---
title: "Décision anticipée 2020.0757 · Impôt des sociétés, Scission partielle fiscalement neutre"
description: "Impôt des sociétés, Scission partielle fiscalement neutre, Motifs économiques valables. Décision anticipée belge n° 2020.0757 du 12 mai 2020."
url: "https://juriel.be/fr/rulings/2020-0757-impot-societes-scission-partielle-fiscalement-adf4"
lang: "fr"
---

Texte en néerlandais

# Impôt des sociétés, Scission partielle fiscalement neutre · IMPÔT DES SOCIÉTÉS - Scission partielle fiscalement neutre - Motifs économiques valables - Fraude ou évasion fiscale - Mesure anti-abus - DROITS D’ENREGISTREMENT - Apport d’une branche d’activité - TVA - Cession d’une branche d’activité

**Numéro**

2020.0757

**Date**

12 mai 2020

## Sur le document

**Collection**

Décisions anticipées

**Langue du texte**

néerlandais

**Version française**

non publiée par le SPF

Le texte de ce document est en néerlandais. Le SPF n'en publie pas de version française.

## Texte

80 paragraphes

Fiche du SPF Finances

Décision anticipée n° 2020.0757 du 12.05.2020

*IMPÔT DES SOCIÉTÉS* · *Scission partielle fiscalement neutre* · *Motifs économiques valables* · *Fraude ou évasion fiscale* · *Mesure anti-abus*

*DROITS D’ENREGISTREMENT* · *Apport d’une branche d’activité*

*TVA* · *Cession d’une branche d’activité*

## Résumé

La scission partielle de la société d’exploitation X, par laquelle une activité distincte est transférée à une société belge Y récemment constituée et qui s’inscrit dans le cadre d’une décision stratégique du groupe visant à céder mondialement l’activité concernée, répond aux dispositions de l'article 183*bis*, CIR 92 et peut avoir lieu sous le régime de la neutralité fiscale visé à l'article 211, § 1 er, CIR 92.

La scission partielle susvisée peut être effectuée sous le régime de l’exonération visé à l'article 117, § 2 du Code fédéral des droits d’enregistrement et doit avoir lieu en application des articles [11](https://juriel.be/fr/codes/tva/article-11) et [18, § 3](https://juriel.be/fr/codes/tva/article-18), C.TVA.

Le choix de l’ensemble des actes juridiques (scission partielle suivie de la cession de l’ensemble des actions ou parts de la société Y) se justifiait suffisamment par d’autres motifs que la volonté d’éviter les impôts sur les revenus au sens de l’article 344, § 1 er, alinéa 3, CIR 92, et ne constitue pas un abus fiscal au sens de l’article 344, § 1 er, alinéa 1 er, CIR 92.

***La décision est publiée uniquement dans la langue dans laquelle la demande a été introduite***

## I. Voorwerp van de aanvraag

**1.** De aanvraag strekt ertoe bevestiging te krijgen dat:

1.1. de partiële splitsing van vennootschap X, waarbij zij haar operationele activiteit A overdraagt aan de bestaande vennootschap Y, beantwoordt aan de voorwaarden zoals gesteld in artikel 211, § 1, vierde lid van het Wetboek van de inkomstenbelastingen 1992 (hierna WIB 92) en niet als hoofddoel of één der hoofddoelen belastingfraude of belastingontwijking heeft in de zin van artikel 183*bis* WIB 92;

1.2. de partiële splitsing onder de toepassing valt van artikel 117, § 2 van het federale Wetboek der Registratie-, hypotheek-, en griffierechten (hierna Fed.W.Reg.);

1.3. de partiële splitsing onder de toepassing valt van de artikelen [11](https://juriel.be/fr/codes/tva/article-11) en [18, § 3](https://juriel.be/fr/codes/tva/article-18), van het Wetboek van de belasting over de toegevoegde waarde (hierna W.Btw);

1.4. de partiële splitsing gevolgd door de verkoop van de aandelen van vennootschap Y aan een derde partij verantwoord is door andere motieven dan de ontwijking van inkomstenbelastingen in de zin van artikel 344, § 1, WIB 92.

