---
title: "c02ec123 · 3 octobre 2006 · Poursuite, instance · Cour d&#x27;appel d&#x27;Anvers"
description: "Poursuite, instance, droits et privilèges du Trésor, champ d'application, livraison de biens. Cour d'appel d'Anvers (Belgique), 3 octobre 2006."
url: "https://juriel.be/fr/jurisprudence/poursuite-instance-droits-privileges-tresor-cour-appel-anvers-2006-10-03-c02e"
lang: "fr"
---

Texte en néerlandais

# Poursuite, instance, droits et privilèges du Trésor, champ d'application · Taxe sur la valeur ajoutée

**Juridiction**

Cour d'appel

**Siège**

Anvers

**Date**

3 octobre 2006

## Sur le document

**Collection**

Jurisprudence belge

**Langue du texte**

néerlandais

**Version française**

non publiée par le SPF

Le texte de ce document est en néerlandais. Le SPF n'en publie pas de version française.

## Texte

101 paragraphes

### Fiche du SPF Finances

Arrêt de la Cour d'Appel d'Anvers du 03.10.2006

Résumé non fourni

**Texte de l’arrêt**

### Corps de la décision

***Le texte est publié uniquement dans la langue originale***

**Het HOF VAN BEROEP, zitting houdend te ANTWERPEN, 68bis KAMER, recht doende in burgerlijke zaken, heeft volgend arrest gewezen :**

Zitting van **3/10/2006**

Rep. : **2006/6369**

Inzake : **2006/AR/1773**

BVBA **F.-S.**, met maatschappelijke zetel gevestigd te …-…, … en ingeschreven in de kruispuntbank der ondernemingen onder nr. …;

**appellante,**

thans verzoekster op verzoekschrift overeenkomstig [artikel 92 van het BTW-wetboek](https://juriel.be/fr/codes/tva/article-92)

tegen een vonnis gewezen door de 1 e F kamer van de rechtbank van eerste aanleg te Antwerpen d.d. 1 februari 2006, aldaar gekend onder nr. A.R. …;

vertegenwoordigd door Mr. **J. D. W.** loco Mr. **E. J.**, advocaat, kantoorhoudende te …, … en tevens door Mr. **F. H.** loco Mr. **B. V.**, advocaat, kantoorhoudende te …, …;

---

Gelet op de door de wet vereiste processtukken in behoorlijke vorm overgelegd waaronder een eensluidend afschrift van het vonnis van de rechtbank van eerste aanleg te Antwerpen van 1 februari 2006 alsmede het verzoekschrift neergelegd ter griffie van het Hof van beroep te Antwerpen op 13 juni 2006, waarbij hoger beroep wordt ingesteld.

Gelet op het verzoekschrift overeenkomstig [artikel 92 van het BTW­wetboek](https://juriel.be/fr/codes/tva/article-92) neergelegd ter griffie van het Hof op 20 juli 2006.

## 1. Voorafgaande feiten en procedure

**1.1.**

Op 18 maart 2002 wordt er bij de BVBA **F.-S.** een controle uitgevoerd met betrekking tot de toepassing van de wetgeving en reglementering inzake de belasting over de toegevoegde waarde.

Tijdens deze controle worden een aantal inbreuken vastgesteld, met name :

\- overtredingen van de factureringsplicht ([artikel 53 van het BTW­wetboek](https://juriel.be/fr/codes/tva/article-53)),

\- inbreuken op de aftrekregeling ten aanzien van de verplichting in het bezit te zijn van een regelmatig stuk, factuur, wachtdocument of invoerdocument (toepassing van [artikel 45, § 1 van het BTW­wetboek](https://juriel.be/fr/codes/tva/article-45) en artikel 3 van het Koninklijk Besluit nummer 3 van 10 december 1969),

\- inbreuken op de aftrekregeling ten aanzien van leveringen en intracommunautaire verwervingen van tabaksfabrikaten, geestrijke dranken en ten aanzien van kosten van logies, spijzen en dranken en van kosten van onthaal (toepassing van [artikel 45, § 3 van het BTW-wetboek](https://juriel.be/fr/codes/tva/article-45)),

