---
title: "319f8ea5 · 5/1979 · 14 februari 1979 · Omzendbrief 5/1979 · Régime particulier, changement de régime de taxation"
description: "Bij overgang naar de landbouwregeling aanvaardt de Belgische administratie dat de belasting uiterlijk op 20 april wordt teruggestort."
url: "https://juriel.be/nl/omzendbrieven/5-1979-aanschrijving-regime-particulier-changement-taxation-319f"
lang: "nl"
---

# Régime particulier, changement de régime de taxation, régime normal

**Nummer**

5/1979

**Datum**

14 februari 1979

## Over het document

**Verzameling**

Omzendbrieven

**Taal van de tekst**

Nederlands

## Tekst

57 paragrafen

**AANSCHRIJVING 79-005/2**

**Aanschrijving nr. 5 dd. 14.02.1979**

*Bijzondere regeling*

*Overgang van belastingregeling*

*Normale regeling*

*Forfaitaire regeling*

*Optie voor de normale regeling*

*Optie voor de landbouwregeling*

*Landbouwregeling*

*Voorraad*

*Inventaris*

*Inventaris bij de overgang*

*Teruggaaf*

*Inventaris van de voorraad*

*Recht op teruggaaf*

*Bedrijfsmiddel*

*Inventaris van de bedrijfsmiddelen*

*Herziening van de aftrek*

*Herzieningstijdvak*

*Herzieningstijdvak vijf jaar*

*Herzieningstijdvak tien jaar*

*Overschrijving*

Hoofdstuk 2. - Overgang van de normale regeling van de belasting naar de bijzondere regeling voor de landbouwondernemingen.

Optiemogelijkheid .

42\. Volgens [artikel 9, tweede lid, van het koninklijk besluit nr. 22](https://juriel.be/nl/wetboeken/btw/koninklijke-besluiten/ar-22-artikel-2e6b), "kan de landbouwondernemer, voor 1 januari van het derde jaar na dat waarin de optie uitwerking heeft gehad, niet opnieuw overgaan naar de bijzondere regeling ingesteld bij [artikel 57, § 1](https://juriel.be/nl/wetboeken/btw/artikel-57), van het Wetboek".

43\. Die tekst beoogt slechts de terugkeer naar de bijzondere regeling van [artikel 57, § 1](https://juriel.be/nl/wetboeken/btw/artikel-57), van het Wetboek, waaraan de landbouwondernemer vroeger reeds zou zijn onderworpen geweest.

Maar er wordt wel aanvaard dat de ondernemer, die altijd aan de normale regeling van de BTW onderworpen was, naar de bijzondere regeling mag overgaan, mits hij daarvan kennis geeft zoals bepaald onder nr. 44. Daartoe is evenwel vereist dat hij aan alle voorwaarden voldoet om die regeling aan te nemen (z. Wetboek, art. 57, en kon. besl. nr. 22, art. 1 en 2).

44\. Van die wijziging in de belastingregeling moet voor 1 december schriftelijk kennis worden gegeven aan het controlekantoor waaronder de landbouwondernemer ressorteert; die wijziging heeft uitwerking met ingang van 1 januari van het volgend jaar (z. kon. besl. nr. 22, art. 9, tweede lid).

Een afwijking op die regel wordt nochtans toegestaan voor de landbouwondernemer die steeds aan de normale regeling (of aan de gemengde regeling voorzien door [artikel 6 van het koninklijk besluit nr. 22](https://juriel.be/nl/wetboeken/btw/koninklijke-besluiten/ar-22-artikel-b03d)) onderworpen was en die, wegens wijzigingen in zijn werkzaamheden, in de loop van het jaar de voorwaarden begint te vervullen om aan de bijzondere landbouwregeling te worden onderworpen. In dit geval kan de overgang naar die regeling uitwerking hebben vanaf de eerste dag van het kwartaal na dat waarin de voorwaarden zijn vervuld, voor zover de landbouwondernemer de wijziging van regeling, samen met de vereiste verrechtvaardigingen, ten minste 30 dagen voor de datum van uitwerking betekent.

Gevolgen van de optie. - Terugstorting van de belasting die in aftrek werd gebracht voor de goederen in voorraad.

45\. De goederen die de landbouwondernemer, die aan de normale regeling onderworpen is, in voorraad heeft op het tijdstip van de overgang (of van de terugkeer) naar de bijzondere regeling, zijn, bij onderstelling, belastingschoon door de aftrek die de ondernemer heeft toegepast. Daarentegen mag de ondernemer, die aan de bijzondere regeling onderworpen is, de voorbelasting niet in aftrek brengen overeenkomstig de artikelen [45](https://juriel.be/nl/wetboeken/btw/artikel-45) tot [49](https://juriel.be/nl/wetboeken/btw/artikel-49) van het Wetboek. Het bedrag van de voorbelasting wordt hem op een forfaitaire wijze door zijn medecontractant terugbetaald ter gelegenheid van de handelingen die onder toepassing vallen van [artikel 2, § 1, 1 en 2, van het koninklijk besluit nr. 22](https://juriel.be/nl/wetboeken/btw/koninklijke-besluiten/ar-22-artikel-cc6b) (z. [art. 3](https://juriel.be/nl/wetboeken/btw/koninklijke-besluiten/ar-22-artikel-2354) van dit besluit).

