Beslissing Btw nr. E.T.80.910 dd. 28.04.1994
BTW-Revue nr. 110, blz. 1028-1030, nr. 1001
Verplichtingen aansprakelijke vertegenwoordiger - Facturering.
I. Wettelijke bepalingen.
Krachtens artikel 4, § 1, van het koninklijk besluit nr. 31, is de niet in België gevestigde belastingplichtige, die in België goederen levert of diensten verstrekt, gehouden de voor zijn medecontractant bestemde factuur naar zijn aansprakelijke vertegenwoordiger te sturen. Het bedrag van de verschuldigde belasting vermeldt hij echter niet op die factuur.
Overeenkomstig § 2 van hetzelfde artikel stelt de aansprakelijke vertegenwoordiger, in die hoedanigheid, dan een stuk in tweevoud op, waarin de bij artikel 5, § 1, van het koninklijk besluit nr. 1 van 29 december 1992 met betrekking tot de regeling voor de voldoening van de belasting over de toegevoegde waarde bedoelde vermeldingen voorkomen. Hij stuurt het origineel van dat stuk naar de medecontractant van de niet in België gevestigde belastingplichtige na de factuur welke die belastingplichtige voor zijn medecontractant heeft bestemd eraan gehecht te hebben. Hij bewaart het dubbel van dat stuk.
Desondanks kan, op basis van § 3 van voormeld artikel, door of vanwege de Minister van Financiën, in elk geval dat zij aanwijzen en onder de voorwaarden die zij bepalen, de aansprakelijke vertegenwoordiger van de niet in België gevestigde belastingplichtige worden toegestaan het in het vorige lid bedoelde stuk niet op te stellen.
II. Beslissing.
Bij toepassing van artikel 4, § 3, van bovengenoemd koninklijk besluit nr. 31 aanvaardt de administratie, met ingang van 1 mei 1994, dat de in artikel 2, § 1, van dit besluit beoogde aansprakelijke vertegenwoordiger het in artikel 4, § 2, van hetzelfde besluit bedoelde stuk niet opmaakt voor zover de hierna vermelde voorwaarden zijn vervuld :
1° de door de niet in België gevestigde belastingplichtige uit te reiken facturen moeten alle vermeldingen bevatten die zijn voorgeschreven door artikel 5, § 1, van het koninklijk besluit nr. 1 van 29 december 1992, met betrekking tot de regeling voor de voldoening van de belasting over de toegevoegde waarde.
Voor de toepassing van artikel 5, § 1, 1°, van genoemd koninklijk besluit nr. 1 bestaat het volgnummer van de facturen uit het nummer waaronder ze worden ingeschreven in het boek voor uitgaande facturen dat de aansprakelijke vertegenwoordiger houdt voor de niet in België gevestigde belastingplichtige. Het volgnummer wordt toegekend volgens een ononderbroken reeks nummers.
De facturen worden opgemaakt in minimum twee exemplaren. In afwijking van bovengenoemd artikel 4, § 1, van het koninklijk besluit nr. 31 wordt de originele factuur door de niet in België gevestigde belastingplichtige rechtstreeks toegezonden aan zijn medecontractant en genoemde belastingplichtige zendt op hetzelfde tijdstip een dubbel van die factuur aan zijn aansprakelijke vertegenwoordiger;
2° elk exemplaar van de factuur zal bovendien worden aangevuld met de volgende vermeldingen : de identiteit en het adres van de aansprakelijke vertegenwoordiger en de vermelding van zijn hoedanigheid, (bijvoorbeeld : "BTW-aansprakelijke vertegenwoordiger voor België"), alsmede een verwijzing naar de datum en de referte van deze beslissing ("Beslissing van 28 april 1994, nr. E.T. 80910");
3° de maatstaf van heffing en het BTW-bedrag dienen in Belgische frank te worden uitgedrukt. Indien de gegevens voor het bepalen van de maatstaf van heffing zijn uitgedrukt in een vreemde munteenheid wordt de wisselkoers vastgesteld overeenkomstig artikel 27 van het BTW-Wetboek en het ter zake genomen koninklijk besluit nr. 42 van 29 december 1992 tot vaststelling van de toe te passen wisselkoers indien gegevens voor het bepalen van de maatstaf van heffing van de belasting over de toegevoegde waarde voor handelingen andere dan de invoeren van goederen, zijn uitgedrukt in een vreemde munteenheid;
4° de over de handeling verschuldigde Belgische BTW dient door de aansprakelijke vertegenwoordiger te worden opgenomen in de BTW-aangifte met betrekking tot de periode waarin die BTW opeisbaar is geworden;
5° de onderhavige machtiging kan slechts worden toegestaan wanneer de aansprakelijke vertegenwoordiger voorafgaandelijk het hoofd van het Centraal BTW-kantoor voor buitenlandse belastingplichtigen hiervan schriftelijk in kennis heeft gesteld. Die kennisgeving vermeldt de datum vanaf wanneer een beroep op deze machtiging zal worden gedaan;
6° de administratie behoudt zich het recht voor de bij deze beslissing verleende machtiging in te trekken ten nadele van ieder die niet voldaan heeft aan de verscheidene opgelegde voorwaarden, of die op gelijk welke wijze de opdracht van de met de controle belaste ambtenaren van de Administratie van de BTW, registratie en domeinen heeft gehinderd.
Overgangsbepalingen.
De individuele machtigingen tot het niet opstellen van het in artikel 4, § 2, van het koninklijk besluit nr. 31, bedoelde stuk, die vroeger werden uitgereikt onder dezelfde voorwaarden als hiervoor bedoeld, blijven ook na de datum waarop de onderhavige beslissing uitwerking heeft, van toepassing.
Aangehaalde referentie
Sneltoetsen
Niet actief tijdens het typen in een veld.
- Zoeken in de tekst
- /Ctrl/⌘ F
- Volgende / vorige treffer
- EnterShift Enter
- Volgende / vorige sectie
- JK
- Leesmodus
- L
- Een paneel sluiten
- Esc
De leesmodus verbergt de inhoudsopgave en de kerncijfers, vergroot de tekst en centreert de kolom.