\- inbreuken op [artikel 12, § 1, eerste lid, 1° en 2° van het BTW-wetboek](https://juriel.be/fr/codes/tva/article-12) betreffende de onttrekking door een belastingplichtige aan zijn bedrijf van een roerend goed voor privédoeleinden of om het om niet te verstrekken,

\- inbreuken op artikel 53, eerste lid, 3° en 4° en artikel 53octies, § 1, 5° lid van het BTW-wetboek en artikel 18 van het Koninklijk Besluit nummer 1 van 29 december 1992, in verband met de aangegeven omzet, die worden opgenomen in het proces-verbaal van 9 september 2002, volgens hetwelk de BVBA **F.-S.** aan de administratie van de BTW verschuldigd zijn :

\- € … als belasting over de toegevoegde waarde,

\- € … als verminderde boete krachtens [artikel 70, § 1 BTW-wetboek](https://juriel.be/fr/codes/tva/article-70),

\- € … als boeten krachtens [artikel 70, § 2 BTW-wetboek](https://juriel.be/fr/codes/tva/article-70),

\- de op grond van [artikel 91, § 1 van het BTW-wetboek](https://juriel.be/fr/codes/tva/article-91) verschuldigde intresten over € … vanaf 21 januari 2001.

**1.2.**

Op 3 december 2002 wordt een dwangbevel uitgevaardigd, dat wordt geviseerd en uitvoerbaar verklaard op 9 december 2002 en dat bij aangetekend schrijven van 12 december 2002 wordt ter kennis gebracht van de BVBA **F.-S.**, waarbij betaling wordt gevorderd van :

\- € … als belasting over de toegevoegde waarde,

\- € … als geldboete ingevolge [artikel 70, § 1 en § 2 van het BTW-wetboek](https://juriel.be/fr/codes/tva/article-70),

\- € … intresten berekend tot 20 december 2002.

**1.3.**

Bij verzoekschrift neergelegd ter griffie van de rechtbank van eerste aanleg te Antwerpen op 3 maart 2004, tekent de BVBA **F.­S.** verzet aan tegen het dwangbevel.

De vordering, zoals nader gespecificeerd in conclusies, strekt ertoe :

\- in hoofdorde het dwangbevel van nul en generlei waarde te verklaren wat de opgelegde proportionele boete betreft, dienvolgens de BVBA **F.-S.** te ontslaan van alle in dit dwangbevel van haar gevorderde proportionele boetes, de Belgische Staat te veroordelen tot integrale terugbetaling van alle bedragen welke ten onrechte werden betaald of ingehouden en toegerekend werden op de sommen vermeld in het dwangbevel, waarvan de vernietiging wordt gevorderd, en dit met vermeerdering van de moratoire intresten overeenkomstig [artikel 91 van het BTW-wetboek](https://juriel.be/fr/codes/tva/article-91),

\- in ondergeschikte orde toepassing te maken van de bepalingen van het Koninklijk Besluit nummer 43 en de opgelegde administratieve boete te herleiden tot 60 %,

\- in nog meer ondergeschikte orde de boete te herleiden tot 10 % op grond van de manifeste goede trouw van de BVBA **F­S.**,

\- de Belgische Staat te veroordelen tot de kosten van het geding

**1.4.**

Bij vonnis van de rechtbank van eerste aanleg te Antwerpen van 1 februari 2006 wordt de vordering van de BVBA **F.-S.** toelaatbaar doch ongegrond verklaard en wordt zij veroordeeld tot de kosten van het geding.

