Verschuldigdheid van de belasting · Administratieve beslissingen

Naar de tekst
Juriel

E.T.111.239 5 april 2007

Zoeken

Verschuldigdheid van de belasting

https://juriel.be/nl/administratieve-beslissingen/e-t-111-239-verschuldigdheid-belasting-btw-0d58

Nummer
E.T.111.239
Datum
5 april 2007

Over het document

Verzameling
Administratieve beslissingen
Taal van de tekst
Nederlands

Tekst

10 paragrafen

Beslissing Btw nr. E.T.111.239 dd. 05.04.2007

Verschuldigdheid van de belasting - Erkende steunpunten -Participatiefonds - Begeleiding en bijstand van een kredietaanvrager

Het koninklijk besluit van 22 december 1992(B.S 13/01/1993), gewijzigd door het koninklijk besluit van 26februari 2002 (B.S. 07/03/2002), voorziet in de regeling van de organisatie en de werking van het Participatiefonds.

De administratie heeft het btw-statuut van erkende steunpunten waarmee het Participatiefonds samenwerkt (o.m.in het kader van startleningen en het plan 'jonge zelfstandigen')onderzocht. Uit het onderzoek is gebleken dat de erkende steunpunten van het Participatiefonds hulp en begeleiding verlenen aan startende ondernemingen en bedrijven die hun bedrijfsvoeringwillen optimaliseren. Onder hulp en begeleiding wordt onder meer verstaan het onderzoeken op de haalbaarheid van het ondernemings initiatief, begeleiding bij het opstellen van de haalbaarheidsstudie en ondernemingsplan, het zoeken naar gepaste financiering en steunmaatregelen, de begeleiding bij het opstarten van de nieuwe onderneming en het verschaffen van opleidingen.

In het kader van het indienen van aanvragen voor startleningen verstrekken de steunpunten de nodige formulieren, helpen bij het invullen ervan en dienen de aanvragen bij het Participatiefonds in. De uiteindelijke overeenkomst inzake het verlenen van kredieten met de werkzoekende wordt evenwel afgesloten door het Participatiefonds. Verder zorgen de steunpunten voor het opstellen van rapporten, het verstrekken van adviezen omtrent het zich vestigen als zelfstandige en de verdere begeleiding en bijstand van de betrokken kredietaanvrager.

Onder bemiddeling als bedoeld in artikel44, § 3, 10° ,van het Btw-Wetboek dient hoofdzakelijk te worden verstaan de activiteiten van een tussenpersoon die niet de plaats inneemt van een partij bij een contract en tot doel heeft het nodige te doen opdat twee partijen een contract sluiten, zonder dat de bemiddelaar een eigen belang heeft inzake de inhoud van het contract. Dit kan onder meer inhouden dat de contractpartij wordt gewezen op gelegenheden om dit contract te sluiten, dat voor hemcontact met de wederpartij wordt gelegd, en dat in naam en voorrekening van de cliënt wordt onderhandeld over de details van de wederzijdse prestaties. Van een bemiddelingsactiviteit is geen sprake wanneer een van de partijen bij het contract een onderaannemer belast met een deel van de aan het contract verbonden materiële handelingen, zoals onder meer informatieverstrekking aan de wederpartij (z. H.v.J. nr. C-235/00 inzake CSC Financial Services Ltd., nr. 39 en 40).

Hetgeen voorafgaat geldt ook voor de bemiddeling als bedoeld in artikel 44, § 3, 5°, van het Btw-Wetboek.

Vermits de erkende steunpunten niet tot doel hebben te zoeken naar nieuwe klanten, maar zich beperken tot het verrichten van informatieverschaffing en verwerking van de kredietaanvragen, kan de verbintenis niet worden aangemerkt als een bemiddeling inzake kredieten. Derhalve kunnen de vergoedingen die de steunpunten ontvangen van het Participatiefonds met betrekking tot een ontvankelijke kredietaanvraag niet vrijgesteld worden op grond van artikel 44, § 3, 5°, van het Btw-Wetboek.

De vergoedingen die worden ontvangen met betrekking tot de begeleiding en de bijstand van de kredietaanvrager zijn aan de btw onderworpen aan het normale btw-tarief dat thans 21 pct. bedraagt.

Volledigheidshalve wordt er op gewezen dat de diensten die de steunpunten verrichten in het kader van onderwijs (beroepsopleidingen) als bedoeld in artikel 44, § 2, 4°,van het Btw-Wetboek zijn vrijgesteld van de belasting.

Aangehaalde teksten

2