Betalings- en ontvangstverrichtingen · Btw-commentaar

Naar de tekst
Juriel

1 juni 2021

Zoeken

Betalings- en ontvangstverrichtingen

https://juriel.be/nl/btw-commentaar/vrijstellingen-beoogd-artikel-44-wetboek-3989

Datum
1 juni 2021

Over het document

Verzameling
Btw-commentaar
Taal van de tekst
Nederlands

Tekst

13 paragrafen

Btw-Commentaar. Vrijstellingen beoogd door artikel 44 van het Btw-Wetboek - Betalings- en ontvangstverrichtingen - art. 44, § 3, 8° (01.06.2021)

BOEKWERK II: Bepaling van de belastbare basis en het toepasselijke tarief

Hoofdstuk 9: Vrijstellingen beoogd door artikel 44 van het Btw-Wetboek

Afdeling 29 – Betalings- en ontvangstverrichtingen (artikel 44, § 3, 8°, van het Btw-Wetboek)

Bijwerking 01.06.2021 - Vorige versies: [01.07.2018] [01.06.2020]

Overeenkomstig artikel 44, § 3, 8°, van het Btw-Wetboek zijn van de btw vrijgesteld ‘de betalings- en ontvangstverrichtingen, bemiddeling daaronder begrepen, met uitzondering van de invordering van schuldvorderingen; de dienstverrichter kan, onder de voorwaarden gesteld door of vanwege de Minister van Financiën, kiezen voor het belasten ervan’.

Deze vrijstelling is de gedeeltelijke omzetting in Belgisch recht van de artikel 135, lid 1, punt d), van richtlijn 2006/112/EG, voornoemd.

De voorwaarden voor het uitoefenen van deze keuze zijn bepaald in aanschrijving nr. 18/1979 van 26.10.1979. De keuze voor het belasten ervan is onherroepelijk en ze geldt ten aanzien van alle betalings- en ontvangstverrichtingen die door de belastingplichtige worden gedaan.

De hier bedoelde betalings- en ontvangstverrichtingen zijn deze die vóór 01.01.1978 binnen de werkingssfeer van de btw vielen, evenwel zonder vrijgesteld te zijn. Het gaat niet alleen om de verrichtingen waarbij iemand zich voor rekening van een ander belast met het doen van een betaling, maar ook om deze waarbij iemand een geldsom voor rekening van een ander int. Die inning kan inzonderheid betrekking hebben op handelspapieren, op coupons en terugbetaalbare effecten, op ontvangstbewijzen of op facturen.

Wanneer het niet gaat om het innen zonder meer, bijvoorbeeld wanneer dwang moet worden uitgeoefend om betaling te bekomen, gaat het om de invordering van een schuldvordering. Deze dienstverrichting wordt door dezelfde bepaling van de vrijstelling uitgesloten.

Hoewel het keuzerecht met betrekking tot de diensten van makelaars en lasthebbers bij betalings- en ontvangstverrichtingen niet uitdrukkelijk uit voornoemde bepaling blijkt, aanvaardt de administratie dat ook makelaars en lasthebbers kunnen kiezen voor het belasten van bedoelde verrichtingen. Wanneer de belastingplichtige heeft gekozen voor het belasten ervan overeenkomstig aanschrijving nr. 18/1979 van 26.10.1979, kan hij de btw geheven van de goederen en diensten die hij gebruikt voor de hier bedoelde betalings- en ontvangstverrichtingen volgens de gewone regels in aftrek brengen, zelfs wanneer de dienst plaatsvindt daar waar de afnemer is gevestigd (zie artikel 45, § 1, 1° tot 3°, van het Btw-Wetboek).

Tot slot wordt nog opgemerkt dat het Hof van Justitie van de Europese Unie, in zijn arrest in de zaak C-42/18, voor recht heeft gezegd dat de bepalingen van artikel 135, lid 1, punt d), van richtlijn 2006/112/EG, voornoemd, waarvan de artikelen 44, § 3, 7° en 8°, van het Btw-Wetboek de omzetting in Belgisch recht vormen, niet van toepassing zijn ten aanzien van de diensten die worden verleend aan een bank die geldautomaten exploiteert, die bestaan in het gebruiksklaar maken en houden van die geldautomaten, het bevoorraden ervan, het erin installeren van hard‑ en software om de gegevens van de bankkaarten te lezen, het verzenden van een goedkeuringsverzoek voor de opname van contanten aan de bank die de voor deze opname gebruikte bankkaart heeft uitgegeven, het verstrekken van de gevraagde contanten en het registreren van de opnamehandelingen (zie Hof van Justitie van de Europese Unie, Arrest Finanzamt Trier tegen Cardpoint GmbH, zaak C-42/18, van 03.10.2019).

[Top]

Aangehaalde teksten

3