---
title: "21 mai 2012 · Droit à déduction de l’impôt, paiement de l&#x27;impôt · Tribunal de première instance de Bruges"
description: "Droit à déduction de l’impôt, paiement de l'impôt. Tribunal de première instance de Bruges (Belgique), 21 mai 2012."
url: "https://juriel.be/fr/jurisprudence/droit-deduction-impot-paiement-tribunal-bruges-2012-05-21-4fc9"
lang: "fr"
---

Texte en néerlandais

# Droit à déduction de l’impôt, paiement de l'impôt · Taxe sur la valeur ajoutée

**Juridiction**

Tribunal de première instance

**Siège**

Bruges

**Date**

21 mai 2012

## Sur le document

**Collection**

Jurisprudence belge

**Langue du texte**

néerlandais

**Version française**

non publiée par le SPF

Le texte de ce document est en néerlandais. Le SPF n'en publie pas de version française.

## Texte

66 paragraphes

### Fiche du SPF Finances

Jugement du Tribunal de première instance de Bruges du 21.05.2012

Résumé non fourni

**Texte du jugement**

### Corps de la décision

***Le texte est publié uniquement dans la langue originale***

**De Rechtbank van eerste aanleg te Brugge, VIERDE KAMER, heeft het hiernavolgend vonnis verleend :**

In de zaak **11/1099/A** Rep. Nr. 2012/5924

1\. VOF **S.**, met zetel te …, … en met ondernemingsnummer …

2\. **D. M. L.**, wonende te …, …

3\. **V. R.**,·wonende te …, …

**eisers,**

voor wie optreedt Meester **B. V. D. A.**, advocaat te …, … - C 150 - ( ref B2272)

**tegen :**

**DE BELGISCHE STAAT**- FOD FINANCIËN, vertegenwoordigd door de Algemene Administratie van de Fiscaliteit - sector BTW vertegenwoordigd door de wn Gewestelijk Directeur van de BTW te Brugge, G. Vincke-Dujardinstraat 4 in de persoon van de e.a. Inspecteur van het BTW-ontvangkantoor te Oostende, Vrijhavenstraat 1.

**verweerder,**

voor wie optreedt Mevrouw **M.-C. S.**, inspecteur bij een fiscaal bestuur- ref 3531/G)

## I. RECHTSPLEGING

Gelet op het inleidend verzoekschrift d.d. 6 april 2011.

De rechtbank nam kennis van de dossiers van de rechtspleging en van de door partijen overlegde bundels .

Partijen werden gehoord in hun middelen in de openbare terechtzitting van 23 april 2012.

Artikel 2 en volgende van de wet van 15 juni 1935 op het gebruik der talen in gerechtszaken werden in acht genomen.

## ll. BIJZONDERSTE GEGEVENS VAN DE ZAAK

**1.** Eerste eiseres is ingeschreven als BTW-belastingplichtige onder het BTW­registratienummer BE …, voor de activiteit van vervaardiging van metalen constructiewerken. Zij is derhalve onderworpen aan de bepalingen van de BTW­wetgeving en de ter uitvoering ervan genomen besluiten.

Op 27 augustus 2010 werd door **T. L.**, adjunct-financieel assistent bij de Administratie van de belasting over de toegevoegde waarde, registratie en domeinen verbonden aan het tweede BTW-controlekantoor te Oostende, een controle gestart bij eerste eiseres over de toepassing van de wetgeving en de reglementering inzake de belasting over de toegevoegde waarde over de periode van 1 januari 2007 tot 30 september 2009.

Op 7 december 2010 werden de overtredingen en vaststellingen voor de jaren 2007, 2008 en 2009 opgenomen in een proces-verbaal door voormelde ambtenaar. Volgens de administratie heeft eerste eiseres onterecht BTW afgetrokken (niet in bezit van wettelijk vereiste documenten, niet kunnen nagaan van de aard en de omvang van ontvangen handelingen, goederen die niet bestemd voor de economische activiteit, artikel 45, § 3 W.BTW en relatiegeschenk van meer dan 50 EUR) en onterecht omzet niet aangegeven. In het proces-verbaal is opgenomen dat eerste eiseres verschuldigd is als BTW … EUR, als geldboete … EUR en intresten vanaf 21 oktober 2009.

