Artikel 44, § 3, 10°, van het BTW-Wetboek - Verhandeling van groene stroomcertificaten
Deze beslissing werd opgeheven bij de beslissing nr. E.T.113.522 d.d. 26.02.2008
Teneinde te voldoen aan de richtlijnen inzake hernieuwbare energiebronnen opgelegd door de Europese Unie, heeft België geopteerd voor de invoering van een minimumnorm hernieuwbare energiebronnen, gecontroleerd via groene stroomcertificaten. Binnen dit systeem wordt iedere elektriciteitsleverancier verplicht een minimum aandeel van zijn elektriciteit geleverd aan eindafnemers te betrekken uit hernieuwbare energiebronnen. Hiertoe worden de elektriciteitsleveranciers verplicht om een corresponderend aantal groene stroomcertificaten voor te leggen aan de regeringsinstantie een wordt per ontbrekend certificaat een administratieve geldboete opgelegd, zodat de naleving van deze verplichting wordt opgevolgd en afgedwongen.
Groene stroomcertificaten worden door dereguleringsinstantie bij de productie van groene stroom toegekend aan de producent, en zijn vrij verhandelbaar. De elektriciteitsleveranciers kunnen bijgevolg de opgelegde norm halendoor groene stroomcertificaten aan te kopen. De certificaten kunnen eveneens worden gekocht door niet-certificatenplichtigen. De verhandeling van de groene stroomcertificaten vormt een parallelle markt, los van de verkoop van elektriciteit.
Inzake de toepassing van de BTW dienen groene stroomcertificaten te worden aangemerkt als verhandelbare waardepapieren (andere dan aandelen of obligaties) die worden beoogd door de vrijstelling van artikel 44, § 3, 10° van het BTW-Wetboek. De overdracht van groene stroomcertificaten is bijgevolg vrijgesteld van BTW. Diensten inzake bewaring en beheerzijn evenwel belastbaar op grond van de uitzondering van voormeld artikel 44, § 3, 10°.
Wat de aftrekregeling betreft, is de toepassing van de regeling van het werkelijk gebruik overeenkomstig artikel 46, § 2, van voormeld wetboek aangewezen teneinde de belasting geheven van de goederen en diensten verworven met het oog op de productie en verkoop van elektriciteit volledig in aftrek te kunnen brengen. Alleen de belasting geheven van kosten die volledig en exclusief betrekking hebben op de verhandeling van groene stroomcertificaten is niet aftrekbaar.
Ondernemingen (banken, beursondernemingen, investeringsondernemingen, enz.) die zich zouden specialiseren inde aan- en verkoop van groene stroomcertificaten moeten daarentegen voor die werkzaamheid worden aangemerkt als vrijgesteldebelastingplichtigen. Voor deze ondernemingen dienen de normale regels van hetzij artikel 46, § 1, hetzij artikel 46, § 2, van het BTW-Wetboek te worden toegepast.
Voormelde materie maakt momenteel het voorwerp uit van besprekingen op EG-vlak. Tot zolang uit deze besprekingen geen eenduidig antwoord volgt, blijft het thans ingenomen standpunt behouden.