Uitbreiding van de Europese Unie: Twee nieuwe Lid-Staten · Administratieve beslissingen

Naar de tekst
Juriel

22 januari 2007

Zoeken

Uitbreiding van de Europese Unie: Twee nieuwe Lid-Staten

https://juriel.be/nl/administratieve-beslissingen/uitbreiding-europese-unie-twee-nieuwe-50c8

Datum
22 januari 2007

Over het document

Verzameling
Administratieve beslissingen
Taal van de tekst
Nederlands

Tekst

75 paragrafen

Info 22.01.07/1

22.01.2007 - Informaties en mededelingen (A.O.I.F.-BTW)

Uitbreiding van de Europese Unie: Twee nieuwe Lid-Staten

1. BTW-IMPLICATIES VAN DE UITBREIDING

A. Algemeen

Op 1 januari 2007 treden de Republiek Bulgarije en de Republiek Roemenië (hierna nieuwe Lid-Staten genoemd) toe tot de Europese Unie. Die toetreding heeft tot gevolg dat vanaf die datum alle fiscale grenscontroles op het goederenverkeer met die landen worden opgeheven.

Vanaf de datum van toetreding moet voor de goederentrafiek met die landen het belastingregime voor transacties tussen de Lid-Staten (intracommunautaire leveringen en verwervingen) worden toegepast, in de plaats van het regime van belastingheffing bij invoer en vrijstelling bij uitvoer dat geldt bij transacties met landen of gebieden die geen deel uitmaken van het BTW-gebied van de Europese Unie.

Deze situatie is vergelijkbaar met deze die ontstond bij de realisatie van de interne Markt op 1 januari 1993 en bij de uitbreiding van de EU op 1 januari 1995 (toetreding van Oostenrijk, Finland en Zweden) en op 1 mei 2004 (toetreding van Cyprus, Estland, Letland, Litouwen, Hongarije, Malta, Polen, Slovenië, Slowakije en Tsjechië).

B. Aanpassing van de verplichtingen

De vier categorieën van handelingen die bedoeld zijn in de toelichting voor het opstellen van de opgave van de intracommunautaire handelingen, dienen, wanneer ze worden verricht met belastingplichtigen of niet-belastingplichtige rechtspersonen die voor BTW-doeleinden geïdentificeerd zijn in de nieuwe Lid-Staten, vanaf 1 januari 2007, eveneens in voornoemde opgave te worden opgenomen op de wijze aangegeven in deze toelichting.

Bovendien moeten de facturen of de daarmee gelijkgestelde stukken die werden uitgereikt voor handelingen bedoeld in artikel 5, §1, 3° en 4° van het koninklijk besluit nr. 1 van 29 december 1992, die worden verricht met medecontractanten die in de nieuwe Lid-Staten voor BTW doeleinden zijn geïdentificeerd, vanaf de bovengenoemde datum eveneens de BTW-identificatienummers vermelden die door deze Lid-Staten werden toegekend.

Vanaf dezelfde datum verzekert de "Centrale Eenheid" (C.L.O.) ook de verificatie van de toekenning en de geldigheid van de BTW-identificatienummers met betrekking tot deze nieuwe Lid-Staten.

Ook zullen de verschillende procedures van administratieve samenwerking tussen de Lid-Staten van de Europese Unie op het vlak van de BTW, zoals bedoeld in de Verordening nr. 1798/2003, in dit kader toepasselijk zijn in de betrekkingen met de nieuwe Lid-Staten.

C. Toegeeflijkheid aangaande verkopen aan nog niet voor BTW geïdentificeerde kopers

Het is mogelijk dat een aantal belastinplichtigen van de nieuwe Lid-Staten op 1 januari 2007 nog geen BTW identificatienummer toegewezen gekregen hebben. Deze situatie kan aanleiding geven tot moeilijkheden in het intracommunautaire handelsverkeer. Wanneer de klant geen geldig BTW-identificatienummer opgeeft, is de Belgische leverancier in principe verplicht te factureren met Belgische BTW.

In afwachting dat de nieuwe Lid-Staten klaar zijn met het toekennen van de BTW-identificatienummers, mogen de Belgische belastingplichtigen, bij wijze van overgangsmaatregel, toch intracommunautair leveren met vrijstelling van BTW aan belastingplichtigen die gevestigd zijn in één van de nieuwe Lid-Staten, maar die nog niet over een geldig BTW-identificatienummer beschikken. Die afwijking is slechts toepasselijk mits is voldaan aan volgende voorwaarden:

•er moet reeds een handelsrelatie bestaan tussen de BTW-belastingplichtige klant en zijn Belgische leverancier

of

•de klant moet met stukken uitgaande van zijn administratie kunnen aantonen dat hij op het tijdstip van de levering in zijn Lid-Staat BTW-plichtig is,

en

•de klant moet in elk geval het schriftelijk kunnen bewijzen dat hij een BTW-identificatienummer heeft aangevraagd dat geldig is voor de intracommunautaire handel in de Lid-Staat waar hij de goederen intracommunautair verwerft.

Er dient evenwel te worden opgemerkt dat op het ogenblik dat de leverancier zijn intracommunautaire kwartaalopgave moet indienen, met name uiterlijk op 20 april 2007, hij in het bezit moet zijn van het buitenlands BTW-identificatienummer van de klant.

Indien één van deze voorwaarden niet is vervuld, blijft de Belgische leverancier uiteindelijk gehouden tot het afdragen van de Belgische BTW, aangezien hij in feite niet kon leveren met vrijstelling van de BTW. Deze BTW kan later, volgens de gewone regels, worden teruggegeven aan de leverancier wanneer de klant met terugwerkende kracht tot 1 januari 2007 een BTW-identificatienummer heeft bekomen en het recht op vrijstelling van de BTW kan worden bewezen.

