgave en de kerncijfers, vergroot de tekst en centreert de kolom.