---
title: "Livraison exemptée en vertu des conditions de l’article 39bis du Code · Cour d&#x27;appel de Gand, 16 janvier 2018"
description: "Livraison exemptée en vertu des conditions de l’article 39bis du Code de la TVA, Preuve de l’exemption. Cour d'appel de Gand (Belgique), 16 janvier 2018."
url: "https://juriel.be/fr/jurisprudence/livraison-exemptee-vertu-conditions-article-cour-appel-gand-2018-01-16-76a7"
lang: "fr"
---

Texte en néerlandais

# Livraison exemptée en vertu des conditions de l’article 39bis du Code

**Juridiction**

Cour d'appel

**Siège**

Gand

**Date**

16 janvier 2018

## Sur le document

**Collection**

Jurisprudence belge

**Langue du texte**

néerlandais

**Version française**

non publiée par le SPF

**Sens lu par le SPF**

favorable à l'État belge

Le texte de ce document est en néerlandais. Le SPF n'en publie pas de version française.

## Texte

70 paragraphes

### Fiche du SPF Finances

Arrêt de la Cour d’appel de Gand du 16.01.2018

WF 708-15-15/017805

\[Favorable à l’administration\]

*Taxe sur la valeur ajoutée – Livraison exemptée en vertu des conditions de l’*[*article 39bis du Code de la TVA*](https://juriel.be/fr/codes/tva/article-39bis) *– Preuve de l’exemption*

## Dispositions légales

[Article 39bis, paragraphe 1er, du Code de la TVA](https://juriel.be/fr/codes/tva/article-39bis)

[Article 3, paragraphe 1er, de l’arrêté royal n° 52](https://juriel.be/fr/codes/tva/arretes-royaux/ar-52-exemptions-operations-intracommunautaires-assimilees-c238#ar52-art3) du 29 décembre 1992

## Résumé

## 1. Faits de la cause et antécédents de la procédure

Le 31 décembre 2011, l’assujetti a vendu un véhicule d’occasion à des clients polonais en exemption de la taxe prévue à l’[article 39bis du Code de la TVA](https://juriel.be/fr/codes/tva/article-39bis). L’administration, considérant que la taxe est due sur la vente en question du véhicule, a décerné une contrainte reprenant le montant de la TVA à recouvrer.

L’administration estimait que l’assujetti ne démontrait pas que le véhicule vendu avait été transporté en dehors de la Belgique à destination d’un autre pays de la Communauté.

En première instance, l’assujetti avait demandé à titre principal la suspension de l’instance en cette affaire jusqu’à la clôture de la procédure pénale engagée suite à la plainte qu’il avait déposée. A titre subsidiaire, il avait soutenu l’annulation de la contrainte et avait demandé au juge de dire pour droit que l’opération n’était pas soumise à la TVA, dès lors qu’elle bénéficiait à son estime de l’exemption visée à l’[article 39bis, paragraphe 1er, du C.TVA](https://juriel.be/fr/codes/tva/article-39bis).

La demande a été déclarée non fondée.

## 2. Synthèse

L’appel formé par l’assujetti visait à entendre dire pour droit que l’opération n’est pas soumise à la taxe ou à tout le moins à condamner l’Etat belge à entendre, sur la base de la production de pièces relatives à d’autres dossiers de ventes intracommunautaires de véhicules automobiles destinés au transport de personnes dans lesquelles les polonais susmentionnés étaient parties, que ces derniers avaient agi tant en qualité d’acheteurs qu’en qualité de personnes ayant enlevé la voiture.

La cour considère qu’il appartient à l’appelante de démontrer que les conditions pour bénéficier de l’exemption sont réunies et plus particulièrement de prouver que le véhicule acheté avait été transporté de Belgique à destination d’un autre pays de la Communauté.

