Beslissing Btw nr. E.T.31.127 dd. 03.04.1981
BTW-Revue nr. 50, blz. 518-520, nr. 766.
Onderscheid tussen balletonderwijs en dansonderricht.
De aanschrijvingen nr. 19, van 15 juni 1978, en 25 van 24 december 1993 die de regeling toelichten welke ten aanzien van de toepassing van artikel 44, § 2, 4°, van het BTW-Wetboek geldt voor de diensten inzake onderwijs, rangschikken onder school- of universitair onderwijs het kunstonderwijs dat wordt verstrekt door de balletscholen. Zij beperken de vrijstelling tot dit onderwijs, met uitsluiting dus van het onderricht dat wordt verstrekt door dansscholen die, in principe, moeten worden aangemerkt als BTW-belastingplichtigen.
Voor het onderscheid dat m.b.t. het bepalen van de BTW-regeling wordt gemaakt tussen balletonderwijs en dansonderricht, moet men zich tegelijk laten leiden door de aard van het verstrekte onderwijs en door de motivatie die hierbij aanwezig is, en dit zowel in hoofde van de lesgever als in hoofde van de leerling.
Overeenkomstig de klassieke definities stemt de balletkunst overeen met de choreografische kunst; op basis van specifieke technieken, klassieke of moderne (studie van danspassen en figuren, oefeningen aan de "barre", lenigheidsoefeningen, enz.), beoogt ze de uitvoering, meestal op het toneel, van choreografieën door een of meerdere dansers, met of zonder muzikale begeleiding.
De balletschool wordt dus gekenmerkt door een reeks criteria die overeenkomen met de kunst die ze onderwijst. De cursussen zijn gericht op specifieke technieken die de samenstelling van verschillende dansfiguren alsmede de uitvoering ervan mogelijk maken en die weinig of niets te maken hebben met de klassieke of moderne dansen die worden beoefend tijdens danspartijen. Deze cursussen, die meestal worden verstrekt door huidige of vroegere balletdansers, streven een vorming na welke tot doel heeft de begaafde leerlingen de mogelijkheid te bieden om, op min of meer lange termijn, al dan niet als beroepsdanser deel te nemen aan balletvoorstellingen. Kortom, de balletschool wordt niet zozeer gekenmerkt door haar benaming dan wel door haar specifiek opleidingsprogramma en de aantrekkingskracht die deze opleiding voor de beoefening van de balletkunst doet ontstaan. Overigens dient er geen enkel onderscheid te worden gemaakt naargelang de balletschool wordt geëxploiteerd door een rechtspersoon of door een natuurlijke persoon.
In tegenstelling tot de balletschool verstrekt de dansschool een onderricht waarvan de artistieke aard weliswaar niet kan worden ontkend, maar die andere technieken aanwendt (systematische studies van klassieke, moderne of volksdansen genoemd en gerangschikt volgens de stijl van de tijd waarin ze ontstonden) met het oog op het bereiken van andere doeleinden, zoals het streven naar een grotere lichamelijke harmonie door het individu of het danspaar, het zoeken naar aangenamere sociale relaties, of naar ontspanningsmogelijkheden op mondaine of volksbijeenkomsten (cocktails dansant, private of openbare bals, nachtclubs en dancings, danswedstrijden, enz.). Deze definitie van dansschool sluit elk onderscheid uit volgens de aard van de dansen die er worden aangeleerd; zij beoogt dus ook de uitvoering van klassieke dansen (menuetten, walsen, enz.) en dit ondanks het schijnbaar verband dat deze oude dansen kunnen hebben met het klassiek ballet.
De diensten verricht door dansscholen en personen wiens economische activiteit er in bestaat op geregelde en zelfstandige wijze danscursussen te organiseren zijn bedoeld in artikel 18, tweede lid, 1° van het BTW-Wetboek (z. Zesde BTW-Richtlijn, art. 6, lid 1) en in principe aan de BTW onderworpen tegen het normale BTW-tarief dat thans 20,5 pct. bedraagt. Dansscholen en personen die betreffende activiteit onder voormelde omstandigheden verrichten hebben dan ook de hoedanigheid van BTW-belastingplichtige met recht op aftrek. De recente wijziging inzake de vrijstelling van onderwijs (z. BTW-Wetboek, art. 44, § 2, 4°) waarbij de draagwijdte van die vrijstelling op verzoek van de Europese Commissie in belangrijke mate werd beperkt, heeft geen invloed gehad op de belastbaarheid van dansonderricht. Bedoeld onderricht is immers als zodanig nooit van de BTW vrijgesteld geweest op grond van de genoemde vrijstelling inzake onderwijs.
Niettemin kunnen zich twee uitzonderingen op de belastbaarheid van dansonderricht voordoen :
1° De instellingen die sportonderricht, daaronder begrepen dansonderricht, verstrekken tegen betaling van een vergoeding, zijn van de belasting vrijgesteld wanneer zij, overeenkomstig artikel 44, § 2, 3°, van het BTW-Wetboek instellingen zijn die geen winstoogmerk hebben en de ontvangsten uit die werkzaamheden uitsluitend gebruiken tot dekking van de kosten ervan.
In het geval van een dansclub die aan de in bovengenoemd artikel 44, § 2, 3° gestelde voorwaarden voldoet geldt de vrijstelling zowel voor het leren dansen als voor het dansen zelf, dat dan voor de toepassing van de BTW als een vorm van sport wordt beschouwd.
2° Wanneer een dansschool gespecialiseerd is in beroepsopleiding en -herscholing van haar leerlingen, hetgeen veronderstelt dat die leerlingen aan de cursussen deelnemen uitsluitend met het oog op de uitoefening van een beroep, namelijk dat van dansleraar en/of beroepsdanser geniet zij als privaatrechtelijke instelling in die mate de vrijstelling van artikel 44, § 2, 4° van het BTW-Wetboek, op voorwaarde dat zij geen winstoogmerk heeft en de ontvangsten uit de vrijgestelde activiteit uitsluitend worden gebruikt tot dekking van de kosten van die werkzaamheid.
In al de andere gevallen zijn dansscholen aan de belasting onderworpen. Bijgevolg zijn ondermeer de handelsondernemingen of de ondernemingen met commerciële doeleinden en zelfs de ondernemingen zonder winstoogmerk maar waarvan uit de boekhouding evenwel een winstoogmerk zou blijken, van bovengenoemde vrijstelling uitgesloten.
Aangehaalde referentie
Sneltoetsen
Niet actief tijdens het typen in een veld.
- Zoeken in de tekst
- /Ctrl/⌘ F
- Volgende / vorige treffer
- EnterShift Enter
- Volgende / vorige sectie
- JK
- Leesmodus
- L
- Een paneel sluiten
- Esc
De leesmodus verbergt de inhoudsopgave en de kerncijfers, vergroot de tekst en centreert de kolom.