---
title: "Tribunal de première instance de Bruges, 23 juin 2010"
description: "Tribunal de première instance de Bruges (Belgique), 23 juin 2010."
url: "https://juriel.be/fr/jurisprudence/tribunal-bruges-2010-06-23-96b7"
lang: "fr"
---

Texte en néerlandais

# Tribunal de première instance de Bruges, 23 juin 2010 · Taxe sur la valeur ajoutée

**Juridiction**

Tribunal de première instance

**Siège**

Bruges

**Date**

23 juin 2010

## Sur le document

**Collection**

Jurisprudence belge

**Langue du texte**

néerlandais

**Version française**

non publiée par le SPF

Le texte de ce document est en néerlandais. Le SPF n'en publie pas de version française.

## Texte

56 paragraphes

### Fiche du SPF Finances

Jugement du Tribunal de première instance de Bruges du 23.06.2010

Résumé non fourni

**Texte du jugement**

### Corps de la décision

***Le texte est publié uniquement dans la langue originale***

**De Rechtbank van eerste aanleg te Brugge, VIERDE KAMER, heeft het hierna volgend vonnis verleend :**

In de zaak **03/3090/A** Rep. nr. **2010/2693**

**Meester E. D. V.**, advocaat, met kantoor gevestigd te …, …, in zijn hoedanigheid van curator over de faling van de NV **C. B.**, met vennootschapszetel te …, …,

**eiser qq**

die in persoon optreedt

**tegen :**

**De FOD FINANCIËN**, Belastingen en Invordering, Sector BTW, in de persoon van de Minister van Financiën, op vervolging en benaarstiging van de Rekenplichtige van het BTW-Ontvangkantoor te BRUGGE, met kantoren gelegen te 8000 BRUGGE, G. Vincke Dujardinstraat 4,

**verweerder,**

voor wie optreedt Meester **J. V. d. P.**, advocaat met kantoor te …, …,

## I. RECHTSPLEGING

Gelet op het geding inleidend dagvaardingsexploot houdende verzet de dato 8 oktober 2003.

De rechtbank nam kennis van het dossier van de rechtspleging en van de neergelegde stukken.

Partijen werden gehoord in hun middelen in de openbare terechtzitting van 26 mei 2010.

Artikel 2 en volgende van de wet van 15 juni 1935 op het gebruik der talen in gerechtszaken werden in acht genomen.

## II. BIJZONDERSTE GEGEVENS DER ZAAK

**2.1.** De NV **C. B.** was als BTW-belastingplichtige geregistreerd onder het BTW-registratienummer … voor de activiteit van het uitbaten van een restaurant, casino en het verrichten van culturele activiteit. Zij was derhalve onderworpen aan de bepalingen van de BTW-wetgeving en de ter uitvoering ervan genomen besluiten. Zij werd failliet verklaard op 4 september 1986.

Op 18 september 1986 werd door de BTW-Ontvanger te Brugge een provisionele verklaring van schuldvordering ingediend. Op 9 mei 1989 werd vervolgens door de BTW-Ontvanger een definitieve verklaring van schuldvordering ingediend en werd de curator verzocht de desbetreffende sommen op te nemen in het passief van de faling.

Bij arrest van het Hof van Beroep te Gent de dato 26 mei 2003 werd een BTW-bedrag van … EUR (verschuldigde BTW, intresten en kosten) opgenomen in het bevoorrecht passief en werd een bedrag van … EUR (boete) opgenomen in het gewoon passief.

Op 16 september 2003 werd een dwangbevel uitgevaardigd door **D. L. B.**, e.a. inspecteur a.i. van het BTW-Ontvangkantoor te Brugge.

Op 18 september 2003 werd het dwangbevel geviseerd en uitvoerbaar verklaard.

Op 8 oktober 2003 werd op verzoek van de curator q.q. van de NV **C. B.** in faling een dagvaarding houdende verzet betekend lastens verweerder voor onderhavige rechtbank.

