---
title: "28 mars 2013 · Exonération, exportation · Tribunal de première instance de Hasselt"
description: "Exonération, exportation, opération intracommunautaire, poursuite, instance. Tribunal de première instance de Hasselt (Belgique), 28 mars 2013."
url: "https://juriel.be/fr/jurisprudence/exoneration-exportation-operation-intracommunautaire-poursuite-tribunal-hasselt-2013-03-28-0e19"
lang: "fr"
---

Texte en néerlandais

# Exonération, exportation, opération intracommunautaire, poursuite, instance · Taxe sur la valeur ajoutée

**Juridiction**

Tribunal de première instance

**Siège**

Hasselt

**Date**

28 mars 2013

## Sur le document

**Collection**

Jurisprudence belge

**Langue du texte**

néerlandais

**Version française**

non publiée par le SPF

Le texte de ce document est en néerlandais. Le SPF n'en publie pas de version française.

## Texte

41 paragraphes

### Fiche du SPF Finances

Jugement du Tribunal de première instance de Hasselt du 28.03.2013

Résumé non fourni

**Texte du jugement**

### Corps de la décision

***Le texte est publié uniquement dans la langue originale***

**DE BURGERLIJKE RECHTBANK VAN EERSTE AANLEG, ZITTING HOUDENDE TE HASSELT, ELFDE KAMER, HEEFT HET VOLGENDE VONNIS UITGESPROKEN :**

**Inzake AR nr. 12-21-A**

BVBA **L.**, met maatschappelijke zetel te …, … met ondernemingsnummer ….

Eiseres, vertegenwoordigd door mr. **K. H.**, advocaat te …, …

tegen :

**DE BELGISCHE STAAT**, FEDERALE OVERHEIDSDIENST FINANCIËN, Administratie van de BTW, registratie en domeinen in de persoon van de heer Minister van Financiën, wiens kabinet gevestigd is te 1000 Brussel, Wetstraat 12 en de e.a. inspecteur van het BTW-controlekantoor te Leopoldsburg, vertegenwoordigd door

de gewestelijke Directeur van de BTW-directie te Hasselt, waarvan de kantoren gevestigd zijn te 3500 Hasselt, Voorstraat 43 bus 40.

Verweerder, vertegenwoordigd door zijn gevolmachtigde, de heer **E. V.**.

**VOLGT HET VONNIS :**

Gelet op :

\- het verzoekschrift op tegenspraak, neergelegd ter griffie van deze rechtbank op 26.12.2011;

\- de conclusies, syntheseconclusies en stukken van verweerder;

\- de conclusie, syntheseconslusie en stukken van eiseres.

## I. FEITEN EN VOORGAANDEN :

Eiseres is sedert 01.10,1999 geregistreerd als BTW-belastingplichtige onder BTW­nummer … met als economische activiteit van groothandelaar in uurwerken en sieraden en zodoende onderworpen aan de BTW-wetgeving en aan de ter uitvoering ervan getroffen besluiten.

Bij aangetekend schrijven van 21.09.2010 verzond de e.a. inspecteur van het BTW­controlekantoor te … aan eiseres een proces-verbaal van vermoedens van 21.09.2010 (zie stuk 1, bundel verweerder).

Bij aangetekende brief van 27.09.2010 werd door de e.a. inspecteur van het tweede BTW-ontvangkantoor te Hasselt kennisgeving gedaan aan de e.a. inspecteur van het BTW-controlekantoor te Leopoldsburg van een akte van inhouding (zie stuk 2, bundel verweerder).

Diezelfde dag deelde de e.a. inspecteur van het tweede BTW-ontvangkantoor te Hasselt bij aangetekend schrijven aan eiseres mee dat ten laste van haar een inhouding ten bedrage van … euro werd verricht (zie stuk 3, bundel verweerder).

Bij aangetekend schrijven van 29.09.2010 deed de e.a. inspecteur van het BTW­controlekantoor te Leopoldsburg een verklaring van derde beslagene (zie stuk 4, bundel verweerder).