## II. Omschrijving van de verrichtingen door de aanvrager

**2.** Vennootschap X is een operationele Belgische vennootschap binnen een internationale groep. De aandelen van deze vennootschap zijn op één na in het bezit van de Belgische vennootschap Z.

**3.** Vennootschap Y werd recent opgericht met het oog op het afzonderen van activiteit A en heeft momenteel geen activiteiten noch personeel. De aandelen van deze vennootschap worden aangehouden door vennootschap X.

**4.** De geplande verrichting betreft een partiële splitsing van vennootschap X waarbij alle activa en passiva die betrekking hebben op de activiteit A zullen worden overgedragen aan vennootschap Y. Het onroerend goed waarin deze activiteiten worden uitgeoefend, zal eveneens mee overgaan naar vennootschap Y. Deze partiële splitsing beantwoordt aan de definitie van een met een splitsing gelijkgestelde verrichting als vermeld in artikel 2, § 1, 6°/1, g), WIB 92.

**5.** De aanvrager heeft bevestigd dat de partiële splitsing geen negatieve impact zal hebben op de tewerkstelling. Alle personeelsleden van de betrokken bedrijfsafdeling zullen worden overgedragen aan vennootschap Y.

**6.** De geplande partiële splitsing zal daarna worden gevolgd door de verkoop van alle aandelen van vennootschap Y aan een derde partij.

## III. Beslissing

### *III.A. Betreffende de toepassing van artikel 211, § 1, WIB 92 op de geplande partiële splitsing*

**7.** De vooropgestelde partiële splitsing van vennootschap X kadert binnen een strategische koerswijziging van de groep om de activiteit A wereldwijd af te zonderen en te verkopen aan een derde partij. Het afzonderen van de Belgische activiteit A in een afzonderlijke vennootschap moet ervoor zorgen dat een overdracht naar een derde partij wordt vereenvoudigd.

**8.** De geplande partiële splitsing zal dan ook worden gevolgd door de verkoop van alle aandelen van vennootschap Y aan een derde overnemer. Op deze wijze kan groep zich meer concentreren op haar kernactiviteiten. In dit verband wordt erop gewezen dat de verkoopprijs van de aandelen van vennootschap Y door de groep op korte termijn zal worden geherinvesteerd in materiële vaste activa ten name van vennootschap Z. In dit verband wordt door de aanvrager het engagement aangegaan om aan de bevoegde lokale controledienst van vennootschap X een overzicht van de door vennootschap Z gedane investeringen te bezorgen.

**9.** De aanvrager heeft bevestigd dat er geen intentie bestaat om de aandelen van vennootschap X te vervreemden.

**10.** Ingeval van een (partiële) splitsing in toepassing van artikel 211, § 1, WIB 92 worden de verkrijgende vennootschappen, overeenkomstig de bepalingen van artikel 213, WIB 92, bij het bepalen van het gestorte kapitaal en van de voorheen gereserveerde winst die ingeval van (partiële) splitsing bij elk van de overnemende of verkrijgende vennootschappen in aanmerking worden genomen, geacht het gestorte kapitaal, de belaste reserves en de vrijgestelde reserves van de (partieel) gesplitste vennootschap evenredig met de fiscale nettowaarde van de door deze laatste aan elk van hen gedane inbreng te hebben overgenomen of verkregen. De aanvrager heeft bevestigd en aangetoond dat de verdeling van de fiscale vermogensbestanddelen conform het bepaalde in artikel 213, WIB 92 zal gebeuren. Vennootschap X heeft vrijgestelde reserves. Vennootschap Y heeft geen vrijgestelde reserves.