**1.5.**

Bij verzoekschrift, neergelegd ter griffie van het Hof op 13 juni 2006, heeft de BVBA **F.-S.** hoger beroep aangetekend tegen voormeld vonnis teneinde het vonnis teniet te doen; de vordering toelaatbaar en gegrond te verklaren; de Belgische Staat te veroordelen tot integrale terugbetaling van alle bedragen dewelke ten onrechte werden betaald of ingehouden en toegerekend op de sommen vermeld in het dwangbevel met vermeerdering van de moratoire intresten, de gerechtelijke intresten en de kosten; vooraleer verder recht te doen een prejudiciële vraag te stellen naar het gelijkheidsbeginsel van de rechtsonderhorigen van de categorie van appellante in België en de overige Europese lidstaten; een prejudiciële vraag te stellen naar de grondwettelijkheid en de wettelijkheid van de opgelegde facturatieplicht en de daaruit voortvloeiende sancties; te zeggen voor recht dat intresten voor dewelke een geheel jaar verschuldigd zijn op hun beurt intresten opbrengen en dit bij toepassing van artikel 1154 van het Burgerlijk Wetboek, minstens bij analogie in artikel 1382 van het Burgerlijk Wetboek en geïntimeerde in betaling ervan te veroordelen; vooraleer verder recht te doen appellante toe te laten tot het bewijs met getuigen van bepaalde feiten; te zeggen voor recht dat het dwangbevel van nul en generlei waarde is wat de opgelegde proportionele boete betreft wegens buitensporigheid; te zeggen voor recht dat in toepassing van het Koninklijk Besluit nummer 43 de administratieve boete herleid wordt tot 60 % en deze als dusdanig te herleiden; op grond van de goede trouw van appellante de boete te herleiden tot 10 %.

**1.6.**

Bij aangetekend schrijven van 5 juli 2006 verzoekt de rekenplichtige van het tweede BTW-ontvangkantoor te Antwerpen dat de gevorderde bedragen in consignatie gegeven worden bij de Deposito- en Consignatiekas volgens [artikel 92 van het BTW-wetboek](https://juriel.be/fr/codes/tva/article-92), wegens volgen de redenen :

\- het verzoekschrift in hoger beroep verschilt niet wezenlijk van het oorspronkelijk verzoekschrift in eerste aanleg en kan gezien worden als dilatoir,

\- de activa, gebouwen en rollend materiaal, waarmede de BVBA **F.-S.** als belastingplichtige haar activiteiten uitoefent zijn opgenomen in een andere vennootschap, de BVBA **S.** met identiek adres en dezelfde zaakvoerder waardoor aan de solvabiliteit van de schuldenaar van de sommen kan getwijfeld worden.

De gevorderde bedragen zijn :

BTW : € …

Boete : € …

Intresten (berekend tot 20/07/2006) : € …

Moratoire intresten (berekend tot 20/07/2006) : € …

Kosten : € …

Totaal : € …

De ingehouden bedragen zijn reeds in mindering gebracht.

**1.7.**

Op 20 juli 2006 legt de BVBA **F.-S.** een verzoekschrift overeenkomstig [artikel 92 van het BTW-wetboek](https://juriel.be/fr/codes/tva/article-92) neer ertoe strekkende de prejudiciële vraag te stellen aan het Arbitragehof of [artikel 92, lid 2 van het BTW-wetboek](https://juriel.be/fr/codes/tva/article-92) niet strijdig is met de artikelen 10-11 van de Grondwet nu genoemd artikel een discriminatie inhoudt tussen enerzijds belastingplichtigen die de financiële middelen hebben om de consignatie te voldoen en zij die deze middelen niet hebben; het verzoek tot consignatie ongegrond te verklaren.

## 2. In rechte

**2.1.**

[Artikel 92 van het BTW-wetboek](https://juriel.be/fr/codes/tva/article-92) bepaalt :

> *"In geval van beroep tegen het vonnis dat de door de schuldenaar ingestelde eis heeft verworpen, kan de ontvanger van de belasting op de toegevoegde waarde, gelet op de concrete gegevens van he dossier, met inbegrip van de financiële toestand van de schuldenaar deze laatste kennisgeven bij een ter post aangetekende brief van een verzoek tot het in consignatie geven van het geheel of een gedeelte van de verschuldigde bedragen. Aan de schuldenaar kan worden toegestaan dat die consignatie wordt vervangen door een zakelijke of persoonlijke zekerheid die wordt aangenomen door de administratie bevoegd voor de belasting over de toegevoegde waarde.*
>
> *De gevorderde bedragen dienen in consignatie te worden gegeven of de zekerheid dient te worden gevestigd binnen twee maanden vanaf de kennisgeving.*
>
> *Bij gebreke van het in consignatie geven van de bedragen of het vestigen van de zekerheid binnen de bepaalde termijn, dient de rechtsinstantie waarbij de voorziening aanhangig is gemaakt, binnen drie maanden te rekenen vanaf het verstrijken van die termijn, de voorziening niet-ontvankelijk te verklaren, tenzij zij, op grond van een met redenen omkleed verzoekschrift ingediend door de schuldenaar binnen twee maanden vanaf de kennisgeving bedoeld in het eerste lid, besluit, binnen dezelfde termijn van drie maanden, dat het door de met de invordering belaste ambtenaar gedane verzoek niet gegrond is."*