Het bericht van beslag werd ontvangen op de rechtbank van koophandel te Hasselt op 08.10.2010 (zie stuk 5, bundel verweerder).

Bij verzoekschrift op tegenspraak, neergelegd ter griffie van deze rechtbank op 26.12.2011 verzoekt eiseres voor recht te zeggen dat zij de in het proces-verbaal, opgesteld op 21.09.2010 door mevrouw **G. D.**, adjunct-fiscaal deskundige bij de FOD Financiën, Administratie van de BTW, Registratie en Domeinen verbonden aan het BTW-controlekantoor te Leopoldsburg gevorderde sommen niet verschuldigd is en de terugbetaling te bevelen van het ingehouden BTW­tegoed ten bedrage van … euro te vermeerderen met de moratoire intresten overeenkomstig art. 91, § 3 W.BTW.

## II. BEOORDELING :

1\. Verweerder werpt vooreerst op dat enkel de beslagrechter bevoegd is om kennis te nemen van huidige vordering.

Verweerder besluit hiertoe stellende dat het proces-verbaal van 21.09.2010 slechts een proces-verbaal van vermoeden is waarbij ernstige vermoedens werden weergegeven die de belastingschuld helpen aantonen. In het proces-verbaal van 21.09.2010 wordt er geen enkele vordering lastens eiseres gesteld. Het proces-verbaal van 21.09.2010 beoogde enkel bewarende maatregelen te kunnen treffen nl. een inhouding die geldt als bewarend beslag onder derden in toepassing van art. 8 primo,§ 3, 5de lid van het· KB nr. 4 van 29.12.1969 met betrekking tot de teruggaven inzake BTW, zoals gewijzigd bij KB van 29.12.1992.

De effectieve vordering lastens eiseres werd gesteld op basis van het proces-verbaal van 26.08.2011 door middel van een dwangbevel van 15.12.2011. Bij verzoekschrift op tegenspraak, neergelegd ter griffie van de rechtbank van eerste aanleg te Brussel op 10.01.2012, werd door eiseres verzet aangetekend tegen dit dwangbevel.

Krachtens art. 1420 Ger. W. kan de belastingplichtige enkel verzet doen bij de beslagrechter tegen de inhouding bedoeld in het vierde en vijfde lid van art. 8 primo, § 3 van het KB nr. 4 van 29.12.1969 m.b.t. de teruggaven inzake BTW.

2\. Eiseres is van oordeel dat het geschil in kwestie niet zozeer de rechtmatigheid of de regelmatigheid van de inhouding die door de administratie werd verricht betreft, doch wel de betwisting van het proces-verbaal waarop deze inhouding is gesteund m.a.w. de vraag of eiseres terecht beroep kon doen op de vrijstelling van art. 39 § 1, 4° W.BTW bij de levering van horloges.

Het betreft derhalve een geschil betreffende de toepassing van een belastingwet waarbij krachtens art. 569 lid 1, 32° Ger.W. waarbij de rechtbank van eerste aanleg bevoegd is.

3\. De rechtbank stelt vast dat het hier een bevoegdheidsincident betreft in de zin van art. 88, § 2 Ger. W., dat voor beoordeling dient overgemaakt te worden aan de Voorzitter van deze rechtbank.

---

De voorschriften van de artikelen 2-30 tot 37 van de wet van 15 juni 1935 op het taalgebruik in gerechtszaken werden nageleefd.

### Dispositif

## OM DEZE REDENEN

**De rechtbank, rechtdoende op tegenspraak,**

Zegt voor recht dat het dossier in toepassing van art. 88, § 2 Ger. W. en met naleving van de in dit artikel voorgeschreven formaliteiten zal voorgelegd worden aan de Voorzitter van deze rechtbank ten einde te oordelen of de zaak anders moet worden toegewezen.

Aldus gevonnist en uitgesproken in openbare zitting van de elfde kamer, op het gerechtshof te Hasselt op **25 februari 2013**, alwaar aanwezig waren :

Mevrouw **M. C.**, enige rechter, en

Mevrouw **L. G.**, griffier.

**M. C.** **L. G.**