**11.** De aanvrager heeft bevestigd dat vennootschap X geen andere fiscaal overdraagbare bestanddelen heeft dan een fiscaal overgedragen aftrek voor risicokapitaal. De verkrijgende vennootschap beschikt over fiscaal overdraagbare verliezen verbonden aan de opstart. De aanvrager heeft bevestigd dat de fiscaal overgedragen verliezen van vennootschap Y conform het bepaalde in artikel 206, § 2, WIB 92 zullen worden beperkt en dat de fiscaal overgedragen aftrek voor risicokapitaal van vennootschap X zal worden verdeeld over vennootschap X en vennootschap Y op basis van de fiscale nettowaarde van het behouden/overgedragen vermogen op de totale fiscale nettowaarde van vennootschap X.

**12.** Op basis van de door de aanvrager verstrekte inlichtingen kan worden aangenomen dat de geplande partiële splitsing van vennootschap X plaatsvindt op basis van zakelijke overwegingen en niet als hoofddoel of één der hoofddoelen belastingfraude of -ontwijking heeft in de zin van artikel 183*bis*, WIB 92.

**13.** De verkrijgende vennootschap Y is een binnenlandse vennootschap.

**14.** Derhalve kan worden besloten dat aan de voorwaarden zoals gesteld in artikel 211, § 1, vierde lid, WIB 92 is voldaan, zodat de partiële splitsing van vennootschap X kan worden verricht onder het belastingneutraal regime zoals bedoeld in artikel 211, § 1, WIB 92.

### *III.B. Betreffende de toepassing van artikel 117, § 2, Fed.W.Reg. op de geplande partiële splitsing*

**15.** Volgens artikel 117, § 2, Fed.W.Reg. is het bij artikel 115 van hetzelfde wetboek bepaalde recht niet verschuldigd, onder de voorwaarden die de Koning bepaalt, voor de inbrengen gedaan door een vennootschap waarvan de zetel der werkelijke leiding of de statutaire zetel gevestigd is op het grondgebied van een lidstaat van de Europese Gemeenschappen, van goederen die één of meer van haar bedrijfstakken uitmaken.

**16.** Bij koninklijk besluit (artikel 1 van het KB van 18 juli 1972 betreffende de uitvoering der artikelen 117 en 120 van het Wetboek der registratie-, hypotheek- en griffierechten) worden de voorwaarden voor deze vrijstelling als volgt bepaald:

> “ de vrijstelling van het evenredig recht voorzien in artikel 117, § 2, van het Wetboek der registratie-, hypotheek- en griffierechten, alsook de uitzondering gevestigd in artikel 120, 3 e lid\[…\] van hetzelfde wetboek, zijn ondergeschikt aan de voorwaarde:
>
> 1° dat de inbreng het geheel omvat van de goederen die door de inbrengende vennootschap worden aangewend tot een of meer afdelingen van haar onderneming welke, uit technisch oogpunt, ieder een onafhankelijk uitbatingsgeheel vormen;
>
> 2° dat, eventueel na aftrek van de bij de inbreng door de inbrengende vennootschap verschuldigde sommen, die betrekking hebben op de ingebrachte bedrijfstakken, de inbreng uitsluitend vergoed wordt hetzij door toekenning van aandelen of deelbewijzen die maatschappelijke rechten vertegenwoordigen hetzij door toekenning van aandelen of deelbewijzen, die maatschappelijke rechten vertegenwoordigen, samen met een storting in contanten, die het tiende van de nominale waarde van de toegekende maatschappelijke aandelen of deelbewijzen niet overschrijdt.
>
> Wordt niet beschouwd als een afdeling van de onderneming het beheer van de participaties en de waarden in portefeuille. De participaties en waarden in portefeuille worden slechts beschouwd als behorende tot een bedrijfstak wanneer zij normaal in de exploitatie van deze tak van de bedrijvigheid zijn geïntegreerd ”.

**17.** Vennootschap X zal via een partiële splitsing haar operationele activiteit A overdragen aan de bestaande vennootschap Y.

**18.** De inbreng van activiteit A zal worden gedaan door vennootschap X, een bestaande Belgische vennootschap. Hierdoor is er voldaan aan de voorwaarde dat de inbreng wordt gedaan door een vennootschap waarvan de zetel der werkelijke leiding of de statutaire zetel is gevestigd op het grondgebied van een Lidstaat van de Europese Gemeenschappen.