Op 9 december 2010 werd op basis van dit proces-verbaal door de bevoegde ambtenaar van het BTW-ontvangkantoor te Oostende een dwangbevel uitgevaardigd op naam van eisers (tweede en derde eiser hoofdelijk gehouden krachtens artikel 204 W.Ven. als deelgenoot van eerste eiseres).

Voormeld dwangbevel werd op 10 december 2010 geviseerd en uitvoerbaar verklaard door **P. D. R.**, Ea. inspecteur, gedelegeerd door de gewestelijke directeur van de belasting over de toegevoegde waarde te Brugge. Dit dwangbevel werd op 14 februari 2011 betekend aan eisers.

Door eisers werd fiscaal verhaal aangetekend met een verzoekschrift neergelegd ter intracommunautaire verwervingen, voor zover dat hij de goederen of de diensten gebruikt voor het verrichten van belastbare diensten.

De bewijslast dat de voorwaarden van artikel 45, § 1 W.BTW zijn voldaan ligt bij de belastingplichtige.

Om het recht van aftrek te kunnen uitoefenen moet de belastingplichtige tevens in bezit zijn van de wettelijk vereiste documenten (zoals o.a. facturen uitgereikt overeenkomstig de artikelen 53, § 2 en53octies W.BTW).

**2.2.** Eisers betwisten niet voor sommige uitgaven een kasticket doch geen factuur te bezitten (onterecht afgetrokken BTW … EUR). Eisers betwisten ook niet dat op de factuur afkomstig van **A.** geen Belgische BTW is vermeld (onterecht afgetrokken BTW … EUR).

Eisers nemen geen standpunt in wat betreft de overige BTW (… - … - … = … EUR) opgenomen onder rubriek I.A. van het proces-verbaal. Eisers leveren dus niet het bewijs dat voor deze BTW voldaan is aan de voorwaarden van artikel 45, § 1,1° W.BTW en dat zij de nodige wettelijk vereiste documenten bezitten.

**2.3.** Wat betreft de facturen die zijn vermeld onder rubriek .8 van het proces-verbaal heeft de bevoegde ambtenaar vastgesteld dat de facturen niet de verplichte vermeldingen bevatten die zijn opgelegd door [artikel 5, § 1 van het KB nr. 1](https://juriel.be/fr/codes/tva/arretes-royaux/ar-1-article-c6ca) (geen datum waarop de diensten werden uitgevoerd, algemene vermeldingen, niet vermelden van het voorwerp van de dienst). Deze vaststellingen gelden tot het bewijs van het tegendeel (zie hierboven punt 1). Eisers stellen enkel dat deze vaststellingen niet correct zijn maar bewijzen niet het tegendeel.

Uit de stukken 2 en 3 van eisers ( zijnde slechts 2 facturen van de 27 facturen die zijn opgenomen in rubriek I.B), kan de rechtbank enkel opmaken op vermelde data op naam van eerste eiseres containers gevuld zijn met 'toys' met een vermeld nettogewicht. Wat er met deze containers gebeurd is, blijkt uit niets. Evenmin is duidelijk wat eerste eiseres in het kader van haar economische activiteit doet met 'toys'.

**2.4.** Wat betreft de facturen van Proximus (GSM-nummer 0473/773452) die zijn opgenomen onder rubriek I.C van het proces-verbaal, stelt de rechtbank vast dat deze facturen staan op naam van eerste eiseres (zie stukken 3 en 5 van eiseres). Dat eerste eiseres mogelijks nog zou beschikken over een ander GSM-nummer is eigenlijk niet relevant. Het is voor een vennootschap best mogelijk om te beschikken over meerdere GSM-nummers, ook al zijn deze niet allemaal opgenomen in de vestigingsgegevens van de vennootschap. Het is evenwel niet uitgesloten, en daarenboven zeer aannemelijk, dat de GSM ook privé gebruikt wordt door de zaakvoerder van eerste eiseres. Wanneer de zaakvoerder op verplaatsing is, kan hij onmogelijk gebruik maken van zijn vaste privé-lijn. Eisers bewijzen niet evenwel niet dat een voordeel van alle aard belast werd. De rechtbank is dan ook van oordeel dat slechts 50 % van de GSM met nummer 0473/77.34.52 gebruikt wordt voor de economische activiteit van eerste eiseres. Dit heeft tot gevolg dat de volgens verweerder ten onrechte afgetrokken BTW dient verminderd te worden met … EUR (… x 50 %). De opgelegde geldboete dient derhalve ook verminderd te worden wat betreft deze terecht afgetrokken BTW m.b.t. de GSM.