Il ne peut pas être déduit des pièces produites par l’assujetti (contrat de vente, facture, vérification du numéro de TVA, paiement) que l’exportation du véhicule a réellement été effectuée à l’intérieur de l’Union. Il ne peut être déduit sur la base des faits que les ressortissants polonais ayant enlevé le véhicule étaient venus eux-mêmes pour le récupérer. C’est seulement ce que l’appelante, elle-même, suppose.

C’est d’autant plus vrai que l’appelante pouvait déduire des circonstances que des irrégularités étaient possibles ou qu’une fraude était possible. A cet égard, on peut attendre de l’appelante qu’elle prenne toute mesure pouvant raisonnablement être requise dans son chef pour s’assurer que l’opération qu’elle effectue ne la conduit pas à participer à une fraude fiscale

Même s’il ressortait d’une instruction pénale plus approfondie que l’appelante aurait été victime d’escrocs (polonais), elle ne produit pas la preuve que le véhicule qu’elle a vendu a été transporté conformément aux prescriptions légales. Il ne peut par ailleurs pas être imposé à l’administration de produire des pièces relevant d’autres dossiers de fraude et de lui imposer la suspension de l’instance dans l’attente du traitement de l’affaire.

L’appel est déclaré non fondé.

## Position de la partie adverse

L’arrêt a été signifié pour exécution.

**Texte de l’arrêt**

***L’arrêt est publié uniquement dans la langue originale***

### Corps de la décision

**Arrest van het hof van beroep te Gent d.d. 16.01.2018 (2016/AR/1782)**

**In de zaak van:**

**V. B.V.B.A.,** met maatschappelijke zetel te …, …, KBO nr. … **appellante**, hebbende als raadsman mr. C. F., advocaat te …, …

**tegen**

**BELGISCHE STAAT/FEDERALE OVERHEIDSDIENST FINANCIËN**, Minister van Financiën, met kabinet te 1000 BRUSSEL, Wetstraat 12, vertegenwoordigd door KMO centrum Brugge, Team Rechtspersonen Brugge 1, met burelen te 8000 BRUGGE, G. Vincke Dujardinstraat 4, **geïntimeerde**, hebbende als raadsman mr. D. C., advocaat te …, …

**wijst het hof het volgend arrest:**

1\. Bij fiscaal verzoekschrift neergelegd ter griffie van de rechtbank van eerste aanleg West-Vlaanderen, afdeling Brugge, op 3.3.2015, bestreed de appellante het dwangbevel op haar naam (nr. …), uitgevaardigd te Brugge op 3.12.2014 door C. V., adjunct fiscaal deskundige bij het ontvangkantoor BTW Brugge, geviseerd en uitvoerbaar verklaard te Brugge door P. B., adviseur a.i., e.a. inspecteur a.i., op 3.12.2014.

In dit dwangbevel is opgenomen als schuld ten laste van de appellante: een bedrag van … EUR aan BTW+ een proportionele geldboete van … EUR + intresten [art. 91 § 1 BTW-wetboek](https://juriel.be/fr/codes/tva/article-91), te berekenen vanaf 21.1.2012 en te vermeerderen met de reeds verlopen intresten ten bedrage van … EUR, hetzij in totaal … EUR. Dit bedrag te vermeerderen met: de nalatigheidsintresten te berekenen op de verschuldigde BTW vanaf 21.12.2014 overeenkomstig artikel 91 § 1 W. BTW; desgevallend, de moratoire intresten te berekenen op alle nog verschuldigde sommen niet bedoeld onder vorig gedachtestreepje, die lopen vanaf de kennisgeving of betekening van het dwangbevel, overeenkomstig artikel 91 § 4 W. BTW; de vervolgingskosten, de gerechtskosten en de kosten verbonden aan hypothecaire inschrijvingen.