**19.** De inbreng zal worden gedaan in de Belgische vennootschap Y.

**20.** De notie “bedrijfstak” dient vanuit twee invalshoeken te worden bekeken, enerzijds vanuit de inbrengende vennootschap en anderzijds vanuit de inbrenggenietende vennootschap. Ten name van de inbrengende vennootschap moet worden beoordeeld of de overgedragen activa, passiva en andere rechten en elementen een geheel uitmaken en al een zekere vorm van autonomie hebben. Ten name van de inbrenggenietende vennootschap is het van belang of de ingebrachte afdeling autonoom kan functioneren binnen de inbrenggenietende vennootschap.

**21.** Uit de gegevens van de aanvraag blijkt dat alle activa en passiva die tot de activiteit A behoren, zullen worden afgesplitst naar de bestaande vennootschap Y:

21.1. alle gebouwen, installaties en materialen;

21.2. alle vergunningen, materieel, voorraden en cliënteel verbonden aan de activiteiten;

21.3. de specifiek toewijsbare vorderingen en schulden;

21.4. de specifieke contracten met leveranciers en klanten;

21.5. de globale contracten zullen worden geïndividualiseerd in hoofde van de nieuwe entiteit via afzonderlijke overeenkomsten;

21.6. alle huidige werknemers van de site;

21.7. er wordt ondersteuning verleend door de groep bij het opzetten van een eigen ERP-infrastructuur en boekhouddiensten en fiscale verplichtingen met het oog op het verzelfstandigen van deze activiteiten;

21.8. de operationele activiteiten zullen worden gefinancierd door de nodige kredieten waarbij deze financiering zal worden verzorgd door een nieuwe financieringsentiteit binnen de nieuwe groep.

**22.** Uit de voorgaande opsomming van het geheel van de activa en de passiva die worden overgedragen aan vennootschap Y, kan worden besloten dat het een inbreng betreft van een activiteit die kan worden beschouwd als een reeds bestaand georganiseerd geheel van activa en passiva dat op technisch vlak door eigen middelen reeds autonoom functioneert, en bij de inbrenggenietende Belgische vennootschap ook autonoom zal kunnen functioneren. De ingebrachte activiteit is bijgevolg te beschouwen als een bedrijfstak.

**23.** Deze inbreng zal volledig worden vergoed door de toekenning van aandelen die maatschappelijke rechten vertegenwoordigen in de Belgische vennootschap Y. Hieruit kan worden besloten dat aan de voorwaarde wordt voldaan dat, eventueel na aftrek van de bij de inbreng door de inbrengende vennootschap verschuldigde sommen die betrekking hebben op de ingebrachte bedrijfstak, de inbreng uitsluitend wordt vergoed door toekenning van aandelen of deelbewijzen die maatschappelijke rechten vertegenwoordigen, al dan niet samen met een storting in contanten die het tiende van de nominale waarde van de toegekende maatschappelijke aandelen niet overschrijdt (K.B. 18 juli 1972, artikel 1). *In casu* wordt er geen geldopleg betaald.

**24.** De vervulling van de voorwaarden (K.B. 18 juli 1972) zal bevestigd worden in de notariële akte.

**25.** Voor de toepassing van de registratierechten wordt de inbreng beoordeeld op het tijdstip van de inbreng zelf, zijnde de datum van het verlijden van de notariële akte, zonder retroactiviteit.

**26.** De DVB spreekt zich met deze beslissing evenmin uit over de bepalingen van de Vlaamse Codex Fiscaliteit (VCF).

### *III.C. Betreffende de toepassing van de artikelen 11 en 18, § 3 W.Btw op de geplande partiële splitsing*

**27.** Overeenkomstig artikel 11 W.Btw wordt niet als een levering beschouwd, de overdracht van een algemeenheid van goederen of van een bedrijfsafdeling, onder bezwarende titel of om niet, bij wege van inbreng in een vennootschap of anderszins, wanneer de overnemer een belastingplichtige is die de belasting, indien ze ingevolge de overdracht zou verschuldigd zijn, geheel of gedeeltelijk zou kunnen aftrekken. In dat geval wordt de overnemer geacht de persoon van de overdrager voort te zetten. Artikel 18, § 3, W.Btw bevat hetzelfde principe met betrekking tot diensten.