**2.2.**

Te dezen heeft de rechtbank van eerste aanleg bij vonnis van 1 februari 2006 het door de BVBA **F.-S.** aangetekende verzet tegen het dwangbevel van 3 december 2002 ongegrond verklaard.

De BVBA **F.-S.** heeft bij verzoekschrift neergelegd op 13 juni 2006 hoger beroep aangetekend tegen dit vonnis.

Bij aangetekend schrijven van 5 juli 2006 heeft de bevoegde ontvanger de BVBA **F.-S.** verzocht over te gaan tot consignatie van de gevorderde bedragen.

Bij verzoekschrift van 20 juli 2006 vordert de BVBA **F.-S.** het verzoek tot consignatie ongegrond te verklaren.

De vordering is tijdig - binnen twee maanden vanaf de kennisgeving van het verzoek tot consignatie - en ontvankelijk.

**2.3.**

Volgens de BVBA **F.-S.** voert [artikel 92 van het BTW-wetboek](https://juriel.be/fr/codes/tva/article-92) een discriminatie in tussen enerzijds belastingschuldigen die de financiële middelen hebben om het gevraagde bedrag te consigneren en anderzijds belastingschuldigen die deze middelen niet hebben.

De ratio legis van de bepaling van [artikel 92 van het BTW-wetboek](https://juriel.be/fr/codes/tva/article-92) is het vermijden van dilatoire hogere beroepen en het vrijwaren van de rechten van de schatkist.

Belastingschuldigen die het gevraagde bedrag niet kunnen consigneren kunnen voorstellen een persoonlijke of zakelijke zekerheid te stellen, die door de administratie wordt aangenomen.

Er wordt geen discriminatie in het leven geroepen tussen verschillende soorten belastingplichtigen.

**2.4.**

**2.4.1.**

[Artikel 92 van het BTW-wetboek](https://juriel.be/fr/codes/tva/article-92) kent aan de bevoegde ambtenaar geen gebonden, maar een discretionaire bevoegdheid toe.

De ambtenaar kan een verzoek doen tot het in consignatie geven van het geheel of een gedeelte van de verschuldigde bedragen, gelet op de concrete gegevens van het dossier, met inbegrip van de financiële toestand van de schuldenaar.

Het Hof kan de opportuniteit van het verzoek beoordelen, doch slechts marginaal. De rechter zal beoordelen of de ontvanger op zicht van de concrete gegevens in redelijkheid kon besluiten tot de noodzaak van een consignatie.

**2.4.2.**

Te dezen voert de ontvanger aan dat het verzoekschrift in hoger beroep niet wezenlijk verschilt van het oorspronkelijk verzoekschrift in eerste aanleg en kan gezien worden als dilatoir.

Wat de inhoud van enerzijds het inleidend verzoekschrift van 3 maart 2004 en anderzijds het verzoekschrift tot hoger beroep van 13 juni 2006 betreft, stelt het Hof prima facie vast dat het laatste ver­ zoekschrift een aantal andere argumenten bevat.

Of er al dan niet sprake is van een dilatoir hoger beroep, dient beoordeeld te worden bij de behandeling ten gronde.

**2.4.3.**

De ontvanger stelt tevens dat de activa, gebouwen en rollend materiaal, waarmee de BVBA **F.-S.** als belastingplichtige haar activiteiten uitoefent opgenomen zijn in een andere vennootschap. de BVBA **S.** met identiek adres en dezelfde zaakvoerder. waardoor kan getwijfeld worden aan de solvabiliteit van de schuldenaar van de sommen.

