Vr. en Antw., Senaat
Verkopen gedaan met als clausules "fob" of "for" - Vrijstelling wegens uitvoer
VRAAG
Bij verkoop door een Belgische firma aan een in België gevestigd import-exportbureau onder verkoopsvoorwaarden for (free on rail) wordt op de factuur van de Belgische firma aan het import-exportbureau vermeld "vrijstelling van BTW-goederen bestemd voor export".
Volgens aanschrijving nr. 21/1978 in aanvulling van het BTW-Wetboek, § 9, zijn enkel fob-leveringen gelijkgesteld met uitvoer en is er slechts voor fob-leveringen vrijstelling van BTW.
Kan een free on rail (for)-levering niet worden gelijkgesteld met een fob-levering in volgend geval?
De verkoper zet de goederen zelf op wagon zonder dat een tussenpersoon (import-exportbureau) deze goederen in zijn bezit heeft genomen.
Een dubbel van vrachtbrief afgestempeld door de NMBS, kan worden voorgelegd zodat bewezen wordt dat de goederen wel degelijk naar het buitenland werden verstuurd.
Dus, m.a.w., de verkoper heeft voldaan aan zijn kontraktuele verplichtingen om de koopwaar op wagon te zetten met bestemming export. Er kunnen in dat geval trouwens voldoende bewijzen worden voorgelegd (afgestempelde vrachtbrief, dokumentair krediet, douanedokumenten) dat het hier wel degelijk om uitvoer gaat.
ANTWOORD
Overeenkomstig artikel 39, § 1, 1°, van het Wetboek van de belasting over de toegevoegde waarde is de levering van goederen die door of voor rekening van de leverancier worden uitgevoerd van deze belasting vrijgesteld.
In het door het geachte Lid bedoelde geval van opeenvolgende verkopen van voor uitvoer bestemde goederen, kan deze vrijstelling niet alleen worden toegepast in de betrekkingen tussen de buitenlandse klant en zijn Belgische leverancier, maar eveneens bij de verkoop gesloten tussen deze laatste en zijn eigen leverancier van de goederen, voor zover laatstgenoemde de goederen uitvoert hetzij door ze zelf naar het buitenland te vervoeren, hetzij door ze naar het buitenland te laten vervoeren door een derde - andere dan zijn eigen klant - die handelt in zijn opdracht en voor zijn rekening.
In dit verband heeft de administratie aangenomen dat de verkoop gedaan met de clausule fob door de goederen aan boord van het zeeschip of langs het zeeschip ("op de blauwe steen van de kaai)" te plaatsen voor de toepassing van de bovengenoemde wettelijke bepaling een uitvoer inhoudt overwegende dat de verkoper de door een zeeschip te vervoeren goederen levert onder de voorwaarden die niet de minste twijfel laten bestaan omtrent hun uitvoer.
Daarentegen bestaan deze omstandigheden niet onder meer in het door het geachte Lid bedoelde geval van verkoop met de clausule for wat in de internationale handel een verkoop inhoudt die wordt gedaan "franco wagon plaats van verzending" en waarbij volgens deze modaliteiten de verkoper zich slechts verbindt de goederen in België ter vrije beschikking van zijn klant te stellen. Het feit dat de verkoper van zijn klant een afschrift van de vrachtbrief kan verkrijgen, heeft geen invloed.