Vr. en Antw., Kamer, nr. 119, 1997-1998, blz. 16414-16417
Info-uitwisseling in EU
VRAAG
Internationale samenwerking, zij het enkel tussen EU-Lidstaten, is van wezenlijk belang voor het welslagen van de strijd tegen de belastingfraude.
De Europese Commissie is zich terdege bewust van de inzet van die strijd, getuige onder meer de oprichting van de UCLAF, de coördinatie- eenheid voor de fraudebestriiding van de Commissie.
Die eenheid kan de Lid-Staten, door middel van wat men "onderlinge bijstandsadviezen" noemt, via het SCENT-netwerk inlichten over grove fraudegevallen. In zo'n advies staat het type van fraude vermeld, evenals de gehanteerde technieken of mechanismen en de maatregelen die men best zou nemen om de fraude tegen te gaan.
1.
a) Heeft het departement van Financiën al dergelijke adviezen ontvangen?
b) Zo ja, wat is de algemene teneur ervan ?
2.
a) Welke specifieke diensten ontvangen en behandelen die adviezen?
b) Werden op grond van die adviezen al bijzondere maatregelen genomen op federaal vlak?
c) Zo ja, welke?
d) Heeft u de Commissie daarvan op de hoogte gebracht?
3. Welke diensten binnen het departement van Financiën beschikken over een operationele toegang tot het SCENT-netwerk?
ANTWOORD
In 1993 heeft de Europese Commissie, naar het voorbeeld van het netwerk "SCENT-Douane", een netwerk geïnstalleerd voor elektronische uitwisseling, tussen de Lid-Staten en de Commissie, van fiscale gegevens op het vlak van de BTW. Dit netwerk "SCENT-Fiscal" genaamd, moet de uitwisseling van inlichtingen vergemakkelijken en de samenwerking tussen de Lid-Staten stimuleren, met het oog op een betere bestrijding van de fiscale fraude.
1.
a) Ja, regelmatig.
b) 1) Inzake BTW hebben deze berichten in het algemeen betrekking op frauduleuze praktijken, die zich uitstrekken over verschillende Lid-Staten. Zij hebben inzonderheid betrekking op carrouselfraudes en op het gebruik van valse of fictieve facturen.
2) Voor de Administratie van de douane en accijnzen bevatten deze berichten inlichtingen over vaststellingen in één of meerdere Lid-Staten betreffende overtredingen van de juiste toepassing van de douane- of landbouwvoorschriften. Op grond van die feiten wordt het vermoedelijke fraudemechanisme geschetst. De berichten eindigen doorgaans met aanbevelingen betreffende de maatregelen die zowel door de Commissie als door één of meerdere Lid-Staten moeten worden genomen. Die maatregelen gaan van het eenvoudig verzamelen van informatie tot het uitvoeren van gerichte onderzoeken bij bepaalde firma's of het houden van een verscherpt toezicht op de invoer van bepaalde goederen die uit een welbepaald land afkomstig zijn waarbij al dan niet een verplichte borgstelling wordt geëist als voorwaarde tot de vrijgave van goederen.
2.
a)
1) Binnen de Administratie van de BTW, registratie en domeinen worden deze berichten ontvangen en behandeld door de centrale administratie (4e dienst - 12e directie) en door de Centrale BTW-eenheid voor internationale administratie samenwerking (afgekort "CLO").
De Centrale administratie van de BTW, registratie en domeinen kan zo, door een beter inzicht in de verschillende types en mechanismen van fraude en de ontwikkelingen ervan, in het kader van het algemene controlebeleid de onderzoeken en verificaties beter oriënteren of heroriënteren.
De CLO van zijn kant, verzekert het praktische beheer en de opvolging van de uitwisseling van inlichtingen, die in de ontvangen SCENT-berichten zijn opgenomen. In België gebeurt het onderzoek van de verkregen informatie in principe op verzoek van de CLO door de BTW-controlekantoren en, in voorkomend geval, door de opsporingsdiensten of door de administratie van de bijzondere belastinginspectie.
De CLO kan echter ook het "Nationaal controlecentrum voor bestrijding van de BTW-carrouselfraude" (NCCC) vragen om een passend onderzoek te doen.
2) In de Administratie van de douane en accijnzen worden deze berichten ontvangen door de centrale administratie, door de nationale opsporingsdirectie van de douane en accijnzen en door de verschillende opsporingsinspecties. Volgens de inhoud van deze berichten kunnen ze ook medegedeeld worden aan andere diensten (controlediensten, ontvangkantoren, ...).
b) Ja.
c) 1) De oprichting, bij ministerieel besluit van 23 juli 1997, van het "Nationaal controlecentrum voor bestrijding van de BTW-carrouselfraude" is juist een onderdeel van een aantal acties en maatregelen die werden genomen om de strijd tegen de carrouselfraude op te voeren. De "SCENT-Fiscal" - berichten hebben mede de noodzaak daarvan aangetoond.
2) Elk bericht wordt onderzocht door de betrokken dienst van de Administratie van de douane en accijnzen, die de nationale administratieve instructies verspreidt die, gelet op de inhoud van de ontvangen berichten, nodig zijn.
d) 1) De Europese Commissie en de andere Lid-Staten werden op de hoogte gebracht van de oprichting van het "Nationaal controlecentrum voor bestrijding van de BTW-carrouselfraude" tiidens één van de periodieke vergaderingen van het SCAC (Standing Committee on Administrative Cooperation). Dit comité is samengesteld uit vertegenwoordigers van de Lid-Staten en wordt voorgezeten door een vertegenwoordiger van de Europese Commissie.
2) Betreffende de "SCENT-douane" stuurt de Commissie, om de zes maanden, naar elke Lid-Staat een lijst met de berichten of de aanvullingen op berichten die zij ontvangen heeft, met het verzoek mede te delen welke acties er werden ondernomen. Verder is het mogelijk dat een bericht zelf de opdracht bevat om de Commissie op de hoogte te houden van het verloop van een onderzoek. Ten slotte gebeurt het dat bepaalde onderzoeken gezamenlijk door de diensten van de Commissie en de nationale diensten van een Lid-Staat worden uitgevoerd, zodat de Commissie zelf rechtstreeks op de hoogte is van de ondernomen acties.
3. 1) Binnen de Administratie van BTW, registratie en domeinen zijn er twee diensten die toegang hebben tot het netwerk "SCENT-Fiscal":
•de centrale administratie (4e dienst - 12e directie);
•de centrale BTW-eenheid voor internationale administratieve samenwerking (afgekort "CLO" of "Central Liaison Office").
2) Binnen de Administratie van de douane en accijnzen hebben de volgende diensten rechtstreeks toegang tot het specifieke SCENT-net:
•de Centrale administratie van de douane en accijnzen;
•de nationale opsporingsdiensten van de douane en accijnzen,
•de opsporingsinspecties van de douane en accijnzen, die over heel het Belgisch grondgebied verspreid zijn.
Aangehaalde referentie
Sneltoetsen
Niet actief tijdens het typen in een veld.
- Zoeken in de tekst
- /Ctrl/⌘ F
- Volgende / vorige treffer
- EnterShift Enter
- Volgende / vorige sectie
- JK
- Leesmodus
- L
- Een paneel sluiten
- Esc
De leesmodus verbergt de inhoudsopgave en de kerncijfers, vergroot de tekst en centreert de kolom.