---
title: "Décision anticipée 2012.085 · Rubrique XXXI du tableau A de l’annexe à l’ AR 20"
description: "Rubrique XXXI du tableau A de l’annexe à l’ AR 20, taux de l'intérêt, droit réel. Décision anticipée belge n° 2012.085 du 24 juin 2014."
url: "https://juriel.be/fr/rulings/2012-085-taux-rubrique-xxxi-tableau-annexe-550d"
lang: "fr"
---

Texte en néerlandais

# Rubrique XXXI du tableau A de l’annexe à l’ AR 20 · TVA - Taux - Rubrique XXXI du tableau A de l’annexe à l’ AR 20

**Numéro**

2012.085

**Date**

24 juin 2014

## Sur le document

**Collection**

Décisions anticipées

**Langue du texte**

néerlandais

**Version française**

non publiée par le SPF

Le texte de ce document est en néerlandais. Le SPF n'en publie pas de version française.

## Texte

37 paragraphes

Fiche du SPF Finances

**Décision anticipée n° 2012.085 dd. 24.6.2014**

*TVA* · *Taux* · *Rubrique XXXI du tableau A de l'annexe à l' AR 20*

## Résumé

La demande est irrecevable.

***La décision est publiée uniquement dans la langue dans laquelle la demande a été introduite.***

## I. Identiteit van de aanvrager

1\. Dhr. X en mevr. Y, naakte eigenaars

2\. en

3\. Z BVBA

## II. Omschrijving van de voorgenomen handelingen en situatieschets

4\. De betrokken partijen hebben de eigendom verkregen van een hoeve. Bij verkrijging hebben Dhr X en mevr Y een vruchtgebruik gevestigd voor 25 jaar ten voordele van BVBA Z waarvan dhr. X zaakvoerder is.

5\. De hoeve zal een belangrijke renovatie ondergaan waarbij er volledig binnen de bestaande structuren zal worden gewerkt en er geen ingrijpende wijzigingen in de wezenlijke elementen van het gebouw plaatsvinden. Er wordt volledig gewerkt op basis van de bestaande dragende constructies en structuren. Het doel is ook het historisch uitzicht van het goed te behouden.

6\. Het is hierbij van belang te weten dat een deel van de kosten (buitenkant dak en dakkapellen) aan de naakte eigenaars zal worden aangerekend. Het overige deel van de werken komt ten laste van de vruchtgebruiker BVBA Z.

7\. De hoeve die voor de werken voor privé-bewoning diende zal ook na de werken voor privé-bewoning dienen. De naakte eigenaren zullen (al dan niet tegen een vergoeding aan de BVBA Z) het gebouw gebruiken als hun woning.

8\. BVBA Z heeft het voornemen om in de hoeve een Bed & Breakfast te exploiteren. Een activiteit waarvoor het een btw-plichtige met recht op aftrek zal zijn.

9\. De gehanteerde budgetten die momenteel uitgaan van 4 kamers in Bed & Breakfast gaan ervan uit dat de werken voor het aandeel privé-bewoning aan het verlaagd tarief van 6% (en hiervan zal de kost aan btw niet afgetrokken worden noch in de BVBA, noch bij de naakte eigenaren). Vermits dit voor de haalbaarheid van hun financiering essentieel is wensen de betrokken partijen op voorhand rechtszekerheid te verkrijgen omtrent de draagwijdte van de btw-gevolgen van de voorgenomen renovatiewerken. Hierbij zullen ze zelfs desgevallend overgaan tot een vermindering van het aantal kamers in Bed & Breakfast indien dit voor de toepassing van het verlaagd tarief van 6% doorslaggevend zou zijn.

## III. Motivering door de aanvrager

10\. Aangezien er ondanks het feit van uitgebreide renovatiewerken geen ingrijpende wijzigingen zijn in de wezenlijke elementen van het gebouw en de woning reeds ruim meer dan 5 jaar geleden voor een eerste maal in gebruik werd genomen (oude hoeve), meent de aanvrager dat voor het gebruik van als privé-woning de geplande werken in onroerende staat onder het verlaagde tarief vallen.

11\. Aavrager is tevens van mening dat vermits noch de naakte eigenaren een recht op aftrek van de btw zullen kunnen uitoefenen, en noch de BVBA een recht op aftrek zal uitoefenen voor het aandeel van de werken die op de privé-bewoning betrekking heeft, dat voor dit deel van de werken de afnemers aan wie gefactureerd zal worden kwalificeren als eindverbruikers in de zin van bedoelde rubriek XXXI. Aanvrager verwijst hierbij ondermeer naar de uitgebreide interpretatie van het begrip eindgebruiker in de [aanschrijving nr. 6 van 22/08/1986](https://juriel.be/fr/circulaires/6-1986-f342), alsook naar de bredere interpretatie die reeds door de DVB in voorgaande beslissingen werd weerhouden (bvb. voorafgaande beslissing nr. 2012.025 dd. 05.10.2010).