De BVBA **F.-S.** betwist niet dat de activa, gebouwen en rollend materiaal waarmee zij haar activiteiten uitoefent niet haar eigendom zijn, doch wel van voormelde BVBA **S.**, van wie zij dit alles zou huren.

Uit de door de BVBA **F.-S.** zelf bijgebrachte stukken blijkt dat zij werd opgeroepen om te verschijnen voor de Depistagedienst Zij stelt dat deze dienst het dossier voorlopig zou geklasseerd hebben, doch hiervan ligt geen bewijs voor.

Zij brengt evenmin andere stukken bij om haar solvabiliteit aan te tonen.

**2.5.**

Het Hof is van oordeel dat de ontvanger op zicht van de concrete gegevens in redelijkheid kon besluiten tot de noodzaak van een consignatie en besluit derhalve tot de ongegrondheid van de vordering

De BVBA **F.-S.** dient veroordeeld te worden tot de kosten van onderhavige procedure.

### Dispositif

## OM DIE REDENEN

**HET HOF**, na behandeling in raadkamer,

Recht doende op het verzoekschrift overeenkomstig [artikel 92 van het BTW-wetboek](https://juriel.be/fr/codes/tva/article-92);

Gelet op artikel 24 van de wet van 15 juni 1935;

Verklaart de vordering ontvankelijk doch ongegrond en veroordeelt de BVBA **F.-S.** tot de kosten van deze procedure.

Aldus gedaan en uitgesproken in raadkamer van de **6****e** **bis kamer** van het Hof van beroep te Antwerpen op **DRIE OKTOBER TWEEDUIZEND EN ZES**, waar aanwezig waren :

**D. W.**, alleenzetelend raadsheer

**G. V.**, griffier

**G. V.** **D. W.**

## Textes cités

6

[CTVA art. 92](https://juriel.be/fr/codes/tva/article-92) 10 occurrences

[CTVA art. 70](https://juriel.be/fr/codes/tva/article-70) 3 occurrences

[CTVA art. 45](https://juriel.be/fr/codes/tva/article-45) 2 occurrences

[CTVA art. 91](https://juriel.be/fr/codes/tva/article-91) 2 occurrences

[CTVA art. 12](https://juriel.be/fr/codes/tva/article-12) 1 occurrence

[CTVA art. 53](https://juriel.be/fr/codes/tva/article-53) 1 occurrence

## Décisions similaires

8

[Droit à déduction, Refus de production de documents comptables](https://juriel.be/fr/jurisprudence/droit-deduction-refus-production-documents-tribunal-luxembourg-2024-12-18-d9e3) 5 dispositions communes

[Droit de déduction, Révision du droit à déduction](https://juriel.be/fr/jurisprudence/droit-deduction-revision-biens-investissement-cour-appel-anvers-2026-02-17-4725) 4 dispositions communes

[Constitution d’un droit d’emphytéose, Droit à déduction](https://juriel.be/fr/jurisprudence/constitution-droit-emphyteose-deduction-revision-cour-appel-anvers-2019-06-04-4949) 4 dispositions communes

[Obligations de l’assujetti, Dépôt de déclarations périodiques](https://juriel.be/fr/jurisprudence/obligations-assujetti-depot-declarations-periodiques-tribunal-2024-06-10-7a5c) 4 dispositions communes

[Droit de déduction, Charge de la preuve](https://juriel.be/fr/jurisprudence/droit-deduction-charge-preuve-facture-tribunal-gand-2026-01-28-92d8) 4 dispositions communes

[Indices de fraude, Relevé de régularisation, Procès-verbal](https://juriel.be/fr/jurisprudence/indices-fraude-releve-regularisation-proces-tribunal-nivelles-2024-01-08-9601) 4 dispositions communes

[Nullité du procès-verbal, Droit à déduction, Fraude](https://juriel.be/fr/jurisprudence/nullite-proces-verbal-droit-deduction-cour-appel-gand-2024-03-05-cbc5) 4 dispositions communes

[Droit à déduction, Conditions d’exercice, Charge de la preuve](https://juriel.be/fr/jurisprudence/droit-deduction-conditions-exercice-charge-cour-appel-bruxelles-2016-04-28-3a19) 4 dispositions communes