Om te verhinderen dat de landbouwondernemer, wiens belastingregeling wijzigt, van een dubbele aftrek zou genieten de eerste langs de normale weg en de tweede bij wijze van de forfaitaire recuperatie - ligt het voor de hand dat de ondernemer de belasting moet terugstorten, die geheven werd van de goederen die hij nog in voorraad heeft op het tijdstip van de wijziging in de belastingregeling en die hij voordien in aftrek had gebracht.

Eerste afdeling. - Terugstorting van de in aftrek gebrachte belasting onder de normale regeling van de belasting. Vaststelling van diebelasting.

Bepaling die de terugstorting voorziet.

46\. [Artikel 11 van het koninklijk besluit nr. 22](https://juriel.be/nl/wetboeken/btw/koninklijke-besluiten/ar-22-september-betrekking-biezondere-regeling-landbouwondernemers-d6c7#ar22-art11) luidt als volgt :

"De landbouwondernemer die overeenkomstig artikel 9, tweede lid, opnieuw overgaat naar de bijzondere regeling ingesteld bij [artikel 57, § 1](https://juriel.be/nl/wetboeken/btw/artikel-57), van het Wetboek, herziet de door hem verrichte aftrek van de belasting geheven :

1° van de andere goederen dan bedrijfsmiddelen die nog niet werden vervreemd en van de diensten die nog niet werden gebruikt bij de wijziging in de belastingregeling;

2° van de voor herziening vatbare en nog bruikbare bedrijfsmiddelen die op dat tijdstip bestaan.

De terugkeer (3) naar de bijzondere regeling wordt gelijkgesteld met het verlies van de hoedanigheid van belastingplichtige voor de toepassing van [artikel 49](https://juriel.be/nl/wetboeken/btw/artikel-49), [3](https://juriel.be/nl/wetboeken/btw/artikel-3), van het Wetboek".(3) (waarmee de overgang moet worden gelijkgesteld (z. nr. 43). Vaststelling van de terug te storten belasting.

47\. [Artikel 11 van het koninklijk besluit nr. 22](https://juriel.be/nl/wetboeken/btw/koninklijke-besluiten/ar-22-september-betrekking-biezondere-regeling-landbouwondernemers-d6c7#ar22-art11) moet, wegens overeenstemming van tekst en beweegredenen, in dezelfde zin worden geïnterpreteerd als het [artikel 10](https://juriel.be/nl/wetboeken/btw/koninklijke-besluiten/ar-22-artikel-10-f179) van dit besluit. De vaststelling van het bedrag van de terug te storten belasting in geval van overgang van de normale naar de bijzondere regeling is dus aan dezelfde regels onderworpen als de vaststelling van het bedrag van de terug te geven belasting in geval van overgang in de tegenovergestelde richting. Voor de bepaling van de terug te storten belasting volgt men dus de regels uiteengezet onder de nrs. 10 tot 30 van het eerste hoofdstuk, met als enige uitzondering de berekeningswijze van de toe te passen herziening van de belasting geheven van de bedrijfsmiddelen (z. nr. 48 hierna).

48\. Wat betreft de bedrijfsmiddelen die bestaan op het tijdstip van de overgang, en die aan de vijf- of tienjarige herziening onderworpen zijn, moet men, in tegenstelling met wat is gezegd onder nr. 28, de herzieningsbreuk slechts toepassen op het bedrag dat de landbouwondernemer wegens de investering in aftrek heeft kunnen brengen. Hierbij moet rekening worden gehouden met de beperkingen aan het recht op aftrek, bepaald door de artikelen [45, § 2](https://juriel.be/nl/wetboeken/btw/artikel-45), en [100](https://juriel.be/nl/wetboeken/btw/artikel-100) van het Wetboek. Indien men het voorbeeld onder nr. 28 herneemt, wordt de breuk van twee vijfden niet op 18.000 F, maar wel op 13.000 F toegepast.

Afdeling 2. - Uitzondering op de verplichting tot terugstorting.

49\. De landbouwondernemer die onderworpen is aan de gemengde regeling bepaald bij [artikel 6 van het koninklijk besluit nr. 22](https://juriel.be/nl/wetboeken/btw/koninklijke-besluiten/ar-22-artikel-b03d) en die, wegens stopzetting van de werkzaamheid die de toepassing van die regeling verantwoordde, naar de zuivere en eenvoudige bijzondere regeling overgaat, wordt van de terugstorting vrijgesteld voor de goederen die niet opgehouden hebben teworden aangewend in de sector "produktie", waarvoor hij geen aftrek heeft kunnen toepassen.