12\. Op basis van 4 kamers in Bed & Breakfast kan volgens de aanvrager zijn berekeningen gestaafd worden dat de privé-aanwending overweegt. Hierbij werden ook "kelder' oppervlakten meegerekend. Deze kelders zijn evenwel zoals ook uit de plannen af te leiden valt niet puur ondergrondse onderkelderingen van het gebouw doch half bovengrondse en deels met ramen voorziene onderdelen van de woning. Ook indien slechts in de berekeningen voor de helft wordt rekening gehouden met deze oppervlakten blijkt uit deze berekeningen dat het aandeel privébewoning overweegt; aanvrager begrijpt dat voor de berekening van KI rekening wordt gehouden met de helft van de kelderoppervlakten.

13\. Aanvrager meent dat de grove buitenwerken die op het hele gebouw betrekking hebben (voornamelijk werken aan het buitendak en dakkappellen) die aan de naakte eigenaar worden gefactureerd, aan het verlaagde tarief van voormelde rubriek XXXI van tabel A, KB nr. 20 zijn onderworpen.

14\. Aanvrager meent eveneens dat voor alle werken die aan de BVBA Z worden gefactureerd en die betrekking hebben op zowel de delen die voor privé-bewoning worden gebruikt als voor deze die gemeenschappelijk zijn het verlaagde tarief van voormelde rubriek XXXI van tabel A, KB nr. 20 toepasselijk is. Hierbij zal de btw volgens de medecontractantregeling worden voldaan en niet afgetrokken voor de delen die voor privé-bewoning worden gebruikt en evenmin voor een percentage privégebruik op het deel van de werken die op gemeenschappelijke delen betrekking hebben.

15\. Voor de werken die aan BVBA Z worden gefactureerd en die uitsluitend betrekking hebben op het beroepsmatig deel (Bed & Breakfast) dient volgens de aanvrager met gebruik van de medecontractantregeling aan het standaard tarief de btw te worden voldaan doch deze kan eveneens worden afgetrokken.

## IV. Vraag

16\. Op basis van voorgaande overwegingen verzoekt de aanvrager om een beslissing dat, voorgaande analyse correct is en dat het verlaagde tarief van rubriek XXXI van tabel A, KB nr. 20 van toepassing is op alle werken in onroerende staat die betrekking hebben op zowel de grove buitenwerken (essentieel het buitendak) gefactureerd aan de naakte eigenaren, als op de werken in onroerende staat gefactureerd aan de BVBA (vruchtgebruiker) voor de loutere privédelen alsmede voor de gemeenschappelijke delen.

## V. Beslissing

## Uit het door de DVB gedane onderzoek blijkt het volgende:

17\. De mandataris van het dossier werd gecontacteerd met de vraag of er al dan niet sprake was van fiscale uitwerking in het dossier.

18\. Op 23/10/2013 heeft de mantataris per mail laten weten dat hij voor het dossier nog niet de bevestiging had gekregen dat zijn cliënt wenst te verzaken aan de aanvraag, maar dat hij aannam dat de klant in dat dossier gezien de omstandigheden zal verzaken. Hij ging dit expliciet verzoeken om dit te bevestigen en ging dit laten weten.

19\. Op 22/11/2013 werd per mail een herinnering gestuurd aan de mandataris.

20\. Op 03/04/2014 is er nogmaals per mail een herinnering gestuurd aan de mandataris.

21\. Overeenkomstig artikel 20 van de Wet van 24 december 2002 tot wijziging van de vennootschapsregeling inzake inkomstenbelastingen en tot instelling van een systeem van voorafgaande beslissingen in fiscale zaken is de DVB slechts bevoegd om een voorafgaande beslissing te nemen met betrekking tot een bijzondere situatie of verrichting die op fiscaal vlak nog geen uitwerking heeft gehad. Volgens artikel 21 van diezelfde wet moet de aanvraag, zolang er nog geen beslissing is genomen, worden aangevuld met elk nieuw element dat betrekking heeft op de voorgenomen situatie of verrichting. De expliciete vraag, die per mail op 23/10/2013 is gestuurd om hieromtrent uitsluitsel te krijgen, is onbeantwoord gebleven.

22\. Ook latere herinneringen bleven onbeantwoord.

**Gelet op de artikelen 20 tot 23 van voormelde wet van 24 december 2002 alsmede op de overwegingen zoals vermeld in deel V beslist het College van de DVB in zitting van 24 juni 2014 dat :**

23\. de aanvraag onontvankelijk is.