Voor de eerste rechter vorderde de appellante:

in hoofdorde: de verdere behandeling van de zaak te schorsen tot na afsluiting van het strafonderzoek, geopend na klacht door de appellante en gekend bij het parket van de Procureur des Konings te Brugge onder het notitienummer …;

Ondergeschikt: reeds de kennisgeving van het dwangbevel inzake BTW gekend onder artikel nr. … te vernietigen; te zeggen voor recht dat op de beschreven transactie geen BTW verschuldigd is vermits deze geniet van de vrijstelling van [artikel 39bis BTW-wetboek](https://juriel.be/fr/codes/tva/article-39bis).

Bij vonnis van 15.3.2016 van de rechtbank van eerste aanleg West-Vlaanderen, afdeling Brugge, vierde kamer, werd de vordering van de appellante ontvankelijk doch ongegrond verklaard en werd de appellante veroordeeld tot de gedingkosten.

Bij verzoekschrift neergelegd ter griffie van het hof van beroep te Gent op 11.10.2016 heeft de appellante hoger beroep ingesteld tegen het voormeld vonnis.

Het blijkt niet dat dit vonnis werd betekend of dat de appellante er in zou hebben berust. Het hoger beroep is tijdig en regelmatig.

Het hoger beroep strekt ertoe het bestreden vonnis te horen vernietigen; het bestreden dwangbevel te horen vernietigen en te horen zeggen voor recht dat op de beschreven transactie geen BTW verschuldigd is vermits deze onderworpen was aan de vrijstelling van [artikel 39bis WBTW](https://juriel.be/fr/codes/tva/article-39bis); minstens de geïntimeerde zich te horen veroordelen tot het overleggen van alle dienstige stukken, met name andere dossiers van intracommunautaire verkoop van personenwagens waarin de voornoemde Polen betrokken waren, zowel koper als ophaler van de wagen.

De geïntimeerde van zijn kant streeft de bevestiging van het bestreden vonnis na.

2\. De in het voormeld dwangbevel gevorderde BTW is de BTW volgens de geïntimeerde verschuldigd op de verkoop op 31.12.2011 door de appellante van een tweedehands voertuig Mercedes C63 AMG voor een bedrag van … EUR aan een Poolse afnemer. Dit voertuig werd door de appellante verkocht onder de vrijstellingsregeling voorzien bij [artikel 39bis, eerste lid, 1° BTW-wetboek](https://juriel.be/fr/codes/tva/article-39bis) (intracommunautaire levering).

De geïntimeerde heeft zich op het standpunt gesteld dat de appellante de echtheid van de verzending of vervoer buiten België niet bewees, en dat de appellante gehouden was tot betaling van de BTW op de verkoop van het voormeld voertuig.

Het behoort de appellante, die zich op de vrijstelling voorzien bij [artikel 39bis, eerste lid, 1° BTW-wetboek](https://juriel.be/fr/codes/tva/article-39bis) beroept, aan te tonen dat de voorwaarden voor toepassing van die vrijstellingsregeling zijn vervuld, en meer bepaald aan te tonen dat het verkochte voertuig uit België werd uitgevoerd naar een land van de Gemeenschap.

De appellante kan dit bewijs leveren zowel aan de hand van de documenten vermeld in [artikel 3 eerste lid van het KB nr. 52](https://juriel.be/fr/codes/tva/arretes-royaux/ar-52-exemptions-operations-intracommunautaires-assimilees-c238#ar52-art3) (met betrekking tot de vrijstellingen betreffende de intracommunautaire leveringen van goederen en de ermee gelijkgestelde handelingen alsook betreffende intracommunautaire verwervingen van goederen, op het stuk van de belasting over de toegevoegde waarde), nl. contracten, bestelbons, vervoersdocumenten en de betalingsstukken, als aan de hand van andere documenten, of ook nog andere fiscaal toegelaten bewijsmiddelen (zoals bvb. vermoedens).