50\. Daarentegen moet de terugstorting gebeuren voor de goederen die werden aangewend in of overgeheveld naar de sector die aan de normale regeling van de BTW is onderworpen en waarvoor de ondernemer, voor de wijziging van regeling, de aftrek van de voorbelasting heeft kunnen toepassen. Dit geldt ook voor de bedrijfsmiddelen die specifiek in die sector werden aangewend.

Afdeling 3. - Modaliteiten van de terugstorting.

Noodzaak van een inventaris bij de overgang.

51\. Om het de administratie mogelijk te maken de belasting te bepalen, die omwille van de overgang naar de bijzondere regeling voor terugstorting vatbaar is, moet de landbouwondernemer die de normale regeling verlaat een inventaris opmaken van de goederen in voorraad op het tijdstip van de wijziging in de belastingregeling.

Vorm van de inventaris.

52\. Gelet op het feit dat de berekening van het terug te storten bedrag verschilt naargelang de onderscheiden categorieën goederen in voorraad, moet de inventaris het mogelijk maken, met het nodige onderscheid, de verschillende bestanddelen terug samen te stellen die voor het bepalen van dit bedrag in aanmerking moeten worden genomen.

Een model van inventaris, in tabelvorm, vindt men onder bijlage II van deze aanschrijving.

Bestemming van de inventaris.

53\. De inventaris moet in de eerste dagen van de maand januari, in drie exemplaren, worden opgemaakt en hij moet uiterlijk op 20 januari van het jaar waarin de overgang plaatsheeft in dubbel (vgl. nr. 36) worden ingediend bij het controlekantoor, waaronder de ondernemer ressorteert; eventueel kan dit kantoor een bijkomende termijn verlenen, mits voor 20 januari daartoe een verzoek wordt toegestuurd.

In het geval bedoeld onder nr. 44, tweede lid, moet de inventaris worden opgemaakt ten laatste binnen de eerste twintig dagen van het kwartaal waarin de overgang naar de bijzondere regeling uitwerking heeft.

Wijze en termijn van betaling.

54\. Normaal moet de landbouwondernemer de wegens de overgang terug te storten belasting opnemen in de laatste periodieke aangifte die hij onder de normale regeling van de BTW indient, t.t.z. in de aangifte die betrekking heeft op het laatste kwartaal of de laatste maand van het jaar, bij het verstrijken waarvan hij die regeling verlaat; die aangifte moet uiterlijk op 20 januari van het volgende jaar worden ingediend.

Gelet op de korte duur van die termijn, aanvaardt de administratie dat de som wordt teruggestort uiterlijk op 20 april van het jaar waarin de overgang plaatsheeft. Het controlekantoor, waaronder de landbouwondernemer ressorteert, bepaalt, op zicht van de inventaris van overgang (z. nrs. 51 tot 53), het bedrag van de terug te storten belasting. Het deelt dit bedrag aan de landbouwondernemer mee en nodigt hem uit de storting te doen uiterlijk op 20 april op de postrekening (waarvan het nummer wordt vermeld) van de ontvanger van de BTW, in wiens ressort de ondernemer is gevestigd.

55\. In het geval bedoeld onder nr. 44, 2de lid, moet de terugstorting plaatshebben ten laatste de twintigste van de eerste maand van het kwartaal dat volgt op dit waarin de overgang naar de bijzondere regeling uitwerking heeft.

## Aangehaalde teksten

11

[WBTW art. 57](https://juriel.be/nl/wetboeken/btw/artikel-57) 3 voorkomens

[KB nr. 22 art. 11](https://juriel.be/nl/wetboeken/btw/koninklijke-besluiten/ar-22-september-betrekking-biezondere-regeling-landbouwondernemers-d6c7) 2 voorkomens

[KB nr. 22 art. 6](https://juriel.be/nl/wetboeken/btw/koninklijke-besluiten/ar-22-artikel-b03d) 2 voorkomens

[WBTW art. 45](https://juriel.be/nl/wetboeken/btw/artikel-45) 2 voorkomens

[WBTW art. 49](https://juriel.be/nl/wetboeken/btw/artikel-49) 2 voorkomens

[KB nr. 22 art. 10](https://juriel.be/nl/wetboeken/btw/koninklijke-besluiten/ar-22-artikel-10-f179) 1 voorkomen

[KB nr. 22 art. 2](https://juriel.be/nl/wetboeken/btw/koninklijke-besluiten/ar-22-artikel-cc6b) 1 voorkomen

[KB nr. 22 art. 3](https://juriel.be/nl/wetboeken/btw/koninklijke-besluiten/ar-22-artikel-2354) 1 voorkomen

[KB nr. 22 art. 9](https://juriel.be/nl/wetboeken/btw/koninklijke-besluiten/ar-22-artikel-2e6b) 1 voorkomen

[WBTW art. 100](https://juriel.be/nl/wetboeken/btw/artikel-100) 1 voorkomen

[WBTW art. 3](https://juriel.be/nl/wetboeken/btw/artikel-3) 1 voorkomen