Voor de diensten geldt mutatis mutandis dezelfde oplossing.

D. Overgangsmaatregelen

Door de toetreding van Bulgarije en Roemenië, waardoor per 1 januari 2007 iedere fiscale controle aan de grenzen tussen de huidige Gemeenschap en die twee landen wegvalt, ontstaat een situatie die analoog is aan deze die bestond bij de realisatie van de interne markt op 1 januari 1993 en bij de respectieve uitbreidingen van de Unie op 1 januari 1995 en 1 mei 2004.

Bij die gelegenheden werden overgangsmaatregelen aangenomen om de neutraliteit van het gemeenschappelijk stelsel van de belasting over de toegevoegde waarde te waarborgen en om situaties van dubbele belastingheffing of niet-belastingheffing te voorkomen (zie de artikelen 106, 107 en 107bis van het BTW-Wetboek).

Om dezelfde redenen dringen zich thans analoge maatregelen op om de toetreding van Bulgarije en Roemenië tot de EU te begeleiden. In het BTW-Wetboek zal dan ook een artikel 107ter worden ingevoegd dat een aantal overgangsmaatregelen bevat die betrekking hebben op het goederenverkeer dat rond het tijdstip van de toetreding plaatsvindt tussen de nieuwe en de andere Lid-Staten. Deze maatregelen zijn gelijkaardig aan deze van de artikelen 107 en 107bis van het BTW-Wetboek. De in de nummers 262/7 tot 262/10 van de BTW-handleiding opgenomen commentaar op artikel 107 van het BTW-Wetboek is derhalve mutatis mutandis van toepassing op de situatie die ingevolge de toetreding van de nieuwe Lid-Staten ontstaat. Wat het nummer 262/10, eerste lid, derde gedachtestreepje van de BTW-handleiding betreft, wordt een vervoermiddel geacht onder de algemene belastingvoorwaarden voor de binnenlandse markt van één van de nieuwe Lid-Staten te zijn verkregen of ingevoerd en/of uit hoofde van zijn uitvoer niet in aanmerking te zijn genomen voor vrijstelling of teruggaaf van de BTW, wanneer de eerste ingebruikneming van dat vervoermiddel dateert van vóór 1 januari 1999.

2. INFORMATIE MET BETREKKING TOT DE NIEUWE LID-STATEN

De aandacht wordt er op gevestigd dat onderstaande gegevens deze zijn die op het moment van toetreding gekend zijn en onvolledig zijn. Zo heeft Bulgarije bijvoorbeeld tot op heden noch het merendeel van de drempels, noch de contactadressen waar buitenlandse belastingplichtigen meer info kunnen bekomen betreffende het toepasselijke BTW regime medegedeeld.

Deze informatie zal derhalve later, wanneer ze gekend zijn, worden bekendgemaakt.

A. Structuur van de BTW-identificatienummers van de nieuwe Lid-Staten

LANDStructuur van de BTW identificatienummers toegekend door de nieuwe Lid-StatenAard en aantal karakters waaruit het BTW-identificatienummer bestaat (landencode uitgezonderd)
BulgarijeBG 999999999BG 9999999999(9 of 10 cijfers)
RoemeniëRO 9999999999(minimum 2 en maximum 10 cijfers)

B. Nationale munteenheid van de nieuwe Lid-Staten

LidstaatMuntISO code
Bulgarije (BG)LevBGN
Roemenië (RO)oude Roemeense Leunieuwe Roemeense LeuROLRON (1)

(1) De nieuwe Roemeense Leu (RON) werd met ingang van 1 juli 2005 in circulatie gebracht. De oude Leu (ROL) blijft echter nog in circulatie tot en met 31 december 2006 (1 RON = 10.000 ROL).

C. Door de nieuwe Lid-Staten weerhouden drempelwaarden

Lid-StaatIntracommunautaire verwervingenVerkopen op afstandVrijstelling
Nationale muntEquivalent in EuroNationale muntEquivalent in EuroNationale muntEquivalent in Euro
Bulgarije25.600
Roemenië10.00035.00035.000

D. In de nieuwe Lid-Staten toepasselijke BTW-tarieven

(informele gegevens welke voor bevestiging dienen te worden nagegaan bij de Bulgaarse en Roemeense autoriteiten)

LidstaatVerlaagd tariefNormaal tariefParking tarief
Bulgarije720-
Roemenië919-

E. Contactadressen in de nieuwe Lid-Staten ten behoeve van buitenlandse belastingplichtigen

Inlichtingen aangaande de nieuwe Lid-Staten kunnen bekomen worden in de Engelse taal op het volgende internet adres van de website Europa van de Europese Commissie:

http ://ec.europa.eu./taxation_customs/taxation/vat/traders/vat_community/index_en.htm

De buitenlandse belastingplichtige die inlichtingen wenst te bekomen omtrent de toepasselijke BTW reglementering in een van de respectievelijke nieuwe Lid-Staten, kan daartoe contact opnemen via de onderstaande adressen:

Bulgarije

Roemenië

Ministry of Public Finance

General Directorate for Indirect Taxation Legislation

17 Apolodor Street, 5th District

Bucharest

ROMANIA

Tel. +40213120160

Website : http://www.mfinante.ro

Marc MICHIELS

Eerste attaché van financiën

AOIF-Centrale diensten

Sector B.T.W.

Directie I/9 en I/10 Benoît VAN VYVE

Eerste attaché van financiën

AOIF-Centrale diensten

Sector B.T.W.

Directie I/11

Aangehaalde teksten

4
WBTW art. 1073 voorkomens
WBTW art. 107bis2 voorkomens
KB nr. 1 art. 51 voorkomen
WBTW art. 1061 voorkomen