---
title: "Décision anticipée 2014.290 · Impot des societes, Scission partielle fiscalement neutre"
description: "Impot des societes, Scission partielle fiscalement neutre, Motifs économiques valables. Décision anticipée belge n° 2014.290 du 29 juillet 2014."
url: "https://juriel.be/fr/rulings/2014-290-impot-societes-scission-partielle-fiscalement-470d"
lang: "fr"
---

Texte en néerlandais

# Impot des societes, Scission partielle fiscalement neutre · IMPOT DES SOCIETES - Scission partielle fiscalement neutre - Motifs économiques valables - Fraude ou évasion fiscale - Rétroactivité comptable - DROITS D'ENREGISTREMENT - Apport d’une branche d’activité - TVA - Cession d’une branche d’activité - Mesures anti-abus

**Numéro**

2014.290

**Date**

29 juillet 2014

## Sur le document

**Collection**

Décisions anticipées

**Langue du texte**

néerlandais

**Version française**

non publiée par le SPF

Le texte de ce document est en néerlandais. Le SPF n'en publie pas de version française.

## Texte

239 paragraphes

Fiche du SPF Finances

*Impôt des sociétés* · *Scission partielle fiscalement neutre* · *Motifs économiques valables* · *Fraude ou évasion fiscale* · *Rétroactivité comptable*

*Droits d'enregistrement* · *Apport d'une branche d'activité*

*TVA* · *Cession d'une branche d'activité* · *Mesures anti-abus*

## Résumé

La scission partielle de la société X, par laquelle la division D est dissociée vers une nouvelle société belge Y à créer, et qui cadre dans les décisions stratégiques de se séparer au niveau mondial, de la division D, répond à ce qui est stipulé à l'article 183*bis*, CIR 92 et peut avoir lieu sous un régime de neutralité visé à l'article 211, § 1 er, CIR 92.

La rétroactivité de pas plus de 7 mois au niveau de la comptabilité est opposable à l'administration fiscale.

La scission partielle de la société X, par laquelle la division D est dissociée vers une nouvelle société Y belge à créer, peut avoir lieu sous le régime d'exonération prévu à l'article 117, § 2 C. enr.

La scission partielle doit en outre se faire en application des articles [11](https://juriel.be/fr/codes/tva/article-11) et [18, § 3](https://juriel.be/fr/codes/tva/article-18), du Code de la TVA et n'est pas visé à l'[article 1er, § 10 du Code de la TVA](https://juriel.be/fr/codes/tva/article-1).

Les actes juridiques choisis (scission partielle de la société X suivie du transfert des actions Y à une troisième partie) forment un choix logique pour atteindre le but fixé et ont été suffisamment justifiés par d'autres motifs que la volonté d'éviter les impôts sur les revenus au sens de l'article 344, § 1 er, troisième alinéa, CIR 92 et des droits d'enregistrement au sens de l'article 18, § 2, troisième alinéa, C. enr.

***La décision est publiée uniquement dans la langue dans laquelle la demande a été introduite.***

## I. Voorwerp van de aanvraag

**1**. De aanvraag strekt ertoe bevestiging te verkrijgen dat:

**1.1** de geplande partiële splitsing van vennootschap X, met inbreng van de afdeling D in een nieuwe Belgische vennootschap (New Belco), beantwoordt aan de vereisten van de artikelen 211, § 1, vierde lid *juncto* 183*bis* van het Wetboek van de inkomstenbelastingen 1992 (hierna WIB 92) en meer bepaald, dat de geplande partiële splitsing door rechtmatige zakelijke overwegingen wordt ingegeven en niet als hoofddoel of één der hoofddoelen belastingfraude of -ontwijking heeft, zodat deze partiële splitsing een belastingneutrale verrichting is zoals voorzien in artikel 211, § 1, vierde lid van het WIB 92;

**1.2** het segment D van vennootschap X een bedrijfsafdeling is in de zin van de artikelen [11](https://juriel.be/fr/codes/tva/article-11) *juncto* [18, § 3](https://juriel.be/fr/codes/tva/article-18) van het Wetboek van de belasting over de toegevoegde waarde (hierna W.BTW) en dat de geplande partiële splitsing als dusdanig geen aanleiding zal geven tot BTW, noch tot een herziening van de BTW die oorspronkelijk werd afgetrokken;

**1.3** het segment D van vennootschap X een bedrijfstak is in de zin van artikel 117, § 2 van het Wetboek der Registratie-, Hypotheek en Griffierechten (hierna W.Reg.) en dat de geplande partiële splitsing als dusdanig is vrijgesteld van het evenredig registratierecht;

**1.4** de geplande partiële splitsing van vennootschap X met inbreng van het segment D in een nieuwe Belgische vennootschap, gevolgd door de verkoop van de aandelen van de nieuwe Belgische vennootschap aan een derde-verwerver Q, geen fiscaal misbruik is in de zin van artikel 344, § 1, WIB 92;

**1.5** de geplande partiële splitsing van vennootschap X kan plaatsvinden onder het BTW-neutraal regime voorzien in de artikelen 11 en 18, § 3, W.BTW als uitzondering op het algemene BTW-regime dat van toepassing is op de levering van goederen en diensten, zonder dat er sprake is van misbruik in de zin van artikel 1, § 10, W.BTW;

**1.6** de geplande partiële splitsing van vennootschap X kan plaatsvinden onder vrijstelling van het evenredig registratierecht in overeenstemming met artikel 117, § 2, W.Reg. zonder dat er sprake is van fiscaal misbruik in de zin van artikel 18, § 2, W.Reg.;

**1.7** de terugwerkende kracht van de geplande partiële splitsing voor boekhoudkundige doeleinden en met het oog op de vennootschapsbelasting vanaf 1 april 2014 aan de Belgische fiscale overheid tegenstelbaar is.

## II. Omschrijving van de verrichtingen

## II. A. Beschrijving van de betrokken vennootschappen en hun activiteiten

## II. A. 1 Beschrijving van de betrokken entiteiten

## Vennootschap X

**2**. X heeft als hoofdaandeelhouder de Belgische vennootschap R en als minderheidsaandeelhouder de buitenlandse vennootschap S.

## Vennootschap R

**3**. Vennootschap R is de Belgische holdingvennootschap. De aandelen van R worden voor 100% in volle eigendom aangehouden door de buitenlandse vennootschap T.

## II. A. 2 Beschrijving van de activiteiten

## II. A. 2. 1 Groep Z

**4**. De groep Z bouwde haar bedrijf door de jaren heen uit in meer dan 100 landen. Op vandaag heeft de groep Z wereldwijd duizenden werknemers.

**5**. De activiteiten van de groep Z kunnen worden onderverdeeld in de volgende vier verschillende bedrijfssegmenten, die hieronder nader zullen worden beschreven: A, B, C en D.

## II. A. 2. 2 De groep Z in België

**6**. In België exploiteert X drie van de vier bedrijfssegmenten van de groep Z, met name segment A, B en D.

**7**. Vóór de fusie tussen K en X, werd het segment B geëxploiteerd door K (die ook het segment D exploiteerde). In België is het segment B evenwel vrij onbeduidend en zonder belangrijke waarde.

**8**. R is een Belgische holdingvennootschap van de groep Z en is onder meer hoofdaandeelhouder van X.

## II. B. Beschrijving van de voorgenomen verrichtingen

## *Globale strategische beslissing*

**9**. Met het oog op de optimalisatie en de heroriëntatie van haar bedrijfsactiviteiten en teneinde de toekomstige financiële resultaten te verbeteren, ondertekende de groep Z na een biedingprocedure een koopovereenkomst met Q (hierna de 'Koper' genoemd), met als voorwerp de verkoop van het wereldwijde D bedrijfssegment. Dit geeft groep Z de mogelijkheid om zich toe te leggen op de bedrijfssegmenten die door het management van groep Z als kernsegmenten werden aangeduid.

**10**. In uitvoering van de koopovereenkomst zal de groep Z wereldwijd een groot aantal van haar dochtervennootschappen reorganiseren, met het oog op de afscheiding van het segment D van andere activiteiten, d.w.z. segment A, B en C. Bij de uitvoering van deze reorganisatie wordt rekening gehouden met de acquisitiestructuur die de voorkeur van de Koper geniet.

## Belgische implicaties

**11**. Op Belgisch niveau zou de wereldwijde afstoting worden geïmplementeerd door een partiële splitsing van het segment D van X in een nieuwe Belgische vennootschap (hierna "New BelCo" genoemd). Aldus zal het segment D, dat niet langer beschouwd wordt als één van de kernactiviteiten van X, worden afgescheiden van de kernactiviteiten van de vennootschap (met name de segmenten A en B), die worden voortgezet.

**12**. Vanuit praktisch oogpunt (boekhouding, IT-systemen, enz.) verkiest de groep Z dat de afsplitsing van de activiteiten D van X in New BelCo met een retroactiviteit van maximaal zeven maanden in werking treedt, met het oog op de boekhoudkundige en fiscale gevolgen.

**13**. De aanvrager bezorgde een splitsingsstaat, met inbegrip van een opsplitsing van de specifieke en niet-specifieke activa en passiva en een gedetailleerde opsplitsing van het eigen vermogen tussen segment A en B enerzijds en het segment D anderzijds.

## III. Motivering van de aanvraag

## III. A. Vennootschapsbelasting

## III. A. 1. Toepassing van artikel 211, WIB 92 op de partiële splitsing

## II. A. 1. 1. Algemeen

**14**. Opdat een splitsing als fiscaal neutraal zou kunnen worden beschouwd, moet overeenkomstig artikel 211, § 1, WIB 92 cumulatief aan de volgende voorwaarden voldaan zijn:

**14.1** de overnemende vennootschap is een Belgische binnenlandse vennootschap of een intra-Europese vennootschap ;

**14.2** de verrichting wordt verwezenlijkt in overeenstemming met de bepalingen van het Belgisch Wetboek van vennootschappen of, indien de verkrijgende vennootschap een buitenlandse vennootschap is, in overeenstemming met de toepasselijke buitenlandse vennootschapsrechtelijke bepalingen; en

**14.3** de verrichting beantwoordt aan de bepalingen van artikel 183*bis* WIB 92.

**15**. Zowel X als New BelCo zijn Belgische vennootschappen.

**16.** De aanvrager bevestigt dat de geplande partiële splitsing van het segment D van X in New BelCo zal worden uitgevoerd in overeenstemming met de bepalingen van het Belgisch Wetboek van Vennootschappen. In ruil voor hun belang in het segment D van X, zullen de aandeelhouders van laatstgenoemde vennootschap, t.t.z. R en S, uitsluitend (d.w.z. zonder een bijkomende storting in contanten) worden vergoed door middel van nieuwe aandelen, uitgegeven door New BelCo ter gelegenheid van de partiële splitsing.

**17**. Gelet op het voorgaande kan worden besloten dat de eerste twee voorwaarden voor fiscale neutraliteit van de geplande partiële splitsing, zoals vastgesteld in artikel 211, § 1, vierde lid, 1° en 2° WIB 92, vervuld zijn. Indien ook aan de derde voorwaarde, zoals bepaald in artikel 211, § 1, vierde lid, 3° WIB 92, is voldaan, met name dat er "rechtmatige zakelijke overwegingen" in de zin van artikel 183*bis* WIB 92 zijn, is de partiële splitsing vanuit het standpunt van de Belgische vennootschapsbelasting fiscaal neutraal. Hieronder worden de rechtmatige zakelijke overwegingen, die de toepassing van het fiscaal neutraal regime op de geplande partiële splitsing verantwoorden, nader beschreven.

## III. A. 1. 2. Zakelijke overwegingen

**18**. Zoals reeds vermeld, heeft de groep Z in verband met haar activiteiten D een globale strategische beslissing genomen met het oog op het optimaliseren en het heroriënteren van haar bedrijfsactiviteiten en het verbeteren van haar toekomstige financiële resultaten. In dit verband heeft de groep Z beslist tot een wereldwijde afstoting van het segment D van haar andere bedrijfssegmenten, met name segment A, B en C.

**19.** Om deze doelstelling te bereiken overweegt de groep Z wereldwijd reorganisaties van een groot deel van haar dochtervennootschappen, teneinde het segment D af te scheiden van andere Z activiteiten. Deze reorganisaties zullen worden doorgevoerd door middel van het rechtstreeks verwerven van activa (daar waar het segment D slechts marginaal is), het verwerven van aandelen in nieuwe vennootschappen (daar waar het segment D belangrijke activiteiten ontplooit) of het verwerven van aandelen in bestaande vennootschappen (voor vennootschappen van de groep Z die het segment D altijd al exclusief hebben geëxploiteerd).

**20**. Wereldwijd zijn er in tientallen rechtspersonen in tientallen landen betrokken bij de globale afstoting van het segment D. De aanvrager maakte een overzicht van de relevante Europese landen die betrokken zijn bij de wereldwijde afstoting, het soort verrichting voor de lokale reorganisatie en de fiscale behandeling van deze verrichting in de lokale jurisdictie (voor zover dit reeds bekend is).

**21**. De geplande partiële splitsing van het segment D van X in New BelCo maakt deel uit van deze wereldwijde afstoting.

**22**. De afscheiding van het segment D van de andere bedrijfsactiviteiten van Z, in casu via een partiële splitsing van X, is een flexibele en efficiënte manier om het segment D via een verkoop door R van haar belang in New BelCo uiteindelijk over te dragen aan de Koper en verschaft de Koper een interessante acquisitiestructuur.

**23**. Eigenlijk werd het segment D in het verleden door een afzonderlijke rechtspersoon geëxploiteerd, met name door K. Deze vennootschap exploiteerde ook de activiteiten B, doch segment B is in België vrij onbeduidend en zonder belangrijke waarde.

**24**. In het kader van de rationalisatie van het aantal Z-entiteiten wereldwijd, fuseerde K met L, zijnde de rechtspersoon die tot voor de fusie het segment A exploiteerde. De naam van de overnemende vennootschap werd vervolgens gewijzigd in X. Op dat ogenblik was de groep Z hoegenaamd niet van plan om wereldwijd haar activiteiten D af te stoten, anders zou de fusie tussen K en L niet hebben plaatsgevonden. Met andere woorden, zonder de fusie tussen K en L zou nu geen partiële splitsing nodig zijn om de Belgische activiteiten D af te stoten. De overdracht van de relatief onbeduidende activiteiten B vanuit K, gevolgd door een overdracht van de aandelen van de bestaande vennootschap aan de Koper zou dan inderdaad voldoende zijn geweest. In die zin houdt de thans geplande partiële splitsing grotendeels (d.w.z. het segment B buiten beschouwing gelaten) een terugkeer in naar de situatie van vóór de fusie met name de afzonderlijke en zelfstandige exploitatie van het segment D enerzijds en de activiteiten A anderzijds, in verschillende rechtspersonen.

**25**. De geplande partiële splitsing zal ongetwijfeld de geplande verkoop van de aandelen van New BelCo aan de Koper vergemakkelijken.

**26**. De aanvrager stelt dat, rekening houdend met het bovenstaande, het duidelijk is dat de geplande partiële splitsing door X van het segment D in New BelCo ingegeven is door rechtmatige zakelijke overwegingen en niet als hoofddoel of één der hoofddoelen belastingfraude of -ontwijking heeft.

**27**. Integendeel, de hierboven beschreven afstoting is nodig om de bedrijfsactiviteiten te optimaliseren en te heroriënteren en het toekomstig financieel resultaat te verbeteren, niet alleen op het niveau van X zelf, maar op het niveau van de ganse groep Z.

## III. A. 1. 3 Tewerkstelling

**28**. X heeft momenteel honderden werknemers in dienst in België.

**29**. De werknemers die momenteel voor het segment D van X werken, zullen bij de partiële splitsing worden overgedragen aan New BelCo en kunnen hun activiteiten voor New BelCo verderzetten. De werknemers die momenteel voor het A en B segment werken zullen na de partiële splitsing voor X blijven werken.

**30**. Het gedeeld ondersteunend personeel (als die er zijn) zal ofwel door X ofwel door New BelCo worden tewerkgesteld en zal dienvolgens haar diensten verlenen aan de rechtspersoon die haar tewerkstelt.

**31.** Gelet op het bovenstaande verwacht de aanvrager dat de partiële splitsing geen onmiddellijke weerslag zal hebben op het niveau van de tewerkstelling van het segment D, zolang de groep Z eigenaar blijft van het gesplitste segment D.

## III. A. 1. 4. Boekhoudkundige en fiscale aspecten

## Overgedragen fiscale bestanddelen

**32**. Zonder de fusie tussen K en L, zou een partiële splitsing niet nodig zijn om de Belgische activiteiten D af te stoten. De overdracht van de relatief onbeduidende activiteiten B vanuit K, gevolgd door een overdracht van de aandelen van de bestaande vennootschap aan de Koper zou dan inderdaad voldoende zijn geweest. In dit verband wordt opgemerkt dat ten gevolge van de toepassing van de bepalingen betreffende de beperking van fiscale verliezen, zoals vervat in artikel 206, § 2, tweede lid, in fine WIB 92, X ten gevolge van de fusie in 2012 overgedragen fiscale verliezen heeft "verloren".

**33**. X beschikt over overgedragen fiscale verliezen en overgedragen gespreide investeringsaftrek.

**34**. De overgedragen fiscale verliezen die op het ogenblik van de partiële splitsing nog beschikbaar zijn op het niveau van X zijn onderworpen aan de beperkte overdraagbaarheid zoals bedoeld in artikel 206, § 2, tweede lid, in fine WIB 92. De overgedragen fiscale verliezen zullen aldus worden toegewezen aan X en aan New BelCo, in verhouding tot de fiscale nettowaarde van de partieel gesplitste activa en van de activa van X.

**35**. De activa die recht geven op de gespreide investeringsaftrek blijven op het niveau van X en de toekomstige gespreide investeringsaftrek met betrekking tot deze activa zal op het niveau van X worden toegepast (zie nr. 211/79 van de Administratieve Commentaar op het WIB 92).

**36**. De geplande partiële splitsing leidt niet tot de overdracht van overgedragen fiscale aftrekken van een vennootschap wiens belastbare grondslag niet hoog genoeg is om deze overgedragen fiscale aftrekken te verrekenen naar een vennootschap wiens belastbare grondslag wel hoog genoeg is om zulks te doen.

## Berekeningsbasis NIA

**37**. Bovendien vindt de geplande partiële splitsing plaats tussen twee zustervennootschappen, X en New BelCo, wiens aandelen door dezelfde aandeelhouders worden aangehouden, met name door R en S. Gelet op het feit dat de partiële splitsing zal plaatsvinden in boekhoudkundige continuïteit (en fiscaal neutraal is), zal er ingevolge de partiële splitsing geen bijkomend eigen vermogen worden gecreëerd. De geplande partiële splitsing zal derhalve niet leiden tot de optimalisatie van de aftrek voor risicokapitaal.

## Artikel 213 WIB 92

**38**. Het volstorte kapitaal, de belaste en belastingvrije reserves van de te splitsen vennootschap X moeten worden verdeeld onder de te splitsen en de verkrijgende vennootschap, New BelCo, in verhouding tot de fiscale nettowaarde van de niet-overgedragen activa en de overgedragen activa.

**39**. De belastingvrije reserves zijn niet onderworpen aan enige herbeleggingsverplichting of -verbintenissen bedoeld in de artikelen 47 of 194*quater* WIB 92.

## Meerwaarde n.a.v. verkoop aandelen

**40**. Bij de overdracht van de aandelen van New BelCo aan de Koper zal een meerwaarde worden verwezenlijkt. Krachtens artikel 192 WIB 92 worden dergelijke meerwaarden verwezenlijkt op aandelen afzonderlijk belast aan 0,412%, en mag R in deze geen beschikbare overgedragen fiscale aftrekken verrekenen.

## III. A. 1. 5. Engagementen

## Engagement tot niet-overdracht aandelen

**41**. Met de partiële splitsing wil X enkel het segment D van haar andere bedrijfssegmenten afscheiden, dit in het kader van de globale strategische beslissing om de activiteiten D af te stoten. Het segment D wordt immers niet meer als kernactiviteit van de groep Z beschouwd.

**42**. In de toekomst zullen de segmenten A, B en C de kernactiviteiten van Z uitmaken. Daarom wijst de aanvrager er op dat het momenteel geenszins de bedoeling is om de overblijvende aandelen (of de aandelen ontvangen in ruil voor deze aandelen bij een bedrijfsreorganisatie) van X aan een onafhankelijke partij over te dragen.

## Engagement tot herbelegging

**43.** De groep Z is bereid om de opbrengst die R naar aanleiding van de verkoop van de aandelen van New BelCo zal realiseren te herbeleggen in Belgische of andere EU-vennootschappen van de groep.

**44**. Gelet op het bovenstaande meent de aanvrager dat moet worden geconcludeerd dat de geplande partiële splitsing van het segment D van X in New BelCo niet wordt ingegeven door fiscale redenen, doch wel integendeel gerechtvaardigd is door rechtmatige zakelijke overwegingen, die niet enkel op het lokale Belgische niveau spelen, doch ook globaal op het niveau van de groep Z.

## III. A. 2 Retroactiviteit

**45**. Tijdens de terugwerkende periode van maximaal zeven maanden zullen er geen verrichtingen plaatsvinden die een weerslag zouden kunnen hebben op de fiscale waarden op het niveau van X.

**46**. In dit verband wenst de aanvrager te benadrukken dat de retroactiviteit naar alle waarschijnlijkheid niet langer dan 7 maanden zal duren.

**47.** Gelet op het bovenstaande, wenst de aanvrager van de DVB een bevestiging te krijgen dat de retroactiviteit van de geplande partiële splitsing met het oog op de boekhouding en de fiscaliteit aan de fiscus tegenstelbaar is.

## III. B. BTW

## III. B. 1 Wettelijk kader

**48.** De overdracht van activa in het kader van een partiële splitsing kan in principe gekwalificeerd worden als de overdracht van een bedrijfsafdeling, welke in overeenstemming met de artikelen 11 en 18, § 3, W.BTW niet onderworpen is aan BTW indien de verwerver een belastingplichtige is die de BTW die naar aanleiding van de overdracht zou zijn verschuldigd, geheel of gedeeltelijk kan aftrekken.

## III. B. 2 Toepassing in casu

**49**. De vraag is dus of de overdracht van activa en passiva ingevolge de partiële splitsing van het segment D van X naar New BelCo een afzonderlijke bedrijfsafdeling is in de zin van de artikelen 11 en 18, § 3, W.BTW.

**50**. Het toepassingsgebied van de overdracht van een bedrijfsafdeling wordt verder besproken in de [Circulaire nr. E.T.110.663](https://juriel.be/fr/circulaires/46-2009-afer-champ-application-tva-activite-4e9e) (AOIF Nr. 46/2009) van 30 september 2009. Deze circulaire zet Europese rechtspraak om in de Belgische administratieve praktijk.

**51**. In overeenstemming met de Europese rechtspraak "moet het begrip 'bedrijfsafdeling' ("een algemeenheid van goederen of een deel hiervan") "aldus worden uitgelegd dat daaronder valt de overdracht van een handelszaak of van een autonoom bedrijfsonderdeel met lichamelijke en eventueel ook onlichamelijke zaken, welke tezamen een onderneming of een gedeelte van een onderneming vormen waarmee een autonome economische activiteit kan worden uitgeoefend, en dat daaronder niet valt de verkoop van goederen zonder meer, zoals de verkoop van een voorraad producten" (HvJ 27 november 2003, zaak [C-497/01](https://juriel.be/fr/jurisprudence-union/c-497-01-arret), Zita Modes). Ook is het doel van de Richtlijn dat "de verkrijger de bedoeling heeft om de handelszaak of het overgedragen bedrijfsonderdeel te exploiteren, en niet om de betrokken activiteit onmiddellijk zonder meer te vereffenen en in voorkomend geval de voorraden te verkopen" (ibid.). Dezelfde elementen zijn terug te vinden in de opinie van de Advocaat-Generaal van het Hof, waar deze stelt dat de 'bedrijfsafdeling' "zowel lichamelijke (zoals fabrieken, uitrusting en handelsvoorraden) als onlichamelijke elementen (zoals het belang van de huurder in een huur, de handelsnaam of patenten, handelsmerken en goodwill)" omvat. "Hier kunnen nog aan toe gevoegd worden bedrijfsgeheimen, bescheiden, klantenlijsten, het voordeel van bestaande contracten enzovoort". Hieruit volgt dat een 'bedrijfsafdeling' geen betrekking heeft op één of meerdere individuele elementen van een bedrijf (zoals een loutere voorraad, een individueel kapitaalgoed), doch eerder op een toereikende combinatie van bedrijfsactiva, die het bedrijf in staat stellen een economische activiteit uit te oefenen, zelfs indien deze activiteit slechts deel uitmaakt van een groter bedrijf waarvan het werd losgekoppeld.

**52**. Te noteren valt in dit verband dat het segment D zowel wettelijk als operationeel los van het segment A en B van X werd bestuurd en haar administratie en rapportering op zo een manier had georganiseerd dat X het segment D afzonderlijk en zelfstandig kon besturen. De aanvrager bezorgde een schermafbeelding van de structuur van de specifieke analytische boekhouding, die de autonomie van het segment D illustreert. Zoals uit deze afbeelding blijkt, worden in de structuur van de analytische boekhouding van X afzonderlijke codes voorzien voor de verschillende commerciële eenheden (afdeling A, B en D). In de analytische boekhouding is de afdeling D met andere woorden duidelijk als een afzonderlijke eenheid opgezet, en dit zowel op G&A als op commercieel niveau.

**53**. Bovendien verwijst de aanvrager naar:

\- de gedetailleerde opsplitsing van de activa en passiva, waaronder begrepen een opsplitsing van de specifieke en niet-specifieke schulden, tussen segment A en B enerzijds en het segment D anderzijds;

\- de gedetailleerde opsplitsing van het eigen vermogen tussen segment A en B enerzijds en het segment D anderzijds; en

\- de gedetailleerde opsplitsing van het boekhoudkundig resultaat van X tussen segment A en B enerzijds en het segment D anderzijds.

**54**. De opsplitsing van het boekhoudkundig resultaat tussen segment A en B enerzijds en segment D anderzijds toont aan dat alle thans door X uitgebate bedrijfssegmenten op "onafhankelijke" basis als financieel leefbaar kunnen worden beschouwd.

**55**. Bovendien beschikt het segment D ook over afzonderlijk productie-, verkoop- en ander personeel en eigen leveranciers en klanten.

**56**. X heeft momenteel honderden werknemers in dienst.

**57**. Iedere fabriek heeft een afzonderlijke ondernemingsraad.

**58**. De werknemers die momenteel voor het segment D van X werken, zullen bij de partiële splitsing allemaal worden overgedragen aan New BelCo en kunnen hun activiteiten voor New BelCo verderzetten. De werknemers die momenteel voor segment A en B werken zullen na de partiële splitsing van het segment D voor X blijven werken.

**59**. Het feit dat het segment D onafhankelijk wordt uitgebaat volgt ook uit het feit dat het vanuit een andere locatie wordt uitgebaat en in andere fabrieken.

**60**. Ingevolge de partiële splitsing van de activiteiten D van X in New BelCo, zal het onroerend goed eigen aan de activiteit D door X aan New BelCo worden overgedragen.

**61.** Het segment D heeft ook een afzonderlijk bestuur en leiderschap.

**62**. Gelet op het bovenstaande moet het duidelijk zijn dat het segment D door X vanuit geografisch, technisch, organisatorisch en bestuursoogpunt als een zelfstandige economische activiteit wordt uitgebaat en dat New BelCo het segment D ook zelfstandig zal kunnen exploiteren.

**63.** Tot slot hebben zowel X als New BelCo uitsluitend activiteiten die recht geven op BTW-aftrek.

**64**. Dienvolgens is de aanvrager van oordeel dat de partiële splitsing van het segment D in New BelCo een overdracht is van een afzonderlijke bedrijfsafdeling, die in overeenstemming met de artikelen 11 en 18, § 3, W.BTW.

## III. C. Registratie

## III. C. 1 Wettelijk kader

**65.** Artikel 117, § 2, W.Reg. bepaalt dat het bij artikel 115 bepaalde evenredig recht niet verschuldigd is voor de inbrengen gedaan door een vennootschap van activa en passiva waarvan kan worden beschouwd dat ze één of meer bedrijfstakken uitmaken, op voorwaarde dat :

\- voldaan is aan de voorwaarden vastgesteld in het Koninklijk Besluit ter uitvoering van artikel 117, § 2, W.Reg.; en

\- de inbrengende vennootschap haar daadwerkelijk bestuur of haar maatschappelijke zetel in een lidstaat van de EU heeft.

**66**. Artikel 117 W.Reg. werd uitgevoerd door het Koninklijk Besluit van 18 juli 1972 (hierna het "Koninklijk Besluit" genoemd).

**67**. Artikel 1 van het Koninklijk Besluit bepaalt dat de vrijstelling van het evenredig recht voorzien in artikel 117, § 2, W.Reg. is onderworpen aan de volgende voorwaarden:

\- de inbreng moet het geheel van de goederen omvatten die door de inbrengende vennootschap worden aangewend tot één of meer afdelingen van haar onderneming welke, vanuit technisch oogpunt, ieder een "onafhankelijk uitbatingsgeheel" uitmaakt/uitmaken; en

\- eventueel na aftrek van de bij de inbreng door de inbrengende vennootschap verschuldigde sommen die betrekking hebben op de ingebrachte bedrijfstakken, de inbreng uitsluitend vergoed wordt hetzij (i) door toekenning van aandelen of deelbewijzen of (ii) door toekenning van aandelen of deelbewijzen, samen met een storting in contanten die het tiende van de nominale waarde van de toegekende maatschappelijke aandelen of deelbewijzen niet overschrijdt.

**68**. Artikel 2 van het Koninklijk besluit verduidelijkt dat, onverminderd het recht tot controle, de vervulling van de onder artikel 1 vermelde voorwaarden moet worden bevestigd hetzij in de notariële akte van inbreng, of in een onderaan deze akte gestelde verklaring of bijgevoegd schrijven, dat vóór het verlijden van de akte door de betrokken partijen of in hun naam door de instrumenterende notaris moet worden ondertekend.

**69**. Indien aan de formaliteit voorgeschreven door artikel 2 van het Koninklijk Besluit niet is voldaan, moet het evenredig registratierecht zoals bedoeld in artikel 115 W.Reg., worden betaald en zal geen rekening worden gehouden met de vrijstelling voorgeschreven door artikel 117, § 2, W.Reg.

## III. C. 2 Toepassing in casu

**70**. Als tegenprestatie voor de inbreng van het segment D in het kapitaal van New BelCo, na aftrek van de door X op het ogenblik van de inbreng verschuldigde bedragen die betrekking hebben op het segment D, zullen de aandeelhouders van de vennootschap (t.t.z. R en S), uitsluitend worden vergoed door middel van nieuwe aandelen (d.w.z. zonder een bijkomende storting in geld), uitgegeven door New BelCo ter gelegenheid van de partiële splitsing.

**71**. Er moet worden overwogen of de overdracht van activa en passiva ingevolge de partiële splitsing van het segment D door X in New BelCo een afzonderlijke bedrijfstak is in de zin van artikel 117, § 2, W.Reg.

**72**. Voor een gedetailleerde beschrijving van de afzonderlijke aard van de door het segment D van X uitgeoefende activiteiten en vervaardigde producten vergeleken met de andere bedrijfssegmenten van Z, verwijst de aanvrager naar titel III.B.2.

**73**. Gelet op het bovenstaande moet het duidelijk zijn dat het segment D door X vanuit geografisch, technisch, organisatorisch en bestuursoogpunt als een zelfstandige economische activiteit wordt uitgebaat en dat New BelCo het segment D ook zelfstandig zal kunnen exploiteren.

**74**. De activa en passiva van afdeling D die ingevolge de partiële splitsing aan New BelCo zullen worden overgedragen moeten derhalve beschouwd worden als een geheel van goederen in de zin van artikel 1 van het Koninklijk Besluit, dat X voor haar segment D gebruikt, en deze maakt derhalve vanuit technisch standpunt een "volledig onafhankelijke verrichting" uit.

**75**. Zoals vereist door artikel 2 van het Koninklijk Besluit, zal de notaris de naleving van de voorwaarden vervat in artikel 1 van het Koninklijk Besluit uitdrukkelijk bevestigen. De aanvrager is dienvolgens van oordeel dat de geplande partiële splitsing van het segment D in New BelCo in overeenstemming met artikel 117, § 2, W.Reg. in aanmerking komt voor een vrijstelling van het evenredig registratierecht.

## III. D. Algemene maatregelen tegen fiscaal misbruik

## Algemeen

**76**. Rekening houdend met de volgende algemene feiten, is de aanvrager van oordeel dat de geplande partiële splitsing van X, gevolgd door de verkoop van de aandelen van New BelCo, niet kan worden beschouwd als een verrichting die fiscaal misbruik inhoudt en dienvolgens niet kan worden genegeerd of onderworpen aan een andere fiscale behandeling.

**77**. Betreffende de zakelijke overwegingen van X om de afdeling D van de afdeling A en B te scheiden door middel van een partiële splitsing (in tegenstelling tot een rechtstreekse verkoop van alle activa en een overname van alle passiva betreffende de afdeling D), kan het volgende worden opgemerkt:

\- het segment D heeft een aanzienlijke omvang en omvat veel leveranciers, klanten en personeel. De afdeling D beschikt ook over een aanzienlijk activabestand, met inbegrip van een onroerend goed. Een rechtstreekse verkoop van activa en de overname van de passiva betreffende de afdeling D zou vanuit administratief standpunt een enorme inspanning betekenen: kennisgevingen aan klanten en leveranciers, eventueel nieuwe onderhandelingen van overeenkomsten, kennisgevingen aan debiteuren, aanvullingen op de arbeidsovereenkomsten, enz. Een partiële splitsing van X daarentegen gebeurt onder een regime van juridische continuïteit, hetgeen een automatische overdracht inhoudt van alle activa, passiva, rechten en verplichtingen (overeenkomsten) die tot het segment D behoren. Een partiële splitsing is als dusdanig veel eenvoudiger te implementeren en bovendien veel efficiënter dan een loutere rechtstreekse overdracht van de afdeling D, die meerdere kennisgevingen en bevestigingen zou vereisen;

\- de afscheiding van het segment D van de andere bedrijfsactiviteiten door middel van een partiële splitsing is een flexibele en efficiënte manier om het segment D via een verkoop door R van haar belang in New BelCo uiteindelijk over te dragen aan de Koper en verschaft de Koper een aantrekkelijke acquisitiestructuur en flexibiliteit met het oog op een post-acquisitie herstructurering. Zelfs indien er binnen de groep van de Koper een vennootschap zou zijn die als partij zou kunnen optreden bij een rechtstreekse overdracht van de activiteiten D, is het onwaarschijnlijk dat de Koper tot een dergelijke overdracht bereid zou zijn, gelet op de omvang en de specifieke aard van de activiteiten. Bij een rechtstreekse overdracht zou de overnemende vennootschap zich inderdaad blootstellen aan alle operationele risico's die met industriële activiteiten gepaard gaan. Om de risico's met betrekking tot de activiteiten D te beperken tot de activa D, zou sowieso een nieuwe vennootschap moeten opgericht worden en van voldoende fondsen moeten voorzien worden om een het segment D rechtstreeks te verwerven via een overeenkomst tot koop van de activa en tot overname van de schulden. In tegenstelling tot een *asset deal* met een nieuw opgerichte Belgische vennootschap, kan de groep Z bij een partiële splitsing van X in New BelCo de Koper een Belgische vennootschap ter beschikking stellen die over voldoende eigen vermogen beschikt, zonder te moeten overgaan tot kapitaalinjecties. Door een partiële splitsing kan de groep Z met andere woorden vermijden dat er tussen verschillende groepsvennootschappen van groep Z fondsen moeten worden getransfereerd om New BelCo te financieren om het segment D van X te kunnen verwerven;

\- er werd voor een partiële splitsing gekozen om het segment D van X af te scheiden omdat dit segment reeds een onafhankelijke, afzonderlijke tak van activiteiten binnen de vennootschap vormt, met eigen leveranciers, klanten en personeel. Eigenlijk werd het segment D in het verleden door een afzonderlijke rechtspersoon geëxploiteerd, met name door K. Deze vennootschap exploiteerde ook de activiteiten B, doch het segment B is in België vrij onbeduidend en zonder belangrijke waarde. In het kader van de wereldwijde rationalisatie van het aantal rechtspersonen fuseerde K met L zijnde de rechtspersoon die tot voor de fusie het segment A exploiteerde. De naam van de overnemende vennootschap werd vervolgens gewijzigd in X. Op dat ogenblik was de groep Z hoegenaamd niet van plan om haar activiteiten D op globaal niveau af te stoten, anders zou de fusie tussen K en L niet hebben plaatsgevonden. Met andere woorden, zonder de fusie tussen K en L zou nu geen partiële splitsing nodig zijn om de Belgische activiteiten D af te stoten. De overdracht van de relatief onbeduidende activiteiten B vanuit K zou dan inderdaad voldoende zijn geweest, waarna de aandelen van de bestaande vennootschap aan de Koper zouden kunnen worden overgedragen;

\- een partiële splitsing, gevolgd door de verkoop van aandelen is een gepaste en heel gebruikelijke manier om de afstoting van een afzonderlijk bedrijfssegment, zoals het segment D, te verwezenlijken;

\- met betrekking tot de fiscale weerslag van de partiële splitsing moeten de volgende opmerkingen worden gemaakt: rekening houdend met het resultaat van de recente controle van de cel verrekenprijzen en het feit dat wordt verwacht dat de vennootschap in de volgende boekjaren rendabel blijft, zouden de beschikbare overgedragen fiscale verliezen en andere overgedragen fiscale aftrekken zonder de partiële splitsing volgend boekjaar hoe dan ook volledig worden gecompenseerd. Derhalve leidt de partiële splitsing in dit verband niet tot optimalisatie;

\- de geplande partiële splitsing leidt niet tot de overdracht van overgedragen fiscale aftrekken van een vennootschap wiens belastbare grondslag niet hoog genoeg is om deze overgedragen fiscale aftrekken te verrekenen naar een vennootschap wiens belastbare grondslag wel hoog genoeg is om zulks te doen.

\- bovendien vindt de geplande partiële splitsing plaats tussen twee zustervennootschappen, X en New BelCo, wiens aandelen door dezelfde aandeelhouders worden aangehouden, met name door R en S. Gelet op het feit dat de partiële splitsing zal plaatsvinden in boekhoudkundige continuïteit (en fiscaal neutraal is), zal er ingevolge de partiële splitsing geen bijkomend eigen vermogen worden gecreëerd. De geplande partiële splitsing zal derhalve niet leiden tot de optimalisatie van de aftrek voor risicokapitaal. Het recht op aftrek voor risicokapitaal van X vóór de splitsing zal inderdaad gelijk zijn aan het recht op aftrek voor risicokapitaal na de splitsing van X en New BelCo samen.

**78**. Naast de zakelijke motieven vermeld in het kader van artikel 183*bis* WIB 92 wordt de partiële splitsing ook ingegeven door de volgende rechtmatige zakelijke overwegingen:

\- de partiële splitsing is onderdeel van een wereldwijde reorganisatie waarbij de groep Z haar segment D afstoot en is derhalve slechts één van vele stappen in een wereldwijde herstructurering, die duidelijk niet wordt gestuurd door Belgische fiscale overwegingen, doch door een wereldwijde strategische beslissing;

\- de geplande afstoting van het segment D wordt een transactie met een (niet-verwante) derde partij en is dienvolgens intrinsiek gesteund op de respectievelijke zakelijke motieven van beide (niet met elkaar verwante) partijen. Bovendien is het onwaarschijnlijk dat een transactie met een (niet-verwante) derde partij louter omwille van fiscale redenen wordt afgesloten;

\- het is momenteel niet de bedoeling is om de overblijvende aandelen (of de aandelen ontvangen in ruil voor deze aandelen bij een bedrijfsreorganisatie) van X aan een (niet-verwante) partij over te dragen;

\- de groep Z is bereid om de opbrengst die R naar aanleiding van de verkoop van de aandelen van New BelCo zal verkrijgen te herbeleggen in Belgische of andere EU-vennootschappen van de groep;

\- de partiële splitsing zal geen onmiddellijke weerslag hebben op het niveau van de tewerkstelling van het segment D in België zolang de groep Z eigenaar blijft van het gesplitste segment D.

**79**. In dit verband benadrukt de aanvrager dat de partiële splitsing plaats zal vinden aan marktvoorwaarden, d.w.z. aan voorwaarden die tussen onafhankelijke partijen zouden worden overeengekomen.

**80**. Tot slot, zoals hierboven reeds vermeld, heeft de groep Z een koopovereenkomst ondertekend met Q met als voorwerp de verkoop van het globale bedrijfssegment D. Dit geeft Z de mogelijkheid om zich toe te leggen op de bedrijfssegmenten die door het management van Z als kernsegmenten werden aangeduid.

## Artikel 344, § 1, WIB 92

**81**. De aanvrager wenst van de DVB een bevestiging te krijgen dat de partiële splitsing van het segment D, gevolgd door de overdracht van de aandelen van New BelCo geen "fiscaal misbruik" in de zin van artikel 344 § 1 WIB 92 uitmaakt.

**82**. "Fiscaal misbruik" zoals bedoeld in artikel 344, § 1, WIB 92 wordt in de parlementaire voorbereiding (zie Doc. 53 2081/001, p. 114 e.v.) een "volstrekt kunstmatige constructie" genoemd, die geen verband houdt met de economische werkelijkheid, of niet aan commerciële of marktvoorwaarden plaatsvindt. In de parlementaire voorbereiding wordt voorts gesteld dat het om rechtshandelingen gaat die alleen worden uitgevoerd om belastingen te ontwijken en die ondenkbaar lijken indien er geen rekening wordt gehouden met de fiscale motieven.

**83**. In dit verband wordt in de eerste plaats verwezen naar de algemene motieven voor de partiële splitsing, zoals hierboven vermeld.

**84**. In dit verband wordt opgemerkt dat ten gevolge van de toepassing van de bepalingen betreffende de beperking van fiscale verliezen, zoals vervat in artikel 206, § 2, tweede lid, in fine WIB 92, X naar aanleiding van de fusie tussen K en L overgedragen fiscale verliezen heeft "verloren".

**85**. De aanvrager heeft de zakelijke motieven van X om de afdeling D door middel van een partiële splitsing van de afdeling A en B af te scheiden (in tegenstelling tot een rechtstreekse verkoop van alle activa en een overname van alle passiva betreffende de afdeling D) duidelijk uiteengezet.

**86**. Gelet op de gegronde zakelijke overwegingen van de groep Z om haar afdeling D af te stoten, moet worden besloten dat de geplande transacties niet louter of grotendeels zijn ingegeven door fiscale overwegingen. Integendeel, de hierboven beschreven afstoting is nodig om de strategische beslissing van Z uit te voeren om de bedrijfsactiviteiten te optimaliseren en te heroriënteren en het toekomstig financieel resultaat te verbeteren, niet alleen op het niveau van X zelf, maar op het niveau van de ganse groep Z.

**87**. De aanvrager is dienvolgens van oordeel dat de partiële splitsing van het segment D, gevolgd door de verkoop van de aandelen in New BelCo niet kan worden beschouwd als fiscaal misbruik en om die reden niet kan worden genegeerd of aan een andere fiscale behandeling worden onderworpen.

## Artikel 1, § 10, W.BTW

**88**. Bovendien wenst de aanvrager een bevestiging van de DVB dat de partiële splitsing van het segment D, gevolgd door de verkoop van de aandelen in New BelCo niet kan worden beschouwd als "fiscaal misbruik" in de zin van artikel 1, § 10, W.BTW.

**89**. De toepassing van de algemene anti-misbruikbepaling vervat in het BTW-Wetboek gaat ervan uit dat de transactie resulteert in een fiscaal voordeel. Dit fiscaal voordeel zou de toepassing van een BTW-vrijstelling of een BTW-vermindering (of gerelateerde voordelen zoals het vermijden van een gedeeltelijke BTW-herziening) kunnen zijn. Dit zou derhalve betekenen dat de partiële splitsing, gevolgd door de overdracht van de aandelen uitgegeven als gevolg van de partiële splitsing tot een voordeel zou hebben geleid (vrijstelling of vermindering van BTW) ten opzichte van een rechtstreekse verkoop van de activiteiten D aan New BelCo.

**90**. In dit verband wordt in de eerste plaats verwezen naar alle algemene motieven voor de partiële splitsing. Onder verwijzing naar titel III.B.2 hierboven is het daarenboven duidelijk dat het segment D een "bedrijfsafdeling" in de zin van de artikelen 11 en 18, § 3, W.BTW is.

**91**. De partiële splitsing van het segment D naar New BelCo houdt dus de overdracht in van een afzonderlijke bedrijfsafdeling, hetgeen overeenkomstig de artikelen 11 en 18, § 3 van het Belgisch BTW-Wetboek een BTW-neutrale verrichting is. Door de overdracht van de algemeenheid van goederen als "bedrijfsafdeling" moet de overdrager ook geen BTW-herziening doen. De hierop volgende verkoop van aandelen is vrijgesteld van BTW of valt zelfs buiten het toepassingsgebied van de BTW (HvJ 29 oktober 2009, Zaak [C-29/08](https://juriel.be/fr/jurisprudence-union/c-29-08-arret), SKF AB). Voor de volledigheid vermelden we dat de Europese rechtspraak er ook heeft op gewezen dat de verkoop van aandelen niet kan worden beschouwd als de verkoop van onderliggende activa, zelfs indien de waarde van de aandelen gesteund is op de waarde van de onderliggende activa (HvJ 5 juli 2012, Zaak [C-259/11](https://juriel.be/fr/jurisprudence-union/c-259-11-arret), DTZ Zadelhoff).

**92**. Derhalve is het zo dat geen van beide overdrachten leidt tot een te betalen BTW of tot een BTW-herziening.

**93**. Bij een rechtstreekse verkoop zou de overdracht van de aandelen ook worden beschouwd als de overdracht van een "bedrijfsafdeling", aangezien het dezelfde activa als bij de partiële splitsing zou omvatten. De bepalingen van de artikelen 11 en 18, § 3, W.BTW zijn zonder enige twijfel van toepassing, zowel op een partiële splitsing als op een rechtstreekse verkoop. Daarom zou de overdracht ook in dit geval niet onderworpen zijn aan BTW en moet de overdrager geen BTW-herziening doen.

**94**. Dienvolgens zou een rechtstreekse verkoop evenmin aanleiding geven tot de betaling of herziening van enige BTW. Gelet op het voorgaande kan niet worden gesteld dat X een fiscaal voordeel verkrijgt dat de doelstellingen van het BTW-Wetboek of de uitvoeringsbesluiten miskent.

**95**. Er kan daarom niet worden gesteld dat de geplande partiële splitsing "in wezen tot doel heeft" het verkrijgen van het voordeel van het BTW-neutraal regime voorzien in de artikelen 11 en 18, § 3, W.BTW en zou derhalve niet mogen leiden tot enige BTW of tot een herziening van de BTW die oorspronkelijk werd afgetrokken.

**Artikel 18, § 2, W.Reg.**

**96**. Tot slot wenst de aanvrager ook een bevestiging van de DVB dat de partiële splitsing van het segment D, gevolgd door de verkoop van de aandelen in New BelCo niet kan worden beschouwd als "fiscaal misbruik" in de zin van [artikel 18, § 2](https://juriel.be/fr/codes/tva/article-18) van het Wetboek der Registratie-, Hypotheek- en Griffierechten.

**97**. In dit verband wordt in de eerste plaats verwezen naar alle algemene motieven voor de partiële splitsing.

**98**. Daarenboven wordt verwezen naar de zakelijke motieven van X om de afdeling D door middel van een partiële splitsing af te scheiden van de afdeling A en B, in tegenstelling tot een rechtstreekse verkoop van alle activa en een overname van alle passiva betreffende de afdeling D. De aanvrager herhaalt bovendien dat het duidelijk is dat X het segment D zowel vanuit technisch als vanuit organisatorisch standpunt als autonome economische activiteit kan exploiteren.

**99**. De activa en passiva van het segment D, die naar aanleiding van de partiële splitsing aan New BelCo zullen worden overgedragen, kunnen mitsdien beschouwd worden als een "algemeenheid van goederen" in de zin van artikel 1 van het Koninklijk Besluit, die X voor haar segment D gebruikt, hetgeen hierdoor vanuit technisch standpunt een "volledig onafhankelijke eenheid" vormt.

**100**. De geplande partiële splitsing van het segment D in New BelCo zou derhalve overeenkomstig artikel 117, § 2, W.Reg. in aanmerking moeten komen voor een vrijstelling van het evenredig registratierecht. In dit verband zal de notariële akte, zoals vereist door artikel 2 van het Koninklijk Besluit, uitdrukkelijk vermelden dat de voorwaarden van artikel 1 van het Koninklijk Besluit werden nageleefd.

## IV. Beslissing

## IV. A. Vennootschapsbelasting

## IV. A. 1 Inzake de toepassing van artikel 211, WIB 92 op de partiële splitsing

**101**. De vennootschap X maakt deel uit van de internationale groep Z, die actief is in vier verschillende bedrijfssegmenten: A, B, C en D. De aandelen van de vennootschap X zijn in handen van de Belgische vennootschap R (hoofdaandeelhouder) en van de buitenlandse vennootschap S. De Belgische vennootschap X exploiteert drie van de vier bedrijfssegmenten: A, B en D.

**102**. De groep Z wenst zich terug toe te leggen op haar kernactiviteiten en in deze optiek is de beslissing genomen om het segment D te verkopen aan een derde partij. Dit brengt een wereldwijde reorganisatie met zich mee waarbij het segment D moet worden afgezonderd van de overige activiteiten van de groep Z. Op Belgisch niveau zal de afscheiding van het segment D gebeuren door middel van een partiële splitsing van X naar een nieuw op te richten Belgische vennootschap (New Belco).

**103**. Het personeel dat werkzaam is voor het segment D gaat over naar de nieuw op te richten vennootschap. De aanvrager verwacht dat de verrichting geen onmiddellijke negatieve impact zal hebben op de tewerkstelling, tenminste zolang het segment D in handen blijft van de groep Z.

**104**. De aanvrager heeft aangetoond dat de partiële splitsing niet fiscaal geïnspireerd is:

**104.1** de verrichting is neutraal voor wat de berekeningsbasis van de aftrek voor risicokapitaal betreft;

**104.2** X beschikt niet over overgedragen DBI of overgedragen NIA. X beschikt wel over overgedragen verliezen en overgedragen gespreide investeringsaftrek. Overeenkomstig artikel 206, § 2, WIB 92 zullen de overgedragen fiscale verliezen verdeeld worden over X en New Belco. De overgedragen gespreide investeringsaftrek wordt verleend aan de vennootschap waarin het bestanddeel wordt ingebracht waarop de overgedragen gespreide investeringsaftrek betrekking heeft, in casu X.

**104.3** in het verleden werd het segment D geëxploiteerd door een afzonderlijke rechtspersoon, zijnde K. Deze vennootschap exploiteerde ook de activiteiten B in België. In het kader van een rationalisatie van het aantal Z entiteiten wereldwijd, fuseerde K met L, de rechtspersoon die het segment A exploiteerde. De naam van de vennootschap werd vervolgens gewijzigd in X. Op dat ogenblik was de groep Z helemaal niet van plan om haar activiteiten D af te stoten want had deze fusie niet plaatsgevonden, dan zou de huidige partiële splitsing op vandaag overbodig zijn. De overdracht van de relatief onbeduidende activiteiten B in België zou kunnen volstaan. Ten gevolge deze fusie heeft X evenwel, in toepassing van de wettelijke bepalingen, een substantieel bedrag aan overgedragen fiscale verliezen en overgedragen DBI zien verloren gaan.

**105**. De aanvrager heeft bevestigd dat artikel 213 WIB 92 en de administratieve commentaar ter zake zal worden toegepast.

**106**. De verkrijgende vennootschap New Belco is een binnenlandse vennootschap.

**107**. De aanvrager heeft bevestigd dat de partiële splitsing zal plaatsvinden overeenkomstig de bepalingen van het Wetboek van Vennootschappen.

**108.** Op basis van de door de aanvrager verstrekte inlichtingen en de door de DVB gemaakte analyse kan worden aangenomen dat de partiële splitsing van X niet als hoofddoel of één der hoofddoelen belastingfraude of -ontwijking heeft in de zin van artikel 183*bis*, WIB 92 en dat de verrichting kan plaatsvinden onder het belastingneutraal stelsel als bedoeld in artikel 211, § 1, WIB 92.

## IV. A. 2 Boekhoudkundige retroactiviteit

**109**. De terugwerkende kracht van een vennootschapsakte is in de regel niet tegenstelbaar aan de Administratie. Van dit beginsel mag inz. t.a.v. voormeld boekhoudkundig retroactiviteitsbeding, slechts worden afgeweken wanneer de bedoelde retroactiviteitsclausule:

**109.1** met de werkelijkheid overeenstemt en betrekking heeft op een korte periode: in dit verband kan een boekhoudkundige retroactiviteitsclausule van meer dan zeven maand, in normale omstandigheden niet als een korte periode worden aangemerkt;

**109.2** en een juiste toepassing van de belastingwetgeving niet in de weg staat.

**110**. De partiële splitsing van X zal plaatsvinden met een boekhoudkundige retroactiviteit van maximaal zeven maanden.

**111**. X heeft fiscaal overdraagbare verliezen. De aanvrager heeft bevestigd dat er geen uitzonderlijke verrichtingen zullen plaatsvinden tijdens de boekhoudkundige retroactiviteitsperiode die een wezenlijke impact zullen hebben op de fiscale nettowaarden met het oog op de toepassing van artikel 206, § 2, WIB 92.

**112**. Derhalve kan de boekhoudkundige retroactiviteit op fiscaal vlak worden aanvaard.

## IV. A. 3. Inzake de algemene antimisbruikbepaling van artikel 344, § 1, WIB 92

**113**. Het geheel van de verrichtingen (partiële splitsing van het segment D van X naar New Belco gevolgd door de verkoop van de aandelen van New Belco) kadert binnen de wereldwijde reorganisatie van de groep Z waarbij het segment D wordt afgestoten. De niet-fiscale motieven van de transactie in zijn geheel worden onderstreept doordat de groep Z zich engageert om de verkoopprijs te herbeleggen.

**114**. De gekozen rechtshandelingen vormen een logische keuze om het vooropgezette doel te bereiken en werden voldoende verantwoord door andere motieven dan het ontwijken van inkomstenbelastingen in de zin van artikel 344, § 1, derde lid, WIB 92.

## IV. B. Inzake BTW

## IV.B.1 Inzake de toepassing van de artikelen 11 en 18, §3, W.BTW op de partiële splitsing

**115**. Overeenkomstig artikel 11 W.BTW wordt niet als een levering beschouwd, de overdracht van een algemeenheid van goederen of van een bedrijfsafdeling, onder bezwarende titel of om niet, bij wege van inbreng in een vennootschap of anderszins, wanneer de overnemer een belastingplichtige is die de belasting, indien ze ingevolge de overdracht zou verschuldigd zijn, geheel of gedeeltelijk zou kunnen aftrekken. In dat geval wordt de overnemer geacht de persoon van de overdrager voort te zetten. Artikel 18, § 3, W.BTW bevat hetzelfde principe met betrekking tot diensten.

**116**. Deze artikelen zijn de omzetting in het Belgisch BTW Wetboek van de artikelen [19](https://juriel.be/fr/droit-union/directive-tva-2006-112/article-19) en [29](https://juriel.be/fr/droit-union/directive-tva-2006-112/article-29) van de Richtlijn 2006/112/CE van de Raad van 28 november 2006 betreffende het gemeenschappelijke stelsel van belasting over de toegevoegde waarde (vroeger artikelen [5, paragraaf 8](https://juriel.be/fr/droit-union/6e-directive-77-388/article-5), en [6, paragraaf 5](https://juriel.be/fr/droit-union/6e-directive-77-388/article-6), van de zesde richtlijn 77/388/CE van de Raad van 17 mei 1977 betreffende de harmonisatie van de wetgevingen der Lid-Staten inzake omzetbelasting - Gemeenschappelijk stelsel van belasting over de toegevoegde waarde: uniforme grondslag).

**117.** In haar arrest van 27 november 2003 - zaak [C-497/01](https://juriel.be/fr/jurisprudence-union/c-497-01-arret), Zita Modes Sarl c. Administration de l'enregistrement et des domaines heeft het Europese Hof van Justitie verduidelijkt dat het begrip "overgang van het geheel of een gedeelte van een algemeenheid van goederen onder bezwarende titel, om niet of in de vorm van een inbreng in een vennootschap" moet worden uitgelegd dat daaronder valt de overdracht van een handelszaak of van een autonoom bedrijfsonderdeel met lichamelijke en eventueel ook onlichamelijke zaken, welke tezamen een onderneming of een gedeelte van een onderneming vormen waarmee een autonome economische activiteit kan worden uitgeoefend, en dat daaronder niet valt de verkoop van goederen zonder meer, zoals de verkoop van een voorraad producten.

**118.** De artikelen 11 en 18, § 3, W.BTW zijn derhalve van toepassing wanneer de overdracht betrekking heeft op een geheel van elementen bestaande uit lichamelijke en eventueel ook onlichamelijke zaken, welke tezamen een onderneming of een gedeelte van een onderneming vormen waarmee een autonome economische activiteit kan worden uitgeoefend.

**119**. Naar aanleiding van de hierboven beschreven verrichting wordt het segment D van X partieel afgesplitst in een nieuwe Belgische vennootschap New Belco.

**120**. Uit de gegevens van de aanvraag blijkt dat alle activa en passiva die tot de bedrijfsafdeling D behoren - o.a. het personeel en het industrieel terrein en industrieel gebouw dat uitsluitend voor de bedrijfstak D wordt gebruikt - zullen worden afgesplitst naar de nieuwe Belgische vennootschap New Belco.

**121**. Het betreft de inbreng van een activiteit welke kan worden beschouwd als een reeds bestaand georganiseerd geheel van activa en passiva dat op technisch vlak door eigen middelen reeds autonoom functioneert en bij de overnemende vennootschap, New Belco, ook autonoom zal kunnen functioneren. De ingebrachte activiteit is bijgevolg te beschouwen als een bedrijfsafdeling.

**122.** Zowel de overdragende vennootschap (X) als de overnemer (New Belco) zijn btw-belastingplichtigen die de btw, indien ze ingevolge de overdracht verschuldigd zou zijn, zouden kunnen aftrekken.

**123**. De hierboven beschreven partiële splitsing van het segment D van X dient derhalve te gebeuren met toepassing van de artikelen 11 en 18, § 3, W.BTW.

**124**. Inzake de toepassing van de btw is er geen terugwerkende kracht van de partiële splitsing. De beoordeling gebeurt op het ogenblik waarop de verrichting juridisch wordt uitgevoerd.

## IV. B. 2 Inzake de algemene antimisbruikbepaling van artikel 1, § 10, W.BTW

**125**. Uit de motivering van de verrichting en het beschreven feitenrelaas dient besloten te worden dat de partiële splitsing van het segment D niet beoogd wordt door artikel 1 § 10, W.BTW.

## IV. C. Inzake registratierechten

## IV.C.1 Inzake de toepassing van artikel 117, § 2, W.Reg. op de partiële splitsing

**126**. Volgens artikel 117, § 2, W. Reg. is het bij artikel 115 en 115*bis* bepaalde recht niet verschuldigd, onder de voorwaarden die de Koning bepaalt, voor de inbrengen gedaan door een vennootschap waarvan de zetel der werkelijke leiding of de statutaire zetel gevestigd is op het grondgebied van een lidstaat van de Europese Gemeenschappen, van goederen die één of meer van haar bedrijfstakken uitmaken.

**127.** De notie "bedrijfstak" dient vanuit twee invalshoeken te worden bekeken, enerzijds vanuit de inbrengende vennootschap en anderzijds vanuit de inbrenggenietende vennootschap. Ten name van de inbrengende vennootschap is het relevant of de overgedragen activa, passiva en andere rechten en elementen een geheel uitmaken en al een zekere vorm van autonomie hebben. Ten name van de inbrenggenietende vennootschap is het van belang of de ingebrachte afdeling autonoom kan functioneren binnen de inbrenggenietende vennootschap.

**128**. X is een vennootschap welke thans drie onderscheiden activiteiten heeft: het segment A, het segment D en het segment B. X zal haar segment D afsplitsen naar de Belgische vennootschap New Belco gevolgd door de verkoop van de aandelen van New Belco.

**129**. Uit de gegevens van de aanvraag blijkt dat alle activa en passiva die tot het segment D behoren - o.a. het personeel en het industrieel terrein en industrieel gebouw dat uitsluitend voor deze activiteit wordt gebruikt - zullen worden afgesplitst naar de nieuwe Belgische vennootschap New Belco.

**130**. Het betreft de inbreng van een activiteit welke kan worden beschouwd als een reeds bestaand georganiseerd geheel van activa en passiva dat op technisch vlak door eigen middelen reeds autonoom functioneert en bij de inbrenggenietende Belgische vennootschap ook autonoom zal kunnen functioneren. De ingebrachte activiteit is bijgevolg te beschouwen als een bedrijfstak.

**131**. De inbreng van de bedrijfsafdeling D zal worden gedaan door X, een bestaande Belgische vennootschap. Hierdoor is er voldaan aan de voorwaarde dat de inbreng wordt gedaan door een vennootschap waarvan de zetel der werkelijke leiding of de statutaire zetel gevestigd is op het grondgebied van een Lidstaat van de Europese Gemeenschappen.

**132**. De inbreng zal worden gedaan in de nieuwe Belgische vennootschap New Belco.

**133**. Deze inbreng zal volledig vergoed worden door de toekenning van aandelen die maatschappelijke rechten vertegenwoordigen in de nieuwe Belgische vennootschap New Belco. Hieruit kan worden besloten dat aan de voorwaarde wordt voldaan dat, eventueel na aftrek van de bij de inbreng door de inbrengende vennootschap verschuldigde sommen die betrekking hebben op de ingebrachte bedrijfstakken, de inbreng uitsluitend vergoed wordt door toekenning van aandelen of deelbewijzen die maatschappelijke rechten vertegenwoordigen, al dan niet samen met een storting in contanten die het tiende van de nominale waarde van de toegekende maatschappelijke aandelen niet overschrijdt (K.B. 18 juli 1972, art. 1). In casu wordt er geen geldopleg betaald.

**134**. De vervulling van de voorwaarden (K.B. 18 juli 1972) zal bevestigd worden in een in de akte gestelde verklaring of bijgevoegd schrijven, die vóór de registratie door de partijen of, in hun naam, door de instrumenterende notaris zal ondertekend worden.

**135**. De partiële splitsing van X kan derhalve worden verricht onder het vrijstellingsregime zoals voorzien in artikel 117, § 2, W.Reg.

**IV. C. 2 Inzake de algemene antimisbruikbepaling van artikel 18, § 2, W.Reg.**

**136.** Het geheel van de verrichtingen (partiële splitsing van het segment D van X naar New Belco gevolgd door de verkoop van de aandelen van New Belco) kadert binnen de wereldwijde reorganisatie van de groep Z waarbij het segment D wordt afgestoten.

**137**. Uit het feitenrelaas en de motivering van de handelwijze kan afgeleid worden dat het voorwerp van de verrichtingen de exploitatie van de bedrijfstak D betreft en niet de overdracht van de onroerende goederen.

**138.** De gekozen rechtshandelingen vormen een logische keuze om het vooropgezette doel te bereiken en worden voldoende verantwoord door andere motieven dan het ontwijken van registratierechten in de zin van artikel 18, § 2, derde lid, W.Reg.

**139**. De onderhavige beslissing is gebaseerd op de elementen zoals deze door de aanvrager vermeld werden. De DVB spreekt zich in deze beslissing, ondanks de beslissing genomen in randnummers 114 en 138 en de vermelding in randnummers 41 en 42, niet uit over de mogelijke toepassing van antimisbruikbepalingen (artikel 183*bis* of artikel 344, § 1, WIB 92, artikel 18, § 2, W.Reg., …) ten gevolge van verrichtingen die niet omschreven zijn in deze beslissing zoals de eventuele toekomstige overdracht van de aandelen van X.

## Textes cités

10

[CTVA art. 18](https://juriel.be/fr/codes/tva/article-18) 3 occurrences

[CTVA art. 11](https://juriel.be/fr/codes/tva/article-11) 2 occurrences

[CTVA art. 1](https://juriel.be/fr/codes/tva/article-1) 1 occurrence

[6e directive 77/388 art. 5](https://juriel.be/fr/droit-union/6e-directive-77-388/article-5) 1 occurrence

[6e directive 77/388 art. 6](https://juriel.be/fr/droit-union/6e-directive-77-388/article-6) 1 occurrence

[directive TVA 2006/112 art. 19](https://juriel.be/fr/droit-union/directive-tva-2006-112/article-19) 1 occurrence

[directive TVA 2006/112 art. 29](https://juriel.be/fr/droit-union/directive-tva-2006-112/article-29) 1 occurrence

[C-497/01, arrêt du 27 novembre 2003](https://juriel.be/fr/jurisprudence-union/c-497-01-arret) 2 occurrences

[C-259/11, arrêt du 5 juillet 2012](https://juriel.be/fr/jurisprudence-union/c-259-11-arret) 1 occurrence

[C-29/08, arrêt du 29 octobre 2009](https://juriel.be/fr/jurisprudence-union/c-29-08-arret) 1 occurrence