Uit de door de appellante voorgelegde stukken en gegevens (verkoopovereenkomst, factuur, nazicht BTW-nummer, betaling, kopie identiteitskaart ophaler, het afhalen van het voertuig door een andere) is, gelet op de hoger aangehaalde omstandigheden, zeker het bewijs niet af te leiden dat uitvoer binnen de Unie daadwerkelijk gebeurde. Op grond van het feit dat de Poolse ophaler het voertuig komt ophalen kan niet zo maar afgeleid worden dat het zou uitgevoerd worden binnen de Unie. Dit is maar wat de appellante zelf veronderstelt.

Dit is des te meer zo nu de appellante uit de omstandigheden kon afleiden dat er mogelijks onregelmatigheden waren of fraude was.

In dit verband mag van de appellante verwacht worden dat zij alles doet wat redelijkerwijs van haar kan worden verlangd om te zorgen dat zij door de handeling die zij verricht, niet betrokken raakt bij belastingfraude (vergelijk bvb. met HvJ, [C-101/16](https://juriel.be/fr/jurisprudence-union/c-101-16-arret), 19.10.2017, inzake **SC** P. C. SRL tegen D. R. . F. P. C.-N., A. J. . F.r P. B.-N., cijfer 52, vindplaats http://curia.europa.eu).

Te dezen moet toch worden opgemerkt:

 dat de Poolse koper in kwestie, zekere Z. M., niet blijkt een gebruikelijke handelsrelatie te zijn van de appellante;

 dat die koper zich aanbiedt bij de appellante en voor het voertuig in kwestie een bedrag van … EUR cash (dit gebeurde met twee maal … EUR volgens het proces-verbaal dd. 18.11.2014) wil betalen, wat een ongebruikelijke wijze van betaling is voor dergelijke hoge bedragen (… EUR x 2);

 dat die koper Z. M. de onderhandse verkoopovereenkomst dd. 31.12.2011 ondertekent met de naam *"****D.****";* de appellante geeft hiervoor geen uitleg;

 dat het een andere persoon is, volgens fotocopie van diens identiteitskaart zekere S., die het voertuig komt ophalen;

 zo de factuur vermeldt dat het voertuig bestemd is *"voor export en doorverkoop"* wordt nergens vermeld naar welk land zou uitgevoerd worden voor doorverkoop.

Dit zijn toch aanwijzingen van onregelmatigheden of fraude, en zij dienen een bedachtzame marktdeelnemer ertoe aan te zetten nadere maatregelen te nemen alvorens het voertuig te verkopen met vrijstelling van BTW en het voertuig te leveren aan de ophaler ervan (vergelijk in zekere mate met bvb. HvJ, …, 18.5.2017, inzake L." UAB tegen V. m. i. p. L. R. f. m., in tegenwoordigheid van: K. a. v. m. i., cijfer 39, vindplaats http://curia.europa.eu).

Deze omstandigheden dienden de appellante tot grote voorzichtigheid aan te zetten, en meer bepaald eraan te doen twijfelen of het voertuig wel bestemd was voor export binnen de Unie, voorwaarde om de vrijstellingregeling te kunnen toepassen met de facto een vermindering van de totale prijs met … EUR BTW (21 %). Bij de afweging tussen het realiseren van winst op de verkoop tegenover het frauderisico, diende de appellante ervoor te kiezen om het frauderisico te vermijden.

Zo het nagaan van het bestaan en de geldigheid van het op de verkoopovereenkomst vermelde BTW-nummer van Z. M., evenals het nemen van een fotocopie van de identiteitskaart van de afhaler van het voertuig, stappen in de goede richting zijn, zijn deze nochtans ontoereikend om voldoende zekerheid te hebben dat het voertuig op de voorbeschreven wijze zou worden uitgevoerd.

Gelet op de voormelde omstandigheden kan zonder meer niet aanvaard worden dat de appellante te goeder trouw zou geweest zijn, in zoverre zou moeten aangenomen worden dat dit dan zou inhouden dat de bewijslast van de appellante wat de uitvoer betreft zou verlicht worden.