Eisers bewijzen niet dat de houtkachel werd geplaatst in het atelier van eerste eiseres. Zoals reeds gesteld dient de belastingplichtige te bewijzen dat de voorwaarden van artikel 45, § 1, 1° W.BTW voldaan zijn.

Evenmin bewijzen eisers dat de computer met onderdelen door eerste eiseres gebruikt worden voor haar economische activiteit. Het feit dat de zaakvoerder geen kinderen heeft bewijst niet dat de goederen gebruikt worden voor de economische activiteit van eerste eiseres.

Eisers betwisten niet dat eerste eiseres een camionette bezit (diesel). Het komt de rechtbank dan ook niet aannemelijk voor dat de zaakvoerder van eerste eiseres naar werven zou rijden met een personenauto (benzine) i.p.v. met een camionette. Eisers leveren alleszins niet het bewijs van het gebruik van de personenwagen voor de economische activiteit van eerste eiseres.

Wat betreft de factuur van **B.** bewijzen eisers niet dat de gefactureerde goederen (schokdemper) zijn gebruikt voor de economische activiteit van eerste eiseres of voor een goed dat wordt gebruikt voor de economische activiteit van eerste eiseres.

**2.5.** De rechtbank stelt vast dat eiseres in totaal slechts 5 facturen voorlegt aan de rechtbank. Zoals reeds gesteld is het aan eisers (en eerste eiseres in het bijzonder) om te bewijzen dat de voorwaarden van artikel 45, § 1, 1° W.BTW voldaan zijn. Eisers hebben hiervoor meer dan voldoende tijd gehad. De rechtbank ziet dan ook niet in waarom verweerder de boekhouding aan eisers en of aan de rechtbank ter inzage moet geven. Het is aan eerste eiseres om bewijsstukken voor te leggen aan de rechtbank en zij heeft dit gewoon niet gedaan.

**2.6.** Wat betreft de facturen opgenomen onder rubriek I.D van het proces-verbaal betwisten eisers niet de onterechte aftrek van de BTW op restaurantkosten.

Wat betreft de facturen omtrent een huwelijksfeest stellen eisers dat er geen huwelijksfeest is gegeven. Waarop de betreffende facturen dan wel betrekking hebben wordt door eisers niet vermeld of bewezen.

## III. OMZET

**3.1.** Wat betreft de inbreuk opgenomen onder rubriek II.A van het proces-verbaal betwisten eisers niet dat in de twee laatste kwartalen van 2008 de omzet niet correct werd aangegeven.

Het is eerste eiseres die de BTW-aangiften voor de betreffende kwartalen heeft ingediend. Zij diende er voor te zorgen dat de omzet correct werd opgenomen. Het is niet aan verweerder om aan eisers de betreffende BTW-aangiften te bezorgen (die eerste eiseres zelf heeft ingediend bij verweerder) om eisers toe te laten deze BTW­aangiften te controleren. Eerste eiseres moet zorgen dat haar boekhouding in orde is en dat zij weet welke omzet zij moest aangeven en welke omzet zij heeft aangegeven.

**3.2.** Wat betreft het relatiegeschenk opgenomen onder rubriek II.B van het proces­verbaal, brengen eisers geen bewijs voor van hun bewering dat het een verzamelfactuur zou betreffen.

### 4. BOETE

**4.1.** Een boete van 10 % op het verschuldigde BTW-bedrag heeft een repressief karakter. Het zou strijdig zijn met het gelijkheidsbeginsel mochten de rechtbanken het recht ontzegd worden om op de betwiste administratieve beslissing om een dergelijke geldboete op te leggen, een toetsing met volle rechtsmacht uit te oefenen. Een toetsing met volle rechtsmacht houdt in dat de rechter moet nagaan of een administratieve beslissing met repressief karakter in rechte en in feite verantwoord is en of zij de wettelijke bepalingen en algemene beginselen die de administratie in acht moet nemen, waaronder het evenredigheidsbeginsel, eerbiedigt (Arbitragehof, 24 februari 1999, rolnr. 1279, arrest nr. 22/99).

Dat kan alleen in die zin begrepen worden dat de rechtbank (onder andere) de macht heeft om na te gaan of de concrete administratieve boete al dan niet in een redelijke verhouding staat tot de feiten waaraan de belastingplichtige zich bezondigd heeft. Een dergelijke toetsing brengt nog niet noodzakelijk met zich dat de rechtbank de belastingplichtige, om loutere redenen van opportuniteit of billijkheid, zou bevrijden van de verplichtingen die hem wettelijk zijn opgelegd door de overheid.