**28.** Deze artikelen zijn de omzetting in het Belgisch BTW Wetboek van de artikelen [19](https://juriel.be/fr/droit-union/directive-tva-2006-112/article-19) en [29](https://juriel.be/fr/droit-union/directive-tva-2006-112/article-29) van de Richtlijn 2006/112/CE van de Raad van 28 november 2006 betreffende het gemeenschappelijke stelsel van belasting over de toegevoegde waarde (vroeger artikelen [5, paragraaf 8](https://juriel.be/fr/droit-union/6e-directive-77-388/article-5), en [6, paragraaf 5](https://juriel.be/fr/droit-union/6e-directive-77-388/article-6), van de zesde richtlijn 77/388/CE van de Raad van 17 mei 1977 betreffende de harmonisatie van de wetgevingen der Lid-Staten inzake omzetbelasting - Gemeenschappelijk stelsel van belasting over de toegevoegde waarde: uniforme grondslag).

**29.** In haar arrest van 27 november 2003 – zaak [C-497/01](https://juriel.be/fr/jurisprudence-union/c-497-01-arret), Zita Modes Sarl c. Administration de l’enregistrement et des domaines heeft het Europese Hof van Justitie verduidelijkt dat het begrip “overgang van het geheel of een gedeelte van een algemeenheid van goederen onder bezwarende titel, om niet of in de vorm van een inbreng in een vennootschap” moet worden uitgelegd dat daaronder valt de overdracht van een handelszaak of van een autonoom bedrijfsonderdeel met lichamelijke en eventueel ook onlichamelijke zaken, welke tezamen een onderneming of een gedeelte van een onderneming vormen waarmee een autonome economische activiteit kan worden uitgeoefend, en dat daaronder niet valt de verkoop van goederen zonder meer, zoals de verkoop van een voorraad producten.

**30.** De artikelen 11 en 18, § 3, W.Btw zijn derhalve van toepassing wanneer de overdracht betrekking heeft op een geheel van elementen bestaande uit lichamelijke en eventueel ook onlichamelijke zaken, welke tezamen een onderneming of een gedeelte van een onderneming vormen waarmee een autonome economische activiteit kan worden uitgeoefend.

**31.** Vaststellende dat de aanvrager verklaart dat:

31.1. de betrokken activiteit op heden grotendeels zelfstandig functioneert binnen vennootschap X met een eigen site en management. Deze activiteit wordt reeds in zeer grote mate gescheiden gevoerd van de overige activiteiten van vennootschap X, mede gegeven de historische context waarin deze activiteit binnen vennootschap X tot stand kwam;

31.2. alle activa en passiva (omvattende grond, gebouwen, installaties, rollend materieel, vergunningen, voorraden, klanten, productietechnieken,…) noodzakelijk voor het verderzetten van de activiteit, alsook alle huidige medewerkers, zullen worden overgedragen aan de nieuwe vennootschap Y, die deze overgedragen activa en passiva integraal zal aanwenden voor de verderzetting en verdere ontwikkeling van activiteit A;

31.3. rekening houdend met het reeds zelfstandig karakter van activiteit A er reeds een heel aantal specifieke contracten met leveranciers en klanten bestaan, die momenteel worden geïnventariseerd en die mee worden overgedragen. Eventuele globale contracten zullen worden geïndividualiseerd in hoofde van de nieuwe entiteit via eigen afzonderlijke overeenkomsten zodat de entiteit na de partiële splitsing volledig zelfstandig van de groep zal kunnen functioneren;

31.4. alle personeel verbonden aan de activiteit A zullen worden overgedragen aan de nieuwe vennootschap en waar nodig bijkomende mensen zullen worden aangeworven of diensten zullen worden ingekocht om volledig zelfstandig van de groep te kunnen functioneren.

