---
title: "Btw-beslissing E.T.109.235 · Onroerende financieringshuur, onroerende leasing"
description: "Onroerende financieringshuur, onroerende leasing. Btw-beslissing nr. E.T.109.235 van 14 juni 2005 van de Belgische belastingadministratie."
url: "https://juriel.be/nl/administratieve-beslissingen/e-t-109-235-onroerende-financieringshuur-btw-leasing-0545"
lang: "nl"
fr: "https://juriel.be/fr/decisions-administratives/e-t-109-235-location-financement-immeubles-tva-4166"
---

# Onroerende financieringshuur, onroerende leasing

**Nummer**

E.T.109.235

**Datum**

14 juni 2005

## Over het document

**Verzameling**

Administratieve beslissingen

**Taal van de tekst**

Nederlands

## Tekst

14 paragrafen

**Beslissing Btw nr. E.T.109.235 dd. 14.06.2005**

*Onroerende financieringshuur - Geïnvesteerd kapitaal*

Rekening houdend met de wijzigingen aangebracht door het koninklijk besluit van 10 januari 2005 aan het koninklijk besluit nr. 30 van 29 december 1992 met betrekking tot de toepassing van de belasting over de toegevoegde waarde op de onroerende financieringshuur (Belgisch Staatsblad van 27 januari 2005), bepaalt [artikel 1, 4°](https://juriel.be/nl/wetboeken/btw/koninklijke-besluiten/ar-30-december-betrekking-toepassing-belasting-toegevoegde-d28a#ar30-art1), van dat koninklijk besluit nr. 30 voortaan dat bij het verstrijken van het tijdvak van vijftien jaar bedoeld in [artikel 9, van het koninklijk besluit nr. 3](https://juriel.be/nl/wetboeken/btw/koninklijke-besluiten/ar-3-artikel-e148), van 10 december 1969, het totale bedrag van de periodieke huurprijzen die door de leasingnemer moeten worden betaald het de leasinggever mogelijk moet maken het geïnvesteerd kapitaal integraal weder samen te stellen.

Onder "periodieke huurprijzen" in de zin van voornoemde bepaling dient te worden verstaan het totale door de leasingnemer periodiek betaalde bedrag (exclusief BTW) dat in de meeste gevallen samengesteld is uit een kapitaalgedeelte en een interestgedeelte.

Anderzijds dient onder "geïnvesteerd kapitaal" in de zin van dezelfde bepaling te worden verstaan het geheel van de door de leasinggever gedane kosten (exclusief BTW) voor het verkrijgen, het oprichten en/of het omvormen van het onroerend goed, voorwerp van het leasingcontract, met uitsluiting evenwel van de aankoopprijs van het terrein en de bijkomende kosten welke niet onderworpen zijn aan de BTW en rechtstreeks verbonden zijn met de aankoop van het terrein (notariskosten, registratierechten, enz.).

Het geïnvesteerde kapitaal begrijpt derhalve onder meer :

· de studiekosten (marktstudies, studiekosten van ingenieurs, landmeters en architecten), met betrekking tot het terrein en/of het gebouw;

· de vergoedingen van makelaars en lasthebbers tussengekomen bij de aankoop van het terrein en/of het gebouw,

· en, uiteraard, de aankoop- of oprichtingsprijs van het gebouw.

Bovendien, wanneer de leasinggever een oud gebouw aankoopt en op zodanige wijze verbouwt dat het als nieuw kan worden aangemerkt voor de toepassing van de BTW moet het geïnvesteerde kapitaal in dat geval, buiten de voornoemde kosten, de aankoopprijs en -kosten van het oud onroerend goed, verhoogd uiteraard met de kost.

Het koninklijk besluit dat het koninklijk besluit nr. 30 wijzigt, is in werking getreden op 27 januari 2005. De gewijzigde bepaling is toepasselijk op alle overeenkomsten van onroerende financieringshuur gesloten vanaf 27 januari 2005.

Wat de overeenkomsten gesloten tot 26 januari 2005 betreft wordt verwezen naar het antwoord van de Minister van Financiën op de parlementaire vraag nr. 251 van de heer Volksvertegenwoordiger Yves Leterme (Vr. en Antw., Kamer, 1999-2000, nr. 31, 22 mei 2000, blz. 3649-3650; BTW-Revue nr. 147, september-oktober 2000, blz. 300-302).

De datum van de overeenkomst bepaalt derhalve de erop toepasselijke regeling. Die datum moet tegenstelbaar zijn aan derden (bv. notariële akte of onderhandse akte die vaste datum heeft verkregen, inzonderheid door de formaliteit van de registratie of door het overlijden van één van de ondertekenaars).

De administratie aanvaardt evenwel dat het bewijs van de datum van de overeenkomst, waarvan de bewijslast rust op de belastingplichtige, kan blijken uit andere elementen dan de overeenkomst.

## Aangehaalde teksten

2

[KB nr. 30 art. 1](https://juriel.be/nl/wetboeken/btw/koninklijke-besluiten/ar-30-december-betrekking-toepassing-belasting-toegevoegde-d28a) 1 voorkomen

[KB nr. 3 art. 9](https://juriel.be/nl/wetboeken/btw/koninklijke-besluiten/ar-3-artikel-e148) 1 voorkomen