In de veronderstelling dat uit een grondiger strafonderzoek en uit stukken van de geïntimeerde uit andere fraudedossiers zou blijken dat de appellante slachtoffer werd van (Poolse) oplichters, dan neemt dit nog steeds niet weg dat de appellante niet het bewijs zal leveren dat het door haar verkochte voertuig op de voorbeschreven wijze werd uitgevoerd.

Het is dan ook niet dienend aan de geïntimeerde te bevelen stukken uit andere fraudedossiers voor te leggen en in afwachting de behandeling van de zaak te schorsen.

### Dispositif

## OP DEZE GRONDEN

**HET HOF, rechtdoende op tegenspraak,**

Gelet op artikel 24 van de wet van 15 juni 1935 op het gebruik der talen in gerechtszaken;

Ontvangt het hoger beroep doch verklaart het ongegrond; Bevestigt het bestreden vonnis;

Veroordeelt de appellante tot de kosten van het hoger beroep, en begroot deze kosten in hun geheel als volgt:

aan de zijde van de appellante: op … EUR rechtsplegingsvergoeding hoger beroep;

aan de zijde van de geïntimeerde: op … EUR rechtsplegingsvergoeding hoger beroep;

Aldus gewezen en uitgesproken in openbare terechtzitting van het Hof van beroep te Gent,

VIJFDE KAMER, zitting houdende in fiscale zaken, van 16 januari 2018.

Aanwezig:

Ondertekeningen

## Textes cités

4

[CTVA art. 39bis](https://juriel.be/fr/codes/tva/article-39bis) 9 occurrences

[AR no 52 art. 3](https://juriel.be/fr/codes/tva/arretes-royaux/ar-52-exemptions-operations-intracommunautaires-assimilees-c238) 3 occurrences

[CTVA art. 91](https://juriel.be/fr/codes/tva/article-91) 1 occurrence

[C-101/16, arrêt du 19 octobre 2017](https://juriel.be/fr/jurisprudence-union/c-101-16-arret) 1 occurrence

## Décisions similaires

8

[Siège d'une activité économique, compétence pénale](https://juriel.be/fr/jurisprudence/siege-activite-economique-competence-penale-cour-appel-gand-2024-01-09-4bee) 2 dispositions communes

[Intracommunautair goederenverkeer, fraude, calcul du chiffre d’affaires](https://juriel.be/fr/jurisprudence/intracommunautair-goederenverkeer-fraude-calcul-chiffre-cour-appel-gand-2025-12-02-7f70) 2 dispositions communes

[Conditions de forme de la contrainte](https://juriel.be/fr/jurisprudence/conditions-forme-contrainte-autorite-chose-cour-appel-gand-2023-06-20-9f55) 2 dispositions communes

[Exportation, Voyageur, Exemption, exonération](https://juriel.be/fr/jurisprudence/exportation-voyageur-exemption-exoneration-tribunal-bruxelles-2023-12-07-a09a) 2 dispositions communes

[Commissionnaire en douane, Société de droit français, Importation/Transfert](https://juriel.be/fr/jurisprudence/commissionnaire-douane-societe-droit-francais-cour-appel-bruxelles-2026-03-24-d88c) 2 dispositions communes

[Commissionnaire en douane, Importation/Transfert](https://juriel.be/fr/jurisprudence/commissionnaire-douane-importation-transfert-exoneration-cour-appel-bruxelles-2026-03-24-e836) 2 dispositions communes

[Commissionnaire en douane, Représentant, Importation, Transfert intracommunautaire](https://juriel.be/fr/jurisprudence/commissionnaire-douane-representant-importation-transfert-cour-appel-bruxelles-2026-03-24-e9a9) 2 dispositions communes

[Exonération, exportation, importation, opération intracommunautaire](https://juriel.be/fr/jurisprudence/exoneration-exportation-importation-operation-intracommunautaire-cour-appel-gand-2010-04-20-0ba6) 2 dispositions communes