**32.** Gelet op het bovenstaande dient besloten te worden dat de activiteit A vanuit een geografisch, technisch, organisatorisch en bestuurlijk oogpunt als een autonome zelfstandige activiteit kan worden verdergezet, zodat de verrichting c.q. overdracht betrekking heeft op een bedrijfsafdeling.

**33.** Vennootschap Y zal een btw-plichtige zijn die, in de mate er btw zou verschuldigd zijn op de overdracht, recht op btw-aftrek heeft.

**34.** De hierboven beschreven partiële splitsing dient derhalve met toepassing van de artikelen 11 en 18 § 3, W.Btw te gebeuren.

### *III.D. Betreffende de toepassing van artikel 344, § 1, WIB 92 op het geheel van de rechtshandelingen*

**35.** Het geheel van de verrichtingen, zijnde de partiële splitsing van vennootschap X gevolgd door de verkoop van alle aandelen van vennootschap Y aan een derde partij, kadert binnen een strategische koerswijziging van de groep waarbij de activiteit A wereldwijd wordt afgestoten. Het afzonderen van de Belgische activiteit A in een afzonderlijke vennootschap moet ervoor zorgen dat een overdracht naar een derde partij wordt vereenvoudigd. De geplande partiële splitsing is hiervoor een aangewezen middel vermits zij een overdracht van rechtswege toelaat van alle activa, passiva, rechten en verplichtingen verbonden aan deze bedrijfsafdeling zonder de continuïteit van de betrokken activiteit in het gedrang te brengen.

**36.** Op deze wijze kan de groep zich meer concentreren op haar kernactiviteiten. In dit verband wordt erop gewezen dat de verkoopprijs van de aandelen van vennootschap Y door de groep in België op korte termijn zal worden geherinvesteerd in materiële vaste activa ten name van vennootschap Z. In dit verband gaat de aanvrager het engagement aan om aan de bevoegde lokale controledienst van vennootschap X een overzicht van de door vennootschap Z gedane investeringen te bezorgen.

**37.** Gelet op het voorgaande is de DVB van mening dat de keuze voor het geheel van de opeenvolgende rechtshandelingen door andere motieven is verantwoord dan het ontwijken van inkomstenbelastingen in de zin van artikel 344, § 1, derde lid, WIB 92 en maakt geen fiscaal misbruik uit als bedoeld in artikel 344, § 1, eerste lid, WIB 92.

**38.** De onderhavige beslissing is gebaseerd op de elementen zoals deze door de aanvrager vermeld worden. De DVB spreekt zich in deze beslissing, ondanks de vermelding in randnummer 9, niet uit over de mogelijke toepassing van antimisbruikbepalingen (artikel 183*bis* of artikel 344, § 1, WIB 92, enz. …) ten gevolge van verrichtingen die niet omschreven zijn in deze beslissing, zoals bv. de latere overdracht van de aandelen van vennootschap X.

## Textes cités

7

[CTVA art. 11](https://juriel.be/fr/codes/tva/article-11) 2 occurrences

[CTVA art. 18](https://juriel.be/fr/codes/tva/article-18) 2 occurrences

[6e directive 77/388 art. 5](https://juriel.be/fr/droit-union/6e-directive-77-388/article-5) 1 occurrence

[6e directive 77/388 art. 6](https://juriel.be/fr/droit-union/6e-directive-77-388/article-6) 1 occurrence

[directive TVA 2006/112 art. 19](https://juriel.be/fr/droit-union/directive-tva-2006-112/article-19) 1 occurrence

[directive TVA 2006/112 art. 29](https://juriel.be/fr/droit-union/directive-tva-2006-112/article-29) 1 occurrence

[C-497/01, arrêt du 27 novembre 2003](https://juriel.be/fr/jurisprudence-union/c-497-01-arret) 1 occurrence