**2.2.** Eisende partij vraagt dat : het verzet gegrond verklaard wordt en voor recht gezegd wordt dat het dwangbevel geen voorwerp heeft en dat verweerder tot de gedingkosten wordt veroordeeld.

**2.3.** Verweerder vraagt dat : het verzet ongegrond, minstens zonder voorwerp wordt verklaard en dat gezegd wordt voor recht dat de vordering van verweerder niet verjaard is en niet kan verjaren zolang het faillissement niet is afgesloten en dat verweerder veroordeeld wordt tot de gedingkosten.

## III. BEOORDELING

### 3.1. nopens de ontvankelijkheid

Verweerder voert geen redenen aan die tot de onontvankelijkheid van deze vordering kunnen leiden. Nu de Rechtbank evenmin middelen van onontvankelijkheid, die zij ambtshalve zou moeten opwerpen, ontwaart, is de vordering ontvankelijk.

### 3.2. nopens de grond

#### 3.2.1. nopens het dwangbevel

a. Eisende partij stelt dat het dwangbevel zonder voorwerp is daar het faillissement van de NV **C. B.** op datum van het dwangbevel nog niet afgesloten was.

b. Verweerder stelt dat de bevoegde ontvanger niet de intentie had om uitvoeringsmaatregelen te nemen, vermits dit niet aan de orde is tijdens de duur van de faling en de kennisgeving van het dwangbevel enkel verricht werd met het oog op een overbodige nieuwe stuiting van de verjaring. Volgens verweerder behoudt het dwangbevel, ondanks de foutieve vermelding erin gedaan met betrekking tot de afsluiting van het faillissement, zijn rechtsgeldigheid.

c. In casu stelt de rechtbank vast dat de grondslag van het dwangbevel gesteund is op de volgende motivering : "Overwegende dat de faling op 21 mei 1992 werd afgesloten, dat de administratie tegenover de gefailleerde terug in vordering treedt overeenkomstig artikel 536 van de faillissementswet van 18 april 1851." (stuk 4 - verweerder).

Tussen partijen bestaat er geen betwisting omtrent het feit dat deze motivering foutief is omwille van het feit dat op datum van het dwangbevel de faling nog niet afgesloten was.

Alleen deze motivering kan in aanmerking genomen worden om de geldigheid van het dwangbevel te beoordelen.

De verkeerde motivering van het dwangbevel, zoals in casu, brengt de nietigheid van het dwangbevel mee.

De fiscale vordering is gegrond.

#### 3.2.2. nopens de overige grieven

De overige grieven van eiseres dienen niet onderzocht te worden nu het eventueel gegrond verklaren ervan niet tot een ruimer voordeel voor eiseres kan leiden.

### 3.3. nopens de kosten

Verweerder wordt in het ongelijk gesteld. Overeenkomstig artikel 1017, 1e lid Ger.W. dient hij de gerechtskosten te dragen.

De gerechtskosten belopen in hoofde van eisende partij de kosten van verzetsakte ten bedrage van … EUR.

### Dispositif

**OM DEZE REDENEN,**

**De Rechtbank,**

Wijzende in eerste aanleg en op tegenspraak.

Alle verdere middelen van partijen verwerpende als niet terzake dienend.

Verklaart het verzet ontvankelijk en gegrond.

Zegt voor recht dat het dwangbevel de dato 24 september 2003 geen voorwerp heeft.

Veroordeelt verweerder tot de gedingkosten aan zijn zijde niet te begroten aangezien ze hem ten laste blijven en aan de zijde van eisende partij begroot op … EUR kosten der verzetsakte.

Aldus gewezen en uitgesproken in openbare terechtzitting in het gerechtshof te Brugge op **woensdag drieëntwintig juni tweeduizend en tien**.

Aanwezig zijn :

**H. A.**, alleenrechtsprekend rechter;

**H. N.**, gedelegeerd-griffier.

**N. H.** **A. H.**
