---
title: "Parlementaire vraag 106 · Prijsstelling voor tijdelijke invoer en gebruik hier te lande, door een Belgische"
description: "Prijsstelling voor tijdelijke invoer en gebruik hier te lande, door een Belgische. Parlementaire vraag nr. 106 van 7 oktober 1988 (Belgisch federaal parlement)."
url: "https://juriel.be/nl/parlementaire-vragen/106-prijsstelling-tijdelijke-invoer-gebruik-hier-249f"
lang: "nl"
fr: "https://juriel.be/fr/questions-parlementaires/106-exemptions-importation-temporaire-utilisation-pays-87fa"
---

# Prijsstelling voor tijdelijke invoer en gebruik hier te lande, door een Belgische · Prijsstelling voor tijdelijke invoer en gebruik hier te lande, door een Belgische grensarbeider in het kader van zijn arbeidsovereenkomst, van een autovoertuig toebehorend aan zijn werkgever die in een andere Lid-Staat is gevestigd. Arrest van het Hof van Justitie van de EEG van 6 juli 1988. Overeenstemming van de Belgische wetgeving ter zake

**Nummer**

106

**Datum**

7 oktober 1988

## Over het document

**Verzameling**

Parlementaire vragen

**Taal van de tekst**

Nederlands

## Tekst

12 paragrafen

**Vr. en Antw., Kamer, 1988, nr. 036 , blz. 2356**

*Prijsstelling voor tijdelijke invoer en gebruik hier te lande, door een Belgische grensarbeider in het kader van zijn arbeidsovereenkomst, van een autovoertuig toebehorend aan zijn werkgever die in een andere Lid-Staat is gevestigd - Arrest van het Hof van Justitie van de EEG van 6 juli 1988 - Overeenstemming van de Belgische wetgeving ter zake*

## **VRAAG**

Een arrest van het Hof van justitie van de EEG van 6 juli 1988 maakt het mogelijk dat een voertuig behorende tot een Franse werkgever dat ter beschikking wordt gesteld van een Belgische grensarbeider (een personeelslid) zonder douanerechten wordt ingevoerd.

Gelet op het feit dat analoge gevallen zich vaak aan de grenzen voordoen, wens ik van de Minister te vernemen of de Belgische reglementering aan dat arrest werd aangepast. Het gebruik van een voertuig, met uitzondering van de verplaatsing van de woonplaats naar de werkplaats, is inderdaad uitdrukkelijk toegelaten voor zover de Belgische verkeersbelasting wordt betaald.

## **ANTWOORD**

Het arrest van 6 juli 1988 van het Hof van Justitie van de Europese Gemeenschappen in de zaak 127/86, dat voortaan in een EEG-Lid-Staat de tijdelijke invoer toestaat, door een grensarbeider woonachtig in deze Staat, van een wagen toebehorend aan zijn werkgever die in een andere Lid-Staat gevestigd is, in het kader van zijn arbeidsovereenkomst, voor het uitoefenen van zijn opdracht en in bijkomstige mate, in zijn vrije tijd, noodzaakt geen wijziging van de Belgische wetgeving ter zalie.

Inderdaad, paragraaf 11 van artikel 23bis van het koninklijk besluit nr. 7 van 27 december 1977 Z. Revue nr. 33, blz.79.

met betrekking tot de invoer van goederen voor de toepassing van de belasting over de toegevoegde waarde, voorziet er reeds in dat de Minister van Financiën of zijn afgevaardigde het kunnen goedvinden, onder de voorwaarden die zij vaststellen, dat vrijstelling wordt verleend voor de tijdelijke invoer en het gebruik hier te lande van dergelijke voertuigen.

België hoeft dus enkel de voorwaarden te wijzigen waarvan vroeger deze vrijstelling afhankelijk was gesteld om met het bovengenoemde arrest in overeenstemming te zijn. De administratie is zinnens dit zeer binnenkort te doen en in ieder geval ten laatste bij het einde van de besprekingen die momenteel worden gevoerd met onze Benelux-partners met het oog op een gemeenschappelijke benadering door de drie landen ten aanzien van de aan dit arrest te geven gevolgen.

In elk geval wordt, bij het onderzoek van de dossiers ter zake door de administratie, het arrest in kwestie reeds naar de geest en volgens de letter toegepast.

Wat de verkeersbelasting op de autovoertuigen betreft die voor dergelijke gevallen in België moet worden betaald, werd de eisbaarheid niet betwist voor het Hof van Justitie van de Europese Gemeenschappen.