**4.2.** Uit het proces-verbaal blijkt dat eerste eiseres de omzet niet heeft aangegeven en BTW ten onrechte heeft afgetrokken. Gezien de omvang van de vastgestelde inbreuken betreft het zeker geen vergissingen of verschrijvingen in hoofde van eerste eiseres. De rechtbank stelt op basis van de vaststellingen en de inbreuken vast dat de door verweerder bepaalde administratieve boete van 10 % beantwoordt aan een juiste toepassing van de betreffende wettelijke en reglementaire bepalingen op de vast gestelde feiten, ondanks het relatief hoge bedrag ervan berekend in absolute cijfers. Het opleggen van een boete van 10 % is in deze zaak verantwoord en niet onevenredig met de inbreuk.

De boete heeft niet alleen een vergoedende aard, maar heeft ook een bestraffend en afradend karakter.

#### C. Betreffende de kosten

Gezien eisers voor het grootste deel in het ongelijk gesteld worden, dienen zij de gerechtskosten dragen.

Gezien verweerder niet wordt bijgestaan door een advocaat, heeft hij geen recht op een rechtsplegingsvergoeding.

### Dispositif

**OM DEZE REDENEN,**

**De Rechtbank,**

Wijzende in eerste aanleg en op tegenspraak.

Alle verdere middelen van partijen verwerpende als niet dienend.

**Verklaart de eis toelaatbaar en gegrond in volgende mate.**

**Vernietigt het dwangbevel d.d. 9 december 2010 in de mate dat een bedrag aan BTW verschuldigd is dat hoger is dan … EUR en in de mate dat een geldboete wordt opgelegd die hoger is dan … EUR.**

**Verklaart de eis voor het overige ongegrond.**

Veroordeelt eisers tot de gedingkosten, aan hun zijde niet te begroten aangezien ze hen ten laste blijven en aan de zijde van verweerder begroot op … EUR.

Aldus gewezen en uitgesproken in openbare terechtzitting in het gerechtshof te Brugge op maandag, **eenentwintig mei tweeduizend en twaalf**.

Aanwezig zijn :

**D. P. L.**, alleenrechtsprekend rechter;

**S. C.**, griffier.

**C. S.** **L. D. P.**

## Textes cités

1

[AR no 1 art. 5](https://juriel.be/fr/codes/tva/arretes-royaux/ar-1-article-c6ca) 1 occurrence

## Décisions similaires

8

[Droit à déduction, Charge de la preuve](https://juriel.be/fr/jurisprudence/droit-deduction-charge-preuve-chiffre-tribunal-bruxelles-2025-04-23-0903) 1 dispositions communes

[Carrousel TVA, Participation, Refus de déduction](https://juriel.be/fr/jurisprudence/carrousel-tva-participation-refus-deduction-cour-appel-bruxelles-2020-09-10-0c67) 1 dispositions communes

[Principe de neutralité, Amende proportionnelle, Intérêts, Notification préalable](https://juriel.be/fr/jurisprudence/principe-neutralite-amende-proportionnelle-interets-cour-appel-anvers-2026-01-20-1005) 1 dispositions communes

[Droit à déduction, Amende](https://juriel.be/fr/jurisprudence/droit-deduction-amende-tva-amont-cour-appel-anvers-2021-01-19-2323) 1 dispositions communes

[Droit à déduction, Factures de sous-traitance imprécises et irrégulières](https://juriel.be/fr/jurisprudence/droit-deduction-factures-sous-traitance-tribunal-bruxelles-2023-06-09-23dd) 1 dispositions communes

[Nouveau bâtiment, Rénovation, Travail immobilier, Taux de TVA](https://juriel.be/fr/jurisprudence/nouveau-batiment-renovation-travail-immobilier-cour-appel-gand-2019-01-08-2f4a) 1 dispositions communes

[Droit à déduction](https://juriel.be/fr/jurisprudence/droit-deduction-conditions-formelles-materielles-tribunal-2023-05-19-3638) 1 dispositions communes

[Droit à déduction, Dépenses sans caractère professionnel, Immeuble](https://juriel.be/fr/jurisprudence/droit-deduction-depenses-caractere-professionnel-cour-appel-liege-2020-09-04-3c80) 1 dispositions communes